Harusmuze #396

22B81a

396 – wie anderen bestrijdt, gelooft zichzelf niet

hexagram 11 (tài)“Doordringen”

invoer

https://dirkvekemans.com/2018/08/08/harusmuze-52-reconstructie/

commentaar

wanneer Herakleitos Pythagoras of (morgen) Homeros aanvalt, zal hij daarvoor zijn redenen wel gehad hebben. het valt moeilijk uit te maken wat precies die reden moet zijn geweest, het enige wat wij met zekerheid daarover nog kunnen achterhalen, is dat hij het nodig vond.

wanneer je het nodig vindt om de mening van anderen te bestrijden, geloof je niet in de kracht van je eigen betoog, denk je dat dat van iemand anders meer mensen zal overtuigen en dat men jouw ‘waarheid’ dreigt te gaan vergeten. of is het misschien omdat je dan niet het aanzien krijgt waarop je meent aanspraak te kunnen maken krachtens ‘jouw’ ‘ontdekking’ van die ‘waarheid’? gaat die andere met alle mooie mannen/vrouwen/engelen aan de haal?

de Harusmuze inviteert jou om daarover ’s na te denken voor je weer van leer trekt tegen al die imbecielen om je heen, die “maar niet willen snappen waar het hier in feite om gaat, dedju!”

de Harusmuze zegt niet dat het verkeerd is om de meningen van anderen te bestrijden, elkaar begrijpen begint met de verschillen in mening te erkennen en daarover te willen praten. de Harusmuze zegt enkel dat er voor elke invectieve actie een reden is die niet bij de ander ligt maar in jouw eigen ‘logosbesloten zit, in de eigen denkgewoontes, de gedachtegang die jij als ‘waar’ ervaart en die je derhalve ook met de intimiteit van je ‘ik’ hebt bekleed. als je aanvalt, heb jij (of jouw ‘project’) het nodig, dat er (elders) vernietigd wordt.

rest nog goed te zien wanneer een ‘evidente’ aanval wel degelijk een aanval is, en wanneer niet, enerzijds, en anderzijds wanneer een schijnbaar ‘zuiver’ betoog toch een verdoken vorm van aanval blijkt te zijn en de vele combinaties of verder rottende recursies van dat al-dan-niet-spelletje, dat helaas ook eigen is aan de menselijke communicatie.

elke betoog, hoe strikt rationeel ook, vertrekt (uiteindelijk) van een reële emotionele nood, anders zou het betoog geen energie hebben, zou het niet ‘uitgesproken’ raken. de steen zwijgt omdat een steen geen gelijk nodig heeft om steen te zijn.

deze aanval van Herakleitos tegen Pythagoras (“’t is de meester van de oplichters'”) wil wel degelijk een aanval zijn, denk ik. die van morgen tegen Homeros (‘ hij verdient het om met stokslagen van ’t concours geranseld te worden’ ) is meer een boutade die de verdienste van de ander (als meester-dichter) gebruikt om de eigen woorden kracht bij te zetten.

in andere gevallen zien we dat een schijnbaar invectie-neutraal opgebouwd glansrijk oeuvre dat enkel de eigen logica lijkt te volgen achteraf beschouwd veel weg heeft van een levenslange strijd tegen de positie van 1 specifieke Ander, een Gelijke maar dan één in het andere Kamp. zo zijn er wel wat paartjes te noemen in de creatieve geschiedenis. ik denk spontaan aan Shostakovich en Stalin, maar u kent er ongetwijfeld betere voorbeelden van…

scève

Le laboureur de sueur tout remply
A son repos sur le soir se retire:
Le Pelerin, son voyage accomply, 
Retourne en paix, & vers sa maison tire.
Et toy, ô Rhosne, en fureur, & grand’ ire
Tu viens courant des Alpes roidement
Vers celle là, qui t’attend froidement,
Pour en son sein tant doulx te recevoir.
Et moy suant a ma fin grandement,
Ne puis ne paix, ne repos d’elle avoir.

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.