LAIS LXXXIV

Hier heb je nu, mevrouw, dat ‘het’ ook zelf,
een soort platvis, het vint op het droge.
Sterft het van dorst? Dorst het naar zichzelf?
Zoals wij kreunden, zo ligt het verbogen.
Zoals het liegt, hebben wij gelogen:
nietsontziend, helemaal wij, ik op ik,
elkaar ontkennend tot de laatste snik.
Ontzetting brengt het deze sparteldood
en smeekt het om gena: u geeft geen kik.
‘Het is maar woord’, zegt u, en: ‘Het wil dood’.

invoertekst (2012)

dv2019 – asemische lezing van LAISLXXXIV

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.