journal intime #73

jt73- un spectacle de la matière – WEE ME LE

terwijl het golfschrift in dit programma zich een weg baant naar de realisatie van het infra-nederlands, een spectaculair verergerde variant van reeds met overspoeling bedreigde Nederlands (hoe laag kan je zakken), wordt het misschien stilaan tijd om te vertellen hoe ik eigenlijk bij Bernard Réquichot ben terecht gekomen.

evenmin als jullie, waarschijnlijk, had ik de naam ooit gehoord voor ik in 2017 bij een triage van door een locale bibliotheek afgevoerde boeken die zouden naar Afrika gestuurd worden (in een bewonderenswaardig ‘Livres pour l’ Afrique’ project) plots op een exemplaar van de Catalogue Raisonné van 1973 [CR1973] stootte. nu was ik in die tijd bezig met de opstart van het grote dégout-onderzoek van de NKdeE: als eerste in een reeks van onderzoeken naar de negatieve emoties als middelen tot kennisverwerving had ik alle NKdeE-ogen gericht op de afschuw, de walging als primaire, instinctieve respons op het verderf en de levensbedreigende besmetting die ervan uitgaat.

nu, omdat het publieke imago van een onderzoeker samenvalt met zijn onderzoeksobject en omdat ik toen nog niet geheel doordrongen was van de objectieve almacht en groteske onverschilligheid van het Rot, gaf ik daar toen in mijn geschriften maar bij mondjesmaat uiting aan: het was en is zo al erg genoeg gesteld met het euh ‘succes’ van mijn creatieve exploten, ik wou toch nog een bèètje ‘publiek’ overhouden, want dat is een absolute vereiste voor de Neo-Kathedraalse research. momenteel ben ik al veel minder bereid tot concessies aan de dwingelandij van de attentie-economie, ik heb dan ook minder en minder aandacht nodig, althans dat probeer ik mij toch wijs te maken.

maar ondertussen, om verder te gaan, zijn we met dat lopende onderzoek naar de negatieve emoties als kennisverwervende ‘drives’ overigens bij de angst belandt, en ik moet zeggen: 2020 is helaas wat dat betreft een jaar van ongeziene weelde voor een angstonderzoeker. ik ben niet bijgelovig maar toch: ik hou mijn hart vast voor als ik aan de woede begin…

elkwegs: het boek over Réquichot viel mij in 2017 als een onverwachte schat in handen: ik bladerde door de reproducties en werd bijna tot tranen toe bewogen door deze schijnbaar schaamteloze vertoning van absoluut weerzinwekkende Kunst!

aja: hoe je het ook draait of keert: confronteer een schare van onvermoedende slachtoffers met 10 werken van Réquichot en laat hen hun onmiddellijke respons uiten middels drukken op een der knoppen ‘schoon’, ‘interessant’ of ‘weerzinwekkend’ en er zal een overtuigend deel van het testpubliek naar de afschuwknop grijpen. misschien moet je als testje maar ’s wat laten zien aan een kind, dat kan je moeilijk van vooringenomenheid of ‘artistieke gewenning’ verdenken.

nu, ik heb ondertussen behoorlijk wat al gelezen over Réquichot, maar ik moet de eerste kommentaar nog tegenkomen die dat ook letterlijk zegt. dat Réquichot zich schaamde voor zijn productie, dat las ik al (tja), en dat het ‘obsceen’ was dat durfde Barthes ook al wel aan, maar nergens lees je dat die werken toch vooral ook een ontegensprekelijke walging opwekken.

walging heeft nou net die eigenschap als emotionele respons dat ze heel erg onmiddellijk is en dus ‘ontegensprekelijk’. walging kan wel cultureel bepaald zijn (we vinden wat andere mensen in andere landen eten als lekkernij vaak walgelijk), je hebt ze of je hebt ze niet, je kan ze wel ontkennen, maar niet wegdenken.

om dat te begrijpen mogen we denk ik niet vergeten dat Réquichot leefde en werkte in de formatiejaren van de na-oorlogse spektakelmaatschappij zoals die door Debord ‘ontmaskerd’ is, en waar elke auteur met het grote publiek in een spektakelwaardeverhouding stond waar je kan blijven sociologische studies aan wijden maar die misschien nog het best uitgedrukt en meteen samengevat kan worden met enkele beelden uit de massaal gelezen populaire weekbladen van die tijd zoals, bij ons, De Post.

hieronder een favoriet voorbeeldje uit De Post van 1954, denk ik (de rest van het nummer ging op aan de collagedozekens die ik ervan maakte) met een reportage over John Cage die toen bij ons op bezoek was.

’t hangt in mijn keuken, ik zou het maar ’s moeten inlijsten want ’t is eigenlijk heel schoon, vooral ook met dat overcorrecte ‘bovendien’ in de titel:

je moet bij jezelf maar ’s nagaan hoeveel hiervan nog doorwerkt in hoe jij staat t.o.v. de ‘Kunst’ en in de huidige media. naarmate we verdergaan in de tijd gaan dergelijke directe confrontaties met ons verleden uiteraard belangrijker worden, en vooral ook indringerder. denk maar aan de Facebook ‘herinneringen’.

ook in die zin volgt natuurlijk de organisatie van mijn schrijven en kliederen in een autofage programmatie de algemene tendens in de exploitatie-programmatie van de Grote Wereld. een van de voorwaarden om als exemplarisch activist effectief te zijn is natuurlijk dat het voorbeeld herkenbaar en algemeen toepasbaar is, een fundamenteel kenmerk is dat ook, zou ik daaraan willen toevoegen, van de literatuur in het algemeen zoals die ons werd overgeleverd.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

journal intime #72

jt72 – le mental: lamentable élément alimentaire et lamentable aliment élémentaire – OO UU AAHM

ik heb ewa vals gespeeld vandaag want ik was al keilang aan’t gedichten reviseren voor ik aan de ochtendgeste begon. ik ben immers niet te houden enthousiast over de herwerking/doorwerking van de moment-cyclus en tegelijkertijd ook over de Celanlezing en de Scelsilezing dat ik moeite moet doen om mij niet uit te putten in het eigen geluk. wat is het leven toch een feest! hoe schoon is het niet om de eigen ondergang in real time te mogen beschrijven!

joa. als straf mag ik niet journalzwammen vandaag. ’t zal mij leren!

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #71

jt 71 – L’ état, l’ instant ne se trouvent plus en eux – YO LA DI MA

het is haast kinderlijk, de teleurstelling waarvan Réquichot ons verhaalt in de tekst ‘Métaplastiques’ die Chevrier vandaag voor mij citeert : de magische stenen, wortels en slakken waarmee hij tijdens zijn strooptochten op de ‘campagne’ zijn zakken vult, houden bij thuiskomst niks over van hun betovering:

Les choses alors ne sons plus rien : les pierres sont vides et les sillons sont morts; ils sont incapables de reproduire la circumstance, la surprise. L’ état, l’ instant ne se trouvent plus en eux.

[REQUICHOT 2002,75]

de passage besluit met de vaak geciteerde verzuchtiong dat hij dan maar de wolken, de bergen, de landschappen zal signeren als ‘oeuvre’;

Chevrier vertelt van daaruit over dingen die hij dan weer belangrijk vindt, over Dubuffet en Valéry en Klee.

na de tekst ‘Métaplastique’ is in de Ecrits-uitgave van 2002 de titelloze tekst opgenomen die begint met ‘Le spectateur qui rencontre’, die zegt dat de creatie niet vertrekt van een idee maar van verbazing, verwondering, en die vervolgens haarfijn uitlegt wat Chevrier ons via omwegen wil verklaren, wat een vrij hopeloze onderneming lijkt want ik zie niet dadelijk hoe je het korter, eenvoudiger en meer helder uitgelegd zou krijgen dan hoe Réquichot zelf het doet in die tekst.

die ‘verspreidde’ teksten zijn aan de beurt eens ik klaar ben met de vertaling van het ‘journal sans dates’, dat ligt wat stil nu, omdat je, vind ik, een auteur nooit in één ruk moet willen ‘consumeren’.

de Kairotiek van het lezen en die van het schrijven zijn een en dezelfde.

je leert veel meer, zo heb ik toch ervaren, door haar/hem op gezette tijden te lossen en dan weer te ontmoeten, op die manier kan jet het ogenblik van de verbijsterende herkenning herbeleven en uitdiepen, schrapen als het ware in de harde, meedogenloze spiegel die het werk je voorhoudt en waarvan je fantasie, gedreven door je noden en behoeftes een staat maakt, een virtuele ruimte waarin je kan verblijven zolang je de verbinding kan in stand houden, zolang die jou gegund is, want elke spiegel is een gift, een gave, een geschenk van de afgestorvene die handelde uit eerbied voor de geschenken die zij/hij zelf mocht ontvangen.

de sporen van de creativiteit van de ander (en die van jezelf als ander) zijn poorten die door het verschaffen van energie eraan (het lezen) de ontvanger in staat stellen deel te nemen aan de transmissie

van het ogenblik, het moment dat de ontvangst omslaat in een nemen, een consumptie van de dode dingen, moet je ophouden, want zulks is dan grensoverschrijdend gedrag, en dan hou je enkel een uiterst lelijke simulatie over van de gebeurlijke verbinding.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

journal intime #70

jt70 – l’ instinct de mon esprit – WA WA WA

Réquichot wil zich krachtens deze uitspraak de automatismen waarmee hij experimenteert, zijn heel erg lichamelijke zegging in de spontane erupties van gebaren op doek of papier, als een deel van zijn ‘geest’ toeeigenen, een onvervreemdbaar onderdeel van zijn Zijn. au fond is dat een vrij ziekelijke projectie van een ego dat zich lijdend weet aan een voortdurende benauwdheid, een beklemming die maakt dat het naar een elders wil, dat uiteindelijk bij Réquichot de sprong uit een raam wordt.

hoe vaak dacht ik al niet bij één van zijn werken: ‘goh dat niemand die man ooit ’s heeft willen helpen’. maakt die gedachte zijn werk ‘minderwaardig’, doet zulks wat af aan de expressieve kracht ervan? allerminst, want wie heeft er een waarde-oordeel daarover nodig?

evenwel: om te kunnen aanvaarden dat elke individuele creatieve expressie principieel evenwaardig is moet je natuurlijk eerst van het Zijn af, en in deze vooral van de Kunst als vazal van die ontologische pikorde. het heeft evenwel geen zin om dat te gaan propageren, omdat het ‘probleem’ zichzelf wel oplost. want waar gaan we naartoe? zoals altijd: naar het onvermijdelijke.



als we een psychisme begrijpen als het functionele geheel van het zich spiegelende ego samen met het onderbewuste en de proprioceptie van de lichamelijkheid, dan merken we dat een in zekere mate disfunctioneel psychisme, een min of meer lijdend en ongezond psychisch gebeuren steevast haar natuurlijke grenzen te buiten gaat, zich een ego gaat spiegelen waar het geen cognitieve controle over kan hebben, en zich een ziel gaat verbeelden waarin het haar veelal lichamelijke maar ook verstandelijke beperkingen kan overschrijden. transgressie dus.

nu, daar is op zich niks mis mee, integendeel: zonder transgressie kunnen mensen ook niet functioneren, zonder transgressie waren we als soort al lang van de aardbodem verdwenen. maar in plaats van daar vanuit een of andere ideologie over te beginnen moraliseren zouden we gewoon beter vaststellen dat het gebeurt en proberen zo goed mogelijk begrijpen hoe het gebeurt, want inzicht is het enige wat ons kan helpen om gebeurlijke gedragshinder bij te kunnen sturen, om het evident ongezonde terug binnen de perken van het gezonde te krijgen. dat de gezondheid zelf een relatief en vooral ook dynamisch concept is bemoeilijkt de zaken enkel als je wil blijven vasthouden aan dat ene onveranderlijke Zijn van die goeie ouwe ontologische pikorde van je. voor de gevorderden: iets is gezond zolang het gezond is è, hoe simpel is dat…

dus, cru gezegd wat gebeurt er? wat zien we hoe gebeuren? we zien (in extreme gevallen) dat zieke, lijdende mensen vaak uit pure onmacht egoïstisch en gewelddadig zijn en zichzelf een oppermachtige ziel toe-eigenen. we zien een algehele inflatie van het cognitieve zelfbeeld in alle regionen, of, schijnbaar tegengesteld daaraan, een algemene inkrimping, deflatie, depressie van het ego tot aan de algehele verlamming toe.
wat we zien verklaart ook ewa waarom daders vrijwel altijd begonnen zijn als slachtoffers en het stelt ons op pijnlijke wijze voor momenteel quasi onoplosbare juridische dilemma’s wanneer we onze vervagende begrippen van toerekeningsvatbaarheid in juridische verdicten moeten gaan vertalen. een maatschappelijk debat dat heden in alle mogelijke richtingen op explosieve wijze de traditionele ontologische ideologieën verder verzwakt, corrodeert omdat geen enkele bestaande ideologie de schuld als ‘essentie’ van het individu achter zich kan laten: je ‘bent’ schuldig of je ‘bent’ het niet, terwijl het uiteraard enkel het gedrag is dat je als schuldig kan veroordelen. en gedrag kan je genezen, alleen kost dat meer dan het te veroordelen.

stilaan daagt het: om tot een rationele benadering en oplossing van deze patstellingen te komen moet je het ‘Zijn’ zelf uitdrukkelijk opgeven, erkennen dat het een functionele fictie is, maar daartoe is de in ‘haar’ essentie ‘mannelijke’ Orde van het Woord uiteraard niet bereid. de erkenning van het Zijn als fictie (die je vervolgens als dynamisch programma werkzaam kan maken) zou nochtans hetzelfde effect hebben op bestaande onoplosbaarheden als de erkenning van schuld in andere erfzondes zoals die van het kolonialisme: je doorbreekt de spiraal van schuld en boete enkel door de schuld eenzijdig te bekennen in functie van een nieuwe dialoog. stoppen met naar de ander te wijzen, stopt het wijzen naar de ander.

maar ach, de commerciële belangen en het maatschappelijk aanzien vereist dat men in de Kunst blijft deze transgressies van het ego appreciëren en aanmoedigen, ook al zijn het evident ziekelijke transgressies. men ‘is’ meer Kunstenaar dan dat men zich schuldig maakt aan ontoelaatbaar gedrag. alle gefrustreerde behepten met onderdrukte transgressies juichen volmondig mee.

de MeToo beweging heeft daar in de cultuurindustrie al wel een reactie op ontketend, maar je ziet toch aan het geval Fabre hier te lande dat van het ogenblik er aan de officiële façadekunst van een royaal erkende cultuurambassadeur wordt geraakt de rangen zich sluiten en er massaal wordt gezwegen, want aja, ‘als dat al niet meer mag’ en ‘waar gaan we naartoe’.
die meestal verzwegen verontwaardiging omtrent het aan banden leggen van de creativiteit, zou dan ook zeer terecht zijn mocht ze effectief geuit worden, want elke creativiteit werkt nou eenmaal op basis van transgressies, van het aftasten en overschrijden van elke grens, dat is gewoon de basisbeweging van de expressie. het is niet dàt, maar zo gebeurt het.

maar als je daar wat van zegt krijg je weer net heel de MeToo-storm over je heen. gewoon omdat een label (de hashtag) je dwingt om A of B te zijn, voor of tegen, slachtoffer of dader, terwijl elke dader ook slachtoffer is en elk slachtoffer ook dader (M/V/O). dus dat slikt men dan ook maar in, met verder stilzwijgen tot gevolg. en heel de sociale programmatie op Facebook en Twitter draait op die hashtaglogika.

hoe dan ook: ontoelaatbaar gedrag kan binnen geen enkele werkbare ontologische fictie ontoelaatbaar zijn voor de ene klojo en toelaatbaar voor de zeer gewaardeerde Kunstenaar aan het Hof. da’s gewoon een fatal error in de programmatie, want een klojo is en blijft een klojo, dat staat zo in de init van het Programma. aja: het is wat het is è.

euh, waar gingen we ook weer naartoe?

