Harusmuze #321


// in de winkelstraten loopt het vol onsterfelijken

321 – wie eerlijk denkt, begint van nul

hexagram 24 – FU – ‘terugkeren’

input

https://dirkvekemans.com/2018/10/22/harusmuze-127/

commentaar

tot op vandaag was er in de NKdeE Bewegingsleer (Gignomenologie) geen fysica mogelijk. aja: zonder Zijn en zonder Dingen is’t nogal lastig om aan fysica te doen. de fysici zelf gaan daar niet van wakker liggen, we zouden het hen ook niet toewensen: van iets wakker liggen is voor niks goed want al slapende denkt ge veel efficiënter.

dus we gaan daar zelf iets moeten op vinden. het is poepsimpel natuurlijk: wij mensen kunnen niet denken zonder ‘Zijn’ en zonder ‘Dingen’ dus we beginnen elk denken met het oprichten van het Zijn en van de Dingen.
een soort init-faze van het Denken, zoals je dat ook bij Spinoza terugvindt: in diens Ethica begint het Zijn en God ook pas bij §18 of zoiets (het is zondag vandaag ik ben te lui om het op te zoeken).

die Initiatie van het Denken is super belangrijk voor elk gezond denken, dus we moeten heel zorgvuldig te werk gaan hier bij het opstellen van de voorschriften. ‘zorgvuldig’ hier wil zeggen dat we eerlijk moeten zijn, en elke keer als we vaststellen dat ons denken vastloopt, dienen we dat te erkennen en ons meteen afvragen of er misschien wat schort met de init-faze van ons denken. ik bedoel: ‘het moet blijven kunnen dat er iets mis mee is’. het is tenslotte het begin van al het denken dat we als methodisch denken gaan willen weerhouden.

eens we die initfaze door zijn kunnen we bv. de ‘wetenschappelijkheid’ van onze gedachten gaan opbouwen. elke wetenschapper doet dat (on)bewust als zij zich aan de wetenschappelijkheid van haar praktijk wenst te houden, dus, ziet ge: het kost geen moeite, maar het is (dat zal later blijken) wèl nodig.

de eerlijkheid gebiedt ons namelijk om te erkennen dat het Zijn en de Dingen een fictie is, een menselijke beperking die meteen onze menselijkheid uitmaakt ook (dus je kan het ook en zelfs vooral als een humane kwaliteit zien: geniet van de beperking!). een fictie die wij nodig hebben.

willen wij nu van die nood een deugd maken (en dat, het van de nood een deugd willen maken, is meteen een basisbeweging in het Neo-Kathedraalse denken) dan erkennen wij bij onszelf de nood aan het Zijn en dus het gebrek aan Zijn. die erkenning, de bevestiging van onze eerlijkheid, dat wordt onze eed: wij zweren op eer en geweten dat er een gebrek aan Zijn is.
hoe luidt dan de Eed van het Neo-Kathedraalse Denken*? ah, simpel è:

NIETS BESTAAT

inderdaad: de via negativa is daardoor meteen de aangewezen weg ion verband met alle Zijnszaken, we zullen daar later nog op terugkomen.voorlopig volstaat het te zeggen dat we met de Eed aan de Kathedraal bij wijze van spreken de existentie (het Zijn) oprichten op basis van de ontkenning van het Zijn.

we gaan helaas zien dat er op deze wijze in alle gebieden van de menselijke kennis nog enorm veel saneringswerk noodzakelijk is (ik ga da nie alleen kunnen è kinders) maar bon, soit: de menselijke kennis, en ook de fysica dus is sinds vandaag toch al mogelijk!

allez vooruit!

* deze Initiatie van het Denken gebaseerd op de Eed aan de NKdeE is dus prima als oefening bij elk methodisch denken en het zou ook voor fysici een goede gewoonte zijn, ze zouden er vele problemen veel sneller mee kunnen achter zich laten (dat gedoe met anti-deeltjes enzo bv. en die ‘renormalisatie’ pffft, ik noem nu maar het meest evidente è), want zo wakker liggen met problemen in uw bolleke is echt niet goed ze.

scève

Pictura of Scève, Maurice: Délie (1544): DEDENS JE ME CONSUME.
DEDENS JE ME CONSUME
https://www.emblems.arts.gla.ac.uk/french/emblem.php?id=FSCa037

Lors que le Linx de tes yeulx me penetre
Jusques au lieu, ou piteusement j’ars,
Je sens Amour avec pleine pharetre
Descendre au fond pour esprouver ses arcs.
Adonc, craingnant ses Magiciens arts,
L’Ame s’enfuit souffrir ne le povant.
Et luy vainqueur plus fier, qu’au paravant,
Pour le desgast le feu par tout allume,
Lequel ayant joye, & rys au devant
Ne monstre hors ce, qu’en moy il consume.

