LAIS – IMPRESA XXVII – La Vipere qui se tue


(voor m.g.)
vipere2

Een einde is altijd een nieuw begin.
   Brede golven wind doorlopen regenlucht.
   De teder omgekeerde kreet werd in
een bed van haat tot liefde opgelucht:
het sterven daar, van lijven korte vlucht,
heeft winterdood met lentelust vermoord.
   Te lang heb ik aanzien, te vaak aanhoord:
handen, ogen, droefenis & misbaar.
   Ik sloot met spijt mijn mondeling akkoord:
in elke kus ligt ook een afscheid klaar.

Linter, 26/02/2017 @18:05

RE(DELIE)LAIS:
https://dirkvekemans.com/2012/01/05/daily-delie-ccxl/

aartsengelenbuit


17458330_1451842458173060_3572502588812201190_nFelien, Felien klein houten hertje fijn
Kom mee met mij, tu me rends le sourire
Je bent mijn spiegeldier, ik zie mijn pijn
Féline féline, jij bent veel beter hier
Dans mon jardin heurté tu peux dormir.
Ik dwaalde ‘s nachts de oever rond en vond
geen troost waar vroeger nog te wachten stond
de oude boom die mij rust geven kon.
De maan in tranen blonk, je was gewond.
Toen vond ik jou & scheen opnieuw de zon.

mg&dv, 24/03/2017 @13:53

lais.init()


“L’Oeil trop ardent en mes jeunes erreurs…”

   Onstuimig & jong, verslaafd aan plezier
lustig genietend gevangen was ik.
   Ik ging & ik dacht mijn gang van vertier
& van oog naar lip naar mond ging mijn blik
toen alles stolde tot één ogenblik:
haar ogen doorboorden de schijn van mijn zijn,
in vlam ik bevroor vol hemelse pijn,
catatonisch mijn lijf stond stil als spil
verbonden met haar, goddelijk geheim,
idool van mijn leven, Al van mijn wil.

een beetje afwezig


Inscriptions-012_pressPDT-1024x697

kaartje van de Houllebecq’s ‘Rester vivant’ tentoonstelling verleden zomer

Gestoord door  van vergeten gedachten
de korsten de kuilen de keien de
betonwonden ontwaken de krachten
windwoedende zeevrees  inheiende
futiel irritante bakkeleiende
menswoekering (aurorakotssliertje
in het blauw gapend ochtendkwartiertje)
blaast ’s & schud ’s & weg is de plaag:
Gaia zoekt  zich een ander pleziertje.

puur dizain (zonder poëzie)


“Philosophical statements must generally be heard twice: in the mode of creation, they find their necessity in the prob­lem that set the philosopher to work; in the mode of judgment, they desig­nate what the philosopher has undertaken to silence and disqualify, that is, also the transformation of what gave rise to the problem in polemics against rivals and imposters”

Isabelle Stengers,  ‘Thinking with Whitehead’, p.9

schilderij door CB

Een goed antwoord is een betere vraag.
   De wereld begint waar de taal eindigt.
   Gedachten zijn ficties, een nieuwe laag
om door te dringen op weg naar licht
dat als bron in de stroom verloren ligt.
Geen ding bestaat. Geen stok, geen dreun: geen moord.
   Groei gebeurt & stopt niet in een woord.
   Er is geen enkele gebeurtenis
(een vraag die zichzelf beantwoordt)
berekenbaar voordat ze gedaan is.

10 trajecten


 

aver – laveer – averij – averuit
hele – hemel – helse – haven
voren – voorste – vorsten – vooruit
geven – giften – gif – begraven
leven – laffe – verval – laven
aarde – aardig – aards – ontaarde
waar – waardig – waarde – bewaarde
gelden – gold – gulden – ontgelden
haar – heur – hardere – behaarde
helden – hielden – heelden – schelden

witregels

HEADER2.gif

tentoonstelling ilse derden


id

god en zijn brol


lijkengodenzijnbrol

 

   De kerstboom, getooid met engelenhaar,
is van een hard groen oliederivaat,
3d-geprint idee verwijzend naar
vrede op Gaia, aflaat voor de haat,
een opdracht van mannen in celibaat.
   Op zee drijven lijken, god & zijn brol:
de wibrarevelatie eist haar tol.
   Ik zie het trillen van het spinnewiel
hoe scheef het gaat, het einde van de bol.
  Zelfs de winden vervloeken reeds haar ziel.

 

tekst: dv 2011-2017
kerstofferande aan Gaia, om haar woede te stillen
uit “LAIS”, een hardnekkige oefening in speculatieve poëzie, te volgen via http://dizaines.wordpress.com

prent: photoshopmontage van twee foto’s gevonden via een afbeeldingensearch op “lijken Middellandse zee” en ” plastic vervuiling Middellandse Zee”

Het weze gezegd: de getoonde schat aan kleurig plasticdebris bevond zich feitelijk in het Meer van Genève en in de buurt van het kinderlijk zwommen, in werkelijkheid maar niet minder gruwelijk, enkel twee visjes.

op schattenjacht met Petrarca


In het sonnet ‘Cercato ò sempre solitaria vita’ is er sprake van een mooie schat: ‘ il bel tesoro mio’.

De berijmde vertaling van Verstegen en zijn verklarende noten roepen meer raadsels op dan dat er verklaard wordt, dus die laten we effen in haar, euh,  voor ons onbereikbare schoonheid schitteren en we onderzoeken hoe het zit met de identificatie van Laura met deze tesoro aan de hand van ander materiaal, ons vrijelijk verschaft door de slijkgoot van de literatuur, het vermaledijde internet alwaar met schrijven geen cent te rapen is, laat staan een massa euro’s subsidie om in een boek van...

sssssht, rustig nu maar… hier, een schoon prentje:

laura

Laura di Noves in wiens graf Scève  een vers van Petrarca zou gevonden hebben. Scève’s Délie, zijn inspiratie daarvoor,  was ook een getrouwde vrouw. Het bezingen van andermans vrouw was een getolereerde traditie onder troubadours…

259

(tekst van Wikisource)

vertaling_musa

vertaling Musa

Cercato ò sempre solitaria vita
(le rive il sanno, et le campagne e i boschi)
per fuggir questi ingegni sordi et loschi,
che la strada del cielo ànno smarrita;

et se mia voglia in ciò fusse compita,
fuor del dolce aere de’ paesi toschi
anchor m’avria tra’ suoi bei colli foschi
Sorga, ch’a pianger et cantar m’aita.

Ma mia fortuna, a me sempre nemica,
mi risospigne al loco ov’io mi sdegno
veder nel fango il bel tesoro mio.

A la man ond’io scrivo è fatta amica
a questa volta, et non è forse indegno:
Amor sel vide, et sa ’l madonna et io.

259_noten-musa

solitaria_vita_hd002

Het verhaaltje

‘Solitaria vita’ plaatst dit gedicht meteen in de Petrarca-ideologie. Tussen 1346 en 1356 schreef Petrarca in het Latijn (het Engels van toen) De Vita Solitaria waarin hij uitlegt wat zijn lot of deugd of pad naar de waarheid (r.4) is: leven in afzondering, ver weg van de aardse dwazigheid(r.3), in studie en in contemplatie. Het is zowat zijn humanistische poëtica, zijn levensprogramma.
Goed om weten, want zelfs de oevers, de weiden en de bosschares weten dat :-) (r.2)

Helaas is het leven niet altijd naar wens, dus P. is minder in zijn geliefde Toscane of aan de oevers van de Sorgue dan hij zelf zou wensen, hij wordt verhinderd om zich aldaar voluit te wijden aan wenen en zingen (tweede strofe).

Immers dat vervelende lot stuurt hem nu terug naar het perfide Avignon, alwaar hij zich kan boos maken over hoe zijn ‘bel tresoro’ in de modder ligt der aardse dingen (derde strofe).

Voor een keer wordt P. wel maatjes met vrouwe Fortuna, want hoe storend het ook is, zijn schrijvende hand kan het wel vinden met de situatie (het is letterlijk de hand die ‘amica’ wordt met ‘fortuna’). Net zoals het Amor was er voor zorgde dat P. Laura zag en door haar getroffen werd, is het nu ook de Liefde die die ‘fortuna’ heeft gearrangeerd, zijn geliefde Laura weet dat wel, en hij weet dat…(laatste strofe, mijn interpretatie)

Hoewel het slechts afleiding is van het hogere streven van de ik-figuur, eens te meer wordt hij door aardse besoignes overmand en dwingt Amor  de dichterhand ter vers…

Andere plaatsen in de Canzonieri waar Laura in verband wordt gebracht met een ‘tesoro‘, een helaas meestal al begraven schat:

(links naar de originele teksten op Wikisource achter de Canzonierinummers)

  1. 190, r7: “come l’ avaro che ’n cercar tesoro”. P. jaagt op een  blanke hinde en vergelijkt zich met een vrek en zijn schat
  2. 227, r7 “et vacillando cerco il mio thesoro”. Hier is P. zelf ‘come animal che spesso adombre e’ncespe’ een schuw schrikachtig beest dat rondstrompelt op zoek naar zijn schat (Musa linkt het dier aan de ronddolende ziel in  Plato’s Phaedra)
  3. 263, r13-14: ” il bel tesoro / di castità” de hogere schat van eerbaarheid ook hier geplaatst in contrast met de materiële rijkdom  “perle et robini et oro” die nochtans ook de ogen uitsteekt
  4. 270, r5: “Il mio amato tesoro in terra trova,” Amor moet eerst p’s geliefde ‘tesoro’ vinden en tot leven wekken vooraleer hij haar dienaar wordt (het ‘giogo antico’ draagt).  Het lied besluit dat Amor toch geen tweede schat zal vinden die hem aan dit aardse leven kan binden…
  5. 291, r.5-6: ” O felice Titon, tu sai ben l’ora / da ricovrare il tuo caro tesoro;” hier is de schat Tithonus’ Aurora. De onfortuinlijke Tithonus die via zijn geliefde Aurora wel het eeuwige leven kreeg maar niet de eeuwige jeugd, is hier toch nog ‘felice’ in vergelijking met P. want die krijgt zijn Laura helemaal niet meer te zien.
  6. 322, r11: “o mio nobil tesoro” is hier het dichtwerk van Giacomo Colonna, die had een lofdicht op P. geschreven, het sonnet is zijn late antwoord, een bedankje aan de ondertussen gestorven Colonna. Interessant is de suggestie ‘tesoro’ = Laura = dichtwerk, dus, nog korter door de bocht,  dichten is de omwerking van de carnale liefde naar de hogere, vergeestelijke schat…
  7. 333, r2: “che ‘l mio caro thesoro in terra asconde” P. stuurt zijn treurrijmen naar de steen die het graf van zijn ‘caro thesoro’ sluit om haar te zeggen dat zijn uur ook nakende is.
  8. 362, r3: “esser mi par ch’àn ivi il suo thesoro” P. stijgt in gedachten mee met hen die al samen zijn met hun ‘thesoro’ in de hemel en krijgt aldaar te horen dat ‘vent’anni o trenta’ misschien lang mag lijken, maar dat zijn ‘destino’ ‘ben fermo’, goed vastligt.

