Harusmuze #428

22B114

428 – het gebeuren vereenzelvigt zich met haar personificaties

hexagram 49 (gé), “Afstropen”

invoer

https://dirkvekemans.com/2018/07/07/harusmuze-20/

commentaar

dat het gebeuren een ‘gemeenschap van onverschil’ is (zie Harusmuze #427) zegt in technische zijnstaal, op een ontologische manier hetzelfde als ‘het gebeuren vereenzelvigt zich met haar personificaties’: uiteindelijk kom je ondanks het uiterlijk vertoon van het ‘gebeurlijke’ taalgebruik (‘vereenzelvigen’ en ‘personificaties’ moet je wel lezen als processen, vormen van gebeuren) kom je in het menselijk begrip toch altijd uit op een mortificatie in de taal, een stilleggen van de gedachten tot een virtueel object, waarna ‘voldaan’ het denken verlaten wordt, oplost in gedachteloosheid.

zo is ook het Zijn ontologisch te ‘vatten’ als de identificatie van de differentie, een vernietiging tot het eendere, het entropische rot.
de NKdeE Bewegingsleer markeert de technische term ‘onverschil’ (een ‘geschil’ dat geen ‘verschil’ ‘is’ of veronderstelt) als poort wèg uit de humane dualiteit maar kan er zelf niet doorheen zonder zichzelf op te heffen. De Gignomenologie kan je dan ook in z’n geheel lezen als een poging tot markeren van die poort, een aanwijzing, meer kan het ook niet ‘zijn’ (sic). de beleving van de ondergang is de enige verlossing van de ondergang.

de houding die de Gignomenologie propageert heeft in die zin ook ewa het heroïsme van de Nietzscheaanse amor fati, want de houding is die van een poortwachter die op elk moment beseft ‘slechts ‘poortwachter’ te zijn, duider van het wak in het verschrikkelijk ijzige Zijn waar al het leven gedoemd is gekwantificeerd te worden, ontdaan van elke kwaliteit van de expressie en te sterven en vervolgens te rotten, de eigen voortgang te voederen in een eeuwige terugkeer van die vereenzelvigingsbeweging, de recursieve creatie van het rot.

maar al die poeha vervalt in de concrete beleving waarin enkel een troostend begrip aangewezen is, de tederheid die een bewust en consequent volgehouden gebrek aan geweld is, het begrijpen als omarming in het erbarmen.

scève

Quoy que ce soit, amour, ou jalousie
Si tenamment en ma pensée encrée:
Je crains tousjours par ceste phrenesie,
Qu’en effect d’elle a aultruy trop n’agrée
Chose par temps, & debvoir consacrée
A mon merite en palme de ma gloire.
Car tout ce mal si celément notoire
Par l’aveuglée, & doubteuse asseurance,
A mon besoing se fait de paour victoire
Avecques mort de ma foible esperance.

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.