evident


Ik, nu ik staar : de wereld
draait mij los van jou
en bij god verdomd in gebreke.

Het licht puft muf
door de gordijnen,
de dag hoeft niet
zo nodig. Baaldag.

Jij, nu je slaapt : de wereld
is jou glad ontgaan, nergens
aan jouw lijf is iets mislukt.

Het geluk is in
jouw dromen daar waar ik
niet ben, maar jij
bent zonneklaar.

inputtekst (uit ‘101 Eigentijdse Aanroepingen van de Muze’)

Advertenties

evasief


Als het blad met mijn gedachten
baldadig luid en vergenoegd,
door misverstand, door overmoed,
de waan die ik in jou verwek
zwart op wit wordt afgedrukt,

als jij mij knelt, woorden radeloos
op mijn lichaam spelt die ik niet
in mij draag, niet dragen wil,
als jij mij sluit, mij neemt,
genadeloos tot vent ontkracht,

dan ben ik dit, dit niet, jouw
diepst bedachte al omtrent.

inputtekst (uit ‘101 Eigentijdse Aanroepingen van de Muze’)

dv 2019 -AR van ‘evasief’ – A4

antiklerikaal


Vergelijk mij musicerend
in uw kille kelders niet
met hem wiens aanschijn ik
bij u verwek.

Omschrijf mij niet, verspreek geen naam
aan mij, verzwijg mij, nu ik
plakken vochtig pleister
van uw muren zing,

hoe ik sprekend op hem lijk, hem
evenaar, zijn stem herhaal, zijn
vingerzetting slaafs dezelfde
blauwe steen van u inkras.

Hou mij, nu ik stil, in spanning
haast, de rotte treden van uw trap
bestijgen wil, geen spoken voor
uit uw herinnering.

Verkerkelijk mij niet,
hoe heilig ook mijn hijgen
in uw oor weerklinkt.

inputtekst (uit ‘101 Eigentijdse Aanroepingen van de Muze’)

dv 2019 – AR van ‘antiklerikaal’

avondlijk


Veronachtzaam mij, ik heb mijzelf
te ijl om jou ontsponnen, ben
als herfstlicht, nu jouw haartooi schittert,
louter vanzelfsprekendheid, lucht
die in jouw adem adem streelt.

Lig roerloos dan, vergeet mij slapende
nu ik jouw slapende het aarzelen vergeef,
laat mij schoonheids onaantastbaarheden
als een laken om jouw schouders slaan,
laat niets van mij nog in jouw dromen heel.

Ontwaak dan straks totaal vervreemd
van mij, opdat ik al het eeuwige ten spijt
mij tijdelijk steeds weer en dichter bij jou
telkens, in jouw puurste onbedachtzaamheid,
jouw achteloos gebaar hervinden kan.

inputtekst (uit ‘101 Eigentijdse Aanroepingen van de Muze’)

dv 2019 – AR van ‘avondlijk’

ascetisch


kom,
opdat jouw nijd mij vinden zou,
jouw leegte zuigen, honger
stillend die mijn wellust laaft;

kus,
opdat jouw tong mij laken zou,
de maden likken, een slang
die krakend kevers in mij slikt;

knijp,
opdat jouw hand mij wurgen zou,
jouw vingers scherp gebeente
dat nagels in mijn zweren perst;

brand,
opdat jouw haat mij branden zou,
mijn roet verstrooien, vuur
dat vretend al mijn stof verteert.

inputtekst (uit ‘101 Eigentijdse Aanroepingen van de Muze’)

dv 2019 – AR van ‘ascetisch – A4

 

b37 – b38 – b122


Ismaël, die de tweespalt
in het glas benoemde dat brak,
en Dido met een knal verrezen
verzwegen niet het verraad

de nieuwste marteldood in vuur
van de Mohikaan op het braakland
en wat er nog zoal gebeuren kon,
kan onder het oranje zeil,

in de tent in de tuin onder
een met rode huid en klauwteen
afgedwongen zomerzon,
de lezing en de feiten,

het wachten op het klamme blauw
onder het zich afpulkende, nog
steeds van chloor doordrenkte
jongemeisjesbikinislipje,

het geurende geknetter
in de lucht van ronderenners
en het graaien in aarde
van de bespotte buren

naar jonge asperges,
de kippen in het stof,
de varkens in de modder
en Thales, die, naar het schijnt,

als eerste de sterrenkunde
beoefende : het naderen
u toegedicht. dat ik dan
nu benaderen moet.

inputtekst 2005-2017

dv 2019 – AR van b37-b38-b122

b110


dat ook de aangeschoten
leeuwerik zich voor de helft
door de snellere kogel
weggevreten weet en uit
de lucht laat vallen en

hoe graag je ook het geurige rot
in de dichtgroeiende bedding
onder de stenen murwen wil:

het is voor mensen niet zo goed
dat alles wordt zoals zij wensen’.

inputtekst (2005-2017)

dv 2019 – AR van b110