Wat kunnen we uit dit mini-onderzoekje opmaken?

  • Laura als tresoro is duidelijk voorbehouden voor de dode, verhemelde schat, niet voor de aardse opgehemelde schoonheid (het woord komt niet voor in de eerste 189 gedichten en is daarna vrij frequent)
  • de evolutie in de relatie van de ik-figuur met zijn schat is er een die gaat van hebberige bezitsdrang naar gedetacheerde contemplatie
  • klaarheid wordt bij Petrarca verkregen via antithese, deze semantische strategie is ook hier duidelijk. Waar ‘tresoro’ eerst haar status verkrijgt door reliëf met aardse rijkdom en dito hebzucht, wordt het als ‘verworven goed’ een vanzelfsprekend onderdeel van de hogere sfeer. Het kantelmoment is wellicht 270 waar de aardse Liefde door haar onmacht definitief het onderspit moet delven ten voordele van de ‘mio amato tresoro’. Vanaf dan overheerst de graflyriek en worden de verliefdheid en de daarbij heersende pijnen verre reminiscenties en maken zij plaats voor een berustend afwachten van de verlossende dood.
  • De graflyriek en de cultus daarvan bij de dichters na Petrarca interesseert ons uiteraard omdat een van de weinige dingen die we weten over het leven van Maurice Scève diens ‘ontdekking’ van het graf van Laura is, een mythische gebeurtenis voor de door deze materie geobsedeerde sterveling, schrijver dezes. We zien met ons van tijd en plaats bevrijde geestesoog onze Maurice al gepassioneerd tot in de vroege uurtjes Canzone 270 lezen en herlezen en  des morgens  van Lyon naar Avignon spurten om dat graf te vinden.

 

waar gaat het naartoe?

geen idee, maar dit is alvast hier:

Here is the core of evil, the burning hell without let-up,
The canker corrupting all things, Fafnir the worm,
Syphilis of the State, of all kingdoms
Wart of the common-weal,
Wenn-maker, corrupter of all things
Darkness the defiler
Twin evil of envy,
Snake of the seven heads, Hydra, entering all things
Passing the doors of temples defiling the grove of Paphos,
neschek, the crawling evil,
slime, the corrupter of all things,
Poisoner of the fount,
of all fountains, neschek,
The serpent, evil against Nature’s increase,
Against beauty

twee bedenkingen


1. Geen nieuws goed nieuws

“Literatuur is nieuws dat nieuws blijft”, zo deelt ons mede de oude waarzegger Ezra Pound.  Een uitspraak die als Facebookstatus al meermaals bedolven werd onder de likes: zolang het onderwerp van Pound’s bruinigheid vermeden kan worden,  wordt er  massaal instemmend cognacbelgeklonken en dikke sigaargetrokken bij Vijveruitlatingen als deze. “Hoor, hoor”.

Goed, maar hoe speelt de literatuur dat klaar, zo’n evidente tegenspraak? Pound lost het op door het ‘nieuws’ in de bijzin te (her)configureren als ‘iets dat interesse wekt’.  Nieuws kan nieuws blijven als het morgen op evenveel interesse kan rekenen. Een waarzegger pur sang als onzen Ezra weet dat ie zich dan sito presto uit de voeten moet maken en zo snel mogelijk een nieuwe waarheid ‘zeggen’, anders dreigt het net voor waar gezegde in de schrijfhand te exploderen.

Want heeft Pound met zijn explicatie iets van zijn waarzeggerij effectief ook uitgelegd? Ach, hij zit al lang weer in één zijner Cantotanken citatenschrapnel in het rond te schieten, want natuurlijk niet: hij heeft de innerlijke tegenspraak enkel ietwat naar buiten geduwd om zo met een aangetoonde waarheid te kunnen pronken. Geen Vijverlezer die nu weet hoe de literatuur er in slaagt om als oud nieuws interessant te blijven. Dat is gewoon zo.

shrapnel

citatenschrapnelrecouchet

Laat het gewoon zo zijn, ik wil gewoon weten waarom het gewoon zo is. Wel, een figuur zoals de innerlijke tegenspraak is een tovertruuk die, dat is onder welopgevoede mensen genoegzaam bekend, de aandacht afleidt van een evidentie die niet mag gezien worden. De vraag wordt dus (ha ik zie dat de rondborstige derridaderivaten zich beginnen te roeren onder de dakpannen): welke evidentie wil Pound hier verbergen?

Pound gooit zijn schone majamantel over de vanzelfsprekendheid dat literatuur geen nieuws is. Niet nu, niet ten tijde van Homeros, niet morgen na de schielijke dood van de zombie van de post-Post-literatuur. Literatuur kan en zal ook nooit interesse wekken omdat het zoals krantenartikelen of tv-journaals of newsfeeds recente gebeurtenissen, nieuwe feiten of het nieuws van nieuwe ontdekkingen verspreidt. Het gaat, volgens de Neo-Kathedraalse visie op literatuur (waarover zo dadelijk meer, want ik heb niets te verbergen), ook niet op om te beweren dat de literatuur nieuwe kennis bevat of wil doorgeven, dat schrijvers van literaire werken ‘ontdekkingen’ doen of anderszins ‘vooruitgang boeken’. Dat is larie en apekool u ingelepeld door meelopers met de kampioenen van de literaire waan, de voor internering met stip genoteerde leden van de zogenaamde literaire Avant-Garde. Voorhoede van welk leger? In welke veroveringstocht dient men deze Onverschrokkenen te zoeken?

majamaanjaske

majamaanjaske

Neen, beminde Kathedraalgangers, de nieuwswaarde der literatuur is netto afgewogen nihil, nada, zilch. Zeker er zijn, naast eerder behoudsgezinde ook notoire ‘vernieuwers’ onder de literaire auteurs. Maar die brave mensen brengen ons niets nieuws zoals een fysicus ons een nieuw inzicht in het ontstaan van het heelal kan schenken, zoals een astronoom ons nieuw ontdekte planeten kan offreren of zoals een ingenieur ons een nieuwe constructiemethode kan bezorgen of zelfs maar een bakker ons met een verdomd lekker nieuw koekje kan komen vermaken. Het enige wat vernieuwende literatoren doen is hetzelfde als de anderen, maar dan anders. “Ha die pipo van Ostaijen schrijft zijn verzen holderdebolder over de pagina’s van zijn boekske in plaats van netjes rijmend op een rijtje van boven naar onder. Da’s iets nieuw!”. Neen: da’s iets anders. De reclame van dienen tijd deed dat ook, dat valt op, dat maakt indruk, dat ressorteert effect…

De ‘verworvenheden’ van de literatuur blijven dus voor eens en voor altijd hetzelfde. De enige  ‘verworvenheid’ (voor één keer verkiezen we het enkelvoud boven de pluraliteit) van de literatuur is dat het literatuur is.

Oei. Gemor in de zaal. Aja, natuurlijk, ik hoor het al: “wat is dan, gij waarzeggerke van mijn kl., voor u de literatuur?” Wel voor mij is er niks, mijn lieve medemensen, niet eens een warm lief om bij te kruipen sebiet, maar de literatuur in de huidige Neo-Kathedraalse Optiek (een Iets met nen Dikke Bril) is alles wat er op een gegeven tijdstip als Literatuur gelezen wordt.

Denkt daar alvast maar ’s goed over na, over die fantastisch Waargezegde, en bijzonder bruikbare Nieuwe Definitie (tja, als ge iets uit de Vijver haalt, moet ge iets anders in de plaats zetten, da’s nu eenmaal de Vijverwet).

En spoedt u, want het gaat waarschijnlijk niet lang nieuws blijven!

2. Niet Art

Een overpeinzingske. Over totaal onbelangrijke dingen, het is tenslotte weekend.

Over lectuur van online teksten: door het gebrek aan concentratie (gevolg van het lichtbakstaren) verdwijnt (of krijgt niet de kans om te zich hoorbaar te maken) de innerlijke stem. Je kan die wel oproepen, maar dat is moeite doen. In de Geldruimte moet ‘moeite doen’ opleveren, dus quasi niemand doet dat.

Als je een boek koopt, koop je die potentiële innerlijke auteurstem. De leeservaring binnen handbereik. Je hebt daar dan wel geen tijd voor (voortdurend gebrek aan tijd in de Geldruimte, tijd is geld, dus het tijdsgebrek moet indien nodig kunstmatig hoog gehouden worden, door onzinnige behoeftecreatie bv.), maar het bezit is genoteerd, er is aantoonbare aanwezigheid. De verkoop van e-books is dan ook aan de gemiddelde literatuurkoper niet besteed. Literatuur is immers in de eerste plaats kastvulsel, nieuws dat braafjes nieuws mag blijven in de leeskasten der Tijdlozen. Er staat zo’n 200 GB aan schalks gesprokkelde digitale tekst op één van mijn harde schijven, maar mocht ik ooit nog ’s bezoek hebben, niemand daaronder zou geïmponeerd door onze ‘bibliotheek’ het Centrum van het Gekende Universum verlaten…

auteursinkijk

fichenbak van de Centrumbibliotheek

Net Art, daar denk ik dan plots aan, omdat het de vinger legt op een persoonlijk dilemma, een gapende wonde in de strakke huid rond mijn bestanden, was nooit levensvatbaar omdat je het niet kon kopen.

Kunst is verhandelbaar Creatief Afval. Net Art produceerde alleen maar het lijfje van de netartist als afval. Als je het niet kan kopen, is het geen Kunst. Uiteraard vond ik Net Art héél plezant, hoewel mijn pogingen om mijn collega’s op de innerlijke tegenspraak te wijzen niet erg werden geapprecieerd (zo heb ik ooit het domein ‘netartdoesntexist.org‘ naar mijn Kathedraal laten verwijzen, ze konden er op de discussiefora van Rhizome.org, het virtuele club house der netartigen,  niet om lachen …).

Ge begrijpt waarom ik mijn teksten liever niet laat/liet verspreiden door bedrijven die zich ‘Uitgever’ noemen. Tant pis voor de Stem in mijn geschriften. ‘Ze’ (de arme argeloze lezers) moeten maar moeite doen (niemand doet moeite in de Geldruimte als het niet opbrengt…). Ik heb immers Kunstvrees, Dégout d’ Art, een Fatale Walgkanker die flink gemetastaseerd is naar mijn schrijven.  Bon, soit: ge wordt daar niet echt ziek van ofzo, van Kunstvrees, maar als ge bijna niks anders doet dan schrijven en tekenen en prutsen, is dat wel slecht voor uw huwelijk, om maar een iets te noemen. “Wat voor ne zot zit er hier in mijn kot!?”

Daarom was ik ook maar al te blij dat mijn kandidatuur voor deelname aan de eerstkomende Open M tentoonstelling niet weerhouden werd. Mijn kandidatuur beantwoorde geheel aan de formele regels die ertoe waren uitgeschreven, dus heb ik nu  een valabel bewijs in handen dat mijn Neue Kathedrale des erotische Elends, mijn Neo-Kathedraals hangkastje en de fabelachtige kliederwerken die ik met CB realiseerde, dat quasi alles wat ikzelve memorabel acht geen Kunst is. Open M richtte zich immers specifiek tot Kunstenaars uit Vlaams-Brabant en vroeg om de voorgestelde werken als Kunst te beschrijven. Aan de memorabiliteit van de ingediende werken kan onmogelijk worden getwijfeld, derhalve kunnen we enkel besluiten dat deze werken niet als Kunst werden ervaren!

Pfjew, dat was close!

Enfin soit, wat het ook is, Kunst is het niet en  het is vooral ook, zo heb ik meermaals mogen ervaren,  mottigmakend slecht voor de commerce!

twee dizaines


De verdere redactie van de 400+ dizaines is live te volgen op http://dizaines.wordpress.com

[Toi seul as fait, que ce vil Siecle avare]

  Op macadam barst lava uit de scheuren,
 de leugens liggen in geulen open,
 slijm voedt slijm, te woord stokt elk gebeuren.
   Natte pluche purpert uit volzopen
 monden. Nijd belet van bloed het lopen
 in de wrong der polsen. Bazen slonzen
 met hun macht, de brokjes burger plonzen
 bij alg & vet op vershoudcellofaan.
   Walgend word ik, wijl de stemmen gonzen,
 tong die zich een parel likt, vangt haar traan.

10/09/2010 rev. 13/03/2011 20/02/2017

[Toi seul as fait, que ce vil Siecle avare( 2)]

 

   De zee, haar golven vlak, verstijft een tel,
De lijn is recht, einde aan het deinen:
als op een foto wil ik schuilen wel.
  Mijn wezen zoekt verlossing van het zijn &
toch fataal vertakt sta ik te dreinen
om herhaalbaarheid, wil meer van heden
dan groots straks het zicht op dood verleden.
  Plots glijdt zij binnen in mijn zinnenweb,
levenswarmte stroomt door stramme leden,
hoe stil het witte uur dat ik dan eeuwig heb!

10/09/2010 rev. 13/03/2011 20/02/2017

oude tekening


waving_01

voorkant

dv 1989, ballpoint pen & watercolor on paper , 14,5 x 11cm

waving2

achterkant (idem)

‘kwas toen fel met William Blake bezig, dat weet ik nog….

moment (133)


topmoment(voor cb)

de laatste momenten komen & worden
verleden. groots zijn onze lichamen ’s nachts,
zachte giganten, bergketens onder één naam
ter ligging geklonken. angst in mij stuwt,

parelt zweet. nadert abject  de afscheidsmiddag.
een poos lang voorgeschreven zijn:het schuifelen,
het ontwijken der gekende oogkleuren; de diepte
van het afgrijzen; het smeken & kermen dat ik

zoals het bier wegens drankgebrek niet over
de lippen krijg. nu, opgemaakt het totaal
der dagen, is kijkstof saffraan, is dat kristuskruis-
afdruipen dadelijk een ogenblik van goud. geen

genade. maandag is de kast  van jouw kledij
ontdaan. dinsdag werd er ingepakt. rilling. ik
wacht nog steeds tot het moment gebeurt.

Bewaren

Bewaren

slagveld van de dag


somme

“MCMXVII”

dv, ink & water color on paper, A3

madrigaal van de dag

http://www3.cpdl.org/wiki/index.php/Non_al_suo_amante_pi%C3%B9_Diana_piacque_(Luca_Marenzio)

Petrarca 52

Non al suo amante piú Dïana piacque,
quando per tal ventura tutta ignuda
la vide in mezzo de le gelide acque,

ch’a me la pastorella alpestra et cruda
posta a bagnar un leggiadretto velo,
ch’a l’aura il vago et biondo capel chiuda,

tal che mi fece, or quand’egli arde ‘l cielo,
tutto tremar d’un amoroso gielo.

vert. Kline:

Diana was not more pleasing to her lover,
when by chance he saw her all naked
in the midst of icy waters,

than, to me, the fresh mountain shepherdess,
set there to wash a graceful veil,
that ties her vagrant blonde hair from the breeze,

so that she makes me, now that the heavens burn,
tremble, wholly, with the chill of love.

notes van Musa:

musa_notes

Musa editie kopen op Amazon

Madrigaal van Jacob van Bologna: https://www.youtube.com/watch?v=WZaHmpt8aMw

infectie


chiraal ben ik de vele schimmen die uw lichaam telt
vooraleer uw lichaam raakt het blanke laken
waarop het als een teken kwetsbaar ligt
te slapen naakt bij nachtinval.

de maan snijdt slierten mist
op dode takken kaal.

u sleurt mij heel de dag al mee
in plotse vreemdheid hier & daar
een onverwacht gebaar.

u vindt het woord niet
dat mij kan bevatten, ik kras
geluid bij scènes achter glas.

bloedrood.

ik lees u hier van binnen uit,
ik hak & houw besluiten uit de wirwar
van uw onbegrip, ik bouw gevaar
van vragen hoe of waar.

u gooit mij weg. pas dan
word ik mijzelf gewaar.

gignogram ‘verwelken’


gignogram_verwelken

‘gignogram verwelken
dv 2017, ink & water color on paper A5

gignomenologische noten

  • het eigenlijke verwelkingstraject begint vanaf de doodsvernauwing die in feite een ultieme bloeiopstoot is
  • de leefweerstand of doodsaversie en de simultane verwelkingsescalatie zorgt voor een onhoudbare trajectspanning die dan ook tot trajectdesintegratie (overwerpontbinding) leidt: er ontstaan divergerende trajecten die enkel middels  objectontbinding kunnen worden opgelost
  • in de uitwaai van het rot (bovenaan het gignogram) kunnen rottingswervels optreden: men vermoed dat deze ontstaan door subatomaire attractiepolen, ‘materiële’ bloeirestanten in de rotuitwaai. Bewegingspuristen evenwel verwerpen deze hypothese en beschouwen het als een ontoelaatbaar binnensmokkelen van ontologische materiedwang duidend op  een Platoonse grotneurose en schrijven dan poeptewameerylpillekens voor…

Etymologische info

verwelken (verflensen)

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch (incl. Supplement uit 2007)

verwelk ww.
Verdor, verlep.
Uit Ndl. verwelken (al Mnl.), ’n afleiding met ver- van welken, met lg. van welk (Mnl. welc) ‘slap’. Eerste optekening in Afr. in Patriotwoordeboek (1902) in die vorm ferwelk.
D. verwelken.

N. van der Sijs (2001), Chronologisch Woordenboek

verwelken* verflensen 1351-1400 [MNW]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Van Dale Etymologisch woordenboek

verwelken* [verflensen] {1351-1400} van ver- + welken.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek

verwelken ww., mnl. verwelken, mnd. vorwelken ‘verwelken, verdorren; wegkwijnen’. — Afl. van welken.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck’s Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal

welken ww., mnl. welken. = ohd. wëlkên, wëlchên (nhd. welken), mnd. meng. wëlken (eng. to welk) “welken”. Van mnl. welc (door Kil. “vetus” genoemd) “verwelkt, slap”, ohd. wëlc, wëlch “id., lauw, vochtig” (nhd. welk), mnd. wëlk “verwelkt, verdord”. De oorspr. bet. is “vochtig”: voor verwanten zie wolk.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement

verwelken. Reeds mnl. mnd.

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

bron: N. van der Sijs (samenst.) – http://etymologiebank.nl/trefwoord/verwelken

strik


voor mijn ‘dancing queen‘, blonde amaryllis en voormalige badkamerbabe in het Centrum

dancing_queen

“Esprits cachés des lois
qui d’ ici loin mais fort liées
dans les choses sont exprimées”

(onbestaande versregels gedroomd op 13/2/2017 tussen 6:30 en 9:00)

 

Sluipgeesten der wetten
die ver van hier in strak verband
in de dingen zin verzetten;

Bloeigedaantes,
warende door verwelkte bloemen;
spookgedachten,
vluchtende uit gestalten die vergaan;
verzameling
der onbestaande dingen;
gelijkenis
van leven in de aanblik van een lijk;

weerzin dat het weerzien mist;
gemis van wat er niet is,
toegestrikte strop,
onbewogen tel, moment
dat er niet was;

uitspraak in
het zich verzwijgende,

duisternis, voltrokken,
volstrekt van duisternis
ontdaan.

witregels

‘strik’ in een afdrukbaar pdf bestand (280 kb)

witregels

trump complot onthuld


trumpcomplot

“Het getwitter van de Amerikaanse president is niet meer dan een afleidingsmanoeuver. De strategie was heel de tijd om alle zogenaamde ‘progressieve intelligentsia’ op Facebook samen te drijven, hen te verleiden om zichzelf middels ingenieus bedachte spellekens te laten profilen en hen vervolgens monddood te maken” .

Aldus onze deskundige analist die echter verder niet meer voor commentaar bereikbaar is omdat hij vreest voor zijn leven.

Bewaren

foto van de dag


(gekozen door A.M. Krabbendam)

fotovandedag

Edward Weston  – Tina Modotti op het dak van haar huis, Mexico 1924

vers van de dag

jeugdmerken

frunnikend haar vingertjes bevoelen overal haar fabelland;
open ter blik nipt het neusje vrijuit het haar omringende;
haar glinsterogen doen het boze in het geringste niet teniet want

niets drukt haar pret.

de adem warmt zich aan een koek van betterfood
het haarfluweel wrijft op het silanhemd elsève open
de mevrouwen van de winkel zien hun kindje in haar

prinsessentred.

met bikkelhanden gloeiend van ’t zaaien & ’t kappen
mijn kreet komt ruwweg ideaal haar toe, haar bel
van stilte ploft & als wonder lacht zij mij alles toe,

haar schoonheidswet.

