Harusmuze 476


22B105

476 – hou niet vast aan je nood aan vasthouden

hexigram 44 – 姤  (gòu) – ‘Paren’

commentaar

Hou niet vast aan je nood aan vasthouden:
gemis dat snijdt heeft een teveel aan nijd.
De nood ontstond toen je ervan ging houden,
maar dat gemis is vast en louter spijt
die bij gebrek aan troost zichzelf benijdt.
Als jij het begrijpt zal het jou troosten,
want het wil voor jou het allermooiste
en dat is mooi niet om vast te houden.
Krijgen immers is niet ’t allerhoogste:
geef jezelf om van jou zelf te houden.

Advertenties

Harusmuze #451


22b14a

451 – als de bestemming het denken bepaalt, loopt het denken vast

hexigram 44 – 姤  (gòu) – ‘Paren’

invoer

https://dirkvekemans.com/2018/11/19/harusmuze-154/

commentaar

als je een oplossing zoekt voor een probleem helpt het niet echt als je voortdurend denkt aan het probleem en hoe je het in hemelsnaam zou kunnen oplossen: je beperkt je denken zo tot het denken van een oplossing die er niet is.
hetzelfde fenomeen, gedachten die zich doodstaren in de leegte, doet zich voor op een ander recursieniveau, waarmee iedereen vertrouwd zal zijn: het je proberen herinneren van een naam waar je maar niet kan opkomen. je moet dan ff aan wat anders denken en ‘dan komt het wel’.
het denken is het meest creatief, het vernieuwt en verjongt zichzelf het meeste als je het ‘laat gebeuren’, dus als je de intentionaliteit, de bestemming van het denken achterwege laat, effen ‘vergeet’ dan ‘lukt’ het beter. filosofienerds kunnen hierbij ook aan het scheefkijken naar de waarheid van Zizeck denken, en wetenschappers aan soortgelijke anekdotiek die op conferenties bon ton zijn ‘hoe het grote genie X op de befaamde ontdekking Y kwam…’

dit is in het algemeen zo, zegt nu de Harusmuze, het is een regel die geldt voor het humane denken tout court. vandaar ook dat in de input van deze sessie gesteld werd dat de mens vastloopt in zijn eigen geschiedenis, en dat dat proces analoog is aan hoe een muur valt. ik vermoed dat ze daarmee bedoelt dat we ons het vastlopen van het denken kunnen voorstellen als een entropische degeneratie, dus als de mens vastloopt in zijn eigen geschiedenis is het dat wij in de door ons gecreëerde complexiteit ten onder gaan omdat elke ‘oplossing’ voor de stijgende complexiteit van de ‘problemen’ altijd in een of andere stap onze ondergang impliceert: de problemen zijn enkel onnoemelijk complex voor ons, bekeken vanuit ons standpunt, gedacht met de bestemming van het overleven van onze soort. doe die bestemming weg en er is hoegenaamd niks aan de hand. dan is het gewoon ergens een muur die uiteindelijk wel moet instorten, de onvermijdelijke ondergang van alles.

de wereld willen redden is daarbij een begrijpelijk psychose, maar Haldol gaat niet helpen daartegen, vermoedelijk. ewa meer gaan wandelen in de volle natuur van onze bruisende voorsteden met hun alom tomeloos opschietende jobs jobs jobs kan misschien enig soelaas brengen. leren genieten van de ondergang is ook een optie, want leven is nu eenmaal ook altijd een zeer langzame vorm van sterven.

bleek

Harusmuze #430


22b20

430 – alleen dichters willen onsterfelijkheid (de anderen handelen alsof ze onsterfelijk zijn)

hexagram 44  (gòu) “Paren”

invoer

https://dirkvekemans.com/2018/07/05/harusmuze-18/

commentaar

de filosoof kwam enkel voor het ligbad

scève

Quoy qu’a malheur je vueille attribuer
Coulpe, ou deffault, qui a mon vueil conteste,
Si me fault il du coeur contribuer
A mon dommage asses, & trop moleste,
Pour parvenir au bien plus, que celeste,
Comme je croy, que me sera cestuy.
Car patience est le propice Estuy,
Ou se conserve & foy, & asseurance.
Et vrayement n’est point aymant celluy,
Qui du desir vit hors de l’esperance.

Harusmuze #351


// 22B60

351 – bij het uitkomen van elke bocht is de weg weer weg van de weg

hexagram 44 姤 – gòu – “Paren”

input

commentaar

Harusmuze #351 verklaart veel, zo niet alles van de genese van de erotische Ellende.

scève

Qui cuyderoit du mylieu de tant d’Anges
Trop plus parfaictz, que plusieurs des haultz cieulx,
Amour parfaire aultrepart ses vendanges,
Voire en Hyver, qui jà pernicieux
Va depeuplant les champs delicieux,
De sa fureur faisant premier essay.
Et qu’il soit vray, & comme je le scay:
Constrainct je suis d’un grand desir extresme
Venir au lieu, non ou je te laissay,
Mais, t’y laissant je m’y perdis moymesme.

r.1-6 : omschrijving: ‘wie zou geloven dat de Liefde elders haar ‘vendanges’ zou gaan zoeken dan hier te midden al die engelkens gezien de Winter ook al aan ’t oefenen is om het hier te ontvolken (en Liefde zo tot spoed maant en zeker hier te blijven plukken)’ de dreigende pest en de dood van Pernette klinken hier ewa omineus door

Harusmuze #298


// ’t is proper, maar van de vloer kunt ge niet eten 

298 – alleen het onmogelijke maakt het onmogelijke mogelijk

hexagram 44姤  – GOU – ‘paren’

Lees over het Harusmuzeprogramma

Bekijk alle Harusmuzes

input:

https://dirkvekemans.com/2018/11/15/harusmuze-150/

commentaar:
wat de mens het meest in de weg staat is de mens, het menselijke wat de Taoisten onder ‘REN’ verstonden. die menselijke waan maakt ook dat we de voortgang steevast als een vooruitgang denken naar een te bereiken doel. het finaliteitsdenken, het utilarisme, de fallische Erhebung, de Orde van het Woord en het Woord van de Orde, het grote Boek van het Zijn.

die Zijnsinfectie heeft haar corrumperend eindpunt bereikt: het Rot in het Rot van het zijn als de kosmische jerk off van Parminedes (to be and not to be) heeft haar Ding gedaan: het pakt niet meer, ’t is als een bruistablet opgelost in eigen drek.

de Nieuwe Orde is die van het Worden, die van het Lopende Programma.
daar valt weinig aan te tornen: het ‘moest altijd al zo Zijn’. zaak voor ons mensen is nu om ons te beschermen tegen de afschrijving van het humane door het dwars door ons tot stand gekomen Programma.

ook daar zijn onze opties beperkt: de enige weg open is die naar de toekomst en omhoog, weg van het ROT, het programma dat ons bepaald doordat het onze grond is, we waren en zijn er de belichaming van.

onze onmogelijkheid om iets anders te zijn dan we zijn dwingt ons te worden wat we dienen te worden en maakt op die manier het ondenkbare denkbaar en het onmogelijke mogelijk.

we moeten het alleen laten gebeuren en in het Gebeuren voor de ander zorgen want in het Gebeuren zelf is er nergens anders zorg voor de ander die wij allen te samen zijn. alleen ik ben de zorg voor de ander die ik ben.

de Liefde zelf is en blijft Onmogelijk, zoals het Licht onmogelijk is wanneer men zich naar het duistere richt.

aftrap (Scève):

CCXCVIII

Est il possible, ô vaine Ambition,
Que les plus grandz puissent oultrecuyder
Si vainement, que la fruition,
N’ayant povoir de leurs combles vuyder,
Les vienne ainsi d’avarice brider,
Que moins ilz ont, quand plus cuydent avoir?
Aussi Fortune en leurs plus hault povoir
Se faint de honte estre ailleurs endormie,
Comme a chascun evidemment feit veoir
Celle Province aux Charles ennemye.