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #69

jt69 – dictionnaire de demi-choses – UU PT PT PT

o nostalgie. de jaren ’50 van de vorige eeuw waren ook de jaren van de grote doorbraak van het Science Fiction genre in de populaire cultuur en congruent met dat gebeuren werd het ‘fantastische’ in de schilderkunst door sommigen gepropageerd als tegenhanger van het voor velen toch nog onbegrijpelijke en wereldvreemde cubisme of de celebrale abstracte kunst die allengs zich nog meer begon te conceptualiseren naar het immateriële om dan uit te komen bij een soort ‘anything goes’ waarbij diegene met de meeste marketingtroeven het pleit won en zich ‘befaamd kunstenaar’ mocht noemen. de surrealistische dogmatiek van Breton verwaterde mee in de fantasmen van de dag. en nu er meer en meer beelden van de (infra)microscopische realiteit van het leven de rondgang deden was dat ook een belangrijke inspiratiebron voor de ‘informele’ kunst waar de immer rijke fantasie vrij spel had in de ideologisch vertekende voorstellingsruimte van het net-niet onzichtbare.

het werkje ‘dictionnaire de demi-choses’ van Réquichot speelt zich af in die nieuwe speelruimte van het ‘nieuwe onechte’, de wetenschappelijke fictie.

Bernard Requichot 1956, Dictionnaire de demi-choses, huile sur carton, 53 x 36 cm



overigens. een kleine studie over hoe het corona-virus in de media gevisualiseerd werd van bij het begin tot nu zou heel interessant zijn om te zien hoe ideologisch en infantiel humaan-verkleurd onze visuele voorstellingen van die microwereld wel niet zijn: men beseft te weinig hoe die visualisaties berusten op functionele verklaringsmodellen overgoten met de grafische saus-van-de-dag. en die saus komt in de meeste gevallen uit hetzelfde potje als die van de sportredactie: de enige functie van die euh ‘stilering’ is die van de ‘suspension of disbelief’ bij de consument van het info-tainmentprodukt: ’t moet er ‘echt’ uit zien. het wordt ook wel ’s ‘design’ genoemd.


soit. het fictieve rijk der biologische wordingen gaf in de speeltuin van het Parijs van Réquichot ademruimte aan de fantasie der artiesten die de hete adem van de wetenschap ge-equipeerd wisten met almaar meer van het gezag dat zij verloren en vooral ook weeral betere camera’s. omdat de muziek zoals Kierkegaard m.i. terecht beweerde, de meest ‘onmiddellijke’ der kunsten is zien we in dat veld het duidelijkst dat het de wetenschap en de techniek is die voor een nieuwe evolutie zorgen, minder dan de ‘ideeën’ van de auditieve ‘kunstenaar’, een ontwikkeling die in onze dagen het veld van de muziek helemaal heeft opengebroken naar het gehele sonore veld als opstapje naar wat uiteindelijk misschien wel, met inbegrip van het visuele en het virtuele veld, die ene grote discipline van de ‘golvenmanipulatie’ wordt.

ik vraag mij soms af of er vanuit wetenschappelijk-educatieve hoek nog enige ernstige poging komt om iets te doen aan het commerciële monopolie van Adobe, maar als men in de wetenschap zelf al niet inziet dat heel hun doen en laten bepaald wordt door het stelselmatig verwaarlozen van hun publicatiemethoden, dat men dat overlaat aan bedrijven en niet aan de noden van de wetenschap zelf, als je ziet hoe men zich daar de poten vanonder de stoel laat afzagen, is er weinig reden om aan te nemen dat we hier iets anders kunnen doen dan de algehele afgang zo pijnloos mogelijk te ondergaan. sic transit gloria mundi.




soit, ten tweede male. in hoofdstuk acht raakt Chevrier weer effen aan de kern van de zaak in enkele paragrafen die gewijd zijn aan de eigenlijke praktijk van Réquichot. in de zomer van 1956 verblijft Réquichot enige tijd op het ouderlijk domein in Asnières-sur-Vierge en hij beschrijft in een brief aan zijn vriend de Kunsthandelaar Cordier dat hij dagelijks een viertal doeken maakt uitgaande van een ‘truc’ (ik zou zo’n ‘truc’ een algoritmische handelwijze noemen, een programma dus) waarmee hij experimenteert om te zien waartoe het automatische verloop van de handeling in kwestie leidt.
van die vier doeken (zijn uitvoer) wordt er elke dag 1 weerhouden voor latere verdere zuivering (‘épuration’), de rest wordt ‘gerecupereerd’. nadien volgde dan ongetwijfeld nog een meer radikale ‘uitzuivering’, vooraleer het naar de bestemming kan, zijnde Kunsthandelaar Cordier.

het is een interessante oefening om je te verbeelden dat je met een soortgelijke praktijk bezig bent en je dan af te vragen
a. of je van alle doeken er 1 zou vernietigen mocht je in staat zijn (financieel en praktisch) om ze allemaal te behouden
b. welke criteria je zou gaan hanteren om doek 1 te behouden en doeken 2,3 en 4 niet
c. wat er met die criteria zou gebeuren mocht ‘jouw’ Réquichot een vrouw zijn
d. wat er zou gebeuren als deze praktijk niet privé, in de beslotenheid en afzondering van je kot zou gebeuren, maar onmiddellijk publiek, zonder noemenswaardige uitzondering en zonder enige vorm van (auto)censuur achteraf (autocensuur speelt uiteraard altijd mee als je weet en beseft dat je in al je handelingen ‘publiek’ bezig bent, als je voor jezelf het onderscheid tussen ‘publiek’-‘privé’ enerzijds maar ook dat tussen ‘publiek’ en ‘auteur’ hebt verlaten, het valt dan samen met gewone socio-psychologische inhibitie).

dat laatste is, ter info, wat ik in mijn praktijk doe, ook al is mijn ‘publiek’ dezer dagen heel erg beperkt door de algoritmes van de sociale media die mijn ‘publiek’ in functie van klikwinst voor het bedrijf in kwestie berekenen en buiten mijn bereik gaan bepalen (dat is nou eenmaal ‘wat het is’. voor ieder van ons is dat de ‘realiteit’ in deze dictatuur van de commerciële exploitatie): ik kan die de facto beperking enkel opheffen door ervoor te betalen bij het bedrijf zelf (Facebook) of door mijn ‘productie’ af te stemmen op de verkoopsvoorwaarden van kleinere locale bedrijfjes (uitgeverijen en aanverwante mini-exploitanten), de enige weg waarlangs ik bij mijn Vlaamse overheid kan aankloppen voor ‘subsidie‘, sommen gelds waarmee ik dan nog meer ‘aandacht‘ zou kunnen kopen, maar waarmee ik bij toekenning ook ‘automatisch’ erkend zou worden als ‘kunstenaar’ of ‘auteur’, waardoor op soortgelijke wijze gesubsidieerde euh, organen ook geneigd zouden zijn om aandacht aan mijn praktijk te geven, want aja die Vervelende Veek staat nu op de Lijst, begot.


oei, oei. nee hoor, pffft, laat maar, we gaan niet moeilijk doen è, ik hoef die centen of uw aandacht niet, ik blijf veel liever braafjes in mijn kot alwaar ik tenminste ongestoord en vrij en hopeloos ongeschikt voor welke vorm van productie dan ook (zo ‘ziek’ ben ik idd., dat is onlangs dan weer wel probleemloos erkend door diezelfde overheid, waarvoor mijn meest oprechte en welgemeende dank) mag verder werken aan wat ik belangrijk vind, omdat ik weet uit ervaring dat je er als mens gezonder en gelukkiger van wordt..

en, tja, al de rest, uw luxe en uw reizen Waen en al uw problemen daarmee, sorry, dat staat gewoon niet in mijn halve-dingen woordenboek, ik ben daarvoor waarschijnlijk gewoon te zot, maar medisch en dus wetenschappelijk geattesteerd gelukkig vooral zeker niet slim of goed genoeg. oef seg, pfjew.

allez vooruit!

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #67

jt67 – panne le rapt en rut des métacarpes – NO MI DA

wintertaling zij limoen, speeksel zij peul
mijn sinusrescue is uw reddingsvoetcel.
zout duwt valse flarebotten, eva’s toverzaden
ter ziltivoren jouvensaalse steenselpret.

o vleugeltakte splijter eikzwamnacht die
in ’t geraamtenicht kersensabelt hervelkruid
en zicht opt regenboog verpunt. majusculen
op de manuscriptenhoop in anemonenschijn,

margamalen, mondgepikte maagman met vazalen
culmiterend overhutseposerig gepacoteilde:
zathematisch strijkt uw trakeltoten ijzertrui

eoleert en brokaliet, motahiert en harpigrijt
molenarmenteert gebeurtig uw chopincol
datschotinol. bargoenbarbaar. bourdonpilaar.


BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #66

jt66 – la valeur tactile procéde d’une réification du geste pictural – SA LI LA

in hoofdstuk VII van Chevrier’s boek [CHEVRIER2019, p.111-147) zitten we ineens in 1956, het jaar waarin Réquichot verftubes leegspuit op zijn doeken, en die er dan weer afpulkt en op karton collageert. Chevrier plaats die praktijk met heel veel deskundigheid in het versplinterende landschap van de abstracte kunst in het Parijs van de jaren ’50, maar al dat pamfletair geblaat en die wollige artistieke doctrine verliest nu al zelfs haar historisch belang: je verklaart er niks mee voor de huidige toeschouwer door die ongetwijfeld boeiende cafédiscussies te willen duiden of reactiveren, dat is allemaal van strict lokaal belang. Chevrier laat in dit hoofdstuk dan ook vooral het werk zelf spreken, veel tekst is er niet.

maar in de detailbeschrijving wordt het dan wel weer interessant omdat je daar voldoende info krijgt om een idee te krijgen van de praktijk zelf van Réquichot. zo wordt Chevrier terecht lyrisch over het werkje “PEKAT’ LOKAILLE’ van 1960, een ‘late’ uitbloei uit die praktijk (’t is laat want in 1961 is het ‘ultiem’ al en daarna gedaan).

ja, ik zou het citeren wat Chevrier daarover schrijft want ’t is de moeite. maar ik heb geen zin om dat allemaal over te typen en als ik het fotografeer overtreed ik de wet. ach, het boek kost amper €65, ah nee oops sorry update: €100, maar koop het toch maar nu want straks kost het allicht €200 of meer!

Bernard Réquichot: Zones sensibles (Art) (French Edition): Jean ...
PEKAT’ LOKAILLE in een illustratie op Amazon.com

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

journal intime #64

jt64 – le spirale des contraires promet une pénétration de l’infini – AHM MAI NI

het Frans is merkwaardig genoeg van een ‘auteure‘ zoals Chevrier het voorbeeldig schrijft: Danièle Chauvin over William Blake in haar ondertussen ook alweer onbetaalbare Blakestudie L’Oeuvre de William Blake, Apocalypse et transfiguration.
zo gaat dat nu eenmaal met kunstboeken: die worden met veel poeha gepresenteerd, in een paar duizend exemplaren teveel gedrukt want nauwelijks verkocht en dan gedumpt in de ramsj en een paar jaar later zijn ze dan onvindbaar en/of pokkeduur, en de beweringen erin de facto onleesbaar wegens ‘auteursrecht’. het werk van Danièle kan je nu vinden vanaf €100, op Google books kan je de eerste 70 blz ofzo wel lezen.

gelukkig zijn er voorlopig nog de bibliotheken, maar ja die zijn nog ff dicht nu, dus ik kan onmogelijk achterhalen wat Danièle verder schreef over de zonneschelp in de beeldtaal bij Blake, buiten wat Chevrier ervan citeert, nadat hij haar naam in de tekst verkeerd schrijft als ‘Danielle’, [CHEVRIER2019, p.93] want kunstboeken mogen dan wel pokkeduur gelanceerd en verkocht worden een grondige naleesbeurt voor het naar de drukker gaat, dat zou toch wat veel afdoen aan de uitgeverswinsten en goh wie leest die crap ook è, zo’n Kunstboek koop je toch om te etaleren en om af ’n toe ’s in te bladeren bij het houtvuur met een blondje (M/V/O) op de schoot…

de meerwaarde van een tekst gedrukt te hebben voor mij is dat ie tenminste een redactie heeft doorstaan, dat kan ik zelf niet, want je leest nu eenmaal over je eigen fouten heen, keer op keer, aja, anders zou je ze niet maken…

soit.

de tekst van Danièle (Danielleke dus, voor Jan-Frans) (universitair geproduceerd met centen van onze Zwitserse medemens) zit dus ondertussen als ‘beschermd eigendom’ terdege achter slot en grendel bij Google, het bedrijf dat zo sympathiek leek in 1998 toen Microsoft nog de grote boeman was op IT-gebied. het enige wat Google nog moet doen om ook de de facto gebruiksrechten van de tekst te verwerven is wachten tot de conservatie dan wel de raadpleging van de fysieke tekst onbetaalbaar wordt, of te duur alleszins want dan kan het de inzage in haar scan terug verkopen aan de voormalige ‘eigenaar’.

het kan verkeren, zei Bredero en hij dacht: maar veranderen doet het nooit.
of: “data is alles”, zei gisteren nog onze eminente virologe Erika De Vlieghe.

bon. Chevrier heeft net vaagjes gewezen op de ‘erotomachie’ (de penis-evocatie) bij Réquichot en die term heel netjes bij mijnheer Raoul Hausmann over mijnheer Pablo Pikasso geplaatst zodat het helemaal ontdaan is van het vulgaire gelul) citeert, bij een breedsprakerige beschrijving van een doek van Réquichot die niet meer doet dan beschrijven wat we inderdaad kunnen zien op het schilderij, alsvolgt:

“On pense à “la spirale triomphante du soleil-coquillage” identifiée par Danielle [SIC] Chauvin dans l’imagerie de Blake. La “spirale des contraires”, remarque l’auteure [bravo Jan-Frans!], “promet une pénétration de l’Infini; forme de l’energie toujours en expansion, elle est aussi celle de la contemplation involutive”.

[CHEVRIER2019, 93, commentaar tussen vierkante haken van mij, dv]

en dan stopt het hoofdstuk. joa sèg!