9. Pour le desgast : “uit louter vernielzucht”

Advertenties

Harusmuze #279



// angst kwalificeert het onbekende om angst op te wekken

279 – angst maakt tijd voor angst

hexagram 24復 – FU – ‘keerpunt’

Lees over het Harusmuzeprogramma

Bekijk alle Harusmuzes

input:

https://dirkvekemans.com/2018/12/04/harusmuze-169/

commentaar:

ex-verslaafden, mensen zoals ik met een blijvende v a t b a a r h e i d voor verslaving (geen ‘kwetsbaarheid’ zoals het Engelse ‘liability’ vaak vertaald wordt in het vakjargon van de verslavingszorg, de vatbaarheid is immers (ook) gewoon een positieve kwaliteit, een vaardigheid en een kunde want ze behoedt ons voor ongezonde stoffen, hardt ons in het consequent ‘nuchter’ onder ogen zien van het reële en is in het algemeen een zegen voor de levenskwaliteit eens je na een jaar of drie die vaardigheid hebt weten te installeren in je leven wat uiteraard alles behalve evident is en waar je alle steun kan en ook dient te gebruiken) wij ex-verslaafden moeten zich in hun nieuwe abstinente leven leren belonen met iets anders dan het ‘oude’ middel, het gebruik.
dat vergt al behoorlijk wat denkwerk en vaak ook al nog wat gedragstherapie om het je echt ‘eigen’ te maken, omdat je eerst al dient in te zien dat je het niet alleen verdiend om beloond te worden door jezelf, je moet jezelf al graag kunnen zien , maar je dient te beamen dat het nodig is om jezelf bewust te belonen, dat jij dat moet doen (niemand anders zal het doen) en dat de beloning ook wèrkt als beloning.
je ziet: niets daaraan gaat echt vanzelf, daar is werk aan, en niemand anders gaat dat werk voor jou doen, je staat daar alleen voor, vandaar ook die noodzaak tot auto-beloning…

Afbeeldingsresultaat voor Kierkegaard Angst

elkwegs: ik beloonde mijzelf gisteren met een boekske van Kierkegaard omdat ik weet uit ervaring dat ik van Kierkegaardboekskens lezen enorm vrolijk word en blij, net zoals van Derridaboekskens en nog een paar ander soorten ook, dus ik koop die dan als snoepjes voor in mijn Enorme Snoepjeskast. eigenlijk is heel mijn appartement, heel het Centrum van het Gekende Universum één gigantische Snoepjeskast.

gelukkig worden snoepjesboeken niet rap slecht en word je er ook niet echt mottig van, laat staan ziek.

elkwegs, dus: het Kierkegaardboekske is zijn Angst-boekske, ‘Begrepet Angst’, gepubliceerd in 1844 onder het pseudoniem Vigilius Haufniensis en het bezit van het boekske maakt mij vreselijk gelukkig. Het stimuleert mij ook om gestaag verder te werken in mijn ontdekkingsreis doorheen de negatieve emoties als kennisverwervingsmodaliteiten van het humane bewustzijn.

zo begon ik vanochtend bij het ontwaken al bij mijzelf de hypothese naar voren te schuiven dat de dynamiek van de angst in kwantificerend opzicht op een lagere frequentie werkt dan de afschuw: de afschuw is eerder direct-visueel en overvalt, de angst daarentegen sluipt, dringt door, sijpelt binnen, breekt door en overweldigt dan pas, hoewel ze ons natuurlijk ook als een tsunami kan verrassen, maar dat is dan eerder te wijten aan onze onoplettendheid dan aan de dynamiek zelve: we hadden het kunnen weten dat die verlammende angst er weer zat aan te komen.


(ja als ge met iemand als de Søren in dialoog wilt gaan moet ge u toch ewa prepareren è, dat verhoogt alleen maar het genot)


kwantitatief is de dynamiek dan ook meer vatbaar voor associatieve recursie (het sneeuwbaleffect): angst verschilt niet van afschuw in die zin dat ook afschuw teruggrijpt op eerdere afschuw tot de afschuw voldoende ‘begrepen’ is, maar ziet ge daar is’t al gebeurd è: ge zijt al aan het terugdeinzen, ‘instinctief’.
De angst werkt veel trager, ontwikkelt zich en op het moment dat de angst ‘doordringt’ wordt er een keerpunt van angst aangemaakt, een soort herstelpunt voor het bewustzijn zo lijkt het wel (vergeef mij deze platte computermetafoor, ik had ook kunnen stellen ‘een eerste druk’ maar da’s mss toch ewa traag nu, al).
eigenlijk kan je dan stellen dat de angst het individu tijd geeft, aja het verhevigt ook de perceptie, het windt op het zet alles op ‘red alert’ en daardoor krijgt de ‘kapitein’ tijd voor ‘evasive maneuvers’. Bij afschuw is het kwaad al geschied (de mogelijke contaminatie) en krijgt het bewustzijn de boodschap vooral van ‘maak het nu niet erger dan het al is è, trap het hier af’.
angst daarentegen kleurt vooraf al de perceptie (de terreurdreiging is immer present) en eens de dynamiek zich ontwikkelt sleurt het meer en meer van die perceptie mee in de noodwendigheid van de nakende ondergang: angst kwalificeert van in den beginne het onbekende (dat veiligheidshalve met het ergste wordt geïdentificeerd, bij ‘angstige’ personen dan toch) en die kwalificatie heeft als ‘doel’, de vector daarvan is het opwekken van angst, zo werkt nu eenmaal de recursie.

