LAIS XLVI

Er valt een venster uit het niets voor haar.
Zij staat er beeldig in gekaderd, mooi,
alsof er verder niets te zien was daar.
Dauw die parelt op het gouden haar, tooi
op wat geen man versieren kan, te mooi.
Niets is er aan toe te voegen, geen zin
die leest zoals zij schijnen kan. ’t Begin,
angstvallig, groeide uit leed, onleesbaar
eerst verschijnt het, een web, een prooi erin,
de tijd spint in en zie: LAIS is klaar.

dv 2019 – A.L. van LAIS XLVI

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.