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

journal intime #63

jt 63 – ce binôme psychique – KO ROO NA

als we met ons vingertje in de lucht een spiraalbeweging maken stellen we vast dat we die beweging in twee richtingen kunnen maken. maar die richting is relatief ten opzichte van ons gezichtspunt.

het is nuttig, vooral voor mensen met een beperkt ruimtelijk inzicht zoals ik, om jezelf dat ’s te demonstreren. draai met je ene hand een vingertje in lussen in 1 richting en met je andere een vingertje in de andere richting.

beeld je al draaiende nu een as in achter je ene hand waar je al draaiende gaat ronddraaien, en maak die draaibeweging met je draaiende vingertje (hou het andere draaivingertje stabiel): op het moment dat het draaiende vingertje naar jou wijst zie je dat beide vingertjes nu in dezelfde richting draaien.

als je even verbaasd bent als ik bij deze vaststelling, heb je evenmin een euh briljant ruimtelijk inzicht… ;-)

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #62

jt62 – apprendre à chacun l’art de fonder sa propre rhétorique est une oeuvre de salut public – THA LJA SOE

Afbeelding kan het volgende bevatten: tekst

[CHEVRIER2019, 56]

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

journal intime #61

jt61 – Par le geste l’esprit s’éprouve comme un principe rythmique – IE ZO IE LA

“Door het gebaar ervaart de geest zichzelf als een ritmisch principe” : Jean-François Chevrier over de spiraal bij Réquichot. Ik moet het hier helemaal citeren want het is gesteld in een loepzuiver Clauwaerts, de taal die enkel de Groten der Artspeak machtig zijn:

Liant, reliant des lieux séparés, opérateur de continuité, mais aussi mouvement étiré, acceléré et précipité dans le vide, la spirale est l’opérateur exemplaire de l’ “ambiguïté méthodique”. C’est le chiffre d’un accord, diversement modulé, entre deux orientations contradictoires, centrifuge et centripète; l’image d’une technique de navigation, entre deux eaux. Le geste noue et dénoue, condense et disperse. Par le geste l’esprit s’éprouve comme un principe rythmique. Il se règle sur les courants sous-jacents à l’apparence des choses distinctes et séparées, autant que sur un mouvement d’éloignement, de derive. Il noue et dénoue.
[CHEVRIER2019, 48-49]

Juist. Sta mij toe dat ik de vertaling aan Google of DeepL overlaat, ik heb het tenslotte al overgetypt!

Dat is dus wat een spiraal is bij Réquichot. Het is wat het is.
Maar hoe gebeurt een spiraal? in het algemeen? bekijk even onderstaand schema. Het tijdsverloop in het schema is klassiek Westers, van links naar rechts dus:

we kunnen in het gebeuren van een spiraalbeweging drie fasen onderscheiden: de aanloop, het eigenlijke verloop en de uitloop van de spiraal.

in de AANLOOP komt de spiraalbeweging tot stand, aangedreven door interne dwang die bij de uiting op een weerstand botst, terugvloeit en op de oorspronkelijke voorwaartse beweging terugvalt om met vernieuwde impuls weerom de weg naar de weerstand aan te vatten.

voorbeeld: in de handbeweging vervult de perimeter van het bereik van de pen de functie van weerstand bij de opwaartse beweging voorwaarts zodat die zich omzet in een neerwaartse beweging achterwaarts en terugvalt op de oorspronkelijke voorwaartse beweging en creëert zo het grafische spoor van de lus

gedurende het eigenlijke VERLOOP van de spiraalbeweging verloopt de beweging voldoende regelmatig zodat we kunnen spreken van een geldig verloop: de spiraal is als spiraal herkenbaar, we kunnen haar als dusdanig valideren.
die validatie gebeurt aan de hand van een hulpmiddel, de enveloppe van de spiraal. de enveloppe van de spiraalbeweging wordt gevormd door de minima en de maxima van de uitzwaai (de grootte van de lussen). merk op dat de enveloppe bovenaan een golfbeweging maakt en onderaan een rechte lijn aanhoudt, congruent met de bewegingsrichting van de spiraal, die in het schema stabiel is van links naar rechts. da’s omdat we prefereren om een ‘onregelmatige’ spiraal als basis te nemen, want bij een regelmatige kan je uiteraard langs twee zijden eenzelfde golfpatroon in de envelloppelijnen ontwaren (bij een cirkel, als de spiraalbeweging maar in 1 dimensie beweegt, zijn beide lijnen rechten). we zullen dat later dat proberen in verband te brengen met de chiraliteit van natuurobjecten die sporen van spiraalbewegingen zijn, zoals schelpen.

van het ogenblik dat de bovenlijn van een enveloppe van een spiraalbeweging een regelmatige sinusoïde vormt, kan de spiraalbeweging als dusdanig gevalideerd worden. die validatie gebeurt uiteraard in functie van iets, dus binnen vooropgestelde perimeters, criteria, want die kwantificatie (normering) bepaalt dat de spiraalbeweging voortaan aangewend kan worden of dat ze invoer voor het ontstaan van een andere regelmaat kan worden.
hier zie je hoe de spiraal zichtbaar wordt in de GeldRuimte, de spiraal treedt binnen in het Humane Zijn, ze is Geldig.
in haar geldig verloop is de spiraal intern kwantificeerbaar als ritme: haar cadans heeft een vaste frequentie. meestal hebben we enkel oog voor de spiraalbeweging in deze fase, haar Zijnsfase, net omwille van die kwantificerende eigenschap*: je kan er iets mee doen.

in de UITLOOP tenslotte verliest de spiraalbeweging haar geldigheid, de bovenlijn van de enveloppe vlakt uit en de spiraal wordt onherkenbaar, ze verliest haar hoedanigheid. merk op dat de kwalificatie, het benoemen van de beweging, haar bepaling, altijd extern is aan de beweging zelf, terwijl de kwantificatie, haar bepaaldheid, intern is: kwalificatie is afhankelijk van waarneming, kwantificatie gebeurt als dusdanig. da’s euh, nogal belangrijk.

voila: zo hebben we, in het Nederlands, een nette terminologie beschikbaar om over spiralen onder ons eenduidig te kunnen communiceren. we kunnen dat beter in het Nederlands blijven doen, want het Engels is meer Tengels (terminaal engels) dan Taal: elke term heeft daar al honderd andere definiëringen die hopeloos door elkaar lopen in de breinen van haar gebruikers, met een gigantisch kluwen tot gevolg.

eenzelfde eenduidigheid in de communicatie omtrent spiralen is in het Clauwaerts dan weer enkel bereikbaar via het verwerven van satori middels Revelerend Inzicht in de Ogen van Régine Haarzelf, wat helaas slechts 1 persoon per duizend jaar gegund is (gemiddeld).


*als we nu iets moeten zeggen over de spiraal bij Réquichot is het wel dat Bernard enkel oog heeft voor de spiraal in haar geldig verloop. voor zijn psychische constitutie was het blijkbaar een genot om in het Zijn van het verloop te kunnen opgaan. waarschijnlijk omdat hij al spiralerende niet onderhevig was aan de angoisse van het eigen Zijn, de gevangenheid in het immens complexe eigen verloop. maar zulks is, hoe interessant ook, louter hypothese.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

journal intime #60

jt60 – l’aller-retour creé une double profondeur, spatio-temporelle – TA HIE MA

de Franse tekstjes komen de volgende dagen uit ‘Zones sensibles’, de Réquichot-studie van Jean-François Chevrier [CHEVRIER2019]. koop dat boek voor het onbetaalbaar is! met de lezing van het Kleeboekje van Bonnefoit hebben we in dit journal de eerste allez-retour beweging weg van en terug naar Bernard Réquichot gemaakt.

de oscillatie, de slingerbeweging resulteert in de spiraalvorm als je de beweging op 2D projecteert. het bipolaire uit zich ook in de twee verschillende snelheden, de frequenties van ons ‘denken’ in de ruimste zin: de snelle weg van instinct en intuïtie en de tragere van de rede, de bespiegeling die au fond een waarneming van het waarnemen is, een recursie met een tijdsverloop ertussen, een verschil dat het verschil maakt (cfr. Gregory Bateson].

bij Réquichot leidt het beleven van die polariteit tot de volgende vaststelling, een stelling die hij noteert in zijn ‘kroniek zonder data’ een reeks titelloze notities die men dan maar ‘journal sans date’ is gaan noemen:

Théorème: regardez un tableau de très près et vous y verrez les tableaux futurs; regarder-le de très loin et vous y verrez son origine.

Stelling: kijk van heel kortbij naar een schilderij en je ziet toekomstige schilderijen; bekijk het van een afstand en je ziet de oorsprong ervan.
Bernard Réquichot [REQUICHOT2002, 119]

Chevrier citeert dit aan het begin van zijn hoofdstuk IV – ‘Proche et lointain, plein et vide’ [CHEVRIER2019, 43] en volgt van daaruit een spoor van verklaringen van werken. boeiend maar in het dagboek zelf wordt dit onmiddellijk gevolgd door een opmerking over de tijd die deze stelling in verband brengt met Réquichot’s fixatie met het Moment:

La limite du temps est celle où la vitesse l’arrête en suspens.

De limiet van de tijd is die waar de snelheid hem opheft in de spanning.
Bernard Réquichot [REQUICHOT2002, 119]

als je deze twee gedachten samen neemt, zie je hoe Réquichot de oscillatie aan het denken is als een recursie van het gebeuren in het brein en als een analogie voor zijn werk.

van heel kortbij zie je in zijn spiraalwerken de oscillatie gebeuren in de hand die de spiralen tekent op het blad en die spiraalbeweging de vrije loop laat. er ontstaat een groei van intensiteit die de spiraalbeweging in een opwaartse lijn dwingt: haar climax is haar verdwijning, de toekomst.
als je het schilderij van veraf bekijkt zie je niet meer die toekomstige verdwijning van de beweging maar de sporen ervan, haar verleden.

wat hij suggereert is dat een oscillatie ook in het kijken de tijd zou kunnen opheffen in de spanning tussen de twee extremiteiten, net zoals dat bij een orgastische climax gebeurt waar de cognitieve waarneming samenvalt met de instinctieve ervaring in Het Moment.

de realiteit confronteerde hem echter steevast met de schaamte van de volslagen verdwenen spanning in het werk dat zichzelf beëindigde zonder ooit een ‘echte’ climax te bieden aan zijn creator.

A la découverte d'une oeuvre de Bernard Réquichot - Galerie Alain ...

Bernard Réquichot, Sans titre, 1960, encre et rehauts de gouache sur carton, 70,6 x 104 cm

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

journal intime #56

jt 56 – la ligne dansante – LA IE

men stelt in de neurologie vaak, zo vang ik dat tenminste op want ik ben net zoals u waarschijnlijk, een volstrekte leek daarin, dat het brein twee snelheden heeft: een snelle, impulsieve weg waar geen beredenering aan te pas komt maar die tegen de snelheid van de electriciteit informatie doorgeeft van receptoren aan ogenblikkelijk reagerende reactoren en daarnaast een tragere cognitieve weg waar menige complexe filtering, inhibitie en bespiegeling gebeurt.

men kan natuurlijk net zo goed, misschien zelfs beter zeggen dat het lichaam twee snelheden heeft: die van de ogenblikkelijke respons en die van de gewoonte. dan hoef je die oude lichaam-geest dualiteit niet blijven vooruit projecteren op een introspectie die nooit een ‘echte’ exterioriteit kan bereiken. niet proberen zeggen wat het is, maar laten zien hoe het gebeurt. het imponeert mss minder want het is veel minder complex dan, maar waar diende dat scheermes van Ockham ook alweer toe?

soit. wij houden ons hier voor de simpele en gaan op z’n simpels verder.
ons lichaam heeft dus twee snelheden. in de snelle snelheid voelen we, dat is ons bange prikkelbare lustige lijfje, in de tragere wonen we, dat is ons lichaam als gewoonte, waar ik mijzelf kan zijn etcetera.

maar in elk van die twee snelheden loopt het lichaam samen met het voelen van het lichaam, én met het wonen in het lichaam. het is altijd dezelfde samenloop van omstandigheden.

net zoals de lijn van verf die je uit een verftube op een doek zou spuiten samenvalt met de lijn verf die op het doek achterblijft: het gebeuren gebeurt en creëert al gebeurende de potentialiteit van de bespiegeling.

want het is net in de tijdelijke differentie binnen die samenloop dat er reflectie en betekenis kan ontstaan.

’t moet niet maar het kan. wij kunnen in een kliedering van Pollock heel duidelijk de betekenis van een creatieve expressie ontwaren. maar menigeen van ons ziet enkel verf die uit de tube is gespoten. want de worm is de vorm en de verf drukt zich uit en de lijn is het gaatje, het expressiepunt, maar je moet dat willen zien als spoor van een emotie ook, van een lichaam dat wat wil zeggen.

ik wil daarmee niks over Pollock beweren, laat staan over het publiek, maar bij een hond gebeurt er net zo goed een samenloop van lichaamssnelheden. maar daar ontstaat er blijkbaar geen noemenswaardige betekenis, die blijft daar potentialiteit. waarom is dat bij ons dan wel het geval? ah we zullen het nodig gehad hebben è. behoudens goddelijke interventie en congruent met het kosmische Rot van de entropie is dat de meest voor de hand liggende verklaring.

betekenis ontstaat enkel als het nodig is, omdat het lichaam anders niet verder kan, omdat het niet zonder kan. de taal als gebaar van onmacht, het Rot van het bewustzijn ziet zijn kans en slaat toe.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #54

jt #54 – la concordance sonore des choses – AAI NI PA TA

het dirigeren gebeurde blijkbaar eerst met de stok gewoon om de maat aan te geven, de kindjes in de pas te houden (je ziet zo Lully aan het hof op de vloer van het paleis beuken terwijl zijn pruik alle richtingen uitgaat) maar later ook meer en meer verfijnd met de hand in de klassieke kruisbeweging zoals voorgeschreven door Michel Pignolet de Montéclair

[BONNEFOIT2013, 6]

de degeneratieve lijn in de ontwikkeling van de Westerse muziek richting meer en meer complexiteit neemt een kattensprong in de Romantiek wanneer Franz Liszt zijn briljante melodieën en phrasen met de handen in de lucht begint te tekenen en de opwippende violisten in de bak zich moeten reppen om hem te kunnen volgen.

Klee komt dan ook in zijn navolging van de spatio-temporele muziekanalyse van Ernst Kurth al vlug tot sinusoïde lijnen die de brute kwantificatie van de beweging lijken te ontstijgen:

Paul Klee Theorie van de picturale vormleer BG 1.4/82

de genealogie van de kwantificerende recursie komt mooi tot uiting in de analogie die Klee maakt: het lijken stappen van een man in de sneeuw: de bewegende muziek is zelf beweging maar ook en tezelfdertijd spoor van een achterliggende beweging, de muziek drukt geen liefde uit maar de beweging die de liefde als emotie maakt.

de cognitieve recursie volgt het spoor van de intuïtieve en legt die vast in ontologiserende schema’s: ze geven zo de mensen houvast, maar de dynamiek veroorzaakt ook meteen de nodige antagonie in het creatieve spanningsveld.

de reïficerende degeneratie komt pas tot een echte recursie in het feitelijke gebeuren van de simulatie in de informatietechnologie waarbinnen het menselijke een ‘afwijking’ wordt ten opzichte van het mathematische stramien, indien men dat weerstandsloos zijn gang laat gaan, want dan vertaald het de kosmische entropie naar de locale negentropie.

vergelijk daartoe ’s het lijnenspel dat de Amerikaanse creatieve programmeur Jim Andrews genereerde op basis van enkele wat hij dan exotic functions noemt:

de beweging gegenereerd door humane code valt samen met de picturale beweging die Klee op het spoor kwam in de muziek .

het is misschien maar goed zo dat de hoge humane en uiterst complexe aspiraties toch weer samenvallen met de sonore eenvoud in de harmonie van de kosmos. we hadden en hebben het blijkbaar allemaal al heel de tijd in onze handen.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

Réquichot – dagboek zonder dagen (11)

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

In het plastisch-analytische experiment is het onderzoek onlosmakelijk verbonden met de expressie: het onderzoek is een begeleiding, een middel en een effect van de expressie, een noodzakelijke en fatale aanvulling. Vanuit dat oogpunt bekeken is het experiment geen ‘zuiver onderzoek’, maar een manifestatie van werkelijkheden (psychische zonder twijfel) die als materiaal kunnen dienen voor zuiver onderzoek. Het is wijze van praktijk die de theorie voorafgaat, een theorie die door iemand geheel anders dan de schilder kan worden uitgevoerd en die overigens eens zij op punt staat perfect onnuttig lijkt te zijn (de theorie is maar een gedachte).

[REQUICHOT2002, 115]

journal intime #53

jt 53 – temoignages des mouvements accomplis dans le passé – AAI NA WA

Klee heeft relatief weinig aandacht besteed aan het schrift als ‘onmiddellijke uiting van de ziel’ in het visuele spoor van de grafiek. we moeten het grafologische spoor dat naar de nogal aangebrande Klages leidt nog verder uitdiepen, maar we volgen nu Bonnefoit in haar betoog en komen bij het belang van de muziek in de theorievorming van Klee.
volgens Bonnefoit wordt het belang daarvan in zijn eigenlijke Bauhauscursus in de vele boeken die daarover zijn verschenen nogal overschat [BONNEFOIT2013,6]

’t is pas wanneer het ritme ter sprake komt dat het muzikantenkind en de getrainde violist Paul Klee de muziek opvoert en wel voornamelijk via de bewegingen van het dirigeerstokje van de dirigent. merkwaardig want die analogie gebruik ik ook steevast om het concept van het Asemisch Lezen uit te leggen aan geïnteresseerden en dan begrijpt men ook meteen en volkomen waar ik erlmee naartoe wil. ik vind het dan ook bijzonder curieus dat Klee het vernband met het schrift niet zag, of niet uitdrukkelijk wou leggen.

wat hem tegenhield is misschien wel dat hij het muzikale ritme als afgescheiden van de louter akoestische ritmiek (de trillingsfrequenties van het geluid) en de natuurlijke ritmiek (de omwentelingsbanen van de planeten, het dag-nacht ritme, de wisseling der seizoenen, eb en vloed,…) bestempelde als manueel-culturele ritmen (de dirigent met zijn stokje) of tenslotte als ‘Facturale Rhythmen’, gelede* ritmiek, die meer een spoor waren van beweging dan eigenlijke beweging

de natuurlijke ritmiek in de bloei en groei van planten – Philipp Otto Runge – National Gallery of Art, Washington, D. C., online collection, Public Domain, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=23710529

in zijn eerste benadering volgde Klee de ideeën van Friedrich von Schlegel (1772-1829) waarbij vanuit het punt van de basisklank middels voortdurende variatie zich ‘arabesken’ ontwikkelden waarin je de lijnen van de organische groeibeweging van het vegetale kan ontwaren. de onderliggende geometrie die deze groeipatronen veruitwendigen, blijven echter verborgen in het punt van de genèse, een oorsprong die voor ons stervelingen rondwarend temidden onze grotshit, onbereikbaar blijft.


Klee wou echter duidelijk een nieuwe Kunst genereren op de zuivere basis van de lijn en de vorm, en een publicatie die hem daarbij misschien bijstond waren de Grundlagen des linearen Kontrapunkts: Einführung in Stil und Technik von Bachs melodischer Polyphonie van Ernst Kurth die ook werden onderwezen in het Bauhaus. Bonnefoit detecteert veel overeenkomsten in dat werk en wijst op Kurth’s karakterisering van de praktijk van de muziek als een formalisering geboren uit beweging die een beweging symboliseert (“mise en forme née d’un mouvement et symbolisant un mouvement”) een verwoording die wel heel erg lijkt op Klee’s bewering dat het visuele werk geboren wordt uit een beweging die “zelf beweging is, gefixeerd en waargenomen [door de toeschouwer] in de beweging”.

het is voor ons toch wel een belangwekkende passage dus ik citeer Bonnefoit over Kurth hier onvertaald en voluit (noodgedwongen per printscreen uit de e-publicatie die ik kocht want – o wonderen der techniek – het kopiëren van de tekst is mij blijkbaar niet toegestaan en een eenduidige manier van verwijzen is bij gebrek aan paginering ook onmogelijk, GRRRRMBOFFUAHIAoemph):

[BONNEFOIT2013, 6]

het is duidelijk dat de prioriteit van Klee bij de ontologische Bildung ligt, de beheersing en de gecontroleerde uitbouw, want in het schrift heb je zijn ideaalbeeld onmiddellijk al en letterlijk voorhanden.

maar daar kan je geen Meester in worden, want daar blijft de expressie van iedereen sowieso evenwaardig, en dat is nou net dat tikkeltje te ‘echt’. in de gesystematiseerde versie van Klee wordt de hogere cognitie bewust ingeschakeld om het Spoor van het Verleden te volgen.

de populaire cultuur zal echter na WOII vrij snel dat harnas van het controlerende en gecontroleerde verleden afwerpen in een ‘bevrijde’ beleving van het onmiddellijke heden (cfr. DEBORD) en de Kunst als curiosum of belegging verwerpen/commodificeren/verhandelen.

om dan in onze uiterst singuliere en tumultueuse tijden tot de vaststelling te komen er voor enige echte vrijheid er door de eigen virale overwoekering van de mensheid van de planeet in het noodgedwongen dictaat van de toekomst helaas geen plaats meer is, tenzij in de gesimuleerde werkelijkheid online.
maar daar geldt vooralsnog de Regel van de Uitgestalde Waren: you can look, but not touch.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

journal intime #51

jt51 – l’ Art pénètre le vide de l’ Être – WI JO LA NI

het verhaal van het KunstKleed.
lekker kort door de bocht, want de tijd dringt: de opgeschrikte Ratten komen terug van hun privéstranden en nemen de verstilde steden alweer in.

met de uitvinding van de fotografie heeft niemand de mimetische bedrevenheid van de kunstenaar nog nodig. de crisis van de schilderkunst is voor de schilders een existentiële crisis omdat ze vanaf dan hun waarde moeten gaan aantonen in weerwil van het evidente. daar waar de fotografie in overvloed een objectieve werkelijkheid te kennen geeft dient de kunstenaar de suprematie van de subjectieve realiteit aan te reiken.

de dingen moeten een ziel hebben die enkel door de kunstenaar zichtbaar kan worden gemaakt. de camera, zo luidt het nieuwe dogma, geeft enkel het oppervlakkige weer.

Kunst geeft niet het zichtbare weer, maar maakt zichtbaar

Paul Klee – Schoepferische Konfession, 1920

het bezielen van de dingen noodzaakt een recursie van de fictionalisering, en die recursie kan enkel maar een humaniserende reductie zijn: alle dingen hebben een gezicht, een fysionomie: planten maar ook humane artefacten worden bekleed met de humane agentia: er zit platoonse kak in alle dingen.

net zoals er in de mens een homunculus zit die zijn essentie is zit er in de plant een zaadje en in het potlood een potloodziel: het Zijn van het potlood, het Wezen van de plant.

de valorisatie van deze dubbele fictie is afhankelijk van haar spektakelwaarde: het moet het publiek te leven geven. dus de Kunstenaar moet de idoolwaarde van de geniale creator verkrijgen door zijn Meesterschap, waarna het publiek zich in de musea zich mag komen vergapen aan het gecreëerde Patrimonium: de hand- en gezichtsloze kutten van Meester Rodin bv.

aja want platoonse kak is per definitie mannelijke kak. vrouwen mogen enkel Zijn als ze Nuttig zijn. de vrouw mag de Kunst aantrekken als een Kleed, dat heeft wel iets.

maar jee o jee het publiek wil niet meer mee: de evidentie is te groot, wat men vertoont is kinderspel, de realiteit is anders en veel plezanter op TV. wat er nog rest van de valorisatie van de Artistieke weergave van het fictieve innerlijk van de fictieve Dingen is enerzijds Brol gegenereerd door miljoenen miskende Kunstenaars en anderszijds Brol gegenereerd door enkele tientallen Erkende Meesters, erkend door de markt via spektakelveilingen op Sotheby’s en Christie’s en dan nog de almaar complexere Brol van enkele duizenden Meester-leerlingen die door de ongelezen vakpers voor de incrowd worden de hemel ingeprezen, omdat hun bestaan nu eenmaal afhangt van de business van de Kunst.

Bernard Réquichot gaat een leven lang op zoek naar een antwoord op de vraag ‘Wat is het Zijn?’.
omdat het ‘wat’ van een fictie enkel als leegte kan gebeuren, ontdekt hij enkel de eigen horror vacui, de angoisse van het zelfbewuste dier en springt uiteindelijk in wanhoop uit het raam.

de Kunst zelf loopt uit in haar al even voorspelbare einde: bij gebrek aan kwalificatie door de ander rest er enkel de kwantificatie van de marktwaarde en die is uiteindelijk volslagen contingent, die kan enkel gebeuren als ‘marktwaarde’.

want in Essentie Zijn alle Dingen nu eenmaal even Leeg als hun Woorden.
alleen het Echte gebeurt.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #50

jt#50 – visage d’un débacle – OH BA MA

in het begin van vorige eeuw ontstaat er vooral in Duitsland een ware hausse aan psychologiserend onderzoek naar wat daar zelfs de Ausdruckswissenschaften is gaan heten. Het meeste daarvan, zoals de grafologie en de psycho-fysionomie wordt heden grotendeels en terecht afgedaan als pseudo-wetenschap, maar we zitten daar met een behoorlijk kind-badwater probleem, want de technologie is ondertussen voldoende doorgerot zodat bepaalde intuïtief verkondigde ‘waarheden’ van toen daarin nu een ondersteuning kunnen vinden in big data en neural networks toepassingen.


die technologische degeneratie – we noemen het nog steeds ‘vooruitgang’ maar kom ik zal voor een keer de methodische omkering van de zinloos-humane projectie op een sowieso onbeheersbaar proces neutraliseren en ‘objectief ‘ spreken van een technologische voortgang – die technologische voortgang boezemt ons behoorlijk wat angst in, we hebben daar zo onze redenen voor. we leren dan wel niet uit onze geschiedenis, maar we onthouden het wel, zij het dan heel erg selectief.

immers: de (terecht) verguisde profileringen van mensen op basis van hun fysionomie, de destijds druk bestudeerde werken van de Zwitserse theoloog Johann Caspar Lavater geven de nazi’s voldoende ‘wetenschappelijke’ geloofwaardigheid om hun afgrijselijke raciale theorieën ‘hard’ te maken met de gekende verschrikkingen tot gevolg.

op soortgelijke wijze zien we heden flippende scientologisten, doordraaiende neo-liberalen en ideologische nijdigaards van alt-right de bestaande en helaas ook uiterst functionele profileringstechnieken op de sociale netwerken gebruiken om hun ‘het is wat het is’ filosofie van ik-eerst-en-de-rest-kan-stikken aan de man te brengen. traditioneel links vindt daar voorlopig geen afdoend antwoord op omdat de vrijheidsideologieën vooral gebaseerd zijn op een concept van ‘vrijheid’ dat enkel in de hoofden van de gepriviligeerden leefbaar en werkbaar is, op voorwaarde met name dat je bereid bent om te blijven ontkennen dat jouw ‘vrijheid’ gebaseerd is op de meedogenloze exploitatie van anderen en dat betogen voor het klimaat nogal knullig staat als je eigen gedrag de grootste oorzaak is van de planetaire uitputting.

soit. dit alleen maar om aan te tonen hoe snel je van een schijnbaar onschuldig gebaar-onderzoek in de smurrie van een politiek-ideologische scheldpartij kan terechtkomen. alsof één opinie, één boekenlang uitgesponnen theorie over hoe het nou zou moeten ooit één iota aan het verloop van de geschiedenis zou veranderd hebben. waar theorieën wel steevast wonderwel in slagen is het aanreiken van een reden om aan het moorden te slaan. wij, doen wat we beter zouden doen? de mens die een rationeel advies opvolgt omdat het onontkenbaar is*?
een gedragsverandering, zo leert ons de geschiedenis voor wie haar echt wil lezen voor wat ze waard is, in plaats van haar te willen aanwenden voor de eigen ideologie, komt er helaas pas als er echt geen andere weg meer is. we doen blijkbaar wat goed is voor ons alleen als we echt niet anders meer kunnen.

25000 hongerdoden per dag blijken al decennialang onvoldoende om iets aan ons gedrag te veranderen. de 183.489 officieel geregistreerde coronadoden mondiaal op vier maanden tijd kwamen al wat beter in de buurt, de dreiging die ervan uitging was toch al voldoende om ons te doen herinneren hoe een klare blauwe lucht eruit zag, hoe het proefde. om ons te doen inzien dat de minstbetaalden onder ons het meest onmisbare werk deden. maar of we dat lang gaan onthouden?

of het op termijn iets aan ons gedrag zal veranderen, dat ga jij uitmaken, samen met de 7,8 miljard anderen voor wie je nu leert een mondmasker te dragen, maar de kans is groot dat je eerst nog ’s uitgelegd moet krijgen dat dat masker niet dient om jou te beschermen maar om de ander te beschermen voor de bedreiging die jij bent, als mogelijk geïnfecteerde.

in het Oosten weten ze dat al efkens, een jaar of 5000 nog maar vermoed ik, maar wij zijn hier toch zo geavanceerd è….

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

*wat dat betreft is het enige hoopvolle dat er uit de coronacrisis lijkt te komen misschien wel de effectieve ‘wetenschappelijkheid van de toekomst‘: voor het eerst in de menselijke geschiedenis gebruiken de beleidsmakers de wetenschap echt als een orakel, men baseert beslissingen die gigantische gevolgen gaan hebben op alles en iedereen op het ‘weerbericht’ van de virologen, een ‘weerbericht’ dat ondertussen een degelijke wetenschappelijke prognose is geworden. diezelfde wetenschappelijkheid van de toekomst is er ook in een nog grotere catastrofale context wat het klimaat betreft. de volgende stap is om deze nieuwe status van de toekomst uit te breiden van enkele weken naar de kritische drempel van een electorale periode. maar zoals ik in de rest van dit artikel ook aangeef: het heeft geen zin om dat gaan te betogen, die evolutie is bezig en niet tegen te houden. vragen rond de wenselijkheid van die nieuwe status hebben al evenmin enige zin.

het enige wat we kunnen doen is hopen dat we met z’n allen de echte ‘betekenis’ van het gebeuren voor ons, achterblijvende mensheid, leren lezen, want dat lezen impliceert meteen dat we actief gaan meeschrijven aan het onontkomelijke en dat is het enige wat écht mensenlevens kan redden. maar zo te zien hebben we nog x-aantal lesjes in nederigheid nodig…

journal intime #48

jt#48 – l’ art s’impose à l’ oeil – TAI TA PÁ TA

in zijn composities neemt Klee het oog van de toeschouwer mee op een wandeling. want waarnemen is een proces dat verloopt in de tijd, het oog tast af, men ziet niet iets, men leest iets, zodat het in het bewustzijn kan gezien worden. kijken is constructie.

in die visie wordt de toeschouwer enkel getolereerd, er kan nergens sprake zijn van enige actieve betrokkenheid, laat staan mede-creatie zoals bij het Asemische Schrift in haar ‘open’ varianten:

[BONNEFOIT2013, 3 L’oeil_en_promenade]


de waarneming is voor Klee een toe-eigeningsproces, net als voor Réquichot die de bergen en de zeeën wil signeren, en ze zodoende welhaast in te lijven, te incorporeren want zijn signeren is een lijflijke toe-eigening van het beschreven vlak, een snee, een penetratie, een verschil dat het verschil maakt: betekenis.
de Kunst is altijd een fallocratisch dictaat van de visie van de Kunstenaar, die de natuur tot zich heeft genomen en haar nu deelt met de lezer/kijker, de hypocriet, son semblable, die dan ook vol zijn verachting genieten kan.
het Publiek is de laffe massa die door het genie onderwezen dient te worden in Park Slope, de gecommodificeerde Natuur waar zelfs de volle maan haar vaste stekje heeft, netjes zich spiegelend in de vijver. Verboden het gras te betreden.

het Modernisme heeft geen plaats voor een actieve Lezer, een kijker die mede-creator is. van de hand van de Schilder vloeit het Dictaat van de Logos, het Zijn en de Dingen: zijn Ding.
maar anders dan bij Réquichot is er bij Klee nog sprake van intellectualistische en esthetiserende verhulling van de geënsceneerde publieksfornicatie. Klee is nog de potente verleider, en hij verkoopt dan ook dat het een lieve lust is. Réquichot is de zielige masturbator die zich schaamt voor zijn hoogst-individuele expressie, die al geen expressie meer is van zijn bewuste ‘ik’, maar een machteloze uitloop van zijn ‘essentie’: een louter lichamelijk gebeuren, waarin zijn ego leegloopt zonder een climax te bereiken.
de ‘angoisse’ van het ik wordt bij Réquichot zodanig ten top gedreven dat het geen ‘ik’ meer is, maar een ‘het’ dat gebeurt. de wandelaar in het park is een obscene lokker geworden die een toeschouwer nodig heeft om zichzelf te kunnen zien gebeuren.

het publiek keert zich dan ook walgend af van deze Kunst die haar eerst
verleidde en verkrachte, haar dan poogde te indoctrineren en nu haar wil lokken voor zielige, obscene vertoningen. de massa wordt mondig en spuwt. de helden worden kevers, nimfen en schokkende pelvissen.

maar elk eindpunt is een beginpunt, en wat Réquichot achterlaat bij zijn suicide is de potentie van het Schrift van het Echte. het valt nog te bezien wat daarmee gedaan kan worden, en vooral: door wie. want de ideologie van Joseph Beuys, ‘iedereen is Kunstenaar’ was misschien geen ideologie, maar eerder een beschrijving van wat er gebeurde, en nog steeds gebeurt. waar gaat dat eindigen, denkt men dan, en men verstopt zich diep in de bouwvallige enclave van het Auteursrot waar ons nog ons kent. de fermettekunst tiert welig, de keerbergse junkiepowezie slaat wild om zich heen.


het publiek is ondertussen al mijlenver verwijderd van de wegkwijnende, bedreigde Kunstenaar. men zingt uiteraard veel liever mee ‘Bei mir bist du schoen’ met het idool waarbij men ‘zichzelf’ kan zijn. bijna 100 jaar later stuurt Bob Dylan zijn kat naar de uitreiking van de Nobelprijs voor Literatuur.

en de techniek staat voortaan niet meer in dienst van de Kunstenaar maar ontwikkelt zich autonoom om de interactie van het auteursprodukt met het publieksobject zo optimaal mogelijk te laten verlopen.
goed is de boodschap die rendeert, mooi is wat verkoopt, en laat de theorie maar lallen.
de cultuurindustrie trekt zich op gang, de neo-liberale middenstand regeert en ontdekt uiteindelijk dat de auteur overbodig is, een verwaarloosbare lastpost. het publiek kan zich immers nog het best zèlf exploiteren. bergaf bolt alles beter.

en toen was er virus.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

journal intime #43

jt 43 – nulla dies sine linea – MA NI JO LA

het Latijnse motto, ‘geen dag zonder lijn’ , komt van Plinius de Oudere, uit diens Naturalis Historia , waar de twee meesterschilders Apellus en Protogenes elkaar proberen overtreffen en de winnaar Apelles besluit met de uitspraak dat je nooit een dag mag laten passeren zonder je lijn te oefenen. (zie BONNEFOIT 2013, 2.13)

Paul Klee schreef het bij werk nr 365 van 1938 in zijn databank met titels van werken die hij meticuleus bijhield, een gigantische cataloog is dat geworden want hij produceerde wel wat.

elke serieuze creatieve praktijk is een volhardende en methodische praktijk. dat doet niks af aan de ahum ‘geniale’ uitbarstingen van spontane creativiteit, het is alleen maar een feit dat de volhardende, methodische weg gezonder is. en iedereen kan dat, voor dat soort praktijk hoef je niet wereldberoemd of geniaal of watdanook te zijn. Klee = iedereen, wat dat betreft, de Kleepraktijk kan iedereen uitoefenen. niet iedereen is Paul Klee misschien, maar de praktijk is principieel evenwaardig. het belang dat er achteraf aan gehecht wordt, dat heeft niemand in de hand, dat schommelt ook voortdurend: gisteren vond iedereen Hugo Claus de max, morgen is hij misschien gans vergeten, tot hij plots weer herontdekt wordt, driehonderd jaar later, als er dan nog mensen zijn.

het zijn alleen de zogenaamde ‘kunstenaars’ van nu die van zichzelf vinden dat ze sowieso recht hebben op dat belang. en op de bijhorende subsidie. tja. ik gun het hen van harte, die mensen hebben dat nodig ook, want we leven in een ongezonde samenleving die hen alleen de uitweg biedt om ‘kunstenaar’ te zijn, een lot duizend maal erger dan ik zeg maar wat, kassierster in de Aldi.

voor een degelijke, gezonde praktijk: eerlijk zijn met jezelf volstaat. en volharden. en het plezant houden. enzovoort, maar dat kan niemand voor jou bepalen. niemand weet ook hoe hard jij jouw praktijk nodig hebt. dat dien je geheel zelf te bepalen.

een gezonde maatschappij komt tegemoet aan de noden van haar mensen en iedereen heeft evenveel nood aan creatieve expressie. een gezonde maatschappij zou daarom gediend zijn met een gegarandeerd basisinkomen voor iedereen bijvoorbeeld, of met recht op een creatieve sabbatical, een jaar verlof met wedde, maar dus ook voor Gwen, mijn covid-19 Heldin die kassierster is in de Aldi.

maar ja, wie wil er een gezonde maatschappij in een gezonde wereld? iedereen blijkbaar, tot ervoor moet betaald worden, tot men moet geven in plaats van te hebben en te krijgen. of leert het virus ons toch iets?

ach, alles kan veeeeeeeeel erger, het valt best nog wel reuze mee, hier.
en hij moest dat nog allemaal in schriftjes kribbelen, denk je dan misschien, bij de kribbelende Klee.

een vooruitgang is er echter niet. tegenwoordig is de routine: tekenen – scannen – uploaden – titel erbij – op ‘Publiceren’ klikken – delen op FB
een pak meer werk, dus. we leven dan ook steevast in ergere tijden.
dat maakt onze positie wel benijdenswaardig voor diegenen na ons è.

dus heb wat mededogen met die sukkelaars in plaats van jezelf zo geniaal, miskend en wat al niet te vinden: je bent alleen maar vooruit op hún tijd.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

journal intime #42

jt42 – nulle part rien de fixe – RO DA NI JA

het Frans komt weer uit het Kleewerk van Bonnefoit (BONNEFOIT 2013), waar ze een passage uit Goethe’s Zur Morphologie aanhaalt die Klee onderlijnde tijdens zijn studie voor de Bildgestaltungslehre:

BONNEFOIT 2013, 30

die herformulering van Herakleitos bij Goethe inspireert Klee tot een waarschuwing voor het amortificerende effect van het rigide formalisme, en die dubbele houding is dan weer de uitkomst van zijn haat-liefde verhouding met het Russische constructivisme. de vorm is goed als het beweging is, activiteit, maar slecht als rust, einde, doel :

http://www.kleegestaltungslehre.zpk.org/ee/ZPK/BG/2012/01/02/078/

het dode product hoger inschatten dan de activiteit is vooral ook in onze dagen de grootste pest voor elke vorm van creativiteit.
maar mensen maken eindeloos dezelfde fout zodat je niet anders kan besluiten dan dat de mens zelf de ‘fout’ is en dat waren we dan ook: het meest perfecte instrument voor het kosmische Rot.

het lijkt er op dat we de fout die we op die manier ‘zijn’ nog ’s een laatste keer gaan herhalen in de megalomane misvatting dat wij op welke manier dan ook enig eindpunt zouden zijn. integendeel: alles wijst er op dat het kosmische Rot al serdert enige tijd een meer geavanceerd instrumentarium vindt in de mechanismen die ons heden als koopwaar exploiteren, mechanismen die emergeren uit onze eigen onmachtige technieken, die zich uiteindelijk allemaal baseren op de plaag van de taal.

“maar neen, dat kan niet want wij Zijn toch De Mens!” joa. die Mens heeft vooralsnog toch maar heel weinig verweer tegen de zwakte van zijn vlees, blijkbaar. en geeft de wetenschap ons veel meer dan een klare kijk op de evidentie van een gedwongen handelingsverloop? doen we iets met de klaarblijkelijke ‘diepere’ inzichten, onze fameuze causale verbanden of gaan we straks gewoon verder met het extinctiemodel van de economische groei? kunnen we wel iets anders? of zijn we echt gedoemd om eindeloos dezelfde fout te maken tot ze niet meer gemaakt kan worden? omdat er niemand meer is om ze te maken?

dat individuen zoals Goethe en Klee ons daar inzicht in bieden geeft ons alvast het faustiaanse genot in de dramatiek van de eigen ondergang:

Faust dans l’ immense et dans l’infini!
Ah la jouissance d’être l’auteur de sa propre apocalypse!

(REQUICHOT 2002,37)

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

Réquichot – dagboek zonder dagen (10)

NKdeE 2020 – ‘The appearance mid-april of the boy Réquichot in the gestures of my thinking’ – pencil & wax crayons, A6

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

De onbewuste daad : dat wat er onbewust is in de daad.
Welke realiteit voelt er? Wat ondergaat die wanneer er een impressie naar boven komt? Wat wordt die wanneer de impressie voorbij is, de functie ervan opgeheven is? Die functie, welke impuls conditioneert die, onderhoud die of stopt die? Welk residu van zichzelf blijft er over door de herinnering?

Wat is dat, bewustzijn hebben? iets waarvan je alleen de controle hebt, een innerlijk fenomeen waar die controle deel van uitmaakt.

Eender welke gedachte wordt voor de diepzinnige geest een onuitputtelijke materie voor meditatie, alleen al omdat het een gedachte is. Er zijn geen hoge, lage, af te wijzen, te verkiezen gedachten meer, er is enkel dat middel tot reflexie dat meteen ook zijn eigen object is. De gedachten ontstaan allemaal op dezelfde manier. Ze hebben achter zich allemaal dezelfde onbekende die hen uit het donker trekt, dezelfde mengeling van wetten en toevalligheden die hen bindt, hetzelfde ogenblik dat hen tot bewust bezit maakt.

Wat bestaat er?

De dingen werden met mij geboren en ik werd elke dag geboren.

Zijn innerlijk bestaan gaat vooraf aan het denken.

p.115

Hoe kleiner het denken zich maakt, hoe meer de wil ervan afwijkt, het is daarom dat zijn macht zo min is in de schaduw ervan.

Op het moment sluit het weten het willen uit.

Onwillekeurig wil niet zeggen totale passiviteit, en evenmin vrijblijvende bewusteloosheid; er zijn actieve onbewuste materialen, ze hebben een neiging. De afwezigheid van de idee wil niet zeggen: afwezigheid van elk psychisch fenomeen.

De rol van het onwillekeurige is groot in de mate waarin de rol van het onbekende groot is.

Alle materialen worden sensueel.

journal intime #41

jt 41 – il faut que ça marche ensemble – “NA NI JA NI TA”

de Franse tekst vandaag komt uit een brief van Paul Klee uit 1921 geciteerd door Régine Bonnefoit [BONNEFOIT 2013]:

 “Ici, dans l’atelier, je travaille sur une demi-douzaine de peintures en même temps, dessine et réfléchis à mon cours, tout ça simultanément. Car il faut que ça marche ensemble, sinon ça ne fonctionnerait absolument pas”

Paul Klee, Lettres II, 983

de gletsjerbeweging noem ik dat: alles wat je doet moet samen bewegen, samen wèrken, of er werkt niks naar behoren. je moet je leven schrijven als een roman van W.F. Hermans, da’s het soort boek waarin er geen mus van het dak kan vallen of het heeft betekenis.

of als een gedicht, een schilderij van Paul Snoek: “het moet kloppen”

in functie van het genereren van die gletsjerbeweging moet je alles kunnen laten liggen tot de tijd rijp is. en ja, dat kan pas zijn als je al jaren dood bent, maar elke échte auteursfunctie vereist dat soort meedogenloos geduld, dat offer van het onmiddellijke resultaat, het illusoire product aan het uiteindelijke gebeuren dat geen doel is maar een beweging, een gang, een gaan op het Pad van de Wenende Nacht. je leven als auteur hangt ervan af.

het spreekt voor zich, hoop ik, ondertussen, dat elke gang sowieso een afgang is.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

journal intime #40

jt40 – en faisant trait je fait le vide – “weu_euh”

hm. ja maar meneer Moralès, nu zeg je’t zelf al, bijna…

uw formele, Lacaniaanse beschrijving van de ‘trait’ is een wel erg reductieve ontologisering van een gebeuren, een ontoelaatbare reïficatie van het Reële in functie van de handhaving van de Zijnsorde die zich net bedreigd weet door het Schrift van het Echte, een bevrijdende sanering van de individuele beklemming die zo van bij de waarneming al vervloekt wordt tot het Schrift van de Waanzin.

u herschrijft bij voorbaat al (always bloody already) het Echte tot een Zijn om zo het Schrift van het Echte te neutraliseren. uw captatie van de Ecriture du Réel is een verdoken Ereignis van uw Zijn!
#uOokAl

ah neen è. met heel Wuhan!

want het is dus niet zo dat als ik een lijn trek er een leegte is nadien.
want de haal, het trekken van de lijn gebeurt.
en het gebeuren van de haal is cyclisch.

het is een while (line) {...} functie

Weuh ()
// het ik bevrijdt zich uit zijn engte terwijl het de leegte lijnt

    terwijl ik lijn ():{
lijn (ik) van het unieke naar het ene;

lijn (ik) van het ene naar het enige;
lijn (ik) van het enige naar het enge;

lijn (ik) van het enge naar de angst;
lijn (ik) van de angst naar het unieke;

  }

en ‘betekenis’ ontstaat net dan wanneer dit louter lichamelijk lijn-proces door één of andere (emotieve) impuls verstoord wordt: betekenis onderbreekt het genot van de beleving.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime #39

jt 39 – le trait qui fait trou – “hiesja taija”

in ‘L’écriture du réel’ van Moralès (MORALES 2010) ben ik nu, op het einde van mijn lectuur, wel het punt voorbij dat ik hem kan volgen, laat staan bijtreden. ik begrijp het wel min of meer, hoop ik, maar ik wil hem niet volgen in de formele abstrahering die m.i. het Reële enkel kan inperken in de daad en de wens van de verklaring zelf.

als het al zinvol is om van een Schrift van het Reële te spreken, en ik ben het met Moralès vol eens dat zulks het geval is, lijkt het mij niet zozeer aangewezen om het te willen gaan verklaren omdat elke poging daartoe tot mislukken gedoemd is.

het enige wat je denkelijk met een Schrift van het Echte kan doen is het laten gebeuren, en het zodanig laten gebeuren dat het zichtbaar gebeurt.
en eens het zichtbaar gebeurt kan je gaan pogen om wat je ziet gebeuren te gaan aanwenden om enige praktijk ervan uit te bouwen, op voorwaarde natuurlijk dat zulk een praktijk de beoefenaars ervan ten goede komt, dat het gezond is, en vooral gezond maakt.

wat dat betreft zijn de theoretische bevindingen van Moralès erg belangwekkend omdat ze onmiskenbaar de origine van het Schrift in de ‘angoisse’ van het individuele bewustzijn situeert, waarmee meteen gewezen kan worden op de gevaren van een exploitatieve praktijk: je sit daar echt wel te rommelen met de fundamentele mechanismen waarmee mensen functioneren in de realiteiten die zij voor zichzelf hebben op- en ingericht.

het is geen toeval dat Moralès’ als exempel een getraumatiseerd slachtoffer van seksueel misbruik en een suicidaire sociaal onaangepaste met eetstoornissen opvoert.

de aanpak van Moralès is daarbij toch wel heel erg cerebraal, hij vertrekt van een psycho-analytisch theoretisch kader dat voornamelijk naar Lacan verwijst (waar ik al weinig van afweet), steunt zich onderweg op Heidegger en x-aantal andere theoretische bronnen waarvan sommigen wel gebouwd zijn op praktijkervaring in de kliniek, maar als hij het werk van Pierre Guyotat en Bernard Réquichot analyseert is het vooral toch een toepassing van het concept dat dan wel ‘klinisch’ wordt bijgesteld.

Moralès schrijft ook (het zal niet vanzelfsprekend blijven) vanuit de comfortzone van een Heidegeriaans Dasein met een vrij marktconforme kijk op de ‘Kunst’ waarbinnen de Art Brut dan haar rechtmatige plaats heeft verworven.

ronduit verwerpelijk, maar te futiel om je druk over te maken vind ik de navolging van hem-wiens-naam-ik-niet-noemen-zal bij het indelen van de humane activiteiten in de ‘filosofie’ dan wel de ‘kunsten’ . jakkes, hoe is dit dogmatisch monstrosum ooit de Franse academische wereld kunnen komen bezoedelen!

belangwekkender daarentegen: het is vooral ook geschreven vanuit de stoel van de analyst die de patiënt ontvangt in zijn virtuele spreekruimte.

mijn aanpak is, hoeft het gezegd, die van een enthousiaste ervaringsdeskundige. en die is
– veel meer amateuristisch (in de goede betekenis hoop ik, en dat is die van liefhebber, ja zelfs minnaar van wat ik onderzoek)
– intuitiever en praktijk gericht: theorie wordt enkel getolereerd uit onmacht omdat de theoretische gedeeltes voorlopig enkel in theorie kunnen of omdat het uitschrijven van de vermoedens tot nieuwe practische inzichten en wendingen kan leiden
– directer, lichamelijker en meer onmiddellijk gericht naar wat ik als de bron van alles zie wat het Schrift betreft, en dat is niet in het brein te zoeken, maar in de handen, het gesturale denkgebeuren

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

journal intime #37

jt#37 – le trait signe l’instant de sa disparition – “tataatadeum tadeutadam tadataadum”

wat mij bijzonder bevalt in de theorievorming van Gérald Moralès (MORALES 2010) is zijn ‘kliniek’-benadering: er is een ‘moment théorique’ en dat heeft zeker zijn bestaansrecht en functie, maar dat moment dien je los te laten op het moment dat je je in de ‘clinique’ van het concept begeeft: in die praktijk ontwikkel je algoritmisch gestuurde handelingen die in overeenstemming zijn met je theoretische inzichten, maar daar, in de uitvoering, de toepassing van die algoritmes, heeft altijd het particuliere voorrang op het veralgemeende dat steeds wel de basis blijft voor je handelingen. in programmatermen: the instance supersedes the class.

in de gezondheidszorg is zoiets vanzelfsprekend: het kan best zijn dat een 92-jarige meer kans maakt om te sterven als je haar even loskoppelt van de beademing om haar in de tuin te rollen en een blik op de lente te gunnen: in een gezonde kliniek met voldoende tijd en personeel moet zoiets kunnen want anders vernietig je wat je probeert in stand te houden.
vandaar ook dat we nu met zijn allen en ten allen prijze proberen om de gezondheid van onze klinieken te vrijwaren, iets wat de snoeiharde neo-liberale logika niet lijkt te kunnen vatten. enfin ja, ‘leek’, want nu plots wel, blijkbaar, maar je merkt toch dat het pijnlijk slikken blijft.

in die context kan je bijna niet anders dan willen lezen dat de Covid-19 crisis een rauwe penetratie is van het Echte die dwars doorheen onze collectief opgehouden waan kerft, de Werkelijkheid die we pogen gaande te houden.

Covid-19 is het gebeuren dat de Werkelijkheid van het Zijn verpulvert.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

bibliografie

ARTAUD 1947: Artaud, Antonin, Van Gogh le suicidé de la société, Gallimard, Paris, 2018, ISBN 978-2-07-076112-8

ARTAUD 1956: Artaud, Antonin, Oeuvres Complètes Tome I, Gallimard, Paris, 1956

BARTHES 1995: Roland Barthes, Oeuvres complètes vol. III , Paris: Seuil, 1995

BONNEFOIT 2013: Bonnefoit, Régine, Paul Klee. Sa théorie de l’art. Lausanne, PPur (Presses polytechnique et universitaires romandes), 2013 ISBN 978-2-88915-034-2

CHAUVIRÉ 2003: Chauviré Christiane, Phénoménologie et esthétique. Le mythe de l’indescriptible chez Wittgenstein dans Rue Descartes, nr 39, Wittgenstein et L’art (februari 2003), PUF

CHEVRIER 2019: Chevrier, Jean-François, Bernard Réquichot. Zones sensibles, Paris , Flammarion, 2019, ISBN 978-2-0814-4197-2

CV-P 2016 I: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. I: Thèse , Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CV-P 2016 II: Viallat-Patonnier, Claire, Les dimensions de l’écriture dans l’oeuvre de Bernard Réquichot. Etudes d’un processus. Vol. II: Annexes et illustrations, Paris , ECOLE DES HAUTES ETUDES EN SCIENCES SOCIALES, 2016

CR 1973: Billot, Marcel (ed.), Bernard Réquichot. Bruxelles, La Connaissance, 1973 (Catalogue Raisonné)

FREUD 1989 I: Freud, Sigmund, Colleges inleiding tot de psychoanalyse . Inleiding tot de psychoanalyse 1/2, Boom Meppel Amsterdam, 1989

KUSTERS 2014: Kusters, Wouter, Filosofie van de Waanzin, Lemniscaat, Rotterdam 2014

MORALES 2002 : Moralès, Gérald: La Poésie de Bernard Réquichot. De l’être à lettre, EFEdition, Paris 2002, ISBN 2-913786-13-8

MORALES 2010, Moralès, Gérald: L’écriture du réel. Pour une philosophie du sujet, Paris , Cerf, 2010, ISBN 978-2-204-09225-8

MURRAY 2014: Murray, Ros, Antonin Artaud, The Scum of the Soul, London, Palgrave Macmillan, 2014, ISBN 978–1–137–31057–6

OURY 1989, Oury, Création et schizophrénie, Paris, Gallimard 1989, ISBN 978-2-7186-0354-4

REQUICHOT 2002: Réquichot, Bernard: Écrits divers. Journal, lettres, textes épars, Faustus, poèmes, 1951-1961, Les Presses du réel, Dijon, 2002

VALERY I: Valery, Paul, Oeuvres Tome I, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1957

VALERY II: Valery, Paul, Oeuvres Tome II, Hytier, Jean (ed.), Paris, Gallimard, 1960

SATORAREPOTENETOPERAROTAS 21

als de overlevingskansen van een creatieve expressie afhangen van de geschiktheid qua verhoudingen voor het vigerende fetish-scherm van de smartenfoon (en dat doen ze natuurlijk in hoge mate) , dan zit het met dit stuk van de onnavolgbare dada-legende Hans – Jean – Arp wel snor.

het afgebeelde werk kreeg als benaming ‘Constellation de six formes noires sur un fond blanc’ mee en het dateert van 1957. Het is 110×35 cm, dat is een nagenoeg perfecte pi-verhouding (110/35=1/3,142857142857143‬).

deze Constellation is dan ook een zeer opzienbarend werk uit het boek ‘Revelaties van het jaar 2020’ een game-klassieker van de jaren ’70 van onze 21ste eeuw, gesampled door mijn achterkleinzoon Mon Vekemans (2053-2188) uit de geschiedenisherschrijvingsroutines die hij op punt zal stellen in het moeilijke jaar 2067*.

als je die game van hem speelt zie je het gebeuren, ja je maakt het zèlf mee hoe ik, zijn overgrootvader, de afbeelding van het werk op 8/04/2020 om precies 18u opspoor op Google (rechtsklikken en ‘Afbeelding zoeken op Google’ is dat in de Chrome-browser) en dan te lezen krijg dat deze Constellation van Jean Arp eigenlijk feitelijk het antwoord is op het Eeuwenoude Raadsel van de Verdwenen Sok!!! IsDaNiks!!! kijk maar:



over de man zelf hoef ik niet veel te vertellen: als ik zelfs al naar de NL-wikipedia pagina kan verwijzen zonder mij plaatsvervangend te moeten schamen voor de karige info daar, dan is de man op de pagina ruim bekend.

alhoewel: enige tijd terug was Franz Kafka het onderwerp van een vraag op de populaire kwis Blokken op de VRT en de twee hoger opgeleide kandidaten hadden geen enkel idee wie dat nou zou kunnen wezen. twee universitair geschoolden die niet weten wie Franz Kafka is! SATORAREPOTENETOPERAROTAS nog aan toe!

enfin, soit, je weet het nu: als je je ooit nog afvraagt bij het opbergen van je wasgoed waar die ene verdwenen sok toch kan zijn, heb je nu het antwoord: ze is naar de Jean!


*Mon, regel dat ’s dat ik dat niet allemaal moet uitleggen altijd! dedju!

prog. manifest (ontwerp)

SATORAREPOTENETOPERAROTAS oba het NKdeE DRAAIBOEK-programma gebruikt hedendaagse middelen (Google, internet) om de afbeeldingen van een tentoonstellingscataloog van 1963 te stofferen met uitleg en, waar opportuun, wat zachtaardige Neo-Kathedraalse Stichting


Al het grafische materiaal is gescand uit dit boek (als iemand daar een auteursrechterlijk probleem mee heeft, contacteer mij aub):

  • Schrift und Bild- L’Art et l’ écriture. Katalogbuch zur Ausstellung Schrift und Bild, Amsterdam – Baden-Baden, 1963 (de Duits-Franse versie, er bestaat ook een Engels-Nederlandse)

SATORAREPOTENETOPERAROTAS 20

Yasushi Nishikawa – ‘De geest die het wijde en diepe bereikt heeft’

Yasushi Nishikawa (1902-1989) : de link op zijn naam is zowat het enige min of meer betrouwbaar stukje info dat ik kon vinden over deze ‘moderne’ Japanse kalligraaf, die klaarblijkelijk de verlichte achteloosheid van de oude Zenga schilderingen in zijn werk wil oproepen.

zijn vader was ook kalligraaf. in de oude Zenga traditie (die begon school te maken vanaf 1600) mocht er ook al wat gemorst worden: hij die satori heeft verworven, stoort zich daar niet meer aan.

de Chinese Tao en Boeddhistische kalligrafie is veel ouder, daar ga ik mij later ’s in verdiepen, als covid nrs 20 t.e.m.45 het mij nog gunnen tenminste.
ik schaamde mij dood voor mijn landgenoten vandaag. hij die satori heeft verworven, heeft niets meer.

het blijft toch verbazen hoe bitter weinig informatie er nog steeds in het Westen voorhanden is over de Oosterse culturen. de interesse is blijkbaar groter in Oost-Europa, als je kan afgaan op de degelijkheid van het Russisch of Poolse Zenga-artikel. ik schaamde mij dood voor mijn landgenoten vandaag

het is meer dan de taalbarrière, vermoed ik: wij denken nog altijd dat wij het superieure volkje zijn, dat wij onmogelijk iets van hen te leren kunnen hebben. in Rusland weten ze wel beter. tja: de cijfers gaan er straks niet om liegen, vrees ik. wie satori verwerft geeft zichzelf weg zonder ooit iets verworven te hebben.