ge ziet dat aldus de angst perfect voldoet aan de Eerste Wet betreffende de Recursie van de NKdeE, namelijk dat recursie niet werkt in de eerste graad: een werkende recursie is nooit een herhaling van dezelfde beweging, er moet ‘iets anders’ bijkomen, er moet een ‘extern’ niveau zichtbaar zijn, een verschil dat het verschil maakt.
ge krijgt geen angst van de angst, dat mist een reële bodem, d’r moet altijd iets tussen zitten: de angst creëert op basis van het onbekende gekende ficties (‘herinneringen’ maar niet het vatbare, verwoorde soort) die angst ‘oproepen’.

maar bon, we gaan zien wat Kierkegaard ons te vertellen heeft è, als de tijd daar is voor het moment…

Harusmuze #151


151 – het schrijven wil het verlangen, het lezen verlangt het willen, het verlangen schrijft het verlangen

hexagram 24復 – FU – ‘keerpunt, terugkeer’

Lees over het Harusmuzeprogramma

Bekijk alle Harusmuzes

input:


// volkomen the book of paintings also became elders, didn’t it? So rich!

CLI

Aumoins peulx tu en toy imaginer,
Quelle est la foy, qu’Amour en mon coeur lye.
Car, luy croissant, ou il debvroit finer,
Tout aultre bien pour le tien elle oblie:
Ne pour espoir de mieulx, qui me supplie,
Tousjours elle est plus loyalle en sa proeuve.
Parquoy alors que fermeté se troeuve
En celle craincte, ou perte une mort livre,
Plus nuict la peur du mal a qui l’esproeuve,
Que la douleur a qui jà s’en delivre.

Harusmuze #95


harusmuze095

95 – terugkeer is pas mogelijk als er enigszins vertrokken wordt

hexagram 24 – 復 – – ‘terugkeren’

scève

Ton hault sommet, ô Mont a Venus saincte.
De tant d’esclairs tant de fois coronné,
Monstre ma teste estre de sanglotz ceincte,
Qui mon plus hault tiennent environné.
Et ce Brouas te couvrant estonné,
De mes souspirs descouvre la bruyne,
Tes Aqueductz, deplorable ruyne,
Te font priser par l’injure du Temps,
Et mes yeulx secz de leau, qui me ruyne,
Me font du Peuple, & delle passe-temps.

r.9 : ruyne: McFarlane vermoedt een italianisme, van ‘rovinare’ (vallen), maar ik zie het probleem niet, het transitief gebruik van ‘ruiner’ is vrij normaal: de tranenvloed ruineert het gezicht van de Amant die zo tot jolijt van volk en Délie verwordt…
r.10: d’elle: Delie

Harusmuze # 76


harusmuze076

76 – schoonheid is betovering. het echte duurt, is wreed en bar en kil

hexagram  24 – (fù) – ‘terugkeren’

scève

Je le vouluz, & ne l’osay vouloir,
Pour non la fin a mon doulx mal prescrire.
Et qui me feit, & fait encor douloir,
J’ouvris la bouche, & sur le poinct du dire
Mer, un serain de son nayf soubrire
M’entreclouit le poursuyvre du cy.
Dont du desir le curieux soucy
De mon hault bien l’Ame jalouse enflamme,

Qui tost me fait mourir, & vivre aussi,
Comme s’estainct, & s’avive ma flamme.

un serain: ‘a bright apperance’ (McFarlane)
entreclouit : ‘stopped, checked’ (McFarlane)
r.7-8: dubbele inversie, lees: “Dont le curieux soucy du desir enflamme l’Ame ialouse de mon hault bien’ (McFarlane)

Harusmuze #4


harusmuze004

4 – het liep te los op groene weiden

hexagram 24復  (fù) – “Terugkeren”.

scève

Voulant tirer le hault ciel Empirée
De soy a soy grand’ satisfaction,
Des neuf Cieulx à l’influence empirée
Pour clorre en toy leur operation,
Ou se parfeit ta decoration:
Non toutesfoys sans licence des Graces,
Qui en tes moeurs affigent tant leurs faces,
Que quand je vien a odorer les fleurs
De tous tes faictz, certes, quoy que tu faces,
Je me dissoulz en joyes, & en pleurs.