dagboek zonder dagen (16)

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

[…p.118…]

Net zoals het mogelijk is om de gedachten in wakende toestand aan een discipline te onderwerpen, is het mogelijk om de gedachten en de gevoelens van dromen te disciplineren: er toe komen om bepaalde zaken bewust niet te dromen, vervolgens er toe komen om bewust bepaalde andere dingen te dromen, die dromen te registreren, er een zeker bewustzijn van te hebben, er de herinnering van verbeteren om zo van de slaap wat nieuwe bagage aan kennis over te houden en zo de slaap om te vormen tot een onderzoeksmiddel. Er voor zorgen dat de vreemde vondsten van de dromen ons tijdens de rest van het leven naar een beter begrip van die zaken leiden, waarvan we ons nog niet bewust zijn: dat die zaken langzaam stijgen van het onbewuste onbekende en onvoelbare naar het gekende, het bewuste en het voelbare. Dat daargelaten zijn er toch bepaalde gedachten uitgesloten uit het mentale in wakende toestand die zelfs geen toevlucht vinden in de droom. Deze uitsluitingen van het bewustzijn, uitsluitingen uit de droom zullen hun toevlucht zoeken (is het nog leven) in de meest obscure afwezigheid van het denkbare, het verlangen en het gevoel. Er zal heel natuurlijk een verhouding ontstaan tussen de slaap en het waken: in de slaap ontwikkelen zich de materialen bestemd om zich af te scheiden van het onbewuste, terwijl die zaken die bestemd zijn om het bewuste te verlaten zich nog voordoen in de droom vooraleer zich meer definitief af te zetten in de meest onwaarneembare gebieden.

Het idee komt zo uit het voorbewuste, uit het onbewuste, uit wat achter het onbewuste ligt, neemt het zijn aanvang in de nacht van het onwaarneembare en het onvoorstelbare. maar door ons te trainen in de kennis die zich ontwikkelt in die achterwereld, door discipline, door ons meer bewust te maken van die ideeën, die gevoelens, die gewaarwordingen die er nog nauwelijks zijn en waarop de dromen een straal daglicht werpen, benaderen wij een beter begrip van dat onwaarneembare en dat onvoorstelbare.

Afbeeldingsresultaat voor Réquichot Ecrit divers

commentaar

ik weet het niet maar ik denk niet dat ze elkaar gekend hebben Réquichot en Artaud. ik denk ook niet dat beide personen erg compatibel waren, ’t is een ander afdeling om het zo oneerbiedig te zeggen…
soit, we houden de kerk in ’t midden met nog ’s een paragraafke vertaling van Bernard vandaag…

mss., zo hoor ik mij denken, ben ik zelf wel een soort meta-zot, een ontsnapsel uit een verder onbekende dimensie van de waanzin, dat ik mij zo begrepen voel bij beiden. tja. ja sè.Deleuze, da’s ook nog ewa thuiskomen, maar da’s niet zo bekend maar dat was ook nie echt ne gewone ze. die kon er in zijne privè ook nie een beetje neffens derailleren.ach ach, ge moogt er niet teveel over doordenken net zoals over Amerika en de Amerikanen dezer dagen. als ge daar op begint door te denken wordt ge zotter dan zot van verdriet en pure horror want allez dat is toch puur een zwart gat van absolute horror nu en zeggen dat daar ontelbare letterlijk ontelbare verschrikkelijk lieve en schattige menskens wonen die net als wij alleen maar vragen om af en toe een beetje gerust te mogen zijn en blij te zijn bij elkaar. ’t is erg en nog erger is dat er niks aan te doen is en dat we hier van geluk mogen spreken toch…

weet ge als ge daar te lang over doordenkt over dat soort zaken geraakt ge helemaal ommuurd door de absolute onleefbaarheid van hoe onze werkelijkheid, dat stukske van ons aller illusies dat we blijkbaar delen kunnen, van hoe die communiceerbare fictie zich verhoudt tot wat het in onze verbeelding zou kunnen zijn, enerzijds en dat van binnen uit, als we zo ommuurd zitten al, ook nog ’s opstijgt het gevoel van hoe het ‘echt’ zit, want we weten dat niet bewust dat we dat weten maar we weten het wel onbewust en dat is dan geen echt weten maar een onontkenbaar besef, een weten van het niet-weten zoals wanneer ge weet dat ge iets vergeten zijt, wel als die nest binnen de onmogelijkheid van enige uitweg uit de realiteit naar het imaginaire ook nog ’s komt opzetten dan begint ge pas de ware toedracht van de woorden van zowel Réquichot als Artaud te begrijpen, te doorgronden, niet omdat ge het ‘snapt’, ge kunt het zelfs niet uitleggen, maar gewoon omdat ge het ervaart omdat het in uw puttekensputteke ook aan het gebeuren is, alleen hebt gij nog de luxe dat ge het naar believen af kunt zetten omdat ge die kracht nog over hebt, terwijl die twee pipo’s er vrijwel constant geheel aan overgeleverd waren, het moesten ondergaan. feesten van angst en pijn.

