het moment (38)

de diepte is bekende diepte, het latere kruipt in de hulzen van het eerdere. de ziel is uit het licht geknipt maar de wereld weigert te vergaan. de ochtend braakt. het zonlicht kraakt de oogschellen open, een vette kras erin kraait een der kraaien.

’s avonds slurpt het donker zwarte slurf. de lippen staan bij de tanden in het glas tot kussenstulp verzweerd, in slierten zweeft er gelige treurnis doorheen. het strompelt de trap af waar haar jas nog ligt. het zoekt de zakken door op zoek naar warmteresten, of een peuk. het rillen drijft het dieper in het donker naar de keuken.

het lichaam botst op het gebrek, het is niet het, maar het botsende, dat botst op het gebrek, een perpetuum mobile van de pijn is het. uit de vele hoofden loopt er inkt vermengd met bloed en as. plots het frigolampje vult de duisternis met bliksemflitsen: bij Thor, daar staat nog vol een halve fles!

ja. het zal toch dankbaar het daglicht als een strikdas dragen en in pek en veren stichtend iedereen van hoe het stierf vertellen. het giet garanties in gedane woorden die het zelf niet hoort. de diepte is bekende diepte.

invoerteksten (2015) :/moment-43moment-44moment-45 moment-46moment-47


over ‘HET MOMENT

deze tekst is uitvoer van het programma ‘HET MOMENT‘.

‘HET MOMENT’ vervolgt ‘LAIS’, een dizain-programma met de Délie van Maurice Scève als voorname invoer, met haar prequel ‘HET’.
samen vormt het drieluik van programma’s een lyrische fictionaliseringscluster, een literair verwordingsproces met een dunne semi-autobiografische verhaallijn en uitgewerkt met virale tekstuele en grafische invoer. een proces dat zichzelf ook recursief gaat herprogrammeren. de auteur is hierbij louter katalysator van de zelfontbranding, asse bij het klare klontje suiker.

de auteursfunctie staat een systematische ver-het-ting van het ‘ik’, van het zelf toe als literaire functie binnen het schrijfproces: het ik wordt een het middels herhaalde doodsbewegingen, afstervingen, verzwijgingen, volgehouden leugens en autodestructieve verheerlijkingen van een onbereikbare geliefde, de fictie van een ander. want elk zijn van een ik verhindert dat het kan gebeuren.

deze weg naar het het-moment, de verwording tot een onzijdige agens wordt ook ideologisch onderschreven vanuit de Neo-Kathedraalse dogmatiek als enig mogelijke sanering van de fallocentrische ‘traditie’ van de literatuur.
de literatuur kan enkel voortbestaan als permanente zelfmoord, transgressie van de ik-cultuur, het zwarte gat van de consumptiemaatschappij.

de literatuur wordt als non-literatuur de eindoplossing voor uw consumptiestress. deze gedroomde oplossing, evenwel, begint als een walgelijk efficiënte nachtmerrie.

de invoer van ‘HET MOMENT’-programma is een genummerde serie teksten getiteld ‘moment‘ van 2015-2016 die nu door de methodes van het Gedicht van de Dag-programma wordt herwerkt.