Yasushi is de achternaam, dus. er was ook nog ergens sprake van landgenoten, dacht

prog. manifest (ontwerp)

SATORAREPOTENETOPERAROTAS oba het NKdeE DRAAIBOEK-programma gebruikt hedendaagse middelen (Google, internet) om de afbeeldingen van een tentoonstellingscataloog van 1963 te stofferen met uitleg en, waar opportuun, wat zachtaardige Neo-Kathedraalse Stichting


Al het grafische materiaal is gescand uit dit boek (als iemand daar een auteursrechterlijk probleem mee heeft, contacteer mij aub):

  • Schrift und Bild- L’Art et l’ écriture. Katalogbuch zur Ausstellung Schrift und Bild, Amsterdam – Baden-Baden, 1963 (de Duits-Franse versie, er bestaat ook een Engels-Nederlandse)

journal intime 32

jt#32 – ça ne vaut que pour moi – weu wee wo wàaaaa

elke poging om een ‘schrift van het reële’ tot stand te brengen is gedoemd om strikt individueel te blijven, zo lijkt het.

dat is ook wat Moralès vaststelt in zijn behandeling van Réquichot.

maar is dat wel zo? is het niet net ons noodlijdende vastklampen aan de constructie van het Zelf die ons blind maakt voor het communicatieve aspect, het verbindende van de geste, het gebaar.
tenslotte hebben we allemaal min of meer dezelfde ‘hardware’, alles aan ons is herkenbaar in de Ander.

de praktijk van het Asemische Schrift die sinds 2000 op de meest diverse manieren wordt uitgebouwd door een kleine groep van via de sociale netwerken verbonden enthousiastelingen toont aan dat het schrift door het naast zich neerleggen van haar communicatieve vereisten, eerder wint aan expressiviteit, aan verbinding scheppend uitdrukkingsvermogen.

kunnen we in de diepten van onze gebaren enkel uitdrukkingen vinden die uitsluitend gelden voor het individu dat de gebaren stelt? nee toch, want voel ik niet wat (het lichaam van) Réquichot ‘wil zeggen’ in zijn spiralen, zijn vergaarbakken van papiertjes, verf en rot? misschien moeten we de Fictie, die harde Realiteit van onze enkel schijnbaar rationele, zelfzekere maar voortdurend aan verslavingen en noden onderhevige ego wat meer durven prijsgeven, uitstellen om belangeloos het Moment van het Reële te delen in plaats van likes te verzamelen voor onze glanzende profielen. misschien moeten we gewoon in vertrouwen kunnen geven terug in plaats van altijd maar te willen hebben hebben hebben….

het is en blijft een kleine minderheid die zich wil bezighouden met deze maniakale zoektocht naar de expressie van het onzegbare, ook al omdat je onvermijdelijk in het obscene veld terechtkomt, en omdat je moeilijk kan hard maken wat niet bestaat in een Realiteit die enkel aan het Zijn waarde hecht en blind wil/moet zijn voor het Gebeuren. maar het onbestaande gebeurt wel degelijk, net zoals het ondenkbare momenteel de wereld in haar greep houdt
enkel daardoor zal het geloof in een verbinding door het gesturale, in de letterlijke incorporatie van het gemeenschappelijk onverwoordbare elke dag veld winnen, de toekomst daarvan deelt voor mij al in de nieuwe status van de wetenschappelijkheid van het future waarmee virologen ons momenteel de juiste beslissingen aanreiken om het aangewezen gedrag af te dwingen.

soit. weu wee wo wàaaaa. het is onze verwachting dat de vraag naar een werkbare methode hiervoor enorm groot gaat worden nu elke ‘gewone’ lichamelijke aanwezigheid het gevaar van een besmetting inhoudt, dus vergeef mij als ik mijn onderzoekingen in deze verbijsterende tijden hardnekkig en schijnbaar onaangedaan, ongestoord verder zet. het heeft allemaal net een urgente gekregen die niemand had kunnen voorzien.

want de straten mogen dan evident leeg zijn, er is momenteel wel degelijk massaal veel vraag naar meer Lyriek in de straat

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

SATORAREPOTENETOPERAROTAS 19

in het Japans noem je mij best Vekemans Dirk, zoals de oude garde hier soms nog de telefoon opneemt, omdat dat vroeger nu eenmaal zo hoorde: je was eerst de familie en dan pas het exemplaar. dat het in Japan ook zo was leerde ik vandaag in Wikipedia, misschien klopt het niet meer in post-pandemische tijden – zal er ooit nog iets hetzelfde zijn? – maar ik heb het toch maar geleerd.

komen er ooit wel post-pandemische tijden? waarschijnlijk hebben we jaar na jaar prijs vanaf nu en sukkelen we voortaan van pandemie naar pandejan…

maar ik heb ook geleerd wie Hakuin Ekaku was, van 1686 tot 1769, en tot lang daarna want Hakuin is een grote meneer in het Japanse Zen Bhoeddisme. hij blies in zijn eentje de kwakkelende Rinzai school nieuw leven in en is de bedenker van de misschien wel bekendste aller koans, die van de klank van 1 klappende hand:

Twee handen klappen en dat maakt geluid. Wat is het geluid van één hand? (隻手声あり、その声を聞け)

— Hakuin Ekaku

het hup-floetsj-kwak kalligrafisch portret hierboven is van rare kwiet nr 1 in Japan: de hoog aanbiddelijke Bodhidharma himself, eerste patriarch van het Chan Bhoeddhisme, in Schierbeekland en in Japan beter bekend als omgekeerd respectievelijk Zen en Daruma Daishi.

ja ik doe dat express om u wakker te krijgen. want echt lezen doet ge weer niet è…ga daarmee naar den oorlog! O Grote Leegte!

koan van de dag: wist u dat er gemiddeld 25.000 mensen per dag van honger sterven op ons planeetje? meer dan drie maanden Corona-gekweddel en we zitten vandaag nog maar aan 58.982. in diezelfde periode stierven er dus, volgens mijn rekenmasjien, om en bij de 2.250.000 mensen ‘gewoon’ van honger.

dat heb ik vandaag ook gelezen ergens. is dat fake news, vekenieuws of slaap voor de vaak? zou dat anders gaan in post-corona tijd? gaan we daar ook ne mondiale sit-in voor doen? tsss, Vekemans Dirk! wat zit ge toch weer te stoken! wat gaan de mensen weer niet zeggen!

‘de Poort van de Oefening is de zuivering van het zelf door voortdurende oefening’. ik moet nog minstens 33 jaar oefenen, denk ik….

prog. manifest (ontwerp)

SATORAREPOTENETOPERAROTAS oba het NKdeE DRAAIBOEK-programma gebruikt hedendaagse middelen (Google, internet) om de afbeeldingen van een tentoonstellingscataloog van 1963 te stofferen met uitleg en, waar opportuun, wat zachtaardige Neo-Kathedraalse Stichting


Al het grafische materiaal is gescand uit dit boek (als iemand daar een auteursrechterlijk probleem mee heeft, contacteer mij aub):

  • Schrift und Bild- L’Art et l’ écriture. Katalogbuch zur Ausstellung Schrift und Bild, Amsterdam – Baden-Baden, 1963 (de Duits-Franse versie, er bestaat ook een Engels-Nederlandse)

journal intime 31

jt#31 – le pictoral est rythmé – NIE NAMÀnànànànà

de afbeelding is geritmeerd? misschien maar zo’n uitspraak verwart meer dan dat ze verklaart. het afbeelden is geritmeerd omdat en wanneer het manueel gebeurt. de afbeelding draagt daarvan de sporen, van die humane motoriek.

een foto is ook een afbeelding maar daar vind je niks aan ritme in terug tenzij je het ritme erin leest, maar dat is interpretatie: het fotoapparaat heeft nergens gebaren gesteld om via de gestes daarvan tot een mimetische herkenbaarheid van de visuele input te komen.

een foto verkrijgt ritme door er herhaaldelijk naar te kijken en je aandacht vrij spel te geven zodat je blik van aandachtspunt naar aandachtspunt gaat.
je ‘leest’ dan jouw kijkritme in de foto en dat lezen is net zo goed een vorm van schrijven (je schrijft een ritme in het kijken weg in jouw geheugen louter middels de herhaling)

het schilderij geeft de kijker ook die gelegenheid: de afbeelding is dan een autonome realiteit geworden die opgebouwd werd door de geritmeerde trekken, halen, kladden, strepen en delicate toetsen. de schilder heeft die afbeelding weten gebeuren en je kan als kijker dat gebeuren nog ze her en der. dat is net de meerwaarde die een schilderij altijd zal behouden, zelfs al streven sommige hyper-realisten ernaar om net het gebrek aan ritme van een foto te imiteren in hun ‘kunst’.

tja, als ’t maar plezant is è. maar de hedendaagse schilder waar ik van hou zal er eerder voor kiezen om de kijker net zoveel mogelijk ‘schrijfruimte’ te bieden. je wil als auteur aanspreken om te betrekken en aan te sporen tot meeschrijven, want dat is plezant en gezond, dat schenkt vreugde.

los daarvan: ons interesseert hier voornamelijk de zuivere, niet-mimetisch bedoelde uithaal van de hand op de materiële drager. samen met Bernard Réquichot onderzoeken we de mogelijkheid om tot een ‘logica’ van deze expressie te komen, of zoals Gérald Moralès het dan noemt een ‘écriture du réel’.

beide termen zijn enigszins contradictoir, zij spreken, zoals Moralès ook zelf aangeeft, tegen wat zij pogen te benoemen. want de beoogde ‘logique’ van Réquichot is allesbehalve rationeel en het Lacaäanse ‘réel’ van Moralès verdwijnt van zodra je het benoemen wil. “C’ est une caractéristique du réel d’échapper à toute répresentation” (MORALES 2010, p.139)

wanneer je de geritmeerde expressie van het lichaam in de schrijfact de vrije loop laat kom je bijna rechtstreeks in het obscene uit, omdat dat wat wij als obsceen ervaren en benoemen net de sporen zijn van de naakte, onbewuste handelingen van het lichaam.

als je je nog afvroeg waarom de werken van Réquichot eerder walging oproepen dat esthetische verrukking is het dus daarom: omdat Réquichot zijn Zijn zichtbaar wou Hebben (‘avoir son être’).

maar ja dat ‘Zijn’ bestaat niet, dat is een ontologische fictie. dus wat je te zien krijgt zijn de ongefilterde sporen van het gebeuren van de mens Réquichot, van het Réquichot-lichaam.
vandaar dat hij ook herhaaldelijk zei dat zijn werken niet gemaakt waren om tentoon te stellen: hij schaamde zich ervoor, en zei dat ook.

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

journal intime 30

jt#30 – je mets mon nom au creux des golfes

de orgastische siddering is ontegensprekelijk het ene ‘gebaar’ dat aan elke vorm van ‘cognitie’ ontsnapt. het is de beweging die zelfs aan het gebaren ontsnapt, een doorbraak van het Echte doorheen het laatste vlies, de ultieme weerstand van het bewuste.

we hadden een krankzinnige psycholoog nodig om het wetenschappelijke onderzoek daarvan aan te durven, iemand die zelf de oerscene van het bespieden van de copulatie in zich droeg als een fatum dat gans zijn leven domineerde. Ik vraag het mij af of er na Wilhelm Reich nog serieus proefondervindelijk onderzoek gedaan is naar het orgasme…

Harry Mulisch heeft met ‘Het seksuele bolwerk’ een prachtige studie geschreven over Wilhelm Reich. ik ga het hier niet navertellen, het zou het hele werk verpesten, zoals wanneer je een goede grap poogt uit te leggen aan iemand die het niet vatten wil.: je begrijpt het wel nadien, maar alle humor is weg.

Wilhelm Reich (circa 1922)
Wilhelm Reich.
The original uploader was SlimVirgin at English Wikipedia. / Public domain


en dat is precies ook het gevoel wat je krijgt bij de briljante ontraadseling van Reich door Mulisch, die met zijn boek de poort van de oneindige regressie, het Droste-effect, opent. want daar waar hij in het boek voortdurend wijst op de grote psychologenfout die maakt dat iemand òf knetter òf geniaal mystiek bevlogene is, die van de eigen verklaring een noodzaak wil maken die ‘het’ dient te zijn dan, een fatale explicatie, heeft vervolgens zijn boek zelf dat effect: dat het je onmogelijk gemaakt lijkt om ook nog maar iets van wat Reich aan inzichten vergaarde ooit nog waardevol te vinden.
de waanzin is te evident geworden, omdat Mulisch zelf de psychologische reductie maakt, de psycho-analytische dwingelandij van de basisopstelling die Deleuze en Guattari zo hebben aangevallen, het grote ‘moeten’ van de Oedipus die ‘het’ moet zijn, waartoe alles dient te worden teruggebracht. de beschreven waanzin is een afschrijven van de waanzinnige en geheel zijn werk dat ook expressie van zijn lijden is, een lijden dat universeel is omdat het lijden een zee is waarin we allen even eenzaam zwemmen.

maar Mulisch zou Mulisch niet zijn als hij zich daar zelf niet (enigszins) van bewust was, dus hij gooit gul en quasi achteloos wat autobiografisch prul in de weegschaal om zich vrij te pleiten van enige kwaadwillige intentie: ook zijn zelfanalyse wil tot een ontploffing komen, een siddering die het hele boek uiteindelijk van elke zin beroofd.

maar een geniaal uitgevoerde intellectuele masturbatie is het zeker en wie betwijfelt daarvan nu nog, op 2/04/2020, het historische nut, de fatale noodzaak, en hopelijk ook niet het , aaah, bevrijdende genot?

hèhè. het zou mij geen ene moer verbazen mocht de grootste fall-out van de pandemie de onstuitbare opbloei zijn van de reeds aardig aanzwengelende business van de interactieve afstandsseks. zullen we het maar Remote Intercourse noemen, dan hoeven wij geen afstand te doen van de seks?

BRONCODE van het journal intime -programma

This image has an empty alt attribute; its file name is ietsanders.jpg

gegeven:

geste: het pad van de primaire, spontane beweging
schrijfleeslus: herhaling van de geste die zich gaandeweg stabiliseert binnen de corridor van de geste
corridor: het tijdruimtelijke vlak waarbinnen de geste zich herhalen kan zoals geprojecteerd op een 2D schrijfvlak
jij, je: een participant aan het journal intime programma

het journal intime is een dagelijks algoritmisch uitgevoerde handeling (functie);

  • je wordt wakker en je doet onmiddellijk dit (géén andere bewuste handeling ervoor): je beeldt jezelf een geste in eventueel gelinkt aan een woord of een frase
  • je neemt de blocnote en initieert de schrijfleeslus
  • je vocaliseert daarbij het woord of de frase
  • als je merkt dat de herhaling zich gestabiliseerd heeft tot een geste
    • neem je jouw vocalisatie voor minstens vier iteraties op
    • teken je de geste
  • je leest in een boek in een vreemde taal (eender welke, niet je moedertaal) tot je een fragment tegenkomt waarvan je denkt dat het kan dienen als 'titel' of 'benoeming' van de geschreeftekende schrijfleeslus

uitvoer van het programma:
– een potloodtekening met een titel in een vreemde taal
– een geluidsopname van vier herhalingen van 1 uitgesproken woord of frase in het Nederlands (met NL tongval)
– enkele universa aan nieuwe betekenissen

journal intime is een gratis NKdeE-programma

SATORAREPOTENETOPERAROTAS 16

’t zijn nare tijden dus we moeten lief zijn voor elkaar. maar je moet toch wel pech hebben om als dubbeltalent in Nederland geboren te worden, hè.
gosjamme. je sukkelt hier wat hogerop in de nakende overstromingsgebieden hoe dan ook in vakje A of in vakje B en eens je erin zit wil men van enig gewriemel van je in dat andere niks meer weten. minstens een eeuw lang niet. nee, neen, zelfs die wat verrassend goed getimede onthullingen over je fout-idealistische jeugdfratsen kunnen je niet aan een degelijke catalogue raisonné helpen, da’s voor de B-vakkers, jij bent een lekker mals Aatje.

komkom, terug in je hok! ‘ik draai een kleine…’ jaaa! braaf dichtertje, goed zo!

tja. zelfs een geverfde ruiter als Claus hier is beter gediend. in 1963 kon er in de Schrift & Bild catalogus ook niet meer af dan dit onooglijk zw-w reprootje, op je foon is het ware grootte als je wat breed zit.

de begeleidende tekst vermeldt niet eens zijn naam.

prog. manifest (ontwerp)

SATORAREPOTENETOPERAROTAS oba het NKdeE DRAAIBOEK-programma gebruikt hedendaagse middelen (Google, internet) om de afbeeldingen van een tentoonstellingscataloog van 1963 te stofferen met uitleg en, waar opportuun, wat zachtaardige Neo-Kathedraalse Stichting


Al het grafische materiaal is gescand uit dit boek (als iemand daar een auteursrechterlijk probleem mee heeft, contacteer mij aub):

  • Schrift und Bild- L’Art et l’ écriture. Katalogbuch zur Ausstellung Schrift und Bild, Amsterdam – Baden-Baden, 1963 (de Duits-Franse versie, er bestaat ook een Engels-Nederlandse)

