Harusmuze #395


22B129

395 – elke ideologie is reactionair

hexagram 57 (xùn) – “Wind”

input

https://dirkvekemans.com/2018/08/09/harusmuze-53/

commentaar

aja é, zo is dat.

scève

Ce n’est Plancus, qui la Ville estendit,
La restaurant au bas de la montaigne:
Mais de soymesme une part destendit
Là, ou Arar les piedz des deux Montz baigne:
L’aultre saulta de là vers la campaigne,
Et pour tesmoing aux nopces accouroit.
Celle pour veoir si la Saone couroit,
S’arresta toute au son de son cours lent:
Et ceste, ainsi qu’a present, adoroit
Ce mariage entre eulx tant excellent.

Plancus: Munatius Plancus, luitenant van Caesar en gouverneur van Lyon
Arar: de Antieke naam van de Saone

Advertenties

Harusmuze 374


22B120

374 – als er iets te duur is en ge wilt het toch kopen moet ge u verplaatsen in de GeldRuimte

hexagram 57 (xùn) – “Wind”

input

https://dirkvekemans.com/2018/08/30/harusmuze-74/

commentaar

de mens is een verteller: wij kwantificeren wat wij waarnemen. op basis van de intensiteiten van onze waarnemingen, in de vorm van complexe recursies, attribueren wij waarde aan de waarden van onze waarnemingen, aan de waardebepalingen. op die wijze stratifiêren wij het ons omringende met onze kwalitatieve functies die hun data uitwisselen: de verteller vertelt de vertellende vertellers wat zij vertellen willen.

enzoverder. aan dat vertellen is geen ontkomen aan: wat ons betreft is het een natuurwet, net zoals we het ons momringende ook slecht vatten kunnen door onze natuurkunde en onze mathesis: de basis van elke vertelling.
we kunnen dat ook zonder pardon (en: ‘without futher ado‘ fr: ‘sans fontonten‘) stellen dat wij leven in de GeldRuimte, een kosmos bepaald door een vijf-dimensionaal coördinatenstelsel (1xtijd+3xruimte+1xwisselkoers).

alles (een fictie) heeft zijn prijs (een fictie in de vertelde fictie). dus als ge iets wilt kopen dat ge niet kunt betalen, moet ge u verplaatsen in de GeldRuimte.

de eenvoudigste (en dus de goedkoopste) manier om u te verplaatsen in de GeldRuimte is wachten. aja: de tijd gaat vanzelf, het Rot Schiet Op, en alles wat nu pokkeduur is rot door en door en verder tot het spotgoedkoop is.

in het algemeen geldt ook de Natuurwet: wat korter bij is, is goedkoper. dus de tweede goedkoopste manier om iets betaalbaar te maken is er naartoe gaan.

enzoverder è (ik ben geen fysicus, mijn processorke is daar te traag voor).

scève

Cupido veit son traict d’or rebouché,
Et tout soubdain le vint au Dieu monstrer,
Qui jà estoit par son pere embouché
Pour luy vouloir ses fouldres accoustrer.
Adonc Vulcan pour plus noz coeurs oultrer,
En l’aiguisant par son feu l’à passé,
Feu de vengeance, & d’ire compassé,
Sans que jamais aulcune grace oultroye.
Parquoy Amour chatouilloit au passé,
Et a present ses Amantz il fouldroye.

Harusmuze #373


22B6

373 – er is niets ouds onder de zon

hexagram 57 (xùn), “Wind

input

https://dirkvekemans.com/2018/08/31/harusmuze-75/

commentaar

de Neo-Kathedraalse Gignomenologie, onze Bewegingsleer, is een bende geradicaliseerde Heraclisten. als den Efezenser Profeet zegt dat de Zon elke dag nieuw is, trekken wij de lijn door.

aja.

elke a aait een andere a.

het Zijn is louter humane waanzin, wij hebben het Zijn en de Dingen nodig omdat ons brein er anders geen ‘vat’ op krijgt en omdat onze handen te lui geworden zijn om nog te denken. zonder Zijn en zonder dingen zien wij slechts de Leegte.

de Leegte is een humaan kernbegrip. elke fictie begint bij 0 te ver-tellen.
de humane kernbegrippen zijn uiterst nijdige, atomaire misvattingen.
elke misvatting verhoogt de humane nijd omdat ze slechts de leegte vat, en in het handloze van het denken is het slechts dat wat er als kern resteert om te ‘begrijpen’.

uiteraard is dus de Zon elke dag een nieuwe zon, een jonge zon, een hèlios neos. het gaat vooruit è. de tijd hoest elk moment haar nieuwe fictie op, een deterioratie van het eerdere, een verdere rotatie in het Rot.
het Rot ‘is’ niet, het gebeurt.

en het verergert. vooral bij de mens die in elke doorleving van zijn geheel fictieve ‘bewustzijn‘ weer wat meer ontologiseert, verder verziekt in zijn nijdige hebbelijkheid. de mensheid materialiseert het gebeuren om het te vergruizen door middel van haar ontologisering die heel het gebeuren opzadelt met de complexiteit van haar ver-telling, haar kwantificatie.

de mensheid neemt de kosmos waar en zet ze om in Geldruimte. we kunnen het niet helpen, het is de aard van het beestje. en als het ergens op is, moeten we verder.

oprotten.

is dit dan geen drama? een catastrofe? een ramp?

tja, bekijk het zo è: als het einde bezig is, kan het niet meer komen. als ge op de bodem zit, kunt ge niet vallen. in de hel kan het enkel nog ewa frisser worden.

en plus: ’t gaat over. alles gaat over. en als er geen zijn is, is er ook niks oud è, dat beter was, waarover ge nostalgisch moet gaan doen (wat overigens op zich best keinijg kan zijn).

joa joa. Leibniz had gelijk, wat Voltaire ook brolde met zijn ikea lampedairekens: we leven in de best mogelijke van de beste werelden!

allez vooruit!

scève

A son aspect mon oeil reveremment
S’incline bas, tant le Coeur la revere,
Et l’ayme, & craint trop perseveramment
En sa rigueur benignement severe.
Car en l’ardeur si fort il persevere,
Qu’il se dissoult, & tout en pleurs se fond,
Pleurs restagnantz en un grand lac profond,
Dont descent puis ce ruisseau argentin,
Qui me congele, & ainsi me confond
Tout transformé en sel Agringentin.

Harusmuze #305


// filigrain dizain

305 – zodra het weefsel rot tot fabricaat, wordt liefde mantel voor de haat

hexagram 57 – XUN – ‘wind’

input

https://dirkvekemans.com/2018/11/08/harusmuze-143/

scève

Mon ame en Terre (un temps fut) esprouva
Des plus haultz Cieulx celle beatitude,
Que l’oeil heureux en ta face trouva,
Quand il me mit au joug de servitude.
Mais, las, depuis que ton ingratitude
Me desroba ce tant cher privilege
De liberté, en son mortel College
Malheur me tient soubz sa puissance grande.
Aussi cest An par Mort, qui tout abrege,
France perdit ce, qu’à perdu Hollande.

France perdit ce, qu’à perdu Hollande: Lefèvre d’ Etaples en Erasmus stierven in 1536 het vermoedelijke jaar van het begin van de liefde voor Délie

commentaar

wanneer de kwaliteiten van een benoemd gebeuren gescheiden worden van hun gebeuren en als kwaliteit verzelfstandigen tot een benoemd gebeuren, bekleedt het nieuwbakken gebeuren zich vaak als vaneigens met de tegengestelde kwaliteiten van het originair gebeuren omdat het de differentiatie van het benoemen volgt.
op die wijze is elke recursie een verwikkeling en ook een corruptie van het eerdere gebeuren en derhalve is elke recursie van de recursie ook een bestendiging van het rot in functie van het verweer tegen het rot.
het platoonse uitzuiveren en de idolatrie zoals dat in dizain 143 bij Scève kan gelezen worden, kan men dus ook meteen lezen als decadentie, als degradatie: net zoals de meest edele der smeedkunsten, het filigrain, eens men het verbastert tot een productieproces waarin er van enige verweving geen sprake meer is, in de ‘vooruitgang’ verloren gaat tot namaak van het affe dat het nooit kan zijn (aangezien het nooit als dusdanig begonnen is).

insgelijks verloopt het vaak in de relatievorming: daar waar het gebeuren van het beminnen de eigenliefde gaandeweg verweeft tot een weefsel van verbondenheid kan onder dat weefsel ongezien de (zelf)haat welig tieren.
wat tot stand komt nodigt de ondergang uit van wat nog komen moet door zichzelf te willen beschermen met wat er reeds tot stand gekomen is…