LAIS CCXXVIII

Guirlande is de kronkel in heur haar,
spiraal van goud in goud, en haar gelaat
verspreekt zich danig in haar zwijgen daar,
het ogenblik waarin zij leesbaar staat
maar zij van angst Het zich niet lezen laat.
Het ziet haar wel, maar rust in wat het kent.
Het is geen ik, geen vent die langzaam went:
Het is een het waar niets is, niets bestaat.
En zij gebeurt als sluier die verwent
met eeuwigheid die komt, maar dan te laat.

invoertekst (2014)

AS van LAIS CCXXVIII