 

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

arena


voorwerelds vuur  in vonkenglinster komt
sluitspiernijpend einde onontkenbaar naakt
enkelopwaarts sluipangst slingert, stierenpoot
grondkrabd letterdreiging volksomjoeld

teer dit lijfje ijl te zingen staat jouw naam

voor het uitflitst, stofwolk bij de boektoeslag

vraagske


alain_chartierWaar is de tijd,

Alanus Auriga, monsieur Charretier,
gigant van geleerdheid, gegeerd om uw woord
Koninginsgekustte, publiek op de mond,
Vader der Franse Liefdesvertellers,
grootse geest alom geroemd & lelijk
als een vetsliertenruiende kwijlende hond,

waar is de tijd dat uit alle de kwislichtbakken
geweerd werden de schrijvers zo lelijk als gij?
& Hoe, door welk wonder, werd toch zo plots
elk typend talent zo geil & zo heet
& zo knap & zo blond?

Bewaren

Bewaren

Bewaren

verval 1.3


hieronder een link naar het typoscript van verval.

verval is een reeks van 10 veertienregelige gedichten met een proloog. verval is opgevat als een echte cyclus: de gedichten kunnen afzonderlijk gelezen worden maar verkrijgen pas hun volledige zin door hun plaats in de reeks.

het geheel is verlucht door afbeeldingen van prachtig grafisch werk van Catherine Buyle, persoon die mij tot het werk inspireerde en aan wie de teksten liefdevol zijn opgedragen. ik zeg verlucht en wel hierom: de teksten verwijzen niet doelbewust naar de grafiek, en de grafiek is ook geenszins geënt op de teksten, maar beiden ademen medunkt wel dezelfde sfeer uit, zodat ze, althans in mijn ogen, naadloos in elkander kunnen overgaan.

in tegenstelling tot mijn andere ‘officieuze’ publicaties hier (zie https://dirkvekemans.com/afdrukbaar/) beschouw ik deze teksten als teksten waar ik verder niets aan toe te voegen of af te dingen heb. wat mij betreft zouden ze zo in drukvorm mogen verschijnen, zulks zou mij bijzonder plezieren.

u zou dan het fabelachtige werk van Buyle in voldoende hoge resolutie kunnen bewonderen, wat, ik kan het u garanderen, toch nog wat anders is dan de 150 dpi waarmee het middels onderstaande link op uw scherm te zien is.

edoch en alvast: veel lees- en kijkplezier!

verval_cover

verval-web.pdf (870 kb)

 

synopsis (moment 132)


cb_synopsis

cb 22/01/2017

(voor cb)

straks, wanneer ik haar van mij bevrijd,
word ik voltooid in mijn afwezigheid.

niemand zoals ik

  • zal haar naam nog naam van schoonheid noemen
  • zal haar ziel nog als een zee in leven zeggen
  • zal van haar lijf nog blindelings de code kennen

niemand zoals ik

  • zal nog voelen van haar strelen de aanzet
    in de aarzeling & dan het strelen zelf
  • zal haar nog horen zeggen wat ik denk
    terwijl zij denkt wat ik haar zeggen wou
  • zal nog zien hoe zij verdwijnt
    terwijl zij tastbaar in mijn armen ligt

niemand zoals ik

  •  zal haar nog maken zoals ik haar maak

straks, wanneer zij mij geheel gelezen heeft,
ben ik volmaakt, voltooid in mijn afwezigheid.

dag van de week


“de dag van de week is …
MAANDAG!!!!!!”

de verkiezing van de dag van de week kwam tot stand dankzij de geheel onbaatzuchtige steun van de Vintrobank, uw Huis van Schaamteloos Geschonden Vertrouwen! Elke dag een nieuwe dag van de week steunen, je moet het verdienen, elke dag!

wit

moi non plus

moi_non_plus_daglicht

 

“Scoonre wijf was noyt gheboren
(het standbeeld van de Kathedraal,
zich hullende in
neo-kathedraalse taciturniteit)”

dv 2017, ink & water colour on paper, A3

wit

Achterbergverprutsing

noot: daar waar een ‘verhaspeling’ nog een discutabele meerwaarde geeft aan de verhaspelde tekst (‘update’), is een ‘verprutsing’ een rabiate aanval op de integriteit van de bewonderde tekst. De grens tussen een verprutsing en ongewenste intimiteiten op de werkvloer is dan ook heel dunnetjes en soms geheel afwezig, waardoor sommigen het verprutsen van teksten bij  respectloze, laakbare feiten zoals lijkenpikkerij en zelfs plagiaat willen onderbrengen. Het plegen van een verprutsing is dan ook niet aangewezen (“slecht voor de commerce”) voor een noviet in de letteren…

De verprutsing van deze gefêteerde maandag zit in dit hoekje te wriemelen met ‘Graf’ van Gerrit Achterberg

wit

bergop

gij laat mij tot de stenen toe
met hetzelfde gebrek aan geweld
als eenmaal tot uw huid, gij

die heel mijn lied bevat
& de woorden wij weigert
te noteren in faveure
van het ogenblik

nu is ons

grint waar geen klank in aard
blind zand ontvangt
neergezegen lijfelijk restant

de dood is
de dood is
de dood die
in een haak bewaard

dood is

(de vingeren wapperen alsof)

Christine D’haen over Achterberg: http://www.dbnl.org/tekst/_die004195101_01/_die004195101_01_0032.php, verschenen in  DW&B jaargang 9, 1951, een tijdschrift dat u heden voor € 52 per jaar in vier voorgeprogrammeerde afleveringen (‘tijdschrift’? de tijd verloopt dan wel erg discreet tegenwoordig, met te behappen en te vomiteren brokken van een  jaar voordien bereidde kwartalen) de alternatieve feiten van de haar sponsorende bank serveert. Smakelijk!

Aja, natuurlijk! de oerbetekenis van ‘kwartaal’ dringt tot mij door! DW&B staat driemaandelijks vol met voortreffelijk ingeboekte taal!

het oorspronkelijk gedicht van Achterberg:

Graf

 Gij laat mij tot de steenen toe

met dezelfde teederheid,

als eenmaal tot uw huid.

Mij is te moede of de dood

u maar verwisselde van kleed.

De plaats, die gij geworden zijt:

grint,

blind zand,

kruid:

gebenedijd.

Gebenedijd.
Gerrit Achterberg, Cryptogamen, ‘S-Gravenhage 1946, p.196

Bewaren

Bewaren

verhaspeling van de dag


gefopt*


*waarom staat hier ‘gefopt’? de uitleg volgt hieronder in de tweede verhaspeling van de dag

regen‘verhaspelingen’ zijn aanpassingen van bestaande, indertijd perfect werkende gedichten aan het vierkantige geharrewar van onze tijden.
de verhaspeling van de dag is verhaspeling van ” Waar zoude ik met mijn liefde henen” van Karel van de Woestijne

(voor cb)

Waar moet ik met mijn liefde henen,
nu ik u niet minnen kan?
Ik zie de regen wenen
bij de laatste dood van de zon.

Op straat de vlagen kermen
alsof er iets nog reden had.
Wat doe ik met die huiver
die als lust uw lichaam had?

O kon ik hier nog mijn ogen
in uw zien verdwalen laten,
wij hadden nog wat mededogen
met de regen, één second, misschien…

wit

gignogram van de dag

gignogram_ophopen

wit

tweede verhaspeling van de dag

regen2dit is de verhaspeling van ” ‘k zit met lamme beenen” eveneens van Karel van de Woestijne

ik zit met lamme benen in
de asse van een stervend vuur.
ik vloek; mijn vrienden wenen &
’t hangt mij zwaar de keel uit op den duur.
zal ik mij met u vermaken, gij
lezer van het laatste uur. (klik).
de schoonste bol, de liefste lol
maakt ooit de strafste likker dol.

de schapen blaten, men moet scheren.
de ezels balken, men moet slaan
ik heb vandaag weer vele letteren
in de geulen van uw voederbak gedaan.
ach heren, uw voze soep is vies & grijs
ge kunt niet eens ne schone naam verzinnen
wie wil er dan voor u nog iets beginnen?
wie wil er nu een fintroprijs gaan winnen?

wit

 

 

citaat van de dag


duchamp-fountain  En hier gaan de massacultuur en de communicatiemedia aan het gesprek deelnemen en krijgt de kwestie van vraag en aanbod een beslissend belang. En zoals tijdgenoten mochten aannemen dat een niet barbaars man als paus Julius erin geïnteresseerd was dat een goede, dat de beste kunstenaar zijn Sixtijnse kapel beschilderde, zo mogen wij aannemen – we zien het immers om ons heen overal al gebeuren – dat de uitsluitend in succes en voordeel geïnteresseerde publiciteitsmanagers steeds meer en per saldo enkel en alleen zullen opteren voor wat hun doeleinden dient.

Ik hoef niet uiteen te zetten dat het publiciteitswezen op zich een lege huls is, waarin evenwel niet elke willekeurige inhoud kan worden ondergebracht. Er worden door de vacante cocon eisen gesteld. Niet aan de eenlingen die nog over persoonlijke substantie beschikken, zij zijn per slot van de discussie niet eens meer tegenwoordig. De voornaamste eis is deze, dat de inhoud eveneens ijl dient te zijn. Alleen zo, via een schijninhoud, kan de reclame het hoogste bereiken wat( er voor haar te bereiken valt en wat ze nastreeft als enig doel: ik-reclame, vergoddelijking van zichzelf.

Dit medium zal ten slotte inderdaad zijn eigen message zijn. Dat kunstenaars dit dan hebben helpen verwezenlijken zou je een staaltje van de ironische gezindheid van de geschiedenis kunnen noemen als het, gezien vanuit de hoek waaruit dat nu nog mogelijk is, niet eerder een laatste bitterheid leek.

Daarna is de lange droom die de westerse kunst was voorbij en is de mythische tijdloze toestand ingetreden waarin het verschil tussen mooi en lelijk, zinvol en zinloos niet meer bestaat. Dat is waar we langs bijna alle wegen op aansturen. Commercie zal commercie zijn, geld geld, alles een incident en met het heruitvinden van wat we waren zal, als iemand op het idee komt, weer vier- of zesduizend jaar voorbijgaan. We zullen klein beginnen maar misschien kan het uit de woestijn opgepikt urinoir van Duchamp ons op weg helpen. In elk geval zal dan dat ding het ontroerbaarheidskarakter gekregen hebben dat het ooit zo fanatiek wenste niet te bezitten; het zal bezield zijn door de verstreken tijd.

