die sterre is meisies


krog

kantel maar kantelhart, kantel & val
& verre sterre kom & val met mij
kantel kantel maar, hart,  & breek & val
& verre sterrestralen val met mij
in ’t water mooie meisjes worden wij
in ’t water  twinkelende blinken
zullen wij bij vogels die ons drinken
vogels die zich zien bij ons  in ’t water
& heel hun ziele ons gaarne schinken
zullen zij zo dicht bij ons in ’t water.

Daily Délie CCLXVIII


impresa29
Impresum E29 –  La Cye (de zaag)

Buiten het feit dat dit beeld op evidente wijze verwant is aan het voorgaande en aan E25 en E26 geeft Defaux weinig aanwijzingen omtrent dit impresum. Volgens hem is het ‘duidelijk van Scève zelf’ afkomstig. En aangezien Scève de Duisternis Zelve is weten we Niets!

Een beetje rondgekeken op emblemendatabases, hier bv: http://emblematica.grainger.illinois.edu/detail/emblem/E011489 De zaag is hier geassocieerd met het Lutheriaanse motto ‘in Patientia Suavitas’ (Plezier in Geduld), maar ja, dat bewijst ook enkel dat iets doorzagen vaneigens een werkje van geduld is…

Le Coeur, de soy foiblement resoulu,
Souffroit asses la chatouillant poincture,
Que le traict d’or fraischement esmoulu
Luy avoit fait sans aulcune ouverture.
   Mais liberté, sa propre nourriture,
Pour expugner un tel assemblement
D’estre né libre, & faict serf amplement,
Y obvioyt par mainte contremine,
Quand cest Archier, tirant tant simplement,
Monstra, que force en fin, peu a peu, mine.

Daily Délie: elke dag een nieuw dizain van de Délie van Maurice Scève.
De tekst werd gekopieerd van de online uitgave op French Emblems At Glasgow .
De bron van de noten is voornamelijk de monumentale Edition critique van Gerard Defaux, Droz 2004. De vertalingen zijn vlugge pogingen tot  verduidelijking van de originele tekst in begrijpelijk Nederlands. Verwijzingen naar woorden in de originele tekst staan tussen ronde haken. Alternatieven, expliciteringen of on-Nederlandse vertalingen staan tussen vierkante haken.

Deze lezing gebeurt in fazen, met onderbrekingen, raadpleeg de index van de ‘affe’ lezingen.

Vertaling

Het Hart, van zichzelf zwak besloten
leed genoeg van de kriebelende doorboring
die de vers gescherpte gouden pijl
deed zonder enige opening.
Maar vrijheid, zijn eigen voedsel,
om een dergelijke samenkomst uit te drijven
van vrij geboren en helemaal slaaf gemaakt te zijn
verzette zich ertegen met vele tegenmaatregelen,
terwijl de Schutter zo eenvoudig schietend
aantoonde dat kracht uiteindelijk beetje bij beetje ondermijnt.

Noten

  • het dizain zit nogal in de militaire sfeer met de woorden ‘assemblement’, ‘expugner’, ‘mine’ en ‘contremine’
  • Defaux wil een tijdsverdeling lezen waarbij het eerste kwatrijn verwijst naar de tijd van de ‘verwonding’ door Amor’s pijl en een tweede treffen op het einde van  het daaropvolgende sextet. Een door de Amant na veel geduld verworven aanblik zou dan een tweede meer fatale treffen veroorzaken, want Amor heeft nu makkelijk schieten op het reeds verzwakte hart.
  • Een alternatieve interpretatie is:
    • kwatrijn: het Hart, van zichzelf al zwak, lijdt onder de voortdurende aanwezigheid (‘la chatouillant poincture’) van Amor’s pijl
    • sextet:  de Vrijheid wil het Hart (dat toch vrij geboren is en zich voedt met die vrijheid) bevrijden en ontwikkelt een heel strijdplan daartoe, maar dat heeft eerder een contrair effect en de Schutter zal bewijzen dat hoewel hij maar simpel hoefde te schieten, de kracht het uiteindelijk zal halen eens de aanzet is gegeven. ‘Force’ in militaire context betekent iets al ‘contrainte par les armes, puissance militaire‘, de belegering van het Hart door Amour werkt ondermijnend. Dat er een tweede treffen nodig is zou dan haaks staan op de rest van het dizain, de verteller bekijkt immers het hele tijdsverloop en werkt daar de tegenstrijdigheid tussen het moeiteloze van de aanslag en het vruchteloze van de inspanningen van het verweer uit…
      En je kan er zelfs een verwijzing naar het Acteoon verhaal in lezen: in de jacht is jagen met ‘force’ jagen met honden ( zie het lemma ‘force’ in de DMF)

      
      

 

Bewaren

letter van de dag – z


Nele_Z

Nele in z-pose
dv 2017 bister pencil & ink on paper, A3

sirene


cb112

werk van CB, zie Pimpelmeest

Ik zie mij zwemmen gevangen in mijn
zwemmen, mijn lijf een bundel baleinen:
het blauw krijgt mijn roze moeiteloos klein
& meewarig als woorden dolfijnen
met gebaren van vin redden mij.
Tot zout droogt de zee de zon op mijn huid
& bij scheepsflarden & zeemeeuwgeluid
vochtige dijen dansen & lonken
mijn willoosheid om tot vaststaand besluit:
op dit land blijf ik beter gezonken.

Bewaren

viswordtvis


viswordtvis

‘viswordtvisworteltvis’ – bewegingsstudie#1

dv 2017 Hellegatpigment on paper 47x75cm

bruine bistertest


“the burden of individuation ( il est trop petit)”
dv 2017, brown & red bister & ink on paper, pasted on wood,60x45cm

spirituele bistertest


bistertest

“als ik spreek verlies ik mijn stem en vult mijn lijf zich met letters’
(# 117b uit ‘183 Linterse neurosen’  2016-2018)

dv 2017, Hellegatbister & ink on paper, 40×25 cm

schoonschrift politoertest


extraL

‘ extra large’
dv 2017, Hellegatverf, ink & water color covered with schellac

eerste testje om werkjes met aquarel en bister enz. te beschermen met een schellak-ethanol oplossing: werkt perfect (schellak werd vroeger, voor de komst van de polyurethanen (vernis) immers ook gebruikt voor net dat)
dus die vernis stinkeboel kan de deur uit (kreeg het daar behoorlijk van op mijn ademhaling)

moet wel de inkt wat langer laten drogen, de ethanol werkt daar wel wat op in blijkbaar.

Schellak, overigens is in veel gevallen een duurzaam alternatief voor ploertige plastic!

Bewaren

asemische hellegatverftest


asemickey

‘Asémickey au Pays de l’Eternel Retour’

dv 2017,  Hellegatverf & ink on paper 41 x 55 cm

famille_asemique_bleu_froid

‘Famille asémique bleu froid’

dv 2017,  Hellegatverf on paper 41 x 55 cm

attentat_sexiste_asemique

‘ Tensions familiales après un Attentat Cruel du
Front Asémique Radical Sexiste (FARS)’

dv 2017,  Hellegatverf on paper 41 x 55 cm

‘Hellegatverf’ is verf die ik zelf maak door pigmenten gekocht in een handelszaak gelegen in de Hellegatstraat te Berlaar (B), te mengen met arabische gom en water. De benaming refereert bijna vanzelfsprekend ook naar de referentie van President Donald Trump naar Brussel als ‘that hell hole’.

