het moment (1)

er was gewelf : onderaardse bogen naar het zwarte meer, de spiegel waar het in boorde, boorde en… een zucht kwam vrij. verleden wou het heden toebehoren, wervels van de toekomst groeiden door het vel van jarenlang verzwegen woorden. het ontdekte.

en vocht welde, stroomde, werd zee, een zij, een oceaan werd het. het jubelde, zij jubelen. het is zon en geeft haar golven glinster. het zakt als duizend daalders goud in haar. het licht haar op, en er is storm.

met tromorganen in de gorgelbuik toetert het voor mens en dier gezuiverde vergetelheid: “er is geen zin of reden dat wij leven hier, er is slechts dit, dit zilte bruisen hier.

invoertekst (2015)