ambrozijntje

het zag haar lang, heel lang geleden plots
voor zich staan: een wulpse hinde, jong,
onaangedaan. pretoogjes, wangen met kuiltjes,
flarden jurk die speelden met de kindse wind.

er was geen tijd om aan te raken, er
was geen plaats om bij elkaar te zijn.
maar elk moment maakt krullen in de tijd
en ’t heeft alsnog haar lieflijkheid gevonden.

“ambrozijntje, tierlantijntje, gooi
je kleren op de grond. ambrozijntje,
florentijntje, maak de wereld heel en rond.
ambrozijntje, rozerode egelantier.”

het ziet alleen nog haar, het paradijs is nu en hier.
weg is ’t zwaar verdriet: het geeft haar licht plezier.

invoertekst (2015)

HET
is de prequel op
LAIS,
de
Geschiedenis van een Verwording