Jacques Hamelink, De Droom van de Poëzie, Amsterdam 1978, ISBN 9023406095, p.47-48.
(mijn nadruk, dv).

gignopedeum van de dag

het gignopedeum (bewegingsvattend spel) van de dag is die van het ‘ophopen’, een, naar het mij voorkomt, uitsluitend humaan bewegingstraject

min of meer ritmisch samengesteld door den auteur uit verschillende toetsen bevingerd op een Roland HP 503.

download het mp3-bestand: https://vilt.files.wordpress.com/2017/02/ophopen.mp3

 

abecedarium van de dag


(voor Meester Peter Holvoet, eenzaam hoog in ’t Lyrisch OnderWijs)

poeziekaart_holvoetik ben de adem die lijven het leven inblaast
ik ben de bloemen die wiegen op ’t veld
ik ben de chaos die door orde raast
ik ben de dood die velt elke held
ik ben de eer die de dichter begeert
ik ben het falen dat angst genereert
ik ben de goesting naar meer die verzweert
ik ben de haat die de minnaar verteert
ik ben de idee van de vrede op aard
ik ben een jood met een heel lange baard
ik ben de kalmte die woede bedwingt
ik ben het lijf dat vol van liefde zingt
ik ben de moeder die de maan vergat
ik ben de naam die het kind opat
ik ben de oorzaak die zichzelf  opzet
ik ben de praatvaar in het bed van pret
ik ben de queeste die de koning kwelt
ik ben het raadsel dat zichzelf vertelt
ik ben de storm die niet liggen gaat
ik ben de tijd die in mij stilstaat
ik ben de uwe tot uw laatste uur
ik ben het verlangen naar nog een uur
ik ben het wachten op wat komen moet
ik ben de ziel die u zo zuchten doet

Bewaren

letter van de dag – d


nele_d_01_a3

“Nele in D-pose”

dv 2017, ink & water color, A3
pose by Nele, see http://nele.nu

d_wilson

d_wilson_text

‘D’ from Peter Lamborn Wilson, ABECEDARIUM, Xexoxial Editions, West Lima 2010, ISBN O-9770049-8-8

wit

D is een dame die danst op de straat

M. Hildebrandt
(verkeerd geciteerd, in de tekst van ons Marie
staat ‘drentelt’, maar danst is veel schoner natuurlijk)

sjakosh van de dag


eenschoonsjakosh

“een schoon sjakosh”

dv/google, 2009/2017 locatie op google maps

witregels

soundtrack van de dag

de soundtrack van de dag is Aanbevolen Muziek bij het lezen van de Proloog uit ‘verval’ mijn debuutbundel, een prachtig boekje op schitterende wijze verlucht door Catherine Buyle (kandidaat-uitgevers: het typoscript is op aanvraag te verkrijgen bij de auteur)

proloog_partituur

lees de Proloog op Laurents Coster

witregels

de klok die u hoort op de soundtrack is de befaamde Scheve Klok!
scheveklok
de Scheve Klok van en te het Centrum van het Gekende Universum

witregels

gignogram van de dag

het gignogram van de dag is het Gignomenologische diagram van de ‘bloei’.

gignogram_bloei

  • Of er, los van de immer voortwoekerende discussie omtrent de unidirectionaliteit van de tijd, sprake kan zijn van bloei zonder een voorafgaandelijk ontluiken, is een topic voor later.
  • Voor een voorlopige verduidelijking verwijzen we toch naar de Gignomenologische notities bij gignomenon ‘ontluiken’
  • hier ziet u de bij het ontluiken vermelde Regressie R vanuit Temporeel Perspectief. Bij het inschatten van het Perspectief moet u uiteraard rekening houden met de Gignologische extrapolatie van het Geldperspectief in de GeldRuimte. Zoals de kleinzoon van Julian Barbour later zal plachten gezegd te hebben: “Geld, dat hebt ge niet nodig…”
  • In de bloei merken we duidelijk enkele latentiepunten op die het verval in het uitbloeien aankondigen. op het gignogram zijn deze aangeduid middels de set V
    • latentiepunten zijn extreme schommelingen in de gebeurensintensiteit die resulteren in breekpunten in het traject (het overwerp)  van het gignomenon

Bewaren

cartoon van de dag


cartoon

“schets voor een cartoon”

dv 2017, pencil on paper, 7×12 cm

witregels

boutade van de dag

deze boutade geldt ook wel als oeuvre van de dag want zij vertegenwoordigt tezelfdertijd (Derrida: à la même fois) mijn volledig literair-kritisch werk. Dus als later, in de gezegende toekomst van mijn afwezigheid, ooit – god behoede – het iemand in haar hoofd zou halen om te spreken over mijn literair-kritische oeuvre, dan gaat het hierover:

Bon, soit, luister ’s hier: de Vrije Lyriek van Paul van Ostaijen, dat is gene elektronische brol uit de Fnac hè! Ge kunt daar niks mee doen als ge de Gebruiksaanwijzing niet gelezen hebt. Allez vooruit.”

Ik zou er nog wat voetnoten bijzetten, maar men zegt mij dat voetnoten slecht zijn voor de commerce.

witregels

300

witregels

leestekenloos leerdicht van de dag

autobiografie

in mijn ongeduld ben ik te letterlijk
te woord geworpen tussen alles
te midden niets

wankelmonster structureel verscheurd
schijnstabiel inbrogliogezwel dat fel
op barsten wil

als binnen zich te buiten gaan
als buiten in het binnen staan
tijdsontzegger

tje

witregels

muziekske van de dag

dv, Imbroglio nr 2 uit het Album “Imbrogli e Divertimenti” van 2017 (in voorbereiding)

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

haikoe van de dag


inzicht

 

witregels

inzicht

buiten in ’t gevang
de mens moet zich behelpen
met al die dingen

witregels

oefening van de dag


d-studie

“d-studie”

dv 2017, ink & water color A5, model: Nele

sonnet van de dag

het sonnet van de dag is nr xv uit de Canzonieri van Petrarca

Io mi rivolgo indietro a ciascun passo
col corpo stanco ch’a gran pena porto,
e prendo allor del vostr’aere conforto,
che ‘l fa gir oltra dicendo: « Oimè lasso! »

Poi ripensando al dolce ben ch’io lasso,
al camin lungo ed al mio viver corto,
fermo le piante sbigottito e smorto,
e gli occhi in terra lagrimando abasso.

Talor m’assale in mezzo a’ tristi pianti
un dubbio: come posson queste membra
da lo spirito lor viver lontane?

Ma rispondemi Amor: « Non ti rimembra
che questo è privilegio degli amanti,
sciolti da tutte qualitati umane? »

de vertaling en noten van Mark Musa, Indiana Univ. Press 1996, ISBN0-253-21317-7

With every step I take my weary body,
which I bear with me in great pain, turns back,
then from the air around you I take strength
to move it onward and say: “Woe, poor me!”

Then thinking of the sweet good that I leave,
of my long journey and of my brief life,
I stop short of bewilderment, and pale,
I look down at the ground, my eyes in tears.

Sometimes amid my sad laments a doubt
assails me: how can all these parts of me
survive so far away from their own soul?

But then Love answers me: “Don’t you remember
it is a privilege granted to all lovers,
to be free of all human qualities.”

 

petrarcaxv_comments

Opmerkingen

De verwijzing naar Bernart de Ventadorn is misschien naar de beginstrofe van diens bekendste lied ‘Can vei la lauzeta mover’, een lied dat indertijd wellicht even gekend was als ‘Jantje zag ’s pruimen hangen’.
Maar ik denk  niet dat ‘aere’ een woord is in het Occitaans (het staat alleszins in die spelling niet in de tekst zoals bezorgd door Carl Appel (zie https://archive.org/stream/bernartvonventad00bern/bernartvonventad00bern_djvu.txt) en d’r staat in die strofe van Bernart dus  wel degelijk ‘rai’, zonnestralen. De rest van Bernart’s strofe vertoond dan weer wel veel gelijkenissen met de Petrarceske beweging:

Can vei la lauzeta mover
De joi sas alas contral rai,
Que s’oblid’ e.s laissa chazer
Per la doussor c’al cor li vai,
Ai tan grans enveya m’en ve
De cui qu’eu veya jauzion,
Meravilhas ai, car desse
Lo cor de dezirer no.m fon.

When I see the lark
Spread its wings for joy and fly towards the sun,
Forget itself, and fall
In the bliss that rushes to its heart
Alas! How I then envy
All creatures that I see happy.
I am amazed that my heart
Does not melt away there and then with longing.

Niet verwonderlijk, gezien de bekendheid van het lied, evenmin dat een andere commentator Bertrand ook hoort doorklinken in Dante’s Paradiso XX vv73-75.
Ook hier het Italiaanse ‘aere’ en niks geen zonnestralen:

Quale allodetta che ’n aere  si spazia
prima cantando, e poi tace contenta
de l’ultima dolcezza che la sazia

vert. Hollander&Hollander, 978-0-385-50678-6, p.487:

Like the lark that soars in air,
first singing, then silent, content and rejoicing
in the final joyous sweetness of its song.

Dante zou Dante niet zijn als hij er niet weer iets straffer van maakt met een lyrisch oproepen van het doorklinken van een vogelzang, nadat die gedaan is, een vogel die van contentement terugvalt op zijn eigen schoonheid en zichzelf vergeet, hoe schoon kunt ge het verzinnen?

Maar Petrarca moet niet onderdoen: het troost vinden in de lucht (sic) waar Laura zich in bewoog, terwijl zijn ledematen zich van de plaats weg verderslepen en dat tegen de achtergrond van een vogel die vergeet te vliegen van geluk in diezelfde lucht…

Maar neen dus, dat klopt niet! Er is geen lucht bij Bertrand! de lucht is echter een dermate onmisbare brug tussen de twee teksten dat zelfs een geoefend commentator als die Indiana Mark lucht ‘inleest’ in de netjes achterwege gelaten Betrandstrofe!
Eigenlijk is dat een fout die Mark Musa tot eer strekt, want hij leeft zich als commentator dusdanig in in de associaties van Petrarca, dat hij diens opgewekte illusie van een tastbare en troostende lucht mee wil overbrengen op de argeloze Anglolezer

Dit maar om effen aan te tonen dat de meest krachtige ‘beelden’ in de lyriek misschien eerder te zoeken zijn in de door woorden herhaalde beweging van een beschreven ‘beeld’ dan in spetterend expressief-visuele trukendozen.
Er staat dan misschien wel wat discursiefs te rammelen bijwijlen, maar er staat niet wat er staat, wat er staat is slechts een woordenleiding, een traject voor de muziek en de beweging…

inhoudelijke NL vertaling

Ik keer mij achterwaarts bij  elke pas
met het vermoeide lichaam dat ik met veel last draag,
en vind dan van uw lucht de troost,
die het doet verder gaan zeggende: “Ach ik, helaas! ”

Denk ik dan aan het  zoete goed dat ik achterliet
aan de lange weg en mijn korte leven
dan stop ik het huilen verbijsterd en  bleek,
en met de ogen in tranen naar beneden gericht.

