zin


voor k. j.


haar adem heeft mijn vrede als ze slaapt
haar zwijgen alle tonen van haar stem
het oker van haar lichaam glanst verrukkelijk
in het duister is het donker weg en brengt
van ver haar luister hier en dicht bij mij.

ik kus de vuistjes van haar handen open tot een kom
ik leg mijn hoofd er in, zij knort verveeld en streelt mij blij.

maar ga maar weg nu, jij, ik hoef geen lezers hier.

ik wil niet dat zij weet dat ik al heel lang weet
dat zij ontdekt heeft dat ik haar zo nachtenlang bemin
het is maar spel dat ik dan stiekem in haar bossen dool
en uit haar diepten opdiep lelie, tulp en roos en gladiool
zij wacht nog tot ik god zeg ja maar nee want dan is zij godin
en door mijn zwijgen krijgt zij meer nog in mijn schrijven zin.

mithra


dv 2018 – “mithra” – ink & pencil A5

het is donker geworden.
je staat er al uren, in de sneeuw, veel te dun gekleed. verkleumd moet je zijn, maar je geeft geen krimp.
je wacht. en wacht.

je wacht op mij. maar als ik kom, verbaast het je niet. verheugt het je niet.
ik zie dat je merkt dat ik er ben, eindelijk, maar dat verandert niets want je lijkt te weten wat er komt.

de sneeuwvlokken zijn vallende blokken zwart in het licht van de straatlantaarn. ik begin tegen je te praten. waarom sta je daar? waar wacht je op? denk je dat ik het ben die je gaat verlossen? denk je dat echt?
je bent een stomme trut weet je dat, een onnozele teef, een waardeloze lor, een vod.

haar gezicht is bespat al met mijn speeksel, mijn razernij glimt in het licht.
ze zegt niets. ze maakt mij bang.

“schat kom je nou? wat sta je nou in die spiegel te loeren, knapper word je er niet van hoor!”

om dienaar te worden van mithras diende je volgens sommige bronnen aanvankelijk in een soort nauwe arena, een put in de tempel een stier te overvallen om die met één haal de keel over te snijden. deskundigen gaan ervan uit dat het een variant is op de (auto-)castratierituelen in andere mysteriediensten.

hert


voor k.j.

jij rein dier, hert
in de schriklichtcirkel
van mijn duisternis, je
steenpoot plomp op asfalt;

lenig nog levend gevangen
je ontsnapte aan de klem en
het vuur van de jagers
maar niet aan de laaiende pit
van het jouwe: de oudste

schrikbarende kracht van de prooi
die diep in rode wolvenogen
zich spiegelt en ziet wie het is;

je rent in het reine jezelf in het licht;

jij rein dier, hert, geheel
witte verschijning in wit:
jouw huid is mijn woord
dat breekt op mijn lippen,

wit van jouw woedende liefde.


[teksten in de categorie ‘debuut’ verschijnen voor het eerst op deze blog]

//each e an element of silence

sonore wens


Eens, in de ochtend van de a,
wil ik haar avond kunnen raken
en in gedachten ook haar nacht:

de a is waar een lage maan
aarzelt boven de akkoorden
schoonheid en geborrel van

riolen o. O, en de i

wou ik graag in u ontloken zien
tot jou zodat wij dansen kunnen
blij met het getij in het gelijke.

Of laat, als jij niet wil, de i in u
uitdeinen tot een rein geluid
dat het buiten in ons binnen sluit.

De e verhef ik ooit nog wel
met kussen tot de eerste keuze
van jouw ademhalen: zonder

aanvang raakt men immers nooit
tot in de eeuwigheid van eens.

[teksten in de categorie ‘debuut’ verschijnen voor het eerst op deze blog]

de dichter


voor k.j. en l.t., twee grote zottinnen

mijn ogen zeggen duidelijk
wat ik er eigenlijk van denk.
mijn lippen staan als letters stijf
van ‘ik zal maar beter zwijgen’.
mijn grote oren tonen gloed
van mijn genadeloos gedacht.

toch maak ik mij daarom geen zorgen
want hier te lande wordt geeneen gedicht
neen, zelfs niet mijn gezicht
door iemand ooit publiek gelezen.


hé jij


hé jij ja jij hé

hé jij ja kom doe je
meisje uit zet je moeder af
en strek je naakt uit in je
lach van nooit tevoren

hé jij ja kom ik trek
mijn vader uit gooi 
de jongen op de vloer
en maak je dol en blij

in mij ja jij hé hihi

ikikikikikiki
kiki wij hihi

ha ja jij hè jij 

(da capo)

‘debuutteksten’ zijn lyrische teksten die voor het eerst verschijnen op ViLT (het Gedicht van de Dag programma herneemt oude teksten in een nieuwe versie)

dv 2018 – “prentje op zoek naar een gedicht”

wolf


in de verwerping is de afwijzing het bindende
de essence van de binding is het verwerpen
het verlangen betreft het verwerpen als bindende
de ontkenning is de woonplaats van het ontkende

de wolf bijt zich de poot af die geklemd zit

de balling vertrekt naar de woning van het niets
de balling komt aan in de woning van het niets
de balling lacht de verworpene toe
die zich gebonden weet in de verwerping en
de balling vertrekt

zoals de wolf zijn bloeden likt en bijt
zo zal het weigeren zich zwijgende verwijderen

van de balling
van de verworpene
van de weigering
van de maan gespiegeld
in het meer van de ogen 
en van het sluiten van de klem


//denied existence will always deny and exceed itself