LAIS CCLXXVIII

Op een veld van afgeknotte stengels,
bevroren aarde stuift de zon en verblindt.
Verkleumd, ’t is kraaiencrowd, het braakt Engels:
breed bread bred. Klank brokkelt af, niets verbindt
het stelsel nog, eyes break, het ik verzint.
De deed crumbles to its code, het brood
loopt dood in java. It halts. It weds its naught,
it simulates a love inside its hate,
its ashes fly, de dood wordt bedgenoot.
’t Falen rot fragiel, en wat blijft is spijt.

invoertekst (2015)