Soms  overweldigt mij midden de ‘trieste tranen
een twijfeling: hoe kunnen  deze leden
ver verwijderd van hun geest nog leven?

Maar Amor antwoordt mij dan: “Herinner jij je niet
dat dit het voorrecht is der  geliefden,
bevrijd te zijn van elk’ humane kwaliteit?”

 

boek van de dag

het boek van de dag is de uitgave van 1905 door Carl Appel van de volledige werken van Bernart de Ventadorn, troubadour. Ik zou zeggen gered van de mogelijk misdadige impulsen van een zwaar gedragsgestoorde amerikaanse president, maar ja: google zit ook in amerika en wordpress ook dus als u het niet bijhoudt, bewaart, is ’t misschien toch weg subiet maar ja bon soit luister ’s hier welaan dan weg is weg hè en het zal ons worst wezen zolang we maar naar den aldi kunnen gaan is ’t al lang goed…

de liederen van Bertrant ed. Carl Appel 1905 pdf van ong. 30mb

de tekstbezorging van onze vriend Appel, evenwel, dient u met de nodige voorzichtigheid te benaderen. Appel heeft niet Bertrant de Ventadorn’s teksten maar de ‘Hoofse Lyriek’ van Bertrant bijeen gepuzzeld. Een beetje zoals men nu overal ‘Poëzie’ wil schrijven en ‘Dichter’ spelen. Eigen woorden eerst dus en alles behalve gegrond op het verleden, ontdaan van zijn ‘alternatieve feiten’.

Als ’t maar schoon is, hoor ik u al zeggen. Tja. Ja.
De Nederlandsche Letteren zijn op ontzettend korte tijd enorm euh, ‘schoon’ geworden, da’s een feit dat juste is! Amai nie!

Blader anders, want die wormstekige Appeltekst betreft, efkens hierin, om u een idee te geven: Desiring discourse ofte de zure Appel

 

2 dagsluitingen (tiretten)

1

daar al de mengeldemangel
de meerenmeermottige
moezelmelopeekens

roepen u
roepen mij
roepen de ri de ru
de rui de ree
de ra de deurmoetoe

2

mafam kwakonendieze el ebel
mafam joadedjukmisaarfel

karmafam kwakonendieze
kwakonendieze el ebel

komla e komtel

Bewaren

Tulkens van de dag


tulkens_wommersom

Julia Tulkens

Het naadren van de avond komt mijn wangen rozer malen
en doet een leeuwrik zingen in het hart, dat u verbeidt.
Ik vouw mijn bleke handen als een tere, vlezen schale
op mijn bevruchte schoot, waarin g’ uw liefde hebt geleid.

En in mijn warme flanken voel ik stil uw kind bewegen.
Een zwoele, troeble vreugde maakt mijn jonge leden lam.
ik voel uw mannenmacht zo al-verterend op mij wegen
en huiver van geluk als een door wind gewekte vlam.

Het naadren van uw stappen komt mijn handen weer ontvouwen
en feller klopt het bloed, dat stadig onze liefde voedt.
Gij weet het niet, o man, dat wijl ik u in d’ ogen schouwe,
een andre liefde in mij me dubbel van u houden doet.

Julia Tulkens
Uit de cyclus: Liederen voor de man

witregels

beweging van de dag

witregels

ontluiken2

de beweging van de dag is het ontluiken.

witregels

Lexicografisch materiaal

Oud-Nederlands Woordenboek

de oudste attestatie van het Oud-Nederlandse ‘antlūkan’ dateert van de 10de eeuw.
qua cognaten heb je ’t Oud-Fries voor sluiten lūka

1. Openen, ontsluiten.
1.2. (Iemand) de ogen openen, inzicht geven.

Middel-Nederlands Woordenboek

(-luiken), st. ww. trans. en wederk. Mhd. entlûchen; mnd. entluken; ndl. ontluiken (Ndl. Wdb. 10, 1906). Gewoner dan ontluken is ontpluken; z. ald.

I.  Trans.
1.  Ontsluiten (verouderd ook ontluiken, Ndl. Wdb.), openen, van iets dat gesloten is. Teuth. ontluycken, verw. naar apenen (openen). Kil. ontluycken, aperire. Voc. Cop. ontluyken, adaperire.
2.  Eene opening maken in iets, een gat in iets maken.
3.  Eene ruimte openen of openstellen, een sluitboom of slagboom er van verwijderen. Voc. Cop. ontluken, desepire, dissepire (ook Kil.); ontloken, disseptus. — Hiertoe behoort ook OVl. Lied. 365, 5: “ic ghere uwen mont te cussen ende voorts tontluucken u armkens blanc” (16de eeuw).
4.  Uitspreiden, ontplooien, ontvouwen. Dit kan bedoeld zijn met Kil. ontluycken, expandere (doch ook het intr., ndl. ontluiken; vgl. Plant. de rose ontluyckt, expandit rosa).
5.  Ontvouwen, in overdrachtelijken zin, bekend maken, openbaren. Vooral van getuigenissen. Zie Stallaert 2, 285. Zoo nog in de 17de eeuw (Ndl. Wdb. 10, 1907).
Van Christus, in het pass., geopenbaard worden in het vleesch.
Aanm.
Brugm. 2, 151: “dat hemelrijc ende aertrijck noyt en conste ontluycken, dat sal een suyver maghet reyn in haren lichaem sluyten”  , leze men met Moll omluycken, d. i. omsluiten, omvatten. Vgl. ommeluken.
II.  Wederk. Hem ontluken.
Zich openen. Het wederk. ww. zal ongetwijfeld in verschillende opvattingen in het Mnl. in gebruik zijn geweest, want daaruit heeft zich het intr. ontluiken in zijne verschillende beteekenissen ontwikkeld (Plant., Ndl. Wdb.), doch het is slechts gevonden in den zin van zich openen, uiteengaan, gezegd van aaneengesloten gelederen.

ontluiken1

witregels

Woordenboek van de Nederlandse Taal

bedr., wederk en onz. st. ww. Van Luiken met Ont- in de bet. B, 3, a). Ontsluiten.
I.  Bedr.

1.  Eigenlijk.

Ghy Predicanten ontluyckt u monden,   A. BIJNS 1, 50  (ed. 1646).
Die Vorst heeft op het lest sijn lippen dan ontloken,   CATS 2, 488 b [1655].
Met ermen wijd ontloken,   HOFFERUS 41.
Ontluickt ze dan den mont, nu stom en zonder spreecken,
Hoe zalze ’t hart van Mars niet morselen en breecken.

  VONDEL 7, 15 [1670].

Den Hemel is gheweest om u ontloken.

  Z. Nacht. 2, 37.

—  Van bloemen, die haar kelk openen.

Ick ben een roos, die eerst haer knop ontluyckt,   CATS 1, 457 b [1629].
Een schoone Roos, die inde doornen struycken Op haeren groenen steel heur bladen gaet ontluycken,   VONDEL 1, 147 [1613].
Dan is een roosjen best en op zijn eelst gepluykt,
Als ’t uyt zijn knopjen eerst zijn bladertjes ontluykt.

  KRUL, P. W. 1, 14.

En naauwlijks heeft een bloem zijn morgenknop ontloken,
Of de eerste stormwind blaast en werpt heur bladers af.

  BILD. 11, 49 [1808].

2.  Figuurlijk.

Meest comt onmaticheid meestellik eerst bestoken, Als hem het Avontuur haar ghaven heeft ontloken,   SPIEGHEL, Hertsp. 6, 214.
Voorwaer soo gy uw geest maer eens ontluycken wilt, enz.,   CATS 2, 195 a [1635].

3.  Overdrachtelijk. Uiteenzetten, duidelijk maken; thans verouderd.

Ick sal’t u ontluycken,   COORNHERT 1, 400 d [c. 1570].
Op dat ick zonder nijt myn redens mach ontluycken,   HOOFT, Ged. 2, 81 [c. 1600].
Den stercken Milon hier een yeder wil ontluycken,
Dat elck verhoeden zal zijn gaven te misbruycken.

  VONDEL 1, 272 [1613].

II.  Wederk. — Zich ontsluiten, zich openbaren.

’t Is best dat yder meent, dat hem de sonneschijn
Die heden sich ontluyckt wel lest sou mogen zijn.

  CATS 1, 194 a [1620].

III.  Onz.

1.  Eigenlijk. Van bloemen, die haar kelk openen: zich ontsluiten.

Hoe versch en schoon een knop ontluyckt, het tweede ghezicht zal zijn prijs verminderen,   DE BRUNE, Bank. 2, 248 [1658].
De handel was daar (in Italië) als bij ons, de weelderige boom, waar de kunst als eene sierlijke bloem op ontlook,   ROOSES, Antw. Schildersch. 132.
Er (zijn) bloemen …, die … des nachts ontluiken,   OUDEMANS, Leerb. d. Plantenk. 1, 798.
Soo haest een roos ontluyckt, en toont haer rijcke gaven,
Flucks zijn de byen daer om hen te mogen laven.

  CATS 2, 181 a [1635].

—  In vrijer gebruik.

Lenten doet het Landt ontluycken
Dat de koude Winter sluyt.

  COSTER, Ithys 24 [ed. 1643].

2.  Overdrachtelijk, bij vergelijking met bloemen.

a.  Van personen en hunne jeugd.

De zoetste Lent van Uw ontloken jaren,   KRUL, P. W. 1, 12.
Een … ontloken jongen,   BERKHEY, N.H. 4, 2, 169 [1805].
Want na de jonge Vorst haer voor sijn liefste koos,
Ontlook haer gulle jeugt gelijck een versche Roos.

  CATS 2, 129 a [1635].

Sidonia ontloock, gelijck een weereltswonder:
Zy ging in roozen op: nu gaetze in tranen onder.

  VONDEL 3, 750 [1640].

b.  Van het hart: opengaan, vroolijk worden.

