journal intime #69

jt69 – dictionnaire de demi-choses – UU PT PT PT

o nostalgie. de jaren ’50 van de vorige eeuw waren ook de jaren van de grote doorbraak van het Science Fiction genre in de populaire cultuur en congruent met dat gebeuren werd het ‘fantastische’ in de schilderkunst door sommigen gepropageerd als tegenhanger van het voor velen toch nog onbegrijpelijke en wereldvreemde cubisme of de celebrale abstracte kunst die allengs zich nog meer begon te conceptualiseren naar het immateriële om dan uit te komen bij een soort ‘anything goes’ waarbij diegene met de meeste marketingtroeven het pleit won en zich ‘befaamd kunstenaar’ mocht noemen. de surrealistische dogmatiek van Breton verwaterde mee in de fantasmen van de dag. en nu er meer en meer beelden van de (infra)microscopische realiteit van het leven de rondgang deden was dat ook een belangrijke inspiratiebron voor de ‘informele’ kunst waar de immer rijke fantasie vrij spel had in de ideologisch vertekende voorstellingsruimte van het net-niet onzichtbare.

het werkje ‘dictionnaire de demi-choses’ van Réquichot speelt zich af in die nieuwe speelruimte van het ‘nieuwe onechte’, de wetenschappelijke fictie.

Bernard Requichot 1956, Dictionnaire de demi-choses, huile sur carton, 53 x 36 cm



overigens. een kleine studie over hoe het corona-virus in de media gevisualiseerd werd van bij het begin tot nu zou heel interessant zijn om te zien hoe ideologisch en infantiel humaan-verkleurd onze visuele voorstellingen van die microwereld wel niet zijn: men beseft te weinig hoe die visualisaties berusten op functionele verklaringsmodellen overgoten met de grafische saus-van-de-dag. en die saus komt in de meeste gevallen uit hetzelfde potje als die van de sportredactie: de enige functie van die euh ‘stilering’ is die van de ‘suspension of disbelief’ bij de consument van het info-tainmentprodukt: ’t moet er ‘echt’ uit zien. het wordt ook wel ’s ‘design’ genoemd.


soit. het fictieve rijk der biologische wordingen gaf in de speeltuin van het Parijs van Réquichot ademruimte aan de fantasie der artiesten die de hete adem van de wetenschap ge-equipeerd wisten met almaar meer van het gezag dat zij verloren en vooral ook weeral betere camera’s. omdat de muziek zoals Kierkegaard m.i. terecht beweerde, de meest ‘onmiddellijke’ der kunsten is zien we in dat veld het duidelijkst dat het de wetenschap en de techniek is die voor een nieuwe evolutie zorgen, minder dan de ‘ideeën’ van de auditieve ‘kunstenaar’, een ontwikkeling die in onze dagen het veld van de muziek helemaal heeft opengebroken naar het gehele sonore veld als opstapje naar wat uiteindelijk misschien wel, met inbegrip van het visuele en het virtuele veld, die ene grote discipline van de ‘golvenmanipulatie’ wordt.

ik vraag mij soms af of er vanuit wetenschappelijk-educatieve hoek nog enige ernstige poging komt om iets te doen aan het commerciële monopolie van Adobe, maar als men in de wetenschap zelf al niet inziet dat heel hun doen en laten bepaald wordt door het stelselmatig verwaarlozen van hun publicatiemethoden, dat men dat overlaat aan bedrijven en niet aan de noden van de wetenschap zelf, als je ziet hoe men zich daar de poten vanonder de stoel laat afzagen, is er weinig reden om aan te nemen dat we hier iets anders kunnen doen dan de algehele afgang zo pijnloos mogelijk te ondergaan. sic transit gloria mundi.