Bewaren

de bosbrand ‘het bos brandt’


‘de bosbrand “het bos brandt”‘

dv 2017,  Hellegatpigmenten & ink on paper, A4 (w/ horizontal scanner stripes)

de bosbrand ‘het bos Brandt’
brandt hevig

vlug, vlucht weg, over de rand
van waar de bosbrand brandt

Mmmmmmmmmmm brandt
de brand, MMMMMMMMM

(mijn staart staat in brand) !

l’ évasion de sylvia maklès


‘l’ évasion de sylvia maklès’

dv 2017, photoshopped watercolor & pencil on paper

Paasliedje -Verbum caro factum est uit de Piae Cantiones, Finland 1550:

  • deze fotoshopcollage is gebaseerd op een kliedering van mij die op haar beurt een foto naschilderde: dit kleinood uit een fotoshoot met de Franse actrice Sylvia Bataille later Sylvia Lacan, née Sylvia Maklès:Sylvia_bataille
  • het beoogde effect in de montage is natuurlijk gepikt van de Italiaanse futuristen of, zo u dat verkiest, van Duchamp’s Trapafdalertje: de futuristen toen en deze montage suggereren beweging in een stilstaand beeld door middel van doorsneden van het traject dat een lichaam aflegt dat in beweging is. De coupures die naast en op elkaar worden gelegd zouden frames in een film kunnen zijn (25 per seconde is de norm tegenwoordig), het oog van de toeschouwer kan de beweging ‘lezen’ door de coupures te ‘volgen’
  • de Franse onderzoeker Etiene-Jules Marey is de man die zich indertijd bezig hield met het ontwikkelen van een methode om de beweging te schrijven, dit onder impuls van de mechanische revolutie die heel de wereld in beweging zette en het daarmee gepaard gaande vitalisme dat zijn filosofische spreekbuis kreeg met Henri Bergson. U kan dat nalezen in het goed gestoffeerde artikel van Pascal Rousseau FIGURES DE DÉPLACEMENT. L’écriture du corps en mouvement, HYX, 1995, een artikel waarvan ik hier enkele  van de uitgezette lijnen volg.
  • waar het Marey om te doen is, is een abstractie van de beweging maken, zodat die ‘helemaal’ ‘vatbaar’ is, een objectivatie van de beweging door middel van notatie.
    Hij wil het spoor optekenen van een object in beweging.
    De fotografie schakelt hij in als ‘ écriture’ als een ‘grafein’, een schrijven van de beweging.
  • Daarmee verwant is bv. de Stokkendans van Bauhaustheoreticus Oskar Schlemmer (1927): niet de beweging als beweging wordt geabstraheerd maar het bewegende lichaam wordt herleid tot instrument voor het tonen van vectoren, de beweging is de resultante van een mechanistisch proces
  • paradoxaal genoeg kan men stellen dat de uitvinding en de opkomst van de cinema het onderzoek naar de beweging als beweging hebben bevroren. Pas bij de ontwikkeling van 3d animatie komt het bewegingsonderzoek terug op gang, maar veelal in functie van een simulatie van de cinemasimulatie: een beweging is een beweging als ze na de postproductie gezien wordt als beweging, over de beweging wordt enkel nagedacht in functie van het zichtbare traject van objecten. Het blijft hetzelfde object-georiënteerde mentale universum van Schlemmer waarop een idee van de beweging geprojecteerd wordt. Pascal Rousseau:

    “L’ agencement machinique du corps projeté sur le diagramme de ‘l’ espace cubique et abstrait’ (Schlemmer) fait basculer l’empreinte du mouvement dans l’univers mental de la production de l’image. Car, au moment où la réalité imperceptible du mouvement se laisse voir grâce aux machines, la production imagière se révèle de plus en plus soumise aux lois d’une physiologie mécaniste où mouvement et image s’inscrivent dans un étroit rapport de dépandance.” (p3)

  • bij Marey en ook bij dichter-uitvinder Charles Cros (1842-1888) gaat het  steeds om een mechanistisch project waarbij de beweging genoteerd dient te worden, alles wordt ‘weggeschreven’ als op een pianollenrol: een definiërend schrift van de beweging zoals die zich voortzet in de ruimte, een middels een grafische methode vastgelegd geheugenspoor. Bergson gaat eerder op zoek naar iets dat die tegenstelling image-mouvement opheft, een onmiddellijke integratie van de beweging in het bewustzijn.
  • Hier citeert Rousseau Charles Féré die in 1887 in een onderzoek naar psycho-motorische inductie al stelt dat ‘de idee van de beweging is reeds het begin van de beweging’. Dit op basis van medische experimenten waarbij bv. vastgesteld wordt dat een testpersoon die vooraf verwittigd is meer druk gaat uitoefenen in een testsituatie dan de persoon die niet vooraf gewaarschuwd is dat hij zal moeten drukken: de beweging wordt mentaal voorbereid, er is dus een mentale voorstelling van de beweging aanwezig, los van het lichamelijk afgelegde of af te leggen traject. Het brein slaat bewegingen als beweging op en voert ze nadien weer uit. Hier wordt de ‘ontdekking’ van de beweging als image-mouvement door Bergson voorbereid:
    C'est la démonstration expérimentale de l'opinion admise
    par les psychologues, que l'idée du mouvement c'est déjà 
    le mouvement qui commence. Elle a pour corollaire que, 
    toutes les fois que l'idée est suffisamment intense, 
    l'action la suit nécessairement. C'est là une 
    notion bien importante pour l'intelligence des impulsions 
    irrésistibles, où l'acte devient la conséquence inévitable 
    de la persistance de l'idée. D'autre part, on est en droit 
    de dire qu'une idée n'existe effectivement que lorsqu'elle 
    est suivie d'un acte qui est la seule preuve de l'intensité 
    suffisante, ou au moins qu'il faut distinguer les idées 
    faibles ou statiques, non suivies d'actes, et les idées 
    fortes ou dynamiques , avec impulsion irrésistible à 
    l'action. (Féré, Sensation et Mouvement, p.15)

    Ik citeer het hier wat breder dan gebruikelijk omdat het terzijde interessant is om te zien hoe hier de jurisdictie van de ‘onweerstaanbare impuls’ hier ‘wetenschappelijk’ wordt onderbouwd.

  • Helaas is het overgrote deel van de theorievorming rond beweging die in Rousseau’s artikel aan bod komt uitsluitend gewijd aan beweging van het menselijk lichaam. Uiteraard is het zo dat elke mentale representatie van beweging veelal zal vertrekken van lichamelijke beweging, maar hier zien we elke beweging al snel verdwijnen in reducties  tot objecten in beweging langs een traject.
    De inzet wordt dan snel het ‘alfabetiseren’ van de lichamelijke beweging, een puur object-gerichte codering van de (dans)beweging:

    • Francois-André Delsarte (1811-1871) systematiseert de menselijke gestiek vanuit een katholieke, neo-platoons (mystieke?) invalshoek en heeft via zijn Amerikaanse leerling Steele MacKaye (1842-1894) die zijn ‘leer’ populariseert een beslissende invloed op de moderne dans (verder te onderzoeken, de doctoraatsthesis van Franck Waille, zie Corps, arts et spiritualité chez François Delsarte (1811-1871). Des interactions dynamiques)
    • George Polti
    • Rudolph von Laban

      TUSSENWERPSEL

      Lyriek van de Beweging, een voorbeeld: de op het object gerichte aangeleerde ervaring van regen = het vallen van waterdruppels. Een kind ervaart ‘regen’ eerst en vooral als ‘nat worden’. ‘Uit de regen blijven’ is ‘vermijden dat je nat wordt’ , maar dat is eerst nogal prettig, voor het koud en onaangenaam wordt. Effen later zitten we dan in volle burgerpaniek bij het voelen van 1 regendruppel.

      UITWERKING:  een film of een toneelstuk maken waar je geen regendruppels ziet als het regent maar enkel de acteurs ziet nat worden.

Bewaren

Abeceda | Alphabet, Karel Teige, Milcha Mayerova, Vitezslav Nezval from galvanimedia on Vimeo.

Bewaren

NKdeE Schoonschrift – ‘l’ amour c’ est presque la mort’


lamourlamort

NkdeE Schoonschrift – ‘l’ amour c’est presque la mort’
dv2017 inkl & water colour, A4

astra’s doodsprentje


astra1
Het licht was een muur & daar in het licht
zomaar blij het immer vrolijke wicht:
kapeledel naakt als licht tegen licht,
& wind speelspelde heur haar op het licht.
   Onbegripsogen starend stonden dicht
& te drummen onhandig hun hoofden,
(onbereikbaar was fel het beloofde)
lichamen liepen zich op te hopen
& daar niemand nog in licht geloofde,
besloot iemand het wicht op te knopen.

astra2.jpg

astra3

  • astra’ is een gedichtje ergens in 2011 (vermoed ik) begonnen op het geplooide A5-je hierboven afgebeeld, vandaag teruggevonden tussen een boek en afgemaakt, dus het oorspronkelijke prentje is nu meteen een doodsprentje geworden.
  • de naam ‘astra’ verwijst, denk ik, naar de hypothetische Planet V die volgens de simulaties van sommige astronomen zich lange tijd in een onstabiele baan tussen Mars en Jupiter in bevond maar vanwege de onhoudbaarheid van die baan uiteindelijk in de zon zou zijn terecht gekomen.

nipt gebuisd (14/30)


boom_schschr_oef

Schoonschriftoefening ‘boom’ met commentaar
dv 2017, pencil on paper, A4

witregels

Waar denk je aan?
‘Arrival’: Hollywood heeft Scelsi ontdekt, wat kan er nu nog mis gaan?

NKdeE Schoonschrift – ‘amour’


NKdeE Schoonschrift – ‘amour’

dv 2017, ink & watercolour on paper, A4

  • nieuwe fase in de ontwikkeling van het NKdeE Schoonschrift : letters in context, het onderzoek concentreert zich op de overgang tussen letters, de woordaanzet en -afsluiting
  • de bevindingen van het letterpose-project met Nele De Baets-Lemmens worden gebruikt in de herdefiniëring en contextualisatie van de letterbewegingen
  • het Schoonschrift wordt uitgebreid naar andere talen
  • de fysieke aspecten van klankgeneratie worden belangrijker in de grafische weergave
  • aansluiting wordt gezocht met de ‘traject’-abstractie in de diagrammatica van de Gignomenologie (NKdeE Bewegingsleer) – een ‘traject is een ‘overwerp’ een abstractie in bewegingsdenken zoals een object een voorwerp is in het dogmatische ding-denken waarvan je diagrammen kan maken, schematische afbeeldingen in 2D

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

het pakt geen verf


Als ik dit zeg, zeg ik niet hetzelfde
dan als ik zeg dat ik hetzelfde zeg,
want als ik spreek, zeg ik nooit hetzelfde
hoe vaak ik ook dezelfde woorden zeg,
want altijd ga ik van hetzelfde weg.
Woorden reiken ons van een bewegen
onbestaande stilstand aan waartegen
alles weerloos lijkt & goed begrepen,
maar  de woorden hebben dit verzwegen:
van hun dingen heeft niets plaatsgegrepen.

Daily Délie CCLVII


Tu es, Miroir, au cloud tousjours pendant,
Pour son image en ton jour recevoir:
Et mon coeur est aupres d’elle attendant,
Qu’elle le vueille aumoins, appercevoir.
Elle souvent (ô heureux) te vient veoir,
Te descouvrant secrette, & digne chose,
Ou regarder ne le daigne, & si ose
Ouir ses pleurs, ses plainctz, & leur sequelle.
Mais toute dame en toy peult estre enclose,
Ou dedans luy aultre entrer n’y peult, qu’elle.

Daily Délie: elke dag een nieuw dizain van de Délie van Maurice Scève.
De bron van de noten is de monumentale Edition critique van Gerard Defaux, Droz 2004
De vertalingen zijn vlugge pogingen tot  verduidelijking van de originele tekst in begrijpelijk Nederlands. Verwijzingen naar woorden in de originele tekst staan tussen ronde haken. Alternatieven, expliciteringen of on-Nederlandse vertalingen staan tussen vierkante haken.

De lezing gebeurt in fazen, raadpleeg de index van de ‘affe’ lezingen.

Vertaling

Jij bent, Spiegel, aan de haak altijd hangende
om haar beeld en jouw dag te ontvangen:
en mijn hart is dicht bij haar wachtende
dat zij op zijn minst hem zou zien.
Zij komt vaak (o gelukkige) bij jou kijken
en vertelt jou geheimen en serieuze dingen,
maar zij verwaardigd zich niet hem te zien & toch durft ze
zijn zuchten en klachten en hun vervolg te aanhoren.
Maar in jou kan iedere dame bevat zijn,
waar in hem niemand anders kan komen dan zij.

Noten

Uitgewerkte vergelijking tussen de spiegel van Délie en het hart van de Dame. In al zijn ongeluk ( zij negeert hem totaal en de spiegel kan haar elke dag zien) ‘wint toch het hart omdat er daar enkel plaats is voor haar.

Als je deze serie van 9 als een vervolgverhaal in de amoureuze evolutie leest, kan je fantaseren dat de jaloezie opgewekt door het Venus-Marguerite dizain (D255) enkel resulteerde in langgerekt verdriet van de Amant (D256) en zou dit het wiedergüttmachungsgedicht kunnen zijn (“maar je weet toch dat er in mijn hart enkel plaats is voor jou”).

Dat hoeft niet, natuurlijk.

de la clere unde yssant hors Cytharée


Cytharéé

“de la clere unde yssant hors Cytharée”

dv 2017, ink & watercolour on paper A4

illustratie bij de online lezing van Délie CCLV

een vleugje necrofilie


werk van C.B, zie op Pimpelmeest

Glibberig van slijm glijdt glanzend het rot
van de gelaagd gezalfde gelaten.
Gel in de monden & vaak  daar het bot
van een woord wiebelt als nagelaten
oprispingsrest van pogingen praten
of hoog verheven zingevingsstreven:
inderdaad is met gaten omgeven
elk botje in de glimgrot der kelen.
Hier was de walg tot waarde verheven:
‘wij zijn heel mooi want wij zijn met velen’.

 

LAIS is een reeks van 449 dizains, een hedendaagse herschikking van de Délie van Maurice Scève, een werk, verschenen in 1544, dat op haar beurt veelvuldig verwijst naar de 366 canzioniere (del vario stile) van Francesco Petrarca’s grote Liedboek. Een dizain, in de strikte vorm die Scève (en ook ik nu) hanteerde, bestaat uit tien verzen van tien lettergrepen in een vast rijmschema (ababbccdcd)

Daily Délie CCLVI


Povre de joye, & riche de douleur
On me peult veoir tous les jours augmentant:
Augmentant, dy je, en cest heureux malheur,
Qui va tousjours mon espoir alentant.
   Et de mon pire ainsi me contentant,
Que l’esperance a l’heure plus me fasche,
Quand plus au but de mon bien elle tasche.
   Dont n’est plaisir, ny doulx concent, que j’oye,
Qui ne m’ennuye, encores que je sache
Toute tristesse estre veille de joye.

witregelswitregelswitregelswitregelswitregelswitregelswitregelswitregels

Daily Délie: elke dag een nieuw dizain van de Délie van Maurice Scève.
De bron van de noten is de monumentale Edition critique van Gerard Defaux, Droz 2004
De vertalingen zijn vlugge pogingen tot  verduidelijking van de originele tekst in begrijpelijk Nederlands. Verwijzingen naar woorden in de originele tekst staan tussen ronde haken. Alternatieven, expliciteringen of on-Nederlandse vertalingen staan tussen vierkante haken.

De lezing gebeurt in fazen, raadpleeg de index van de ‘affe’ lezingen.

Vertaling

Arm aan blijdschap, & rijk aan pijn
kan men mij meer en meer (augmentent) elke dag zien:
verder en verder (augmentent), zeg ik,  in dit gelukkige ongeluk,
die steeds mijn hoop doet minderen.
En mij vrede nemende [zien] met mijn erger (pire)
dat de hoop mij elk uur meer kwaad maakt [berokkent]
wanneer die dichter bij mijn doel komt [zich moeite getroost in de richting van]
Dus ’t is geen plezier en geen harmonie die ik hoor,
die mij niet verveelt [triest maakt], hoewel ik weet
dat elke triestheid de wake van vreugde is.

Noten

Diepe zucht na de lofzang op een andere Venus (D255). ’n Beetje een imbroglio-analyse van de gemoedsgesteldheid van de Amant, ook: hoe meer hoop de Amant krijgt, hoe dichter bij zijn doel, hoe groter zijn lijden, dus mét plezier en met ‘concent’ (een typisch Scève woord) wordt het er niet beter op (integendeel, ‘plaisir en ‘concent’ benaderen het doel, dus geven meer hoop, dus..), de oorzaak zit dieper. Zelfs een oude wijsheid als ‘na regen komt zonneschijn’ kan hem niet helpen (r.10).

Daily Delie CCLV


CytharééDe la clere unde yssant hors Cytharée,
Parmy Amours d’aymer non resoulue,
En volupté non encor esgarée,
Mais de pensée, & de faict impolue,
Lors que Prognes le beau Printemps salue,
Et la Mer calme aux ventz plus ne s’irrite,
Entre plusieurs veit une marguerite
Dans sa Coquille, & la prenant j’eslys
Ceste, dit elle, en prys, lustre, & merite,
Pour decorer (un temps viendra) le Lys.

witregelswitregelswitregels

Daily Délie: elke dag een nieuw dizain van de Délie van Maurice Scève.
De bron van de noten / besprekingen is voornamelijk de monumentale Edition critique van Gerard Defaux, Droz 2004. De vertalingen zijn vlugge pogingen tot  verduidelijking van de originele tekst in begrijpelijk Nederlands. Alternatieven, expliciteringen of on-Nederlandse vertalingen staan tussen vierkante haken. De lezing gebeurt in fazen, raadpleeg voor een klare kijk de index van de ‘affe’ lezingen.

Vertaling

Uit de klare golven komende bij Cytharee,
tussen Minnaars [Liefdes] niet tot liefhebben besloten,
nog niet tot wellust afgedwaald,
maar van gedachten en feiten onbezoedeld,
wanneer de mooie Lente de zwaluwen begroet,
en de kalme Zee zich aan de winden niet meer opwindt,
zag tussen menige [bloemen] een margriet
in haar schelp, en haar nemende ‘ik kies
deze’, zei ze, ‘omwille van prijs, luister en verdienste
om te decoreren (de tijd zal komen) de Fleur de Lis’.

Noten

Venus, geboren in de maand april, uit het schuim van de golven waarin Kronos het voortplantingsorgaan van zijn vader had gegooid, dame van het eiland Cytharee en later Cyprus, ziet tussen alle lentebloemen de margriet (de lelie van de velden) en kiest die reine bloem om later Frankrijk’s Lelie te sieren (mijn LAIS heette aanvankelijk LYLIA, maar die kennis is, euh,  enkel voor ingewijden). Scève werd geëerd als de dichter die het best – nog beter dan Marot – de lof kon zingen van Margaretha van Navarra.

Misschien werkte de lofzang  ook wel een beetje danig op de zenuwen van de jonge Pernette/Délie, en komt mede daardoor de onbezoedelde reinheid van Venus hier zo goed uit de verf…

De metaforische glijvlucht hier doet sterk denken aan een soortgelijke beweging in D4.

r.1 Yssir: sortir
Cytharée: Kythira, Grieks eiland, in de mythologie geduid als het eiland van Afrodite (Venus)
r.2-4: Scève schildert hier een Venus die , hoewel ze omgeven is door ‘Amours’ nog niet bezweken is voor de ‘voluptas’, een reine Venus

r.3 esgarer: perdre, détourner du bon chemin
r.5 progne: hirondelle, de zwaluw die de lente aankondigd (Metamorf. IV 412-674)

r.10 Lys: Fleur de lis: https://nl.wikipedia.org/wiki/Fleur_de_lis

 

oefeningske


‘schrik’
dv 2017 – ball-point, ink & soft pastel on paper pasted on paper, A4

Daily Délie CCLIIII


Si le blanc pur est Foy immaculée,
 Et le vert gay est joyeuse Esperance,
 Le rouge ardent par couleur simulée
 De Charité est la signifiance:
 Et si ces troys de diverse substance
 (Chascune en soy) ont vertu speciale,
 Vertu estant divinement Royalle,
 Ou pourra l'on, selon leur hault merite,
 Les allier en leur puissance esgalle,
 Sinon en une, & seule Marguerite?

witregelswitregelswitregels

Daily Délie: elke dag een nieuw dizain van de Délie van Maurice Scève.
De bron van de noten / besprekingen is voornamelijk de monumentale Edition critique van Gerard Defaux, Droz 2004. De vertalingen zijn vlugge pogingen tot  verduidelijking van de originele tekst in begrijpelijk Nederlands. Alternatieven, expliciteringen of on-Nederlandse vertalingen staan tussen vierkante haken. De lezing gebeurt in fazen, raadpleeg voor een klare kijk de index van de ‘affe’ lezingen.

 

vertaling

Als het pure wit de ongeschonden Trouw is,
en het vrolijke groen de blije Hoop,
is van het vurige rood per voorgewende kleur
Caritas de betekenis
en als de drie (elk op zich) een speciale deugd hebben,
deugd die goddelijk Koninklijk is
waar anders dan, volgens hun hoge verdienste
zouden ze te verenigen zijn in gelijke kracht
dan in de ene & enige Marguerite?

 

noten

r.3: couleur simulée: verwijst volgens Defaux naar het feit dat de kleurnamen louter berusten op een conventie, kijk voor kleur in de renaissance misschien ’s hier: http://nkdee.be/nkdee/sic.html

Beetje afstand hier van Délie, en lof voor  de ‘serieuze mensen’ ( in CCLIII François I, nu zijn zus Marguerite) die zich wel houden aan de drie Blazoenkleuren van de ‘Lys de France’, de drieëenheid Foy, Esperance en Charité. In vorige dizaines, zo merkt Defaux op,  waar Délie in verband gebracht werd met Foy (D193 , D198,D247 en D249), Esperance in D248 en Charité in D238, D239, en Embleem 27, scoorde zij niet bijster goed.

 

beatrix hodie beata


beatrixhodie

‘beatrix hodie beata – NKdeE Emotica 1’

dv 2017, soft pastel & ink on paper, A4

letter van de dag – c


 

nele_c ‘schets van Nele in C-pose, liggend –  c als in caban’

dv 2017 , pencil on paper A3

de Franse c, onze k van de Hebreeuwse GHIMEL(kameel) en op die manier verwant met de volgende DALETH d
Opening
Kosmos
Cirkel

de Aleph keert zich na een verblijf in het huis van de Beth naar buiten, een reden waarom ik Nele’s gevonden pose hier zo geniaal vind, de letter wordt gevormd met het achterhoofd, de rug en de voetzolen en keert zo het kwetsbare lichaam naar het buiten, het dijbeen suggereert hoe de letter wordt aangeschreven, er komt zo heel veel spanning die de kracht van de occlusief toont. ik moet deze vlugge schets nog wat uitwerken zodat de rust, het ontspannen-naar-buiten-gekeerde van de liggende pose duidelijker is, alhoewel de fysieke onmogelijkheid om deze pose geknield uit te voeren ook wel mooi de aandacht trekt naar de schrijfbeweging, c’est un c insupportable :-)

LAIS – IMPRESA XXVII – La Vipere qui se tue


(voor m.g.)
vipere2

Een einde is altijd een nieuw begin.
   Brede golven wind doorlopen de lucht.
   De teder omgekeerde kreet wordt in
een bed van haat tot liefde opgelucht:
het sterven daar, van lijven korte vlucht,
heeft winterdood met lentelust vermoord.
   Ik heb te lang aanzien, te vaak aanhoord:
handen, ogen, droefenis & misbaar.
   Ik sloot met spijt mijn mondeling akkoord:
in elke kus ligt ook een afscheid klaar.

Linter, 26/02/2017 @18:05 rev. 27/03/2017 @18:31

RE(DELIE)LAIS:
https://dirkvekemans.com/2012/01/05/daily-delie-ccxl/

aartsengelenbuit


17458330_1451842458173060_3572502588812201190_nFelien, Felien klein houten hertje fijn
Kom mee met mij, tu me rends le sourire
Je bent mijn spiegeldier, ik zie mijn pijn
Féline féline, jij bent veel beter hier
Dans mon jardin heurté tu peux dormir.
Ik dwaalde ‘s nachts de oever rond en vond
geen troost waar vroeger nog te wachten stond
de oude boom die mij rust geven kon.
De maan in tranen blonk, je was gewond.
Toen vond ik jou & scheen opnieuw de zon.

mg&dv, 24/03/2017 @13:53

lais.init()


“L’Oeil trop ardent en mes jeunes erreurs…”

   Onstuimig & jong, verslaafd aan plezier
lustig genietend gevangen was ik.
   Ik ging & ik dacht mijn gang van vertier
& van oog naar lip naar mond ging mijn blik
toen alles stolde tot één ogenblik:
haar ogen doorboorden de schijn van mijn zijn,
in vlam ik bevroor vol hemelse pijn,
catatonisch mijn lijf stond stil als spil
verbonden met haar, goddelijk geheim,
idool van mijn leven, Al van mijn wil.

een beetje afwezig


Inscriptions-012_pressPDT-1024x697

kaartje van de Houllebecq’s ‘Rester vivant’ tentoonstelling verleden zomer

Gestoord door  van vergeten gedachten
de korsten de kuilen de keien de
betonwonden ontwaken de krachten
windwoedende zeevrees  inheiende
futiel irritante bakkeleiende
menswoekering (aurorakotssliertje
in het blauw gapend ochtendkwartiertje)
blaast ’s & schud ’s & weg is de plaag:
Gaia zoekt  zich een ander pleziertje.

puur dizain (zonder poëzie)


“Philosophical statements must generally be heard twice: in the mode of creation, they find their necessity in the prob­lem that set the philosopher to work; in the mode of judgment, they desig­nate what the philosopher has undertaken to silence and disqualify, that is, also the transformation of what gave rise to the problem in polemics against rivals and imposters”

Isabelle Stengers,  ‘Thinking with Whitehead’, p.9

schilderij door CB

Een goed antwoord is een betere vraag.
   De wereld begint waar de taal eindigt.
   Gedachten zijn ficties, een nieuwe laag
om door te dringen op weg naar licht
dat als bron in de stroom verloren ligt.
Geen ding bestaat. Geen stok, geen dreun: geen moord.
   Groei gebeurt & stopt niet in een woord.
   Er is geen enkele gebeurtenis
(een vraag die zichzelf beantwoordt)
berekenbaar voordat ze gedaan is.

10 trajecten


 

aver – laveer – averij – averuit
hele – hemel – helse – haven
voren – voorste – vorsten – vooruit
geven – giften – gif – begraven
leven – laffe – verval – laven
aarde – aardig – aards – ontaarde
waar – waardig – waarde – bewaarde
gelden – gold – gulden – ontgelden
haar – heur – hardere – behaarde
helden – hielden – heelden – schelden

witregels

HEADER2.gif

tentoonstelling ilse derden


id

god en zijn brol


lijkengodenzijnbrol

 

   De kerstboom, getooid met engelenhaar,
is van een hard groen oliederivaat,
3d-geprint idee verwijzend naar
vrede op Gaia, aflaat voor de haat,
een opdracht van mannen in celibaat.
   Op zee drijven lijken, god & zijn brol:
de wibrarevelatie eist haar tol.
   Ik zie het trillen van het spinnewiel
hoe scheef het gaat, het einde van de bol.
  Zelfs de winden vervloeken reeds haar ziel.

 

tekst: dv 2011-2017
kerstofferande aan Gaia, om haar woede te stillen
uit “LAIS”, een hardnekkige oefening in speculatieve poëzie, te volgen via http://dizaines.wordpress.com

prent: photoshopmontage van twee foto’s gevonden via een afbeeldingensearch op “lijken Middellandse zee” en ” plastic vervuiling Middellandse Zee”

Het weze gezegd: de getoonde schat aan kleurig plasticdebris bevond zich feitelijk in het Meer van Genève en in de buurt van het kinderlijk zwommen, in werkelijkheid maar niet minder gruwelijk, enkel twee visjes.

op schattenjacht met Petrarca


In het sonnet ‘Cercato ò sempre solitaria vita’ is er sprake van een mooie schat: ‘ il bel tesoro mio’.

De berijmde vertaling van Verstegen en zijn verklarende noten roepen meer raadsels op dan dat er verklaard wordt, dus die laten we effen in haar, euh,  voor ons onbereikbare schoonheid schitteren en we onderzoeken hoe het zit met de identificatie van Laura met deze tesoro aan de hand van ander materiaal, ons vrijelijk verschaft door de slijkgoot van de literatuur, het vermaledijde internet alwaar met schrijven geen cent te rapen is, laat staan een massa euro’s subsidie om in een boek van...

sssssht, rustig nu maar… hier, een schoon prentje:

laura

Laura di Noves in wiens graf Scève  een vers van Petrarca zou gevonden hebben. Scève’s Délie, zijn inspiratie daarvoor,  was ook een getrouwde vrouw. Het bezingen van andermans vrouw was een getolereerde traditie onder troubadours…

259

(tekst van Wikisource)

vertaling_musa

vertaling Musa

Cercato ò sempre solitaria vita
(le rive il sanno, et le campagne e i boschi)
per fuggir questi ingegni sordi et loschi,
che la strada del cielo ànno smarrita;

et se mia voglia in ciò fusse compita,
fuor del dolce aere de’ paesi toschi
anchor m’avria tra’ suoi bei colli foschi
Sorga, ch’a pianger et cantar m’aita.

Ma mia fortuna, a me sempre nemica,
mi risospigne al loco ov’io mi sdegno
veder nel fango il bel tesoro mio.

A la man ond’io scrivo è fatta amica
a questa volta, et non è forse indegno:
Amor sel vide, et sa ’l madonna et io.

259_noten-musa

solitaria_vita_hd002

Het verhaaltje

‘Solitaria vita’ plaatst dit gedicht meteen in de Petrarca-ideologie. Tussen 1346 en 1356 schreef Petrarca in het Latijn (het Engels van toen) De Vita Solitaria waarin hij uitlegt wat zijn lot of deugd of pad naar de waarheid (r.4) is: leven in afzondering, ver weg van de aardse dwazigheid(r.3), in studie en in contemplatie. Het is zowat zijn humanistische poëtica, zijn levensprogramma.
Goed om weten, want zelfs de oevers, de weiden en de bosschares weten dat :-) (r.2)

Helaas is het leven niet altijd naar wens, dus P. is minder in zijn geliefde Toscane of aan de oevers van de Sorgue dan hij zelf zou wensen, hij wordt verhinderd om zich aldaar voluit te wijden aan wenen en zingen (tweede strofe).

Immers dat vervelende lot stuurt hem nu terug naar het perfide Avignon, alwaar hij zich kan boos maken over hoe zijn ‘bel tresoro’ in de modder ligt der aardse dingen (derde strofe).

Voor een keer wordt P. wel maatjes met vrouwe Fortuna, want hoe storend het ook is, zijn schrijvende hand kan het wel vinden met de situatie (het is letterlijk de hand die ‘amica’ wordt met ‘fortuna’). Net zoals het Amor was er voor zorgde dat P. Laura zag en door haar getroffen werd, is het nu ook de Liefde die die ‘fortuna’ heeft gearrangeerd, zijn geliefde Laura weet dat wel, en hij weet dat…(laatste strofe, mijn interpretatie)

Hoewel het slechts afleiding is van het hogere streven van de ik-figuur, eens te meer wordt hij door aardse besoignes overmand en dwingt Amor  de dichterhand ter vers…

Andere plaatsen in de Canzonieri waar Laura in verband wordt gebracht met een ‘tesoro‘, een helaas meestal al begraven schat:

(links naar de originele teksten op Wikisource achter de Canzonierinummers)

  1. 190, r7: “come l’ avaro che ’n cercar tesoro”. P. jaagt op een  blanke hinde en vergelijkt zich met een vrek en zijn schat
  2. 227, r7 “et vacillando cerco il mio thesoro”. Hier is P. zelf ‘come animal che spesso adombre e’ncespe’ een schuw schrikachtig beest dat rondstrompelt op zoek naar zijn schat (Musa linkt het dier aan de ronddolende ziel in  Plato’s Phaedra)
  3. 263, r13-14: ” il bel tesoro / di castità” de hogere schat van eerbaarheid ook hier geplaatst in contrast met de materiële rijkdom  “perle et robini et oro” die nochtans ook de ogen uitsteekt
  4. 270, r5: “Il mio amato tesoro in terra trova,” Amor moet eerst p’s geliefde ‘tesoro’ vinden en tot leven wekken vooraleer hij haar dienaar wordt (het ‘giogo antico’ draagt).  Het lied besluit dat Amor toch geen tweede schat zal vinden die hem aan dit aardse leven kan binden…
  5. 291, r.5-6: ” O felice Titon, tu sai ben l’ora / da ricovrare il tuo caro tesoro;” hier is de schat Tithonus’ Aurora. De onfortuinlijke Tithonus die via zijn geliefde Aurora wel het eeuwige leven kreeg maar niet de eeuwige jeugd, is hier toch nog ‘felice’ in vergelijking met P. want die krijgt zijn Laura helemaal niet meer te zien.
  6. 322, r11: “o mio nobil tesoro” is hier het dichtwerk van Giacomo Colonna, die had een lofdicht op P. geschreven, het sonnet is zijn late antwoord, een bedankje aan de ondertussen gestorven Colonna. Interessant is de suggestie ‘tesoro’ = Laura = dichtwerk, dus, nog korter door de bocht,  dichten is de omwerking van de carnale liefde naar de hogere, vergeestelijke schat…
  7. 333, r2: “che ‘l mio caro thesoro in terra asconde” P. stuurt zijn treurrijmen naar de steen die het graf van zijn ‘caro thesoro’ sluit om haar te zeggen dat zijn uur ook nakende is.
  8. 362, r3: “esser mi par ch’àn ivi il suo thesoro” P. stijgt in gedachten mee met hen die al samen zijn met hun ‘thesoro’ in de hemel en krijgt aldaar te horen dat ‘vent’anni o trenta’ misschien lang mag lijken, maar dat zijn ‘destino’ ‘ben fermo’, goed vastligt.

Wat kunnen we uit dit mini-onderzoekje opmaken?

  • Laura als tresoro is duidelijk voorbehouden voor de dode, verhemelde schat, niet voor de aardse opgehemelde schoonheid (het woord komt niet voor in de eerste 189 gedichten en is daarna vrij frequent)
  • de evolutie in de relatie van de ik-figuur met zijn schat is er een die gaat van hebberige bezitsdrang naar gedetacheerde contemplatie
  • klaarheid wordt bij Petrarca verkregen via antithese, deze semantische strategie is ook hier duidelijk. Waar ‘tresoro’ eerst haar status verkrijgt door reliëf met aardse rijkdom en dito hebzucht, wordt het als ‘verworven goed’ een vanzelfsprekend onderdeel van de hogere sfeer. Het kantelmoment is wellicht 270 waar de aardse Liefde door haar onmacht definitief het onderspit moet delven ten voordele van de ‘mio amato tresoro’. Vanaf dan overheerst de graflyriek en worden de verliefdheid en de daarbij heersende pijnen verre reminiscenties en maken zij plaats voor een berustend afwachten van de verlossende dood.
  • De graflyriek en de cultus daarvan bij de dichters na Petrarca interesseert ons uiteraard omdat een van de weinige dingen die we weten over het leven van Maurice Scève diens ‘ontdekking’ van het graf van Laura is, een mythische gebeurtenis voor de door deze materie geobsedeerde sterveling, schrijver dezes. We zien met ons van tijd en plaats bevrijde geestesoog onze Maurice al gepassioneerd tot in de vroege uurtjes Canzone 270 lezen en herlezen en  des morgens  van Lyon naar Avignon spurten om dat graf te vinden.