Desen wijn … Drinckt hem, u hert zal daer af ontluycken,   Rotterd. Spelen v. Sinne, 241.

c.  Van aandoeningen: zich ontwikkelen, ontstaan.

Een treeckjen doet meer lust in mijn gemoedt ontluicken,   HOOFT, Ged. 1, 84 [1608].
Ik zag die deugden in het jeugdig hart ontluiken,   DA COSTA 1, 149 [1821].

d.  Van het licht: aanbreken; dichterlijk.

O Zonnegod! … Doe haast den dag der wraak aan deze kim ontluiken,   DA COSTA 1, 268 [1819].

—  Zelfs van de sterren.

So veel men oit ’s nagts sterren ziet ontloken,   DE GROOT, Nederd. Ged. 244.

witregels

gignogram & gignomenologische aantekeningen

gignogram_ontluiken

gignogram van  “ontluiken”

dv 2017 – ink & water color, A6

  • het semantische veld van ‘ontluiken’ is binnen de metamorfosen een hysteresis met een vrij brede duurfasering
  • de metamorfose is van een intensiviteitsaccumulatieve stasis zonder grensdynamiek via een grenspenetratie naar een langdurig ongelimiteerde groei
  • in de groei is er een duidelijke fasering van de aanvankelijke post-hysteresis (pH) resulterende in een relaxerende mini-regressie R naar de eigenlijke groei G (zie gignogram).
    de staande hypothese [citaat vereist] is dat de waargenomen regressie een gevolg is van de benodigde tijdsrek voor de explicatie (uitvouw) van het voorheen belemmerde in de vrije ruimte, los van de gepenetreerde begrenzing, terwijl uiteraard in een eerder stadium de belemmering een groeibevorderende intensiviteitsaccumulatie in stand hield.in dat geval, zo wordt er in radicale anti-veganistische kringen gefluisterd, zou er sprake kunnen zijn van een minimaal reflexief moment binnen het entropie-eiland
    van de ontluikingsregressie, een vorm van plantenbewustzijn dus

 

 

.witregels

Gignopedie

ontluiken

in het prangen
wrijft het dringen
de omhelzing open

die te knellend is, & drukt & breekt
de leegte aan waarin de ruimte
wordt ontvouwen, zuchtend.

zo herinnert zich de bloei
het prangen & de bloei

als licht
in nachtblauw open-
flitsend.

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

haikoe van de dag


 

restantimg_0947

 

witregels
wat

wat blijft is geen rest.
wat rest is het gebeuren.
wat is gebeuren.

witregels

plan van de dag

zondagen zijn ideale dagen om plannen te maken. ’s zondags ’s morgens al worden we wakker met het gevoel van waw, een hele zondag, wat gaan we wel niet doen vandaag! een nieuwe week lacht ons weer toe ook, waarin alles weer mogelijk lijkt, zolang we maar een goed plan hebben! vasthouden die illusie, want dat gevoel komt het uitwerken van een degelijk zondagsplan ten goede!

dit zondagsplan betreft het hergebruik, de recyclage van het fenemenologisch onderzoek van Edmund Husserl in de Neo-Kathedraalse Gignomenologie. we willen dat hier graag uitleggen, maar de planexplicatie gaat allicht langer duren dan de zondag en, bovendien, vragen wij ons af of er wel iemand ‘echt’ geïnteresseerd is in de langdurige explicatie van een plan dat men later (zie hogerop) toch in zijn uitvoering kan volgen, want

  • elk Neo-Kathedraals Hergebuik wordt per definitie live uitgezonden via deze kanalen
  • de huidig kathedraalauteur is niet bepaald gekend als iemand die ingaat op suggesties van anderen, tenzij het om aantrekkelijke anderen van de andere sekse gaat en de suggestie in kwestie  woorden als ‘naar’, ‘boven’, ‘efkens’, slaapkamer’ of ‘postzegelverzameling’ bevat
  • wilt u echt een paginalange kritiek op Husserl’s Prolegomena, zijn weerlegging van het 19de eeuwse psychologisme lezen, die vertrekt en besluit met de bewering dat die kritiek er sowieso niet toe doet, omdat de bekritiseerde misvatting de facto geen enkele invloed heeft op het Hergebruik zelf? daar moet je toch hardcore necrofiel Derridagroupie voor zijn om zoiets te willen lezen, niet?

dus, bon, enfin soit, luister ’s hier:  indien u toch die planexplicatie wil, bezorg de kathedraalauteur dan tijdig een lijst van minimaal 10 mensen (naam + mailadres) die dat ook graag zouden lezen, & hij zal volgaarne uw wens inwilligen…

tot zover het zondagsplan, een plan van de dag™.

witregels

l van de dag


lvddag

 

“l van de dag”

dv 2017, ink & bister on paper, >A4

haikoe van de dag


haikoewilg

witregels

berk

hoog is uw reiken
uw zuchten naar leegte.
wat ’n hoop kasseien.

witregels

sonnet van de dag


nkdee_altaar_detail_001

dv 2017, foto (detail) van het NKdeE Altaar, van en te het Centrum van het Gekende Universum

uit Ronsard, 'Continuation des Amours' (1555)

LVI

   Amour se vint cacher dans les yeus de Cassandre, 
Comme un tan, qui les boeufs fait mouscher par les bois, 
Puis il choisit un trait sur tous ceus du carquois, 
Qui piquant sçait le mieus dedans les coeurs descendre. 
   Il élongna ses mains, et feit son arc estendre 
En croissant, qui se courbe aus premiers jours du mois, 
Puis me lascha le trait, contre qui le harnois 
D'Achille, ni d'Hector ne se pourroit defendre. 
   Apres qu'il m'eut blessé, en riant s'en volla, 
Et par l'air mon esprit avec lui s'en alla: 
Mais toutefois au coeur me demoura la playe, 
   Laquelle pour neant cent fois le jour j'essaye 
De la vouloir garir, mais tel est son efort 
Que je voy bien qu'il faut que maugré moi je l'aye, 
Et que pour la garir le remede est la mort. 

lexique:
2. tan: taon, NL daas, dazerik.
mouscher:courir, sauter pour se débarrasser d'une mouche
7. harnois: armure complète, NL harnas
11.playe: plaie NL wonde, snee
12. pour néant: en vain, NL vergeefs
13. garir: guérir

varianten:
1-2. 60-87 Amour voulut le corps de cette mouche prendre/
Qui fait courir les boeufs en ésté par les bois
10-14 78-87 mon penser avec lui s'en alla 
Penser, va)t' en au ciel, la terre est trop commune,
Adieu, Amour, adieu, adieu, penser, adieu:
Ny l' un ny l'autre en moy vous n'aurez plus de lieu:
Toujours l' un me maistrise & l' autre m'importune;


snel & mottig vertaald:
    De Liefde kwam zich in de ogen van Cassandra verbergen 
Als een daas, voor wie de koeien het bos in vluchten,
En koos toen uit zijn koker een pijl 
Die zich het beste in harten zou planten en boren
    Hij trok [met] zijn handen, en strekte zijn boog
Al groeiende, die zich kromt de eerste dagen van de maand (ttz de maan)
Dan liet hij los op mij de pijl waartegen het harnas
van Achilles noch Hector hen/mij(?) beschermen kon.
Nadat hiij mij verwond had, vloog hij lachend weg
En nam door de lucht mijn geest met zich mee
In mijn hart evenwel bleef de wonde
Waarvan ik mij 100 maal daags vergeefs poog
te willen genezen, maar zo is zijn kracht
dat ik wel zie dat het is dat ik die ondanks mij heb
en dat de genezing ervan de dood is.

noten:
daas: de daas komt wel meer voor in de Klassieken, 
maar heel de passage is bijna letterlijk overgenomen 
uit het derde boek van Apollonius' Argonautenepos
(ll. 275-298) Meantime Eros passed unseen through the grey mist, 
causing confusion, as when against grazing heifers rises the gadfly, 
which oxherds call the breese. And quickly beneath the lintel in 
the porch he strung his bow and took from the quiver an arrow 
unshot before, messenger of pain. And with swift feet unmarked
 he passed the threshold and keenly glanced around; and gliding
 close by Aeson's son he laid the arrow-notch on the cord in the
 centre, and drawing wide apart with both hands he shot at Medea;
 and speechless amazement seized her soul. 
De daaropvolgende beschrijving van Medea die verteert wordt
door de vlammen van de liefde is, euh, nogal plastisch en rijk aan innuendo
(zie http://www.gutenberg.org/files/830/830-h/830-h.htm#link2H_4_0005)


wit

recept van de dag

Neo-Kathedraalse Vissoep

noot: het zal de fidele Kathedraalganger geen verrassing zijn dat alle recepten van de Neo-Kathedraalse Receptuur afvalgerechten zijn. De Kathedraal is nu eenmaal opgebouwd uit afval, het enige wat een Kathedraalauteur doet is een gecompliceerde vorm van Afvalverwerking

noot (2): in het recept hieronder gaat ge bij de benodigdheden, verwijzingen vinden naar andere recepten uit de Receptuur die nog niet zijn vrijgegeven. we begrijpen natuurlijk dat ge geen resten van Mosselen op Neo-Kathedraalse Wijze kunt hebben als ge nog niet weet hoe ge dat moet maken, maar bon, hier gelden de Uitgebreide Spreuken van Grettir: alles op zijn tijd, hé en: gene paniek! en vooral: trekt uwe plan dan hè, menneke.

benodigdheden

  • wat rest van de Mosselen op Neo-Kathedraalse Wijze van gisteren. als ge gisteren geen mosselen hebt gegeten zijn de resten van de Zalm met Mosselgroenten van de Vrouw ook goed
  • goe veel ajuin
  • goe wa verse look
  • een half zakske reuzegarnalen van den Aldi
  • twee pangasusfilets (voordat diene vis ook uitgestorven is)
  • een zakske soepgroenten van den Aldi
  • 1 kilo tomaten
  • een dooske verse spaghettigroenten van de Spar
  • wat ge nog staan hebt van blikgroenten van uw OCMW voedselpakketten
  • Neo-Kathedraalse Kruidenmix Lekker en Goed voor uw Potentie ™ te koop bij de Auteur van de Kathedraal
  • geen gezaag aan uw oren

bereiding

dag 1 (een Neo-Kathedraalse Visfond maken):