soit, ten tweede male. in hoofdstuk acht raakt Chevrier weer effen aan de kern van de zaak in enkele paragrafen die gewijd zijn aan de eigenlijke praktijk van Réquichot. in de zomer van 1956 verblijft Réquichot enige tijd op het ouderlijk domein in Asnières-sur-Vierge en hij beschrijft in een brief aan zijn vriend de Kunsthandelaar Cordier dat hij dagelijks een viertal doeken maakt uitgaande van een ‘truc’ (ik zou zo’n ‘truc’ een algoritmische handelwijze noemen, een programma dus) waarmee hij experimenteert om te zien waartoe het automatische verloop van de handeling in kwestie leidt.
van die vier doeken (zijn uitvoer) wordt er elke dag 1 weerhouden voor latere verdere zuivering (‘épuration’), de rest wordt ‘gerecupereerd’. nadien volgde dan ongetwijfeld nog een meer radikale ‘uitzuivering’, vooraleer het naar de bestemming kan, zijnde Kunsthandelaar Cordier.

het is een interessante oefening om je te verbeelden dat je met een soortgelijke praktijk bezig bent en je dan af te vragen
a. of je van alle doeken er 1 zou vernietigen mocht je in staat zijn (financieel en praktisch) om ze allemaal te behouden
b. welke criteria je zou gaan hanteren om doek 1 te behouden en doeken 2,3 en 4 niet
c. wat er met die criteria zou gebeuren mocht ‘jouw’ Réquichot een vrouw zijn
d. wat er zou gebeuren als deze praktijk niet privé, in de beslotenheid en afzondering van je kot zou gebeuren, maar onmiddellijk publiek, zonder noemenswaardige uitzondering en zonder enige vorm van (auto)censuur achteraf (autocensuur speelt uiteraard altijd mee als je weet en beseft dat je in al je handelingen ‘publiek’ bezig bent, als je voor jezelf het onderscheid tussen ‘publiek’-‘privé’ enerzijds maar ook dat tussen ‘publiek’ en ‘auteur’ hebt verlaten, het valt dan samen met gewone socio-psychologische inhibitie).

dat laatste is, ter info, wat ik in mijn praktijk doe, ook al is mijn ‘publiek’ dezer dagen heel erg beperkt door de algoritmes van de sociale media die mijn ‘publiek’ in functie van klikwinst voor het bedrijf in kwestie berekenen en buiten mijn bereik gaan bepalen (dat is nou eenmaal ‘wat het is’. voor ieder van ons is dat de ‘realiteit’ in deze dictatuur van de commerciële exploitatie): ik kan die de facto beperking enkel opheffen door ervoor te betalen bij het bedrijf zelf (Facebook) of door mijn ‘productie’ af te stemmen op de verkoopsvoorwaarden van kleinere locale bedrijfjes (uitgeverijen en aanverwante mini-exploitanten), de enige weg waarlangs ik bij mijn Vlaamse overheid kan aankloppen voor ‘subsidie‘, sommen gelds waarmee ik dan nog meer ‘aandacht‘ zou kunnen kopen, maar waarmee ik bij toekenning ook ‘automatisch’ erkend zou worden als ‘kunstenaar’ of ‘auteur’, waardoor op soortgelijke wijze gesubsidieerde euh, organen ook geneigd zouden zijn om aandacht aan mijn praktijk te geven, want aja die Vervelende Veek staat nu op de Lijst, begot.


oei, oei. nee hoor, pffft, laat maar, we gaan niet moeilijk doen è, ik hoef die centen of uw aandacht niet, ik blijf veel liever braafjes in mijn kot alwaar ik tenminste ongestoord en vrij en hopeloos ongeschikt voor welke vorm van productie dan ook (zo ‘ziek’ ben ik idd., dat is onlangs dan weer wel probleemloos erkend door diezelfde overheid, waarvoor mijn meest oprechte en welgemeende dank) mag verder werken aan wat ik belangrijk vind, omdat ik weet uit ervaring dat je er als mens gezonder en gelukkiger van wordt..

en, tja, al de rest, uw luxe en uw reizen Waen en al uw problemen daarmee, sorry, dat staat gewoon niet in mijn halve-dingen woordenboek, ik ben daarvoor waarschijnlijk gewoon te zot, maar medisch en dus wetenschappelijk geattesteerd gelukkig vooral zeker niet slim of goed genoeg. oef seg, pfjew.

allez vooruit!

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma