NATUS ( Ovid. Met. I, 78 e.v.)


I

Gouden kruin, hemeloog,
spiegelende zilverschaal,
bronsbuik en onderaan

de sijpelende brak water-
kraan, loodzwaar op
in de lassen lossende

stellage van sterrenstof :
sic, zo, het, jij, on-ik,
japetmanskunstje,

strompel je land-
inwaarts, stuik je
de eonen in.

II

Kansloos verankerd, tragisch
begint het je dan te dagen.
Kraakscheur, eerst, in het zeil,

vleesrot aan je geplante
klompen, haarklievende ijs-
winden en aan je schenen vuur-

stormen voor de stilte
van de koortsnacht : nacht,
met het zwart tot diep in de nok

en het sluipend verwoestende,
roest uitzaaiend woeden
van de oerberuchte geelzucht.

III

In sidderende repen
bladgoud steekt ’s ochtends
de zon je klamme resten aan.

Verdwaasd, verward, bij voorbaat
moe gesard, knipt ook de aarde
het je in wel duizend ogen toe.

Driemaal rinkelt dan schel
van lucht doortrillend heil
het lang verwachte belletje.

Op de zeeën der ideeën kan
jij voortaan als praatpiraat
lopend op de planken staan.

natus
dv 2018 – “natus” –  bister, crayon, pastel – A4 – €25
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.