elegie


Het rillen dat je dacht om haar
is net zo weg als zij.

Ze heeft je de regen gelaten, wind
in een cirkeltje brand in je jas
en het lome virus van de herfst
in het gras, het blad, een glas.

De dag herhaalt de daden slaafs
en wat zo stapsgewijs het einde in het midden laat
verdoet herhaaldelijk de angst, maakt

alles weer zo vertrouwd dat het je
alsmaar onbegrijpelijker wordt,  zo ver
dat je haar ziet, met de dag zo ultiem
rond haar schouders geslagen, hier.

(augustus 1994 – juli 2018)

ELEGIE
dv  2018 – “facing the inevitable” – bister crayon – A4 – €25
Advertenties

’t gelatene


“When i died last, and deare, I dye”

John Donne – The Legacie

 

je kijkt haar aan en zie je niet
het zich verstrijken al
nog voor het aangebroken is?

al het gezegde, wat je zei
dat er niet was, en wat je niet zei
en hoe verkleumd iedereen?

je kijkt haar aan en zie je niet
het zich van hoop ontdoen al
nog voor er sprake is van nu?

van het zichtbare, van wat je stond
te tonen dat er was, van wat je niet zag
in wat je zou te zien hebben gehad?

je kijkt haar aan en zie je niet
hoe dood jouw zien is al
en jij nog stervende?

sluit je ogen, tel jouw tranen van kristal
iedereen bij god gaat dood, maar jij
wel eerst en nu vooral.

 

(aug. 1194 – juli 2018)

 

tgelatene
dv 2018 – ” asemische lezing van ‘ ’t gelatene’ ” – bister, crayon – A4 – €25

dageraad (5/5)


Ijs en van jouw eisen het ijlste blauw
versmelten vurig tot een druppel dauw.
een vergezicht trilt aan het blad en rekt zich tot populier
die staats te zweven staat, die sleurt

de nevel neerwaarts op een eik
die stram met takken strooit, knoestig
frunnikt aan Aurora’s zijden zoom.

schoonheid giechelt
als je grapjes maakt.

het land is stil, het verre rood
verkilt. een spin gaart uit het raam
haar draad. nergens is er daad.

licht is kwistig, volledig gift:
haar gouden dageraad.

 

(aug. 1994 – juli 2018)

 

dawn5
dv 2018 – “asemische lezing van dageraad 5”  – bister, crayon – A4 – €25

dageraad (4/5)


pictoraal verschuift het rode raam naar af
en  je voet gaat op de vloer verkleuren
van goud tot bleekte. vette aders spellen
blauwe hemel om tot hel van vuur en ijs.

trilharen in de geeuwstorm, de kijkende
bollen tollen in de gaten en je wenteltoren
waggelt nog vol onnavolgbaar vluchtende
draken die het evenwicht fataal verstoren:

welkom in de brakke bak van deze brave
morgen. in het laken ligt een plooi rond leegte
haar lichaam voor begeerte was een haven
en het ontbreken breekt verzwelgen open:

monsterlijk ontwaakt het dagelijks verdriet,
woorden, toekomst, daden zijn er verder niet.

(aug. 1994 – juli 2018)

dawn4.jpg
dv 2018 – “Asemische Lezing van dageraad 4”  – bister, crayon – A4 – €25

dageraad (3/5)


elke schaduw is op eender licht een lijn.
elk beeld gedachte afstand tot een kras
wijkend van de kras die beeld wil zijn,
geslepen spiegel van het zicht dat was.

de tijd wordt door elkaar gehaald op glas
de gruwel staat met leven oog in oog
het scherpste beeld blijft altijd scherf,
lijn die van de dood zijn teken erft.

jij scheerde maar, gunde jezelf geen blik
je woorden zaten klaar in zinnen jij en ik
in monden met lippen rood van rode wijn

een klad bloed zat in het spoelen plots, iets
van toen je vlinder was en en vrij en trots.
uit de snede welde op een brede rups van pijn.

 

(aug. 1994 – juli 2018)

 

dawn3
dv 2018 –  “asemische lezing van dageraad 3” – bister, crayon – A4 – €25

 

wreed


huid is om haar afgewonden, vlees
tot lor en lap geknipt, gewrichten
uit de kom gedaan, spier en bot
met zilt en spiritus begoten, tong
door bloed en bleke gal gehaald, aders
tot een droge bol gerold, stem
heeft zich tot witte ruis verscheurd.

hier, jij bent en treurt niet meer, stilte
klopt de maat in zwijgen waar het rot
de lange zang van druipend slijm inzet.

wreed is niet het tellen van de slagen
herinnering op wat geen wil meer heeft.
wreed is dan haar vingerzetting daar
die jou maar toch jouw nek niet vindt.

(herwerking van ‘VERZACHTE ZEDEN’  – 25/08/1994 – 13/07/2018)

 

WREED

dageraad (2/5)


zo elk moment weldra tot nooit vergaat,
is niemand ooit het anders aangedaan:
geen raad bij dag vertrouwd, geen staat
van waken houdt bij nacht nog aan.

geen muze laat zich zien bij licht:
haar bitter-zuur versleepte zoet,
het drijven zonder duur of zicht
is eenzaam minnen zonder goed

en niemand wil wat wensen ziften
uit wat gebeurt als wil en daad.
verlangen is een lust die voelen laat

het leven als talent, een handvol giften
en iedereen is deelgenoot aan dageraad:
genot een god die niets verduren laat.

 

(aug. 1994 – juli 2018)

 

dawn2.jpg
dv 2018 – “asemische lezing van dageraad 2” – bister, crayon – A4 – €25