 

waar gaat het naartoe?

geen idee, maar dit is alvast hier:

Here is the core of evil, the burning hell without let-up,
The canker corrupting all things, Fafnir the worm,
Syphilis of the State, of all kingdoms
Wart of the common-weal,
Wenn-maker, corrupter of all things
Darkness the defiler
Twin evil of envy,
Snake of the seven heads, Hydra, entering all things
Passing the doors of temples defiling the grove of Paphos,
neschek, the crawling evil,
slime, the corrupter of all things,
Poisoner of the fount,
of all fountains, neschek,
The serpent, evil against Nature’s increase,
Against beauty

twee bedenkingen


1. Geen nieuws goed nieuws

“Literatuur is nieuws dat nieuws blijft”, zo deelt ons mede de oude waarzegger Ezra Pound.  Een uitspraak die als Facebookstatus al meermaals bedolven werd onder de likes: zolang het onderwerp van Pound’s bruinigheid vermeden kan worden,  wordt er  massaal instemmend cognacbelgeklonken en dikke sigaargetrokken bij Vijveruitlatingen als deze. “Hoor, hoor”.

Goed, maar hoe speelt de literatuur dat klaar, zo’n evidente tegenspraak? Pound lost het op door het ‘nieuws’ in de bijzin te (her)configureren als ‘iets dat interesse wekt’.  Nieuws kan nieuws blijven als het morgen op evenveel interesse kan rekenen. Een waarzegger pur sang als onzen Ezra weet dat ie zich dan sito presto uit de voeten moet maken en zo snel mogelijk een nieuwe waarheid ‘zeggen’, anders dreigt het net voor waar gezegde in de schrijfhand te exploderen.

Want heeft Pound met zijn explicatie iets van zijn waarzeggerij effectief ook uitgelegd? Ach, hij zit al lang weer in één zijner Cantotanken citatenschrapnel in het rond te schieten, want natuurlijk niet: hij heeft de innerlijke tegenspraak enkel ietwat naar buiten geduwd om zo met een aangetoonde waarheid te kunnen pronken. Geen Vijverlezer die nu weet hoe de literatuur er in slaagt om als oud nieuws interessant te blijven. Dat is gewoon zo.

shrapnel

citatenschrapnelrecouchet

Laat het gewoon zo zijn, ik wil gewoon weten waarom het gewoon zo is. Wel, een figuur zoals de innerlijke tegenspraak is een tovertruuk die, dat is onder welopgevoede mensen genoegzaam bekend, de aandacht afleidt van een evidentie die niet mag gezien worden. De vraag wordt dus (ha ik zie dat de rondborstige derridaderivaten zich beginnen te roeren onder de dakpannen): welke evidentie wil Pound hier verbergen?

Pound gooit zijn schone majamantel over de vanzelfsprekendheid dat literatuur geen nieuws is. Niet nu, niet ten tijde van Homeros, niet morgen na de schielijke dood van de zombie van de post-Post-literatuur. Literatuur kan en zal ook nooit interesse wekken omdat het zoals krantenartikelen of tv-journaals of newsfeeds recente gebeurtenissen, nieuwe feiten of het nieuws van nieuwe ontdekkingen verspreidt. Het gaat, volgens de Neo-Kathedraalse visie op literatuur (waarover zo dadelijk meer, want ik heb niets te verbergen), ook niet op om te beweren dat de literatuur nieuwe kennis bevat of wil doorgeven, dat schrijvers van literaire werken ‘ontdekkingen’ doen of anderszins ‘vooruitgang boeken’. Dat is larie en apekool u ingelepeld door meelopers met de kampioenen van de literaire waan, de voor internering met stip genoteerde leden van de zogenaamde literaire Avant-Garde. Voorhoede van welk leger? In welke veroveringstocht dient men deze Onverschrokkenen te zoeken?

majamaanjaske

majamaanjaske

Neen, beminde Kathedraalgangers, de nieuwswaarde der literatuur is netto afgewogen nihil, nada, zilch. Zeker er zijn, naast eerder behoudsgezinde ook notoire ‘vernieuwers’ onder de literaire auteurs. Maar die brave mensen brengen ons niets nieuws zoals een fysicus ons een nieuw inzicht in het ontstaan van het heelal kan schenken, zoals een astronoom ons nieuw ontdekte planeten kan offreren of zoals een ingenieur ons een nieuwe constructiemethode kan bezorgen of zelfs maar een bakker ons met een verdomd lekker nieuw koekje kan komen vermaken. Het enige wat vernieuwende literatoren doen is hetzelfde als de anderen, maar dan anders. “Ha die pipo van Ostaijen schrijft zijn verzen holderdebolder over de pagina’s van zijn boekske in plaats van netjes rijmend op een rijtje van boven naar onder. Da’s iets nieuw!”. Neen: da’s iets anders. De reclame van dienen tijd deed dat ook, dat valt op, dat maakt indruk, dat ressorteert effect…

De ‘verworvenheden’ van de literatuur blijven dus voor eens en voor altijd hetzelfde. De enige  ‘verworvenheid’ (voor één keer verkiezen we het enkelvoud boven de pluraliteit) van de literatuur is dat het literatuur is.

Oei. Gemor in de zaal. Aja, natuurlijk, ik hoor het al: “wat is dan, gij waarzeggerke van mijn kl., voor u de literatuur?” Wel voor mij is er niks, mijn lieve medemensen, niet eens een warm lief om bij te kruipen sebiet, maar de literatuur in de huidige Neo-Kathedraalse Optiek (een Iets met nen Dikke Bril) is alles wat er op een gegeven tijdstip als Literatuur gelezen wordt.

Denkt daar alvast maar ’s goed over na, over die fantastisch Waargezegde, en bijzonder bruikbare Nieuwe Definitie (tja, als ge iets uit de Vijver haalt, moet ge iets anders in de plaats zetten, da’s nu eenmaal de Vijverwet).

En spoedt u, want het gaat waarschijnlijk niet lang nieuws blijven!

2. Niet Art

Een overpeinzingske. Over totaal onbelangrijke dingen, het is tenslotte weekend.

Over lectuur van online teksten: door het gebrek aan concentratie (gevolg van het lichtbakstaren) verdwijnt (of krijgt niet de kans om te zich hoorbaar te maken) de innerlijke stem. Je kan die wel oproepen, maar dat is moeite doen. In de Geldruimte moet ‘moeite doen’ opleveren, dus quasi niemand doet dat.

Als je een boek koopt, koop je die potentiële innerlijke auteurstem. De leeservaring binnen handbereik. Je hebt daar dan wel geen tijd voor (voortdurend gebrek aan tijd in de Geldruimte, tijd is geld, dus het tijdsgebrek moet indien nodig kunstmatig hoog gehouden worden, door onzinnige behoeftecreatie bv.), maar het bezit is genoteerd, er is aantoonbare aanwezigheid. De verkoop van e-books is dan ook aan de gemiddelde literatuurkoper niet besteed. Literatuur is immers in de eerste plaats kastvulsel, nieuws dat braafjes nieuws mag blijven in de leeskasten der Tijdlozen. Er staat zo’n 200 GB aan schalks gesprokkelde digitale tekst op één van mijn harde schijven, maar mocht ik ooit nog ’s bezoek hebben, niemand daaronder zou geïmponeerd door onze ‘bibliotheek’ het Centrum van het Gekende Universum verlaten…

auteursinkijk

fichenbak van de Centrumbibliotheek

Net Art, daar denk ik dan plots aan, omdat het de vinger legt op een persoonlijk dilemma, een gapende wonde in de strakke huid rond mijn bestanden, was nooit levensvatbaar omdat je het niet kon kopen.

Kunst is verhandelbaar Creatief Afval. Net Art produceerde alleen maar het lijfje van de netartist als afval. Als je het niet kan kopen, is het geen Kunst. Uiteraard vond ik Net Art héél plezant, hoewel mijn pogingen om mijn collega’s op de innerlijke tegenspraak te wijzen niet erg werden geapprecieerd (zo heb ik ooit het domein ‘netartdoesntexist.org‘ naar mijn Kathedraal laten verwijzen, ze konden er op de discussiefora van Rhizome.org, het virtuele club house der netartigen,  niet om lachen …).

Ge begrijpt waarom ik mijn teksten liever niet laat/liet verspreiden door bedrijven die zich ‘Uitgever’ noemen. Tant pis voor de Stem in mijn geschriften. ‘Ze’ (de arme argeloze lezers) moeten maar moeite doen (niemand doet moeite in de Geldruimte als het niet opbrengt…). Ik heb immers Kunstvrees, Dégout d’ Art, een Fatale Walgkanker die flink gemetastaseerd is naar mijn schrijven.  Bon, soit: ge wordt daar niet echt ziek van ofzo, van Kunstvrees, maar als ge bijna niks anders doet dan schrijven en tekenen en prutsen, is dat wel slecht voor uw huwelijk, om maar een iets te noemen. “Wat voor ne zot zit er hier in mijn kot!?”

Daarom was ik ook maar al te blij dat mijn kandidatuur voor deelname aan de eerstkomende Open M tentoonstelling niet weerhouden werd. Mijn kandidatuur beantwoorde geheel aan de formele regels die ertoe waren uitgeschreven, dus heb ik nu  een valabel bewijs in handen dat mijn Neue Kathedrale des erotische Elends, mijn Neo-Kathedraals hangkastje en de fabelachtige kliederwerken die ik met CB realiseerde, dat quasi alles wat ikzelve memorabel acht geen Kunst is. Open M richtte zich immers specifiek tot Kunstenaars uit Vlaams-Brabant en vroeg om de voorgestelde werken als Kunst te beschrijven. Aan de memorabiliteit van de ingediende werken kan onmogelijk worden getwijfeld, derhalve kunnen we enkel besluiten dat deze werken niet als Kunst werden ervaren!

Pfjew, dat was close!

Enfin soit, wat het ook is, Kunst is het niet en  het is vooral ook, zo heb ik meermaals mogen ervaren,  mottigmakend slecht voor de commerce!

twee dizaines


De verdere redactie van de 400+ dizaines is live te volgen op http://dizaines.wordpress.com

[Toi seul as fait, que ce vil Siecle avare]

  Op macadam barst lava uit de scheuren,
 de leugens liggen in geulen open,
 slijm voedt slijm, te woord stokt elk gebeuren.
   Natte pluche purpert uit volzopen
 monden. Nijd belet van bloed het lopen
 in de wrong der polsen. Bazen slonzen
 met hun macht, de brokjes burger plonzen
 bij alg & vet op vershoudcellofaan.
   Walgend word ik, wijl de stemmen gonzen,
 tong die zich een parel likt, vangt haar traan.

10/09/2010 rev. 13/03/2011 20/02/2017

[Toi seul as fait, que ce vil Siecle avare( 2)]

 

   De zee, haar golven vlak, verstijft een tel,
De lijn is recht, einde aan het deinen:
als op een foto wil ik schuilen wel.
  Mijn wezen zoekt verlossing van het zijn &
toch fataal vertakt sta ik te dreinen
om herhaalbaarheid, wil meer van heden
dan groots straks het zicht op dood verleden.
  Plots glijdt zij binnen in mijn zinnenweb,
levenswarmte stroomt door stramme leden,
hoe stil het witte uur dat ik dan eeuwig heb!

10/09/2010 rev. 13/03/2011 20/02/2017

oude tekening


waving_01

voorkant

dv 1989, ballpoint pen & watercolor on paper , 14,5 x 11cm

waving2

achterkant (idem)

‘kwas toen fel met William Blake bezig, dat weet ik nog….

moment (133)


topmoment(voor cb)

de laatste momenten komen & worden
verleden. groots zijn onze lichamen ’s nachts,
zachte giganten, bergketens onder één naam
ter ligging geklonken. angst in mij stuwt,

parelt zweet. nadert abject  de afscheidsmiddag.
een poos lang voorgeschreven zijn:het schuifelen,
het ontwijken der gekende oogkleuren; de diepte
van het afgrijzen; het smeken & kermen dat ik

zoals het bier wegens drankgebrek niet over
de lippen krijg. nu, opgemaakt het totaal
der dagen, is kijkstof saffraan, is dat kristuskruis-
afdruipen dadelijk een ogenblik van goud. geen

genade. maandag is de kast  van jouw kledij
ontdaan. dinsdag werd er ingepakt. rilling. ik
wacht nog steeds tot het moment gebeurt.

Bewaren

Bewaren

slagveld van de dag


somme

“MCMXVII”

dv, ink & water color on paper, A3

madrigaal van de dag

http://www3.cpdl.org/wiki/index.php/Non_al_suo_amante_pi%C3%B9_Diana_piacque_(Luca_Marenzio)

Petrarca 52

Non al suo amante piú Dïana piacque,
quando per tal ventura tutta ignuda
la vide in mezzo de le gelide acque,

ch’a me la pastorella alpestra et cruda
posta a bagnar un leggiadretto velo,
ch’a l’aura il vago et biondo capel chiuda,

tal che mi fece, or quand’egli arde ‘l cielo,
tutto tremar d’un amoroso gielo.

vert. Kline:

Diana was not more pleasing to her lover,
when by chance he saw her all naked
in the midst of icy waters,

than, to me, the fresh mountain shepherdess,
set there to wash a graceful veil,
that ties her vagrant blonde hair from the breeze,

so that she makes me, now that the heavens burn,
tremble, wholly, with the chill of love.

notes van Musa:

musa_notes

Musa editie kopen op Amazon

Madrigaal van Jacob van Bologna: https://www.youtube.com/watch?v=WZaHmpt8aMw

infectie


chiraal ben ik de vele schimmen die uw lichaam telt
vooraleer uw lichaam raakt het blanke laken
waarop het als een teken kwetsbaar ligt
te slapen naakt bij nachtinval.

de maan snijdt slierten mist
op dode takken kaal.

u sleurt mij heel de dag al mee
in plotse vreemdheid hier & daar
een onverwacht gebaar.

u vindt het woord niet
dat mij kan bevatten, ik kras
geluid bij scènes achter glas.

bloedrood.

ik lees u hier van binnen uit,
ik hak & houw besluiten uit de wirwar
van uw onbegrip, ik bouw gevaar
van vragen hoe of waar.

u gooit mij weg. pas dan
word ik mijzelf gewaar.