Harusmuze #483

22b130 22b131

483 – elke vooruitgang heeft gelukkig ook een achteruitgang

hexagram 51  (zhèn) – “Schokken”

commentaar

het getuigt van een aan het megalomane grenzende verwaandheid om te denken dat de zgn. ‘humane conditie’ fundamenteel anders zou zijn dan die van andere levende wezens die wij kennen, ja zelfs anders dan die van het geheel van het door ons tot één gedraaide universum (Lat. =‘unus’: één + ‘versus’, volt. dw. van ‘vertere‘: keren, draaien).

geheel het gebeuren is onderhevig aan dezelfde ‘condities’, namelijk die van de entropie, de onverschillige en dus ongenadige uitdeining van alles tot het eendere niets, dus als er ergens een specifiek menselijke toestand te ontwaren zou zijn is dat allicht de toe-stand van onze ogen, dat we verkiezen blind te zijn voor het onvermijdelijke.

wat ons goed recht is, we hoeven ons daar hoegenaamd niet schuldig voor te voelen: de ‘waarheid’, de reductie van het gebeuren tot het Zijn daarvan is immers geheel onleefbaar, de rationaliteit ervan is onhoudbaar ook, en in het uur van de waarheid valt het zicht gewoon uit, dus van een keuze is er hoegenaamd geen sprake.

als elke vorm van ‘zijn’ een god is heeft elke god een beperkte houdbaarheidsdatum (onze gemiddelde levensverwachting maal tien), zoals ook blijkt middels het evidente rotten van Zijn Laatste Lijk.

maar niet getreurd: de menselijke ‘aard’ (de genetisch bepaalde ‘hardware’) verander je niet zo meteen dus hoogstwaarschijnlijk zijn we weer op weg naar een nieuwe ‘openbaring’ met alle naarstige gevolgen vandien. het ‘Zijn’ is nu eenmaal, in al haar verscheidene vormen, het OS, het Operating System waarop wij functioneren. zonder fictie, geen realiteit. de oorsprong van de ratio is de waanzin, het goesting hebben in wanen.

de energie die ons aandrijft brengt ons naar de ondergang die in onze doodsangst de energie opwekt die ons in staat stelt de energie die ons aandrijft te gebruiken om ervan te genieten. zolang het (nog) werkt.
op die wijze omsluit elke recursie in haar explicatie twee polen en kan zij op elk moment zowel positief als negatief ‘waargenomen’ worden.

’t is meestal gezonder om de dingen positief te lezen.

goed, akkoord, de metafoor van het Programma met de Ratio en de Noden als cultureel bepaalde software en het tastbare leven als hardware is een weinig verfijnde metafoor, maar die van het Boek heeft ook eeuwen kunnen dienen, en, hoe simplistisch het ook moge klinken, dit is nu eenmaal hoe wij ‘denken’ nu: wij lezen onze verveelvoudigde werelden als evenveel programma’s waarin wij ‘ageren’ als ‘individu’, een soort profielengekletter van ikjes in cyberspace.

de denkfout die we misschien al te vaak maken is die van een achterliggende ‘controlepost’ een ‘echt’ ik dat alles in handen heeft, net zoals we nog steeds denken dat we als soort alles onder controle hebben, dat we kunnen stoppen met ‘dwaas’ doen en de wereld redden nu het nog niet te laat is. dat het goede in ons zal zegevieren.

tja, als dat de fictie is die je nodig hebt.

de Harusmuze knikt instemmend als ik beweer dat er niets mee gewonnen is om illusies weg te nemen als het enige wat je in de plaats te bieden hebt een andere illusie is.

neen, een theorie is alleen maar goed als ze in de praktijk wat te bieden heeft. de Gignomenologie wil haar studiegenoten de kans geven om meer inzicht te verkrijgen zodanig dat je zelf wat kan verhelpen aan je eigen mentale gezondheid, jouw strikt persoonlijke welbehagen in de eenvoud van het algemene rot.
want wat wij in de praktijk merken is dat veel van de ontieglijke theoretische complexiteit gewoon wegvalt op het ogenblik dat je het inzicht verwerft dat je enkel wat voor jezelf kan veranderen en dat je mensen het beste helpt door hen dat ook te laten doen, door hen in staat te stellen zichzelf gezonder te maken of door hen te troosten wanneer zulks onmogelijk blijkt. mensen helpen zichzelf in de vernieling door een combinatie van gebrek aan inzicht en gebrek aan kansen. de Gignomenologie wil een kans tot inzicht bieden, naast de rest van het aanbod…

en dat is natuurlijk waar heel deze kruistocht tegen het Zijn en de Dingen om draait: een heropwaardering van het tijdelijke, het sterfelijke, het voorbijgaande en een rationele maar gevoelsmatig gebalanceerde omgang met het onvermijdelijke einde dat geen einde is, anee want het Zijn bestaat gewoon niet, dus kan er ook niks eindigen è, slimmeke…

een gezond verstand maakt zichzelf alleen blaaskens wijs als het niet anders kan.


omdat wij zo zijns- en dingverslaafd zijn, zo nijdig altijd te harken om te hebben en te houden ook, is het misschien een goede zaak om de oude ‘memento mori’ prentjes ewa op te poetsen en een positieve glans te geven.
maar met glanzende beeldekens gaan we er niet komen è, wie gelooft daar nu nog in….

omdat het Rot ondertussen weer zoveel verder vooruit gegaan is, kunnen we best effen wat tijd steken, zegt de Gignomenlogie, in het vinden van de achteruitgang, de back door van de instortende werf (jaja Einsturzende…). en dat zal altijd, gezien onze heersende metaforiek, de vorm aannemen van een programma, een dynamisch opgestelde leidraad bij het verlaten van de Road to Nowhere (de Sprekende Hoofden, ook een goed groepke), de afslag die we nodig hebben, de Globale Solden (die ken ik niet).

volgens ons aller Harusmuzeke is dat programma al keilang bezig, en is het enige wat we echt nu nodig hebben een beetje inzicht in hoe het werkt en vooral veel bescheidenheid, want wij schrijven zelf wel mee aan de code ervan, maar het grootste stuk ervan wordt dwars door ons heen geschreven, en onze taak lijkt dus eerder interpretatief dan constructief te zijn, we moeten onze plaats zien te vinden, zo die er nog is, in de voortgang van het onhoudbare, en elkaar zoveel mogelijk bijstaan bij het verwerken van deze euh, Update in het Systeem. want we zijn als soort de controle misschien kwijt, alleen zijn we helemaal niks, nada, zilch, hoewel ik ingetinge nog steeds beter vind klinken :-)

i n g e t i n g e

o

Harusmuze #232

//on IX we’ll sit and talk and dine

232 – volg jouw negenboog

hexagram 51  (zhèn) – “Schokken”

input:

https://dirkvekemans.com/2019/01/17/harusmuze-213/

Rodin + Héraclite

scève

Tout le repos, ô nuict, que tu me doibs,
Avec le temps mon penser le devore:
Et l’Horologe est compter sur mes doigtz
Depuis le soir jusqu’a la blanche Aurore.
Et sans du jour m’appercevoir encore,
Je me pers tout en si doulce pensée,
Que du veiller l’Ame non offensée,
Ne souffre au Corps sentir celle douleur
De vain espoir tousjours recompensée
Tant que ce Monde aura forme, & couleur.

Harusmuze #111

111

111 –  mijn beeld is licht, mijn woord gedonder

hexagram 51 –  – zhèn – ‘schok’

scève

Lors que le Soir Venus au Ciel r’appelle,
Portant repos au labeur des Mortelz,
Je voy lever la Lune en son plain belle,
Ressuscitant mes soucys immortelz,
Soucys, qui point ne sont a la mort telz,
Que ceulx, que tient ma pensée profonde.
O fusses tu, Vesper, en ce bas Monde,
Quand celle vient mon Enfer allumer.
Lors tu verroys, tout autour a la ronde,
De mes souspirs le Montgibel fumer.

r.10: Montgibel Petrarca’s benaming voor de Etna

Harusmuze #41 (reconstructie)

41 – wat mensen elkaar vertellen blijft altijd een ondoorgrondelijk geheim

hexagram 51  (zhèn) – “Schokken”

scève

Le veoir, l’ouyr, le parler, le toucher 
Finoient le but de mon contentement, 
Tant que le bien, qu’Amantz ont sur tout cher, 
N’eust oncques lieu en nostre accointement
Que m’à valu d’aymer honnestement 
En saincte amour chastement esperdu? 
Puis que m’en est le mal pour bien rendu, 
Et qu’on me peult pour vice reprocher, 
Qu’en bien aymant j’ay promptement perdu 
La veoir, l’ouyr, luy parler, la toucher. 

Harusmuze #11

harusmuze011

11 – rammel met het slot maar breek de sleutel niet

hexagram 51  (zhèn) – “Schokken”

scève

De l’Ocean l’Adultaire obstiné 
N’eut point tourné vers l’Orient sa face, 
Que sur Clytie Adonis jà cliné. 
Perdit le plus de sa nayve grace. 
Quoy que du temps tout grand oultrage face, 
Les seches fleurs en leur odeur vivront: 
Proeuve pour ceulz, qui le bien poursuyvront 
De non mourir, mais de revivre encore. 
Ses vertus donc, qui ton corps ne suyvront, 
Dès l’Indien s’estendront jusqu’au More.