LAIS XXXVIII


voor a.c.

In rimpels op het donk’re vlak verzonk
in een spiraal en elegante zin
het maansatijn, dat waterzuchten dronk,
en broos: het was de wilde roos te min.
Het kelkdiep lonkte nog met naakte zin,
vingers in vingers roerden òm het goud,
adem omademde de adem oud,
prehumane hunkering in de keel
sloeg de ontpopte siervleugels koud
in vlammend strelen rondom het geheel.

inputtekst (2011)

dv 2019 – AR van LAIS XXXVIII
Advertenties

LAIS XXXV


Geef ons uw wereldeinde maar, want
dat einde kwelt de wereld in uw hand.
Het doel van zee is waar ons zeilen strandt,
en van de rede waanzin, liefdesbrand,
die danst vergeefs: uw tetragram houdt stand.
Wij kregen niets van ’t eindeloze:
ons is de dood, en schoon is het broze.
Dus schrap maar onze namen uit uw nijd,
klootzak, wij hebben voor ons gekozen:
wij leven nu, er is voor u geen tijd.

inputtekst (2011)

dv 2019 – AR van LAIS35

LAIS XXXIV


Er is geen plaats en geen omgeving nu,
een hand die onbestemd bestemming raakt,
geen overweging, beweging continu,
liplezende lippen, en tijd die kraakt:
‘pijn is een bliksem die in d’ hem’len haakt’.
 Van de lust werd een glinsteren onstoken,
vonken van de sterren afgebroken,
en al het zwart wou in zichzelf vergaan.
 ‘Zij was vergeefs in zijn bestaan ontloken:
hij zag de honing wel maar dronk een traan.’

inputtekst (2011)

LAIS XXXIII


Er is geen tijd: er is slechts bruisen hier,
een schicht verdurende ontijdigheid,
één moment van licht. Handen in plezier
gezet en vrij, maken van zaligheid
gebaren lijfelijke innigheid.
Haar straal is innerlijke schittering
die haar duister lost, vertedering
van weigering die nu ter wijding dekt
de aarde met haar overwoekering:
de hemel wordt er klaar in uitgestrekt.

inputtekst (2011)

LAIS XXXII


Er is geen plaats, er is geen tijd,  er is
bewegen in en om en naast elkaar.
Trilling, kering, weerstand, hysteresis:
bewegen gaat vooraf aan hier of daar
en wegen worden pas bewegend klaar.
  Trajecten lossen op in ’t louter nu
en nu verspringt ook steeds van mij naar u.
Geen ene lijn gaat ooit van A naar B
niets is ooit nog wat het is, noch continu:
de zee verdwijnt in ’t golven van de zee.

inputtekst (2011)

dv 2019 – AR van LAIS XXXII

vrij


woord na woord wil ik
mijn lijf geloven
dat mij verlossing
door jouw strelen schenkt.

dag na dag verliest
de wereld meer haar zin
omdat die niets
van jouw gebaren kent.

jij schrijft mij blij,
ik lees jou diep in mij:
lichaamstaal maakt vrij.

inputbeeld: #elfoxberlin

over HELLFIE

het hellfie-programma is een spin-off van het BLEEK-programma.
hellfie maakt NL emblemata aan met als input foto’s van instagram facebook of andere prul uit de dagelijkse onlinestroom, en creëert daar een ‘persona’ mee, een fictief mens die een selfie maakt en spreekt door de tekst en door de onstuimige asemische gebaren in het beeld.
de ‘personae’ willen allen zo ver mogelijk van de realiteit vandaan raken maar danken wel de makers van het originele beeld nog om zo genereus hun input aan te willen leveren.

– bekijk alle hellfies in een google doc:

duister


hier. Het duister met haar kleffe armen slaat de kleffe armen
om en daar is het. Het schuiven schokt, het is discreet, er zit
staccato in het rot. Niet? Er tokkelt iets van nu op de al te fel
gespannen snaren van de tijd. Het braakt er. Het er braakt.

Giraffen schuren hun hals in een donkergroene wals. Krak. Het
knipt letters warmte uit haar lach. Maanklomp rest, kilte. Het
schuift de ladder uit tot hoog boven de daken. Bleek licht vervalt
ook daar maar hier kan het misschien nog aan een einde raken.

Alle vormen glijden nu in vormen weg en takken trekken takken
uit hun slierten wak gebladerte. Wortels duwen grond op de grond,
de kraaien pikken wormen alsof er niet meer bestond. Het? Het

weet niet waar jij bent. Het is jouw naam vergeten. Het gilt. Tril je
niet waar het de handen heeft gelegd? Jij was het lijf, het goud, wereld
die het voor haar had opgebouwd. Kom het nu dus maar halen

inputtekst (uit ‘101 Eigentijdse Aanroepingen van de Muze’)

dv 2019 – AR van duister – A4