  • haal de resterende mosselschelpen uit de mosselsoep (tenzij dat ge kalktekort hebt, dan kunt ge die meekoken)
  • snij de ajuin en de look in stukskens (gedenk de wijze woorden van Peter de Grijze: ‘hoe fijner ge snijdt, hoe fijner de smaak’)
  • zet de Peter zijn gezaag maar rap af
  • kieper de ajuin, de look, de soepgroenten, de mosselresten en de pangasusfilets in uwe grote soeppot (den ajuin in uw mosselresten is al aangestoofd hè slimmeke)
  • voeg een paar liter water toe en goed kruiden met Neo-Kathedraalse Kruidenmix Lekker en Goed voor uw Potentie ™
  • laat minstens een uur pruttelen op een zacht vuurtje
  • prult nog ewa en ga slapen

dag 2:

  • snij de tomaten (gedenk de wijze etc.)
  • eigenlijk is deez voor het recept van de dag van morgen maar omdat het gisteren zo’n soep was zullen we dit deel ook nu al geven
  • giet uw doorpruttelde soep van gisteren door een vergiet
  • druk in het vergiet de pulp van groenten en vis goed plat dat ge zoveel mogelijk vocht recupereert
  • ge hebt de Peter zijn gezaag nog niet afgezet
  • spoelt uwe soeppot ewa uit ( nie afwassen met product hè, krijgt ge nog nie genoeg vergif binnen misschien?)
  • breng de Neo-Kathedraalse visfond samen met de spaghettigroenten van de Spar en de tomaten aan de kook en laat tien minuten goed doorkoken
  • voeg dan de halve zak reuzegarnalen van den Aldi toe en laat dat nog ewa napruttelen
  • wacht efkens of ge verbrandt uw tong nog
wit

boutade van de dag:

laat ons generatieve ‘kunst’ definiëren als  machinaal (algoritmisch) gemaakte werken (muziek, grafiek, literatuur en alle andere vormen van menselijke expressiviteit die in onze diverse culturen als ‘kunst’ gewaardeerd worden) met een verminderde, minimale of totaal afwezige humane auteursfunctie

van generatieve ‘kunst’ moet je geen aangename prenten, leuke deuntjes en sonnetten van Shakespeare verwachten. da’s nonsens.

dat is alsof een vogel ons kwam vragen, hela, jullie kunnen wat, maak mij ’s vlug een kwetterzang waarvoor elk vogelvrouwtje in het diepe vogelbos in halfzwijm mijn nest komt binnengefladderd.

machinaal gegenereerd materiaal heeft een machinaal karakter. Het wordt ‘esthetisch’ gekleurd (kan een esthetische respons opwekken) in de mate dat onze esthetiek zich heeft aangepast aan de ‘naakte’ machinaliteit zoals we die in het dagelijkse leven zien, horen, lezen, ervaren.

het is aan de klassiek-humane ‘kunst’ om aan die ontvankelijkheid te werken. of die te bestrijden. of whatever.
het is aan de generatieve kunsten om verder te evolueren, aan de machine om ‘haar gedacht te zeggen’.

allez vooruit

wit

aankondiging van de dag:
(aan alle boekuitgevers in Vlaanderen en Nederland)

ik wil dit jaar een boekske uitgegeven hebben.
samen met CB. een CBDV boekske dus

het heet “verval” en bestaat uit 10 gedichten van 14 regels en een proloog, eveneens van 14 regels van mij DV en 10 reproducties van schilderijen van CB.
d’r mag niks op de cover staan buiten de titel, ‘dirk vekemans’ als auteur en onder de titel ‘geïllustreerd door catherine buyle’ en uw logo/naam.
en op de achterkant zo’n barcodespul om het die onderbetaalde kassiersters niet te moeilijk te maken.
verval’ in ’t donkerrood en de rest zwart en de achtergrond helemaal wit.

degene(n) met het beste voorstel mag het doen, maar ’t moet voor ’t eind van 2017 in de winkel liggen hè.

allez vooruit

aja: stuur uw voorstel vóór 1/05/2017 naar dirkvekemans@yahoo.com. discretie verzekerd – u krijgt bericht voor 15/05/2017. succes!

Bewaren

recept haakt af


recept van de dag

het recept van de dag van gisteren is naar eigen zeggen ‘niet te spreken over het uitblijven van enige reactie op de nochtans eenvoudige vraag die het had gesteld’ en verklaarde verontwaardigd ‘maakt uw soep dan zelf hè‘.

witregels

haikoe van de dagwitregels

drukte

witregelsdrukte

de zon doet moeilijk.
het hout wil dat oog hebben.
heb jij nog honger?witregels

tekening van de dag

rosearab

“de roos roost”

dv 2017, ink & water color on paper, A5witregels

christinkemel van de dag

‘Christinkemels’ zijn een misvattingen ivm. het schrift zoals die aan de kaak werden gesteld door wijlen Schriftgeleerde Anne-Marie Christin, wiens werk 1000 keer meer aandacht verdient dan het krijgt.

er zijn, zo heb ik tot dusver kunnen onderscheiden (Christin was geniaal, maar haar Frans is euh, soms een beetje raar, maar dat zal wel aan mij liggen):

  • kemels vanuit het logocentrisme: foute gedachten die voortspruiten uit het verkeerdelijk toewijzen van de basis van elk schrift aan het woord als lexicale eenheid (ik heb net een extra kwak Derridaboeken in huis gehaald om het tegendeel te kunnen aanwijzen, maar ik vrees een beetje dat aan de sappige tekstbrokken van mijn geliefde Fransche Meester enig logocentrisme niet vreemd is…)
  •  kemels over de vermeende fonologische monovalentie van het grieks-romeinse alfabet, dwz; dat één letter overeenstemt met één semantisch geladen klank (en omgekeerd) binnen een taal
  • kemels over de pictorale ruimte, die gaat vooraf aan de beschreven ruimte en een besef daarvan is de sine qua non van elk schriftsysteem
  • kemels over de als vanzelfsprekend ervaren superioriteit van ons alfabet als schrijfsysteem. ons alfabet is het toppunt van de evolutie, zoals de mens de schepping bekroont…

als oefening kunt ge de Christinkemel zoeken in deze roemruchte publicatie van de sheriff van de mediatiek, Marshall McLuhan:

War-and-Peace-in-the-Global-Village.pdf

zij die de kemel vinden zullen Spinoza heten!

Bewaren

haikoe van de dag


ontsnapping

wit

zes

zesbladige ster,
zes draadjes solferkop:
alles is zo ver.

wit

boutade van de dag

in de literatuur, de fictieve abstractie van alle literaire activiteiten en hun restanten, is er geen progressie mogelijk. spreken van avant-garde in de literatuur is dan ook een beetje heel erg grote nonsens. het is een wat de literatuur betreft hoogst ontoepasselijke en dus lelijke metafoor.

van alle vogeltjes in hun nestje hinase ick ende thu tot het afdraaien van de kleine revolutie zijn de Nederlandse Letteren geen ene stap verder gekomen. er is niets dat we nu kunnen doen dat we niet konden doen pakweg 10 eeuwen geleden dankzij de Nederlandse Letteren. langer zeveren misschien, maar bon…

in de exacte wetenschap is de vooruitgang denkbaar. dankzij de vooruitgang  in de wetenschap kunnen we nu naar de maan vliegen. ik mag u in de meest hoogstaande, verfijnde lyriek naar de Mare Tranquilitatis verwensen, daarmede gaat gij op de maan niet geraken…
de wetenschap heeft al lang het punt overschreden waarop haar vooruitgang nog louter menselijk te vatten is. hoe briljant die ook is, je laat je best niet door een kernfysicus opereren. gelukkig wordt het dagelijks aangroeiende geheel van onze wetenschappelijke kennis op verifieerbare wijze grotendeels bijgehouden op machinische wijze.

de wetenschap gaat onmiskenbaar vooruit maar verlaat ons…

vooruitgang is voor de literatuur ook niet wenselijk, misschien. want dan zou het literaire zichzelf als terrein van menselijke expressie, voorbij hollen.

er is wel voortgang in de ons omringende literatuur. uiteraard. niemand gaat graag achteruit, zeker literaire auteurs niet want die zijn al verworden tot paria aan de zelfkant van onze apartleving.

de literatuur  dat is literaire praktijk, een activiteit. het geheel van die activiteiten vormt een groeisel en dat groeisel groeit gestaag door. op die manier verplaatst de literatuur voortdurend het door haar ‘verlichte’ terrein. de regio in het expressieveld waar we dankzij de huidige literatuur klaar kunnen zien. het ‘expressieveld’ van de literatuur is wat begrepen wordt door het geschrevene. de ‘huidige’ literatuur is alles wat we nog onthouden hebben van onze recente lezingen en hoe dat verder in ons bewustzijn is verwikkeld.

literatuur is nieuws dat nieuws blijft (Ezra Pound).

uit de definitie van ‘huidige literatuur’ is duidelijk af te leiden dat het uitdelen van literaire prijzen ook weer een beetje heel erg grote nonsens is. hoe kan een jury nu bepalen wat het ‘beste’ is in de huidige literatuur? weet die wat u & ik gelezen hebben dan? & hebben ze dat dan ook nog ’s beter onthouden?

wit

tekening van de dag

kukmalscherf

“dansende aansporing in een moffenveld”

dv 2017, inkt & water colour on paper, A6

wit

recept van de dag

het recept van de dag is het recept voor neo-kathedraalse vissoep.
voor we beginnen: het recept van de dag heeft een vraag voor u:

(het recept van de dag kan niet doorgaan zonder uw antwoord)

wit

muzikaal moment van de dag

het muzikaal moment van de dag is ‘Met Marsman in de Wei’
nummer 2 uit het Album ‘Marsmaniak Rules!’ van Marsmaniak

wit

boek van de dag

het boek van de dag is The ABC of Reading van Ezra Pound (1934):
ezra_pound-abc_of_reading.pdf (3848 kb)

het lamentabel korte lemma Ezra Pound op Wikipedia NL

(als ge dan toch zo graag voor de leut vertaald uit Tengels, vertaal  dan  ‘tdeez nekeer mss?)

 

wit

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

het lichaam half in weerzin al


el_img_0927

dv 2017 – Nele in L-pose – http://nele.nu

het lichaam half in weerzin al
& toch het stromen volgende
der ellenlange lussen l
die om & om haar leden gaan.

langzaam weker wordt het zelf
dat van zelf de afschuw wordt.
elk ideaal is bindende lianen, is
lijnen die haar vlak niet wil.

het verzet van haar gebeente
beeldt het lichaam liever uit
netjes naast de lust geplaatst
waarmee de ogen haar bekleden.

laat mij lijf zijn vrij in ’t luide lachen
van mijn leven, in ’t lijden ook &
in’t gegiechel tussen lakens.
maar niet uw vleselijke beven.

Bewaren

Bewaren