LAIS CLIII

Ze zouden zo de toekomst verdrijven,
bannen de kou die hen bevangen zal,
bezweren het nijdige der wijven
de gruwel man, en ’t rotten overal:
  het neemt haar in het donker van de hal
en zij verlicht het, schijnt weer overal.
  Het wordt rivier, en dan haar, en zij wal
van het bestaan, waarin het kan vergaan.
Zacht klinkt er rijm en gezang in het al:
in hem leeft weer voornaam haar goede waan.

invoertekst (2012)

dv 2019 – asemische lezing van LAIS CLIII

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.