SATORAREPOTENETOPERAROTAS 14

Bernard Schultze – ‘Klaagmuur’

Bernard Schultze (1915-2005) lijkt van hieruit wat op een vrolijke versie van Requichot. Dat hij genoot van het schilderen spat alleszins van de veelkleurige doeken, zijn lyrisch-abstracte werken volgen duidelijk ook de intuïtie eerder dan de ratio of de bespiegeling en ja, je wordt er vrolijk van als je ernaar kijkt.
enfin, ik toch als ik de reproducties op mijn scherm tevoorschijn haal.

schilderen is genieten, wees gerust. ik ben zelf beginnen schilderen/tekenen omdat ik prentjes nodig had bij mijn teksten omdat anders niemand er wil naar kijken, laat staan lezen. maar gaandeweg is het een genot op zich geworden en nu twijfel ik soms al eens of ik mijn geklieder niet interessanter vind.

maar ik blijf altijd wel schrijver denk ik, zelfs al kliederend, hoe driftig ook soms, ik blijf denken als een schrijver en als ik op de asemische toer ga voel ik mij mss nog meer verwant met een musicus of een danser dan met een echte true grit peintre.
misschien mocht ik wat meer ruimte hebben en verf om in het rond te pleuren, als ik mij echt lichamelijk in de substantie kon gooien…

maar ’t is zo al erg genoeg met mij gesteld, vermoedelijk.

en het maakt ook dat ik mij vrij en volop genietend kan overgeven aan de bewondering voor dit soort dingen, en dat ik oprecht dankbaar ben om echte schilderessen zoals Ilse Derden of Catherine Buyle te kennen, en zelfs, o mirakel, enkele mannen.

want het schildersvolk is, dat valt mij toch op, duizend keer aangenamer gezelschap dan, op enkele uitzonderingen na, misschien, eventueel, de bende sikkemeurige kneuten die zich schrijver noemen…

Schultze in 1968 – Von Gerdschwenke – Eigenes Werkeigenes Foto, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=30814951

Schultze, zo lees ik hier, vond ook namen uit voor zijn werken die dan plots creaturen werden, een eigen categorie vormden, onderdeel van zijn innerlijke wereld. zo maakte hij lang ‘tabuskris‘ (>lat. tabulae scriptae, schrijfschilderijen) en vanaf 1961 ‘Migofs‘, fantasiedieren zoals de vlindercadaverbloeitoestand met wollen kluwhart hieronder.

Als ze’t hebben, laat ze doen è, hoe plezant is dat wel niet!

Artwork by Bernard Schultze, »Butterfly-Kadaver-Migof« (Butterfly-Cadaver-Migof), Made of Mixed media on canvas

prog. manifest (ontwerp)

SATORAREPOTENETOPERAROTAS oba het NKdeE DRAAIBOEK-programma gebruikt hedendaagse middelen (Google, internet) om de afbeeldingen van een tentoonstellingscataloog van 1963 te stofferen met uitleg en, waar opportuun, wat zachtaardige Neo-Kathedraalse Stichting


Al het grafische materiaal is gescand uit dit boek (als iemand daar een auteursrechterlijk probleem mee heeft, contacteer mij aub):

  • Schrift und Bild- L’Art et l’ écriture. Katalogbuch zur Ausstellung Schrift und Bild, Amsterdam – Baden-Baden, 1963 (de Duits-Franse versie, er bestaat ook een Engels-Nederlandse)

Réquichot – dagboek zonder dagen (9)

//Réquichot Rotbak dag 47 – wanneer wordt een ramp een ramp, wanneer een gegeven?

Op zwarte achtergrond schilder ik zonder enig idee van wat ik ga doen, zo moeiteloos mogelijk, aandachtig, maar niet nerveus, voor mijn meest dierbare geneugten want het zijn zij die mij leiden. Andere geneugten zijn ook belangrijk, dat zijn de ontluikende geneugten, zij mengen zich met de oude[,] men vergeet dat ze jong zijn, en de stervende; men kiest er niet voor dat zij geboren worden of sterven, hen kiezen is hen willen, dat is hun natuurlijk verloop verstoren, hun instinctieve secretie, onbewust en intuïtief. Hoe nieuwer de geneugte is, hoe minder opzettelijk en bewust zij is, hoe meer ze zich ten volle manifesteert in een verre toekomst; de intuïtie heeft als rol om haar te herkennen of eerder te weerstaan.

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

SATORAREPOTENETOPERAROTAS 12

ja, er staat ook een collage van AartsKerkvaarder Kurt Schwitters (1887-1948)  in de Schrift und Bild cataloog van de gelijknamige tentoonstelling in 1963, ons Draaiboek voor deze Uitzending van becommentarieerde grafische bestanden naar aanleiding van het euh, Corona-incident.

een ‘terugkeer naar Schwitters’ is een van de grote zekerheden in mijn leven, net zoals een herlezing van Faverey en met mijn Laatste Lief* (ocharme ’t meiske) ga ik vast nog eens naar Hannover op Schwitters-bedevaart.

dus ja, als ik over Schwitters begin hier, niet zo efkens terloops zoals nu, maar echt ‘beginnen’, zoals ik over Réquichot begonnen ben, dan moogt ge beginnen pollekens wrijven want dan loopt het op z’n eind met mij en dan kan uw Brol-verzameling met Prul van mij eindelijk beginnen renderen.

(ja, schatteke echt spijtig dat we nu nie weg kunnen, anders had ik u zeker meegepakt naar Hannover nu, maar ’t mag nie è…)


(ǝz ɟǝı˥ ǝʇsʇɐɐןɹǝןן∀ uɾıɯ ʇǝɯ ɹǝpɹǝǝ ɥɔoʇ uǝıɥɔssıɯ)*

prog. manifest (ontwerp)

SATORAREPOTENETOPERAROTAS oba het NKdeE DRAAIBOEK-programma gebruikt hedendaagse middelen (Google, internet) om de afbeeldingen van een tentoonstellingscataloog van 1963 te stofferen met uitleg en, waar opportuun, wat zachtaardige Neo-Kathedraalse Stichting


Al het grafische materiaal is gescand uit dit boek (als iemand daar een auteursrechterlijk probleem mee heeft, contacteer mij aub):

  • Schrift und Bild- L’Art et l’ écriture. Katalogbuch zur Ausstellung Schrift und Bild, Amsterdam – Baden-Baden, 1963 (de Duits-Franse versie, er bestaat ook een Engels-Nederlandse)

Réquichot – dagboek zonder dagen (8)

//Réquichot Rotbak dag 44 – plots vraagt het kippenbotje zich af ‘wat doe ik hier eigenlijk in deze Rotbak?’

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

De tijd van elke wereld. Er zou zelfs een verband vast te stellen zijn tussen de werelden die door het mentale zijn gecreëerd en de innerlijke tijd die hen heeft zien geboren worden zo kort bij de aandacht die hen deed bestaan. Zo’n wereld zou enkel kunnen bekomen worden bij een corresponderende graad van bewustzijn of van tijdsverandering; zulk een denkinspanning verwekt zulk een wereld, verwekt zulk een tijd. Ze verwekt zulk een waarheid of zulk een schoonheid waarvan sommigen slechts voor het verloop van een ogenblik waarneembaar zouden zijn. Hun tijdelijkheid of liever hun afwijking van de tijd zou een aanduiding zijn van hun kwaliteit: het horloge van de innerlijke tijd zou hun waardenschaal aanduiden.

Mijn schilderijen: figuratief? neen; abstract? ook niet. Men kan er kristallen in terugvinden, schorsen, rotsen, algen; nochtans zijn die dingen niet ‘voorgesteld’. Het aanzien van mijn schilderijen heeft gewoonweg een analogie met die vegetale of minerale materie. De analogie is geen figuratie: wanneer twee katten op elkaar lijken impliceert hun gelijkenis niet dat de ene de afbeelding van de andere is. Figuratief zijn de afbeeldingen van een wereld die bestaat of van een wereld die zou kunnen bestaan. Abstract zijn de afbeeldingen van een wereld die niet kan bestaan. Die gelijkenis van mijn schilderkunst met bepaalde elementen van de natuur is niet intentioneel.

p.114

Kan die onvrijwillige analogie figuratie genoemd worden? Hun richting doet er weinig toe: als die verandert, blijft de analogie. Om de abstracte kwaliteiten van een figuratief werk te appreciëren zet men het omgekeerd om zo te vergeten wat het voorstelt; mijn werken gelijken in alle richtingen op hetzelfde.

Afbeeldingsresultaat voor Réquichot Ecrit divers

SATORAREPOTENETOPERAROTAS 11

Carlo Carrà (1881-1966) was tot WOI een anarchist van overtuiging en een manifesten onderschrijvende futurist. Vanaf dan werd hij reactionair in zijn overtuiging en ook zijn kunst kende een draai naar de verstilling en het verheerlijken van oude idealen (Giotto was een inspiratie). In 1917 werkte hij nauw samen met Giorgio de Chiroco en zij werden de innovators van de ‘metafysische school’ een schilderstijl waarin ik veel van Paul Delvaux in herken.
Carlo Carrà ging meer en meer het opkomende fascisme ondersteunen, werd lid van de Strapaese groep, een fascistoïde club van Giorgio Morandi .

Afbeeldingsresultaat voor Carlo Carrà

Il cavaliere rosso (1913), een werk uit zijn futuristische periode

bekijk hier meer werk van Carlo Carrà

prog. manifest (ontwerp)

SATORAREPOTENETOPERAROTAS oba het NKdeE DRAAIBOEK-programma gebruikt hedendaagse middelen (Google, internet) om de afbeeldingen van een tentoonstellingscataloog van 1963 te stofferen met uitleg en, waar opportuun, wat zachtaardige Neo-Kathedraalse Stichting


Al het grafische materiaal is gescand uit dit boek (als iemand daar een auteursrechterlijk probleem mee heeft, contacteer mij aub):

  • Schrift und Bild- L’Art et l’ écriture. Katalogbuch zur Ausstellung Schrift und Bild, Amsterdam – Baden-Baden, 1963 (de Duits-Franse versie, er bestaat ook een Engels-Nederlandse)

Réquichot – dagboek zonder dagen (7)

//Réquichot Rotbak dag 43 – klokken van Wuhan?

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

Degene die zijn bestaan geeft aan het universum schikt het volgens zijn wetten; iedereen geeft aan het universum het bestaan dat hem bevalt.

De grootte van de wereld is maar de grootte van het denken die hem beschouwt, wij zien hem door het innerlijke beeld dat we ervan hebben. Als we mysticus zijn, is hij maar een droom; als we dichter zijn, gemoedsuitdrukking, schoonheid. Als we chemicus zijn is hij louter reacties; wiskundige, dan wordt hij gereduceerd tot wet, tot waarheid. Onze overheersende obsessie overheerst de wereld, hij bestaat door ons. Het einde van het voelen en het denken is

p. 113

ook zijn einde, doodgaan herleid hem tot het niets, alsof onze grens ook de zijne is. Daar is de horizon van ons lynksenoog, daar waar niets nog begint.

De innerlijke tijd. Wie heeft niet een vertraging of een versnelling van het verloop van de tijd bemerkt naargelang de levensperioden, de momenten of de ogenblikken?Is het niet vaak de vertrooide die de tijd vergeet? Verstrooid, niet zo erg, diegene die zich concentreert op een zekere grens van de aandacht en zich daar uitsluitend op immobiliseert. Door zich daarop te fixeren verniet hij de tijd: er zich van losmakend herleeft de duur en omdat de geest zich nergens om bekommert kan die aanzienlijke proporties aannemen. Aldus zou de tijd maar een variabele hoeveelheid behouden aan binding, de intensiteit van het ene zou omgekeerd evenredig zijn met het bewustzijn van het andere. Er zou een heel curieuze horlogerie op punt te stellen zijn: die zou bepalen dat terwijl de perfecte lijn van de zonnewende haar constante ontvouwt zou een andere lijn oneindig gevarieerd met de sentimenten en de personen de punten benaderen of ervan afwijken, punten die zich officieel op gelijke afstand zouden bevinden. Het verwerven van die kostbare tijdsmechaniek zou het modificeren inhouden van staten waarvan het mentale de drijfveer is.

Afbeeldingsresultaat voor Réquichot Ecrit divers

SATORAREPOTENETOPERAROTAS 9

Kennen we het nog? allez ze, allemaal samen:

Melopee

Voor Gaston Burssens

Onder de maan schuift de lange rivier
Over de lange rivier schuift moede de maan
Onder de maan op de lange rivier schuift de kano naar zee

Langs het hoogriet
langs de laagwei
schuift de kano naar zee
schuift met de schuivende maan de kano naar zee
Zo zijn ze gezellen naar zee de kano de maan en de man
Waarom schuiven de maan en de man getweeën gedwee naar de zee

Heinrich Campendonk (1889-1957) is een Duits-Nederlands expressionistisch schilder vooral bekend ook voor zijn glas-in-lood creaties waarvan het bekendste allicht dat in het Muiderpoort Station in Amsterdam is:

Onze cataloog zegt bij het Melopee-werk dat de schilder zich helemaal moet overgeven aan de sensation interieure van de powezie want de powezie is al geschilderde compositie van de verbale waarheid enzoverder enzovoort met op haar vel een snottebel.

Op één of ander manier wèrkt het toch niet echt vind ik, dat typografisch geklungel met tekstuele ritmieken in een beeldend werk dat eigenlijk uit lichamelijke impulsen is opgebouwd.

’t Is schoon, het heeft iets maar ’t is vis noch vlees. En als het dan zo’n subliem gedicht is als dat van onze Pol stelt het teleur als een cotelet met garnalensaus.

Nu ja ik zeg dat natuurlijk omdat ik op volstrekt ideologisch verkleurde wijze de praktijk van het Asemisch Lezen wil promoten dat volgens het Neo-Kathedraalse Dogma 42.3 de enige echte ware techniek is die men dient te bezigen om de beeldende, muzikale en verbale kunsten in 1 Openlichtzweumbad te verenigen.

Zodat we meteen tot onze Prijsvraag van de Dag zijn gekomen: waar o waar in Leuven had je vroeger nog een Openluchtzwembad? Luisteraars en medewerkers van Radio Klebnikov mogen wel meedoen maar ze kunnen nie winnen want dat zou niet eerlijk zijn! Iedereen anders wint altijd minstens twee uur gratis luisterplezier!

PRIJSVRAAG van de DAG: waar in (centrum) Leuven bevond er zich vroeger een openluchtzwembad?

prog. manifest (ontwerp)

SATORAREPOTENETOPERAROTAS oba het NKdeE DRAAIBOEK-programma gebruikt hedendaagse middelen (Google, internet) om de afbeeldingen van een tentoonstellingscataloog van 1963 te stofferen met uitleg en, waar opportuun, wat zachtaardige Neo-Kathedraalse Stichting


Al het grafische materiaal is gescand uit dit boek (als iemand daar een auteursrechterlijk probleem mee heeft, contacteer mij aub):

  • Schrift und Bild- L’Art et l’ écriture. Katalogbuch zur Ausstellung Schrift und Bild, Amsterdam – Baden-Baden, 1963 (de Duits-Franse versie, er bestaat ook een Engels-Nederlandse)