22B25


van de instortende gangen. een rookpluim siert
de heuvel (het gevederde hoofd), dwarsbalken
branden, een hand tekent een M in het roet 
en valt stil. ‘kom, de zee wacht op ons.’

(de nacht deint op de nachten in haar ogen, er
zitten vele werelden in, haar  ranke lichaam is
een doorsnede, kaart van het Al, versie 2).

slaat over in brullen, schreeuwen, snikken. pal
boven zijn hoofd, op het einde van de hellende
straat, staat de maan, schildert hem af, zwart
op de keien, hobbelende  neergang, een duwtje

volstond. briefjes van 50 wapperen weg.  de kraaien.
dode arbeid, de geur van urine. hoe grootser nu
je sterven, hoe groter toen je aandeel was.
 de tijd

is de eenheid van plaats en handeling, meet het
onvermogen. haar vuur brandt in je vingers.


dv 2018 – ‘inept for writing: x” – ink/bister -A4

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.