die fameuze écriture du réel, wat het ook moge worden, wat daaruit voort gaat komen, en je voelt dat er iets heel erg hoognodig Iets wil worden alsof de ganse wereldziel in alle kottekens van de humane expressie aan het pushen is om dat Iets er uit te krijgen, die fameuze Gebeurte die ons overkomen gaat, echt fameus plezant gaat het denkelijk toch nie worden hoor.

achteraf misschien, als we het horen jengelen met een engelenstem.

maar bon, ’t is nu niet alsof we daarin enige keuze hebben, dat is ongeveer het domste wat je daarbij kan denken.

blijven ademen dus, zoals ons moeder moest doen van de bevalmadam.

dagboek zonder dagen (15)

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

De materie is zonder begin, de geest komt evenals het leven voort uit de evolutie van de materie. Het is daarom dat het kleinste fenomeen van de materie in zich de potentie draagt van de geest en het leven. Omdat de materie zich zonder twijfel op min of meer zeldzame wijze op elke plaats van het universum bevindt, kunnen we zeggen: elk deeltje van het universum bevat in potentie geest en leven. Omdat elk deeltje van het universum sinds oneindige tijden bestaat, heeft elke deeltje sinds oneindige tijden al ontelbare cycli van metamorfoses doorlopen, van leven en dood. De tijd beweegt in het binnen van het universum en beweegt op zichzelf; hij geeft aan elke plaats een geschiedenis even oud als de ganse wereld en gelijkaardig aan eender andere waar materie, leven en denken overlappen.
Vanaf een zekere zwaartegraad wordt het denken universeel: dat is waar voor de dichter, de wijze, de kunstenaar en ieder waarvan de activiteit een

p.118

middel tot kennis is. het is daarom dat wanneer zij die graad bereiken hun verslagen hen onderling verrijken omdat ze een gemeenschappelijke taal spreken. Door verschillende middelen tot kennis komen ze bij die gemeenschappelijke plaats waar ze hun zienswijzen met elkaar kunnen confronteren. Vandaar dat de studie van het fundamentele begint wanneer de gescheiden middelen tot kennis aftreden.

Afbeeldingsresultaat voor Réquichot Ecrit divers

dagboek zonder dagen (14)

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

Soms moet je vechten tegen je denken en als het denken ons overstijgt kan het ook een middel worden om ons te overstijgen.

p.117

Voor de dingen van het dagelijkse leven, zij kunnen schilderkunst worden als zij [als?] dingen van buiten resoneren met de wereld van binnen, en de schilderkunst gelijkaardig aan de dingen wordt.

De mens van de toekomst zal begrepen hebben hoe hij gemaakt is en hoe hij functioneert, hoe de mekaniek in elkaar zit van zijn denken en zijn voelen; hij zal dat kunnen maken en laten werken, hij zal denkende en voelende machines maken en die kunnen zich zelfs perfectioneren: ze zullen gemaakt zijn naar zijn beeld. Hij die hen maakte zal hen domineren en hen begrijpen: weinig zal voor hem nog een daad van begrip of gevoel zijn.

Stelling: De beweging ontbindt de materie: hoe meer de beweging toeneemt, hoe meer de materie zich wegvaagt.

God is een eenvoudig idee gebruikt door mensen die zich geen vragen stellen.

Men kan zich de fenomenen van de dood heel goed voorstellen en dus bestuderen zonder al dood te zijn of bezig te sterven.

De auto-analist experimenteert met ongerepte psychische toestanden.

Als de getallen enkel een ingebeelde existentie hebben kunnen de wiskundige bewijzen dan iets anders zijn dan ingebeelde waarheden?

Afbeeldingsresultaat voor Réquichot Ecrit divers

Dit bestand maakt deel uit van de Neo-Kathedraalse Lezing van het werk van Bernard Réquichot.

Een NKdeE-Lezing is een recyclageprogramma dat de nalatenschap van een overleden auteur publiekelijk bestudeert met het oog op een opname van de overledene in de Kathedraal als Kathedraal-Auteur.

dagboek zonder dagen (13)

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

Reactie impliceert gewaarwording op een variabele graad van bewustzijn. De niet gewilde keuze van de reactie veronderstelt een reden, dus een betekenis.
Voorbeeld van betekenis: klauwen op de grond indiceren de passage van een leeuw.

De toeschouwer van een dergelijke gevoelige plaat heeft de rol haar te lezen; de lezing begint in de omgekeerde richting van het schrift: de toeschouwer ziet eerst dat waarmee de analyst eindigde en, om de zaken redelijk grof te beschouwen, keert langs omgekeerde opeenvolging op de loop der acties terug.

