compare this, kieken


de zee is de zee niet meer. wees gestrand.
de woorden breken af aan woorden, mijn arm is  een stomp
geef mij een hand. leidt mij naar een land.
u beeft, mijn heiland. geef

duisternis, vloed, een emmer beton.

ik zie gaten waar ogen waren, brokkelige dingen.

de zee is vertrokken in lijnen. er lag een schelp
tussen de takken, afgebroken takken. fucking holderlin,

dat komt ervan, ik had het kunnen weten. als het schilfert,
net voor het schilfert, de schittering.

 

Advertenties

auteursplicht (1)


  • Halleluja Haïti: geef ons heden onze jaarlijkse natuurramp opdat wij onze schuld kunnen wegkwelen. “Het nummer gaat heel diep en klinkt universeel”, vindt Natalia. “Mensen kunnen zich optrekken aan zo’n nummer”. Met de opbrengst kunnen we heel Haïti volpoten met heel diep verankerde paaltjes (uit aluminium best, dat roest niet). We zetten er zo’n universeel luidsprekertje op en elke dag bij zonsopgang knallen we er die humanitaire hit door. Kom slachtoffertjes, trekken jullie je maar vlug op aan het paaltje, ’t is weer tijd om uitzichtloos te hongeren.
  • [zucht]
  • 50 Jaar na de ‘onafhankelijkheid’ van Congo: de kritische stemmen van deskundigen en hulpverleners ter plaatse worden nog steeds probleemloos overgoten met tonnen slijm van de Broederlijk Verenigde Media (BVM,  maar in feite staat dat voor Bond voor Verbloeming van  Misdaad).
  • Noodhulp is een plicht, lieve kwelertjes, wij betalen daar belasting voor. Als dat onvoldoende is, niet tijdig ter plaatse komt, in de verkeerde handen terecht komt, dan heeft geen kat iets aan al dat geweten sussend gekwijl, aan die morbiede vertoning van schaamteloos entertainment bovenop de monstrueuze berg lijken die er blijkbaar nodig was om deze permanente schandvlek op onze aardkloot in het ‘nieuws’ te brengen. Dan dient er massaal geprotesteerd te worden, dan moeten jullie met zijn allen stilzwijgend, bedeesd en schuldbewust de straat op. Want de centen daarvoor zijn er bij de ‘bevoegde’  instanties, die liggen daar te rotten voor net dit soort ‘onvermijdelijkheden’: één van die kritieke momenten wanneer de concentratie van  lijken net effie boven de grens van het ‘ toelaatbare’ gaat. Die ( steeds hogere)  drempel ligt namelijk daar waar het voor de ‘publieke opinie’ niet langer te verbergen valt dat de internationale gemeenschap er zo vele jaren na het zogenaamde einde van het koloniale tijdperk nog steeds niet in slaagt om uit de vicieuze cirkel van economische afhankelijkheid, commerciële uitbuiting, criminele leegroof en respectloze verknechting te raken. Mocht dat wél zo zijn, dan waren er op 12/01/2010 wellicht óók slachtoffers gevallen, maar dan waren ze alleszins  niet met genoeg om u aan het kwelen te krijgen.

Agamben vanop het kerkhof van Berkeley


Straks als ‘Preek van Vader Veek‘ op Radio Klebnikov*, nu al op de blog:

onder de titel ‘The Necrosocial’ analyseert Giorgio Agamben vlijmscherp de institutionele crisis aan de universiteiten en roept op tot actie. Het gaat hier over de bezette campus van Berkeley, maar als u effen naar deze kaart kijkt, ziet u onmiddelijk dat er ook in Europa één en ander loos is. Dit is de aanhef van Agamben’s snedige tekst:

“Yes, very much a cemetery.  Only here there are no dirges, no prayers, only the repeated testing of our threshold for anxiety, humiliation, and debt.  The classroom just like the workplace just like the university just like the state just like the economy manages our social death, translating what we once knew from high school, from work, from our family life into academic parlance, into acceptable forms of social conflict.

Who knew that behind so much civic life (electoral campaigns, student body representatives, bureaucratic administrators, public relations officials, Peace and Conflict Studies, ad nauseam) was so much social death?  What postures we maintain to claim representation, what limits we assume, what desires we dismiss?”

lees  ‘The Necrosocial” verder

 

————————–
* elke dinsdagnacht van 00:00 tot 01:00 op Radio Scorpio. Soms werkt de live-stream.

to save is to control


Zoals met alle nieuwe technologieën  duurt het effen voor de grote j0ngens er zich mee beginnen moeien. HP en IBM hebben nu duidelijk hun klauwen in het zgn. ‘Internet of Things’ gezet ( zie ook het eerdere schrijfsel met Bernard Stiegler over die toestand).

Dat ‘ Internet van Dingen’  komt neer op het uitrusten van materiële objecten (apparaten, voeding, grondstoffen, dieren, mensen, …) met een communicatieve chip die hun gegevens via radiosignalen aan het internet doorgeeft, en vandaar gaat het naar een centraal gegevensverwerkingssysteem.  RFID-technologie, heet dat, het staat voor Radio Frequency Identification.

De vele nadelen van die RFID-chips (je vindt ze opgesomd in het Wikipedia-artikel hier) , daar maalt men zo niet om. Het grote obstakel is de hoge kostprijs van zo’n chip. Het kleine grut mag dus verder aanmodderen met dat zootje, HP maakt zelf wel goedkopere chips. Ze beginnen met snelheidsmetertjes, later komen er andere sensoren bij (temperatuur, vochtigheid, wind, luchtdruk). Ze willen zo’m biljoen van die coole spulletjes overal gaan opplakken, dat zou moeten volstaan voor een planeetomvattend netwerk van communicatieve dingen.

CeNSE, heet het HP-masterplan: Central Nervous System for the Earth.

Voila, de planeet is weeral gered. Want als je alle data  kan bewaren, dan heb je controle, en als je controle hebt, dan kan je er wat aan doen, ja toch? Tuurlijk jongens, ik zit hier met mijn raam open, 20 november, ik hoor het geruststellende gebrom van de files in de verte, gisteren zat ik te lachen met die malle Indiërs op tv – hun heilige Ganges is met 10 meter gezakt, straks staat er enkel nog een bodempje pis – : hoe wil je nu dat we er wat aan doen, aan  al dat Globaal Gewormte. als we niks weten?

Weten is meten! Controleren! Bewaren! Want wie weet zitten er, ergens ver buiten onze heliosfeer, nóg Belgen.
Die kunnen dan, als alles opgefikt is, de data komen halen, &  er met rustige vastheid hun lering uit  trekken.

[ lees hier het HP-verhaal in de NY Times: http://www.nytimes.com/external/readwriteweb/2009/11/18/18readwriteweb-a-central-nervous-system-for-earth-hps-ambi-15544.html ]

Interview Ramonet


Om een nieuw sociaal economisch project te lanceren, heb je ook media nodig die buiten het huidig denkkader durven kijken. Maar dat doet de mainstream media niet.

RAMOMET: “De media is een tussenschakel tussen de samenleving en de krachten die de samenleving sturen. Als die tussenschakel scheef zit, raakt de samenleving gedesoriënteerd. Het discours van de dominante media is er niet om het bewustzijn van de mensen aan te wakkeren, maar om de mensen vertrouwen te geven in de huidige gang van zaken. De manier waarop de heersende media de samenleving manipuleert is een vorm van sociale controle.”

Misschien dat daarom steeds meer mensen afhaken en hun informatie elders halen.

RAMONET: “De mediacrisis is een feit. Dat komt door de opkomst van internet en alternatieve media, waarvan Indymedia één van de meeste representatieve is. Er zijn nieuwe manieren bijgekomen om zich uit te drukken zoals fora, blogs en vrije media. En in landen waar de meerderheid geen toegang heeft tot het internet zijn gemeenschapsradio’s in zwang. En nu, met de economische crisis, heeft de media er een probleem bij, omdat de inkomsten van publiciteit afnemen. Aangezien de dominante media leven van de publiciteit, zijn ze enorm verzwakt. Daarom denk ik dat er zich nu een buitenkans aandient om vooruitgang te maken op vlak van media.

mijn nadruk, lees de rest op Indymedia : http://indymedia.be/nl/node/31659

de ware reden?


alle gedichtenbundeltjes van 2008 voor nog geen 20 euro
alle gedichtenbundeltjes van 2008 voor nog geen 10 euro?
(hier een vergelijkbaar aanbod uit een ebay winkel nu)

Is de schrik van de uitgeversconcerns voor  piraterij de ware reden waarom het maar niet wil lukken met die e-ink schermen? Het lijkt er wel heel sterk op.  Is dat ook terecht? Stort de boekenmarkt helemaal in als deze schermen wél beschikbaar zijn? Wie zegt zoiets en waar? En wordt daar dan naar geluisterd? Wie houdt ons het beslingsrecht daarover uit handen? Hoe vrij is die markt? Het verhaal van deze handige leesapparaten op pocketboekformaat neemt allengs de vorm aan van een X-file.

De prijzen blijven steken tegen het belachelijk hoge 400 dollar plafond, de dingen zijn voortdurend uitverkocht, en  in Europa al helemaal niet te krijgen ( waar heeft een lezer  met vertaalcapaciteit het meeste nut? niet in Amerika natuurlijk, ook niet in China, die dingen zijn ons Europeanen gewoon op het lijf geschreven…).

Welk, euh, ‘geavanceerd’ toestel ( e-ink bestaat al 5 jaar, in de huidige productiepraktijk is dat het soort  eeuwigheid waar enkel God nog van dromen kan) doet er nog langer dan twee maand over om ons massaal te bereiken? Welk soort gadget geraakt er in hemelsnaam ooit uitverkocht? Amazon zou geen simpel  marktonderzoekje meer kunnen betalen?

Het is ridicuul en hemeltergend want ondertussen lezen we alsmaar slechter omdat we voortdurend in die lichtbakken zitten te staren, gaat onze gezondheid er dankzij die slechte gewoontes zeker niet op vooruit en lopen we alle kansen mis op een culturele omslag ( ik mijd het woord revolutie) die het doldraaiende exploitatiecircus eindelijk kan loslaten, opdat het in het ijle zou uitwoekeren.

Waar zitten hier de cultuurministers met visie en durf? Als klein taalgebied hebben wij hier alles mee te winnen…

ts


De literaire tijdschriften klagen, bedelen, morren en krijgen er van langs dat het een lieve lust is.
Een probleem waar men alleszins mee zit is dat van een manier te vinden om langere stukken aan te bieden. Want daarvoor is het literaire tijdschrift echt nog wel de best denkbare publicatievorm.

Gedichtjes, en kort proza, prentjes, statistieken, schemaatjes en wetenschappelijke data, je kan het allemaal probleemloos kwijt op een blog, een e-journal of iets hybride  dat erg veel geld kost en subiet verouderd is.

Maar lange stukken tekst  zijn op internet ook heel erg problematisch.

Je krijgt die dingen immers nauwelijks gelezen van de schermen die we nu hebben.  Als ik  dingen schrijf  die langer zijn dan deze tekst, dan weet ik dat slechts een enkeling het helemaal gelezen krijgt. Maar een essayist heeft niet noodzakelijk die instelling dat het semi-publieke schrijven zelf als creatief denkproces voornaam genoeg is om het toch maar zo te doen. Die wil gewoon  zijn briljant en fijnzinnig essay in de best mogelijke omstandigheid gelezen hebben.

Je kan dat dan wel in een afdrukbaar formaat aanbieden, maar eigenlijk is dat een noodoplossing, want dan zadel je de gebruiker op met stapels onprettig  boomvernielsel vol vieze inktvlekken. Dat afdrukken is dan ook nog ’s zo duur dat je dat maar een paar keer thuis doet.  Dus vraag ik mij  toch af waarop iedereen zit te wachten om desnoods van overheidswege te beginnen met een massale verspreiding van apparaatjes op basis van e-inkt.

Met een beetje slimme aanpak zou dat toch een gigantische besparing kunnen zijn?  Beeld je in: al die boekentasjes eindelijk vederlicht, de rugjes terug recht & de oogjes wat minder op apegapen van het urenlange lichtbakstaren.

Daarop kon je toch wél comfortabel alles lezen? Of valt dat dan zo tegen – ik weet het niet want ik heb er nog geen kunnen bemachtigen…

& Die schijnmanoeuvres van Amazon met hun nauwelijks of niet te krijgen  en alleszins veel te dure  Kindle zijn daarbij toch hemeltergend? Dat kan toch bijna niks anders zijn dan een commerciële obstructie op planetaire schaal?

Mulder? Scully? Anyone?