Barthes over Réquichot (21)

<Barthes-Réquichot (20)Barthes-Réquichot (22)>

// Réquichot Rotbak dag 23 – het behoud primeert

Afbeeldingsresultaat voor Barthes Réquichot

De tekst die Roland Barthes schreef voor de Catalogue Raisonée (La Connaissance – Weber, Brussel 1973) van het oeuvre van Bernard Réquichot is geen betoog of essay uit 1 stuk maar bestaat uit een verzameling autonome bestanddelen, gedachten bij het werk in de tekstuele gedachtenbak gegooid alwaar zij zelf een soort Reliquaire vormen voor de dode auteur.

Op naar de essentie!

bij opbod

Elke esthetiek (maar zo vernietigt men elk idee daarvan) is terug te voeren tot deze vraag: onder welke voorwaarden vindt een werk, een tekst een afnemer? Berustend op een subversie van de handel ontsnapt het werk (ook vandaag niet) aan de handel en het is daarin dat terwijl het radeloos elke betekenis wil uitschakelen het tegelijkertijd toch een zin heeft. Wie koopt er Réquichot op de kunstveiling? Zijn waarde wordt niet beschermd door de traditie, noch door de mode, noch door de avant-garde. Vanuit een zeker oogpunt is zijn werk ‘waardeloos’ (twee stukken in het Museum van Moderne Kunst, waarvan één slechts tentoongesteld). En het is daarom dat het werk een van die plaatsen is waar de ultieme subversie plaatsvindt: van dit werk kan de Geschiedenis niets recupereren buiten zijn eigen crisis.

Franse tekst:

commentaar

kunnen we werkelijk geloven dat Barthes niet wist waarmee hij bezig was op het moment dat hij dit schreef? de publicatie waarvoor deze tekst geschreven werd, de Catalogue Raisonné van Réquichot’s werk uit 1973 werd gefinancierd* door galeriehouder Daniel Cordier die zich garant stelde voor 500 exemplaren van het voor die tijd kostelijke boekwerk.
da’s veel geld voor de promotie van de culturele erfenis van een gestorven vriend die eigenlijk van geen tentoonstelling wou weten…

Oud-verzetsstrijder Cordier doet dat vermoedelijk (ook?) om de waarde van de nalatenschap in zijn bezit op te voeren en schakelt de gerenommeerde auteur Barthes daarvoor in op net dezelfde manier als de kunstcollecties van een niet nader te noemen bank door een onbenoembaar gerenommeerd literair tijdschrift hier te lande tweejaarlijks tot Venetiaanse ‘hoogtes’ worden geschreven: il faut savoir faire hein, pure ouin-ouin!

kan je de merkwaardige toevoeging van ‘le texte’ achter ‘l’oeuvre’ in de zin “à quelles conditions, l’œuvre, le texte, trouvent-ils preneur ?” hier anders lezen als een tongue in cheek, een cynische badinade onder euh, wereldlingen? wat komt die ‘tekst’ hier plots doen in een betoog dat zich uitdrukkelijke beperkt tot het plastische oeuvre van Réquichot, dat diens literaire werk opzettelijk doodzwijgt? kijk mama, zegt fiere Roland, subversief zonder handen…

is het daar in 1973 iemand te doen om de ware inhoud van de nalatenschap van Bernard Réquichot? of in 1976 misschien als monsieur Cordier het stock van de onverkochte boeken terugkoopt samen met de rechten op de foto’s*? op hetzelfde moment dat hij 19 werken van Réquichot ‘schenkt’ aan de Franse staat voor de opening van het Centre Pompidou*? de verkoop in ’73 viel wat tegen misschien?

laat ons niet te vlug oordelen over zaken van het grootste belang, zou Herakleitos zeggen, met het fijne lachje van een van zijn lezers er gratis bij. de huldiging van de ‘milde weldoener’ Cordier met enkele van zijn collega’s loopt momenteel teneinde in datzelfde Centre…


*na te lezen in het hoofdstuk “II 1961-1973 L’ OEUVRE POSTHUME” in Jean-François Chevrier, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Flammarion, Paris 2019

Dit bestand maakt deel uit van de Neo-Kathedraalse Lezing van het werk van Bernard Réquichot.

Een NKdeE-Lezing is een recyclageprogramma dat de nalatenschap van een overleden auteur publiekelijk bestudeert met het oog op een opname van de overledene in de Kathedraal als Kathedraal-Auteur.

<Barthes-Réquichot (20)Barthes-Réquichot (22)>