Wij, de introverte anderen, wij hebben onze twijfels over ons, zoals jullie extraverten waarschijnlijk jullie twijfels hebben over de anderen.

De communicatie onderneemt haar pogingen in de experimentele emoties. Wanneer de experimentele emotie verrast, vervoert of stopt, dan komt dat wat verwacht werd aan en fixeert zich in een ogenblik.

Mocht de duivel bestaan, wij zouden onszelf beter kennen.

Het meest extreem doordringende van het lawaai is een vorm van sadisme.

Afbeeldingsresultaat voor Réquichot Ecrit divers

commentaar

eigenlijk is het onvoorstelbaar wat voor een verschrikkelijk slechte lezers de geschriften van Bernard Réquichot hebben moeten doorstaan. ik heb in ieder geval bij al het geschrevene dat ik over Réquichot las nergens de indruk gekregen dat de auteurs daarvan ook maar iets van deze geschriften hebben begrepen.

het zijn nochtans geen obscure geschriften, ze verhullen totaal niks, ze zijn doodeerlijk en zeggen exact wat ze ‘willen’ zeggen. maar je moet het geschreven wel willen activeren als gedachte in je hoofd, je moet ze (durven/willen/ de moeite nemen om ze) open( te )vouwen van tekst tot gebeurende gedachte.

je moet Réquichot dus lezen zoals men vroeger boeken las, en zoals men ze ook schreef, niet als kant en klaar consumptieproduct maar als een hulpmiddel, een werktuig om gedachten te laten gebeuren.

(de Trionfi van Petrarca moet je ook zo lezen, als een programma om alle verhalen achter de korte vermelding in de tekst van de ‘optocht’ te laten gebeuren in je hoofd, de echte tekst van de Trionfi werd geschreven door de lezers van Petrarca die de code nog konden lezen als programma, als code voor de machine van het geheugen – hoe denk je anders de immense populariteit van die tekst te verklaren die door zijn tijdgenoten duizend keer hoger ingeschat werden dan de liedjes voor Laura? omdat al die duizenden lezers zo loemp waren misschien? wie is er hier loemp? de evolutie in de cultuur is een constante devolutie, het wordt alleen maar erger met de loempigheid…)

neem een zinnetje als: ‘Si le diable existait nous nous connaîtrions davantage’ ( ‘Mocht de duivel bestaan, wij zouden onszelf beter kennen’).

wat betekent dat als je het eenmaal, driemaal honderdmaal leest? als je weigert te denken, weigert bij jezelf op zoek te gaan wat het zou kunnen betekenen, blijf je enkel achter met een gratuit bon mot, een aforisme zoals je er wel duizend per dag zou kunnen consumeren.

maar hoe kom je tot de gedachte die deze zin activeert als je het toelaat? wel, de zin zegt dat de duivel niet bestaat en dat we daardoor onszelf niet zo goed kennen dan wanneer dat wel het geval zou zijn.
waarom zouden wij onszelf dan beter kennen?
wat is de duivel? het kwaad in de mens. we kennen dus niet het kwaad in de mens want dat zit in ons denken, en moest het niet in ons denken zijn, dan zou het bestaan als duivel en dan konden we het kennen, want dan viel immers ons denken niet langer samen met het kwade erin, met de duivel ervan die evenwel niet bestaat.
voila, nu is de gedachte vrij en kan ze beginnen wérken, je hebt een pad geopend in de gewoonte van je denken dat er nog niet was, want aja, dat was uw gewoonte niet om daar zo over te denken, maar nu bestaat die duivelse gedachte in jou en ken je jezelf iets beter, maar wat ken je beter? is dat wel jezelf? is het Réquichot? de duivel?

zie je, je kan die geschriften niet zomaar ‘consumeren’ zoals je wel met deze teksten van mij kan doen, dat is daar slappe koffie tegen (geeuw maar, je mag, ik sta het jou toe).

nog een voorbeeld? oké, volgende zin: “L’extrême aigu du bruit est une forme de sadisme”( ‘Het meest extreem doordringende van het lawaai is een vorm van sadisme’).

hoe gaan we van deze uitspraak opnieuw een actieve gedachte maken? wel hop, dezelfde manier van ‘lezen’: wat is lawaai, wanneer is lawaai lawaai en geen geluid?

lawaai is lawaai wanneer het als lawaai wordt waargenomen, wanneer het herkent wordt als lawaai, wanneer het zich herkent als lawaai. wat kan het lawaai anders doen dan genieten van zijn lawaai-zijn, zijn hinderlijk zijn, van de ergernis die het opwekt, het spoor daarvan dat het aanricht, hoe prachtig is het niet om lawaai te zijn, hoe je de teerbewaakte stilte kan openrijten, hoe je het ongerepte met een gilletje kan aansnijden, openrukken, vernielen verwoesten. maar nee hoor lawaai is gewoon bot betekenisloