stopsel: kabaal in het ksi-veld


wat is stopsel?

stopsel  kadert  in de ontwikkeling van een geheel van algoritmische versopbouwmethodes die moet leiden tot een vorm van Extended Writing: literaire schriftuur uitgebreid met programmatuur.

de functie  stopsel () gaat een reeks anagrammen/variaties aanmaken op/van woorden met prominente betekenaars, markante fonemen in het Nederlands,  wat wij kortweg een ‘probeet’ zullen noemen.

we gebruiken bewust dit vage ‘probeet’-begrip van ‘prominente betekenaars, markante fonemen’  zonder een statistische onderbouwing daarvoor, (zie verder bij ‘methode’ voor die keuze)

Een probeet is dus gewoon een ‘ongebruikelijke’ foneemcombinatie. Het betreft vaak fonemen uit leenwoorden vb: eindigt op medeklinker +s: ks – ps – ts – bs – ds – fs – in hun diverse stadia van verbastering

We merken dat we deze probeten kunnen  gebruiken als ritmische recursie van wat een  ‘medeklinker’ in de klankstroom van de vocalen doet: de varianten zetten een ritmische frase in werking die zowel bij lezing als bij de schriftuur wordt ervaren als ‘treffend afgesloten’ met het invoerwoord.

Met ‘recursie’ bedoelen we hier het herhalen van een soortgelijke functie in een analoog veld.

formeel

de functie stopsel()  produceert een concatenatie van consonantenanagrammen (met verwaarlozing van de stemhebbend-stemloos fonologie) die in een bepaald aantal stappen afloopt met het woord eindigend op de probeet.

voorbeelden:

stopsel ("ks", 6, "r") => "zeker keert  kers reken  keren reeks"
stopsel ("ts", 6, "p", "l") => "platen stapel slapte balen lappen plaats"
stopsel ("ts", 6, "g", "l") => "spiegel glippen plegen pikken pegel  gips"

merk op:

  • een consonantenanagram is een (kabbalistisch) anagram waarbij enkel met de medeklinkers rekening wordt gehouden vb.: ‘rok’ is een consonantenanagram van ‘kar’.
  • de consonantenanagramfunctie in stopsel houdt als disruptief surplus geen rekening met het verschil tussen stemhebbende en stemloze fonemen vb.: ‘zak’ is ook een stopselconsonantenanagram van ‘kus’
  • de stopselfunctie 3 tot 4 argumenten heeft in vaste volgorde: de probeet, het aantal stappen (variaties, consonantische anagrammen), 1 tot 2 consonanten
  • de eind-n is een louter orthografisch complicatie en speelt zo een decisieve rol in de lezing (rem op de patroonherkenning)

gebruik van deze functie

  • semantische ‘stopsel’ in horizontale stroom (het vers, zie Leftwich)
  • formeel bindmiddel in de verticale stroom (alternatief voor rijm)
  • de functie kan dus gebruikt worden als structurele leidraad bij de ritmische opbouw van een vers
  • het attribueren van esthetische kwaliteit aan de output van dergelijke functie kan misschien ooit wel rationeel verklaard worden, maar zulks valt (ver) buiten de scope van dit onderzoek

 

gevolgde methode

kathedraalse mock-up: ‘zachte’, ‘manuele’ algoritmische disruptie , ook wel bekend als het ‘viraal binnenfoefelen van berekening in ’t pierelieren’ of ‘platte kak’

voordelen: 

  • ’t valt nie op, het botst niet, het slikt goed door, het is viraal verantwoord en ’t marcheert
  • het maakt retroactief het intuïtief gebruik van de strategie duidelijk in oude teksten (als we ’t nu maken ziet ge  et later in het verleden overal opduiken (‘zult ge het later zien’ – ’t is een hypothese, maar ge kunt er pap op zeggen)
  • geen echte programmatie nodig, maar ge kunt het wel laten programmeren
  • geen taalkundige verantwoording nodig
  • het gaat traag genoeg: publieksbereik is potentieel groter, dus de programmeerbaarheid wordt evidenter voor meer mensen, het publiek ‘kan volgen’

nadelen: 

  • de disruptie werkt niet of onvoldoende disruptief, het heeft niet de mimetische kwaliteit van ‘harde’ geprogrammeerde ‘taalverrekening’: met mimetisch bedoel ik dat je in de lezing een weergave/opwekking krijgt van het gevoel dat de digitalisering teweegbrengt in de dagdagelijks ervaring. Je  krijgt er niet de abrupte breuk met het klassiek-humane esthetische gevoel mee zoals bv in de Second Life animaties van Sondheim, die wel ‘radicaal’ de output output laat wezen (ik heb het helaas afgeleerd om op die manier ‘radicaal’ te zijn) het botst niet met de design-schijn, de slijm van (rond) de dehumanisering
  • taalkundig onverantwoord, het is niet ‘wetenschappelijk’
  • traag tumult, eeel traag, weinig heisa, maar ja wie heeft er (nog meer) heisa nodig…

 

fuzzy selectiecriteria

  • beperken tot NL, germaanse  ‘stammen’
  • geen lemmas met suffix -s, versteende vervoegingen of verbuigingen
  • geen (herkenbaar) latijn

 

bruno
een kijk in het boek ‘Giordano Bruno and the Geometry of Language‘ van  Arielle Saiber

aanzet tot een INVENTARIS van bruikbare NL stopselwoorden

(afgrijselijk moeizaam met de retrograde functie van de Van Dale soft, maar bon, ’t is wel plezant want ge leert ewa vocabularium bij)

selectie ks vooral >hoogduits

aks - aaks-  straks - laks - taks - heks - 
feeks  - reeks - fiks - niks - 
boks - foks - buks

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.