Harusmuze #358


22B88

358 – als de profeet wil wetten maken, wordt zij vijand van de eigen staat

hexagram 35 – 晉 – jìn – “Floreren”

input

https://dirkvekemans.com/2018/09/15/harusmuze-90/

commentaar

(hm, de Harusmuze spreekt duidelijk oud-matriarchaals nog, het is een hint misschien voor zij die het huidig taalgebruik van seksismen willen bevrijden).
de profeet, zij dus, is diegene die van buiten het gekende het gekende verrijkt met het toekomende, haar ‘phèmein’ (praten, spreken) toont de toegesproken wat er te gebeuren staat.
zij spreekt ‘wat er te gebeuren staat’ uit in beide betekenissen met die dubbele boodschap: ‘dit is zoals het zàl zijn’ en ‘dit is zoals het moet zijn’ (dus als ge ewa slim zijt, kunt ge u er beter maar naar gedragen ook).

de NKdeE spreekt daarom over de profetie als over code: de profetie is programmacode die het gebeuren binnen het Expressieveld bepaalt en zal blijven bepalen. uit geprofeteerde code kunnen we derhalve ook voorspellende uitspraken gaan afleiden over het expressieveld waarin zij werden uitgedrukt.

maar, en hier gaat het Harusmuze-vingertje met charlotteske stelligheid de hoogte in, weet: wanneer de profeterende méér wil worden dan ‘doorgeefluik van het verlangen’, spreekbuis van het hogere, en alzo de eigen wil in de uitspraak poogt te leggen, ondergraaft zij heur eigen status, daar zij dan immers niet meer van buiten het gekende spreekt, maar het al te bekende deel laat uitmaken van het gezegde.

deze Harusmuzeuitspraak (ons muzetteke is zelf een orakel, dus het profetendom is haar niet geheel vreemd) waarschuwt ons voor niet voor valse profeten, het waarschuwt de tot profetie geneigden zich niet aan het profeteren te wagen indien zij niet geheel verlangensloos de profetieën door zich heen kunnen laten stromen.

het is immers met de profetie gesteld zoals met de meeste plezante dingen: als ge ’t probeert te pakken, is’t foetsie, en uit met de pret…

scève

Toutes les foys, que sa lueur sur Terre
Jecte sur moy un, ou deux de ses raiz,
En ma pensée esmeult l’obscure guerre
Parqui me sont sens, & raison soubstraictz.
Et par son tainct Angeliquement fraiz
Rompt ceste noise a nulle aultre pareille.
Et quand sa voix penetre en mon oreille,
Je suis en feu, & fumée noircy,
Là ou sa main par plus grande merveille
Me rend en marbre & froid, & endurcy.

Advertenties

Harusmuze #346


// de onzichtbare samenhang overstijgt de zichtbare

346 – voor elke waarneming kan er een andere waarneming gedacht worden die een verband onthult dat in de eerste niet kon waargenomen worden

hexagram 35 – jìn –  “Floreren”

input

https://dirkvekemans.com/2018/09/27/harusmuze-102/

commentaar

ἁρµονίη ἀφανὴς φανερῆς κρείττων is fragment 22B54 in de Dielz-Krantz verzameling. veel van hoe je dat fragment wil begrijpen hangt af van hoe je de kwalificatie κρείττων (beter, superieur, meer excellent, sterker,…) van de ‘harmonia’ de samenhang gaat lezen.

je kan je om te beginnen al afvragen of er verbanden denkbaar zijn die op enige of dergelijke wijze gekwalificeerd dienen te worden: is de ene vorm van samenhang beter (superieur,…) dan de andere?

wetenschappelijk zijn we niet (meer) geneigd dat te doen, denk je dan: als we op basis van onze waarnemingen vaststellen dat er een verband is tussen zure regen en de sterfte van bomen gaan we niet snel beweren dat zulk een onthulde samenhang beter is of slechter dan het verband tussen de stijgende temperatuurgemiddelden en de sterfte van bomen.

we merken wel dat ‘onthulde verbanden’ financieel-politieke implicaties kunnen hebben die maakt dat wetenschappers op sommige gebieden meer verbanden willen gaan opsporen dan op andere gebieden: de GeldRuimte stelt ook haar wetten in de wetenschap, de verbanden kunnen ‘gekocht’ worden, hoezeer men ook in alle toonaarden zal ontkennen dat de gepubliceerde onthullingen die ‘waarde’ hebben, dat er ergens krachten zijn die ‘willen’ dat er publicaties gebeuren. dat soort ontkenning van het evident zichtbare is inderdaad niet erg wetenschappelijk, men wil vergeten dat elk label een recursie is van de intentie om te labellen, men wil niet weten van de oorspronkelijke taligheid van elke wetenschap.

maar is elk gekwalificeerd verband daarom in strijd met de wetenschappelijkheid? nee toch, want waar zou de wetenschap zijn als er niet voortdurend naar het ‘achterliggende’ verband gezocht werd, naar de ‘ruimere’ samenhang . een fysicus zonder de natte droom van een eenheidstheorie zal zich eerder muurbloempje voelen dan strikte wetenschapster.

interessant is misschien eerder dat elke kwalificatie van een verband, elke poging tot rangorde daarin, meteen de vraag stelt naar de grenzen van de humane kennis, en dus naar het begrip van de oneindigheid daarin. we hebben immers de onomstotelijke ervaring dat elk verklaringsmodel, elk aangetoond verband op een gegeven moment door nieuwe waarnemingen zal worden gekwalificeerd als achterhaald, daar de nieuwe waarneming in het oude model een samenhang onthult dat daarvoor onzichtbaar was gebleven.

wat daarin, in die ervaring, zichtbaar wordt is dat elk verklaringsmodel naast de verklarende kracht die het aanreikt, meteen ook de weg opent naar nieuwe hypothesen die het uiteindelijk zullen ontkrachten: het feit dat we een model bekijken, maakt dat er een ruimer verband denkbaar wordt.

dat nu is een fameuze trek van wat wij gemoedelijk onze intelligentie noemen: als we iets denkbaar en vervolgens begrijpelijk kunnen maken, maken we meteen ook het voorheen ondenkbare denkbaar. daarom nog niet op vruchtbare wijze, maar hoe dan ook : het gebeurt.

en op dergelijke wijze gelezen en opnieuw geformuleerd geeft Heracleitos ons te kennen wat uiteindelijk ondenkbaar is, gewoon omdat het niet bestaat, zoals er au fond nooit echt iets bestaat: ondenkbaar is, namelijk, dat er ooit een buitengrens zou opdoemen aan het denkbare dat reeds gebeurd is als gedachte.

scève

A si hault bien de tant saincte amytié
Facilement te debvroit inciter,
Sinon debvoir, ou honneste pitié,
A tout le moins mon loyal persister,
Pour unyment, & ensemble assister
Lassus en paix en nostre eternel throsne.
N’apperçoy tu de l’Occident le Rhosne
Se destourner, & vers Midy courir,
Pour seulement se conjoindre a sa Saone
Jusqu’a leur Mer, ou tous deux vont mourir?

Harusmuze #280


//als het kittelt heeft je stem haar oor gevonden

280 – de bron welt op in droogte

hexagram 35 晉 – JIN – ‘vooruitgang’

Lees over het Harusmuzeprogramma

Bekijk alle Harusmuzes

input:

https://dirkvekemans.com/2018/12/03/harusmuze-168/

commentaar:

sic transit gloria mundi. het verval evenwel duurt een eeuwigheid en het kan altijd nog een stuk erger, want elk vermeend eindpunt is maar een keerpunt naar een diepere wending, een nieuwe perforatie in het geaccumuleerde rot.

uiteindelijk is het dus de transitie die je dient te accepteren, want daar leef je in: noch de vergane glorie, noch het eindpunt dat misschien nog rust belooft liggen binnen handbereik, en het is enkel met onze handen dat we kunnen denken, schrijven en doen.

onze generatie van gepriviligieerden behelst de erfgenamen van de erfgenamen van de exploitanten die moordden, plunderden, verkrachten en verdrukten teneinde hun erfenis te bewerkstelligen, de weelde van hun goederen tot ons te brengen.
hun moorden, plunderingen, verkrachtingen en verdrukkingen betrof de voorouders van hen die nu aan onze poorten staan met een uiterst rechtmatige claim op deelname aan de kosmopolis, de globale stad die in ons, door ons en rondom ons vervalt tot het gekende rot (zie de onuitputtelijke bibliografie).

het wordt warmer, dat alvast.
het water stijgt, de lippen zakken en de woorden deinen uit tot een oceaan van oeverloos geblaat.

we hebben nog een weg te gaan, tot het weer droog wordt achter onze rode oortjes. misschien kunnen we van de lange, lange weg, beter een aangename wandeling maken waarin we geduldig luisteren naar de noden van de ander.

als de ander dan geheel democratisch stemt op iemand die van de vrouw zegt dat het maar een kutslons is die aan de afwas hoort, kunnen we misschien begrijpen dat het niet de mensen zijn die daarom op die oetlul stemden en die dat zeggen, maar dat zij geheel iets anders willen zeggen aan de geprivilegieerden die zich niet geheel ten onrechte in hun privileges bedreigd voelen.

o hemeltje wat zou dat zijn? er is toch aldi, drank en drugs en medicijn? staan wij niet klaar met volle spuiten gratis dood bij psychisch lijden? is het niet heerlijk om naar onze gezangen te luisteren bij de ondergaande zon op de terrassen? trekken wij niet jaarlijks tot drie maal toe dapper ten strijde in onze verre bestemmingen en branden wij niet stralend wit en breed de kerosine over gans het hemelrijk?

voorwaar waaraan hebben wij deze ondankbaarheid te wijten, dat u niet luisteren wil naar onze dagelijkse mompelingen omtrent een goed bestuur maar dat u zich tot zulk sujet gaat wenden die niet eens zijn Nietzsche kent!