over de Lyrische Ruimte

het dogma van het Zijn berust op het axioma van de realiteit van het niet-zijn dat via het eidon-concept bij Plato de systematische uitbouw van de ontologie ofte Zijnsleer mogelijk maakt.
de gevangenis van het lichaam is op die manier een rechtstreeks gevolg van de inventie van het Zijn, omdat de Grot, en het daarin vertoevende lichaam de ultieme realiteit van het eeuwig stabiele Zijnde in de ideeënwereld nooit levend kan bereiken.

die grotshit gaat nu al zo’n 2500 jaar mee, maar we hebben het nu eindelijk uitgekakt, samen evenwel met elk bruikbaar concept van ‘humaniteit’ want heel dat mensbeeld was natuurlijk totaal verwoven met het fallocratische dogma van het Zijn. het feminisme van vorige eeuw verandert daar geen ene iota aan omdat enkel in het zeer recente xenofeminisme heel erg tentatief en uiterst viriel dan nog ‘komaf wordt gemaakt‘ met het ‘parochiale’ humanisme.

want, om het ’s plat sloganesk te zeggen: zonder de fictie van het Zijn zelf radicaal te verwerpen kunt ge dus nooit Plaats maken voor een Haar.
de vrouw is gewoon niet welkom in de arena van het Zijn, ze wordt er hooguit getolereerd op voorwaarde dat ze haar vrouwelijkheid Buiten laat. bij de honden (bitches – teven), letterlijk bijna. want:

het lichaam-ding-dat-gevangen-is is vervolgens ook de basis voor onze meedogenloze distinctiedrift t.o.v. het animale waarvan wij de verrotting zijn, de verzwering met onze vereerde logos, de plaag van de taal als zwaktebod dat wij zo euh ‘succesvol’ ingezet hebben tegen onze degeneratie als diersoort tot klauwloos en ‘intelligent’ kuddedier.
Agamben* heeft onlangs geduid dat de demarkatielijn van het humane-animale als levensvorm IN het animale lichaam wordt getrokken bij Bichat in diens ‘Recherches physiologiques sur la vie et la mort’: eerst via de distinctie tussen het animale-di-dentro (het interne dier) en het socialiserende animale-di-fuori (externe dier) waardoor we onze eigen ‘beestachtigheid’ handig konden localiseren als een binnen dat wij transcenderen, een gedachtebeweging die geheel analoog is met die van het ideologische Zijn bij Plato.

Localisatie als realiteitsproductie, nieuw is het niet (geen schepping zonder Eden, geen god zonder Axis Mundi of Paradijs) maar we moeten blijven beseffen dat elke localisatie sinds Einstein meteen ook een natuurkundige temporalisatie is, een co-ordinatie in de tijd, waardoor de noodzaken van de eschatologie (Big Bang en Zwarte gatenmystiek) zich opdringen als een metafysische vereiste, het eikpunt van de Eeuwige Groei.
tot de ‘oplossing’ van het ontstaan van de GeldRuimte die begin en eindpunten (en en passant ook de Wetenschap zelf) overbodig maakt: Plaats en Tijd zijn Betaalbaar of ze Zijn niet # (het haakje hier is voor o.m. Sloterdijk’s Elitair Cynisme of het Neo-fundamentalisme van Badiou: de talloze varianten van Nostalgische restitutiepogingen van de Zijnsorde die zich in het Gebeuren zonder onderscheid daadwerkelijk vertalen als de neo-liberale crypto-fascistoide Trump-De Wever-Wilders brij ).

Maar toch, die localisatiedrang is voor mij reden genoeg om op zoek te gaan naar het Lyrische alternatief van de ‘Geldige’ Plaats: in de WEEKBLADEN van deze week is daar een begin mee gemaakt door de Lyrische Ruimte te willen onderzoeken:

  • de ruimte van de Dichter bij Rimbaud in diens Enfance (>Illuminations),
  • de interne Ruimte IN de Stem bij Schierbeek, geïllustreerd met een uitvouw en demonstratie van
    • de auditieve gender- en leeftijdsruimte in de stem middels de voice-transformer
    • de zintuiglijke manipulatie van de reële ruimte middels de echokamer op de voice-transformer
    • de projectie van de humane noodzaak aan stem op het verdere Rot (de volstrekt unnuzele robot-knop op de voice-transformer)
  • de verscheurde Ruimte van de fictieve Samenhang in de Taal bij de transmutatieexperimenten (Olchar E. Lindsann con suis). De voordracht daarvan is vandaag ewa uitgesteld, maar Volgende Week lijkt voorlopig nog Betaalbaar…
  • de literair-historische ruimte bij ter Balkt (niet opgenomen in de WEEKBLADEN omdat die tekst uit VUUR (2008) door copyrights de facto onleesbaar wordt/ is geworden (dat laatste als u dit binnen 5 jaar pas leest))

Wordt Vervolgd, dus…
______________________________
*Agamben, Giorgio, L’ aperto : L’ uomo e l’animale.2002 – trad. ‘The Open’, Stanford 2004, §4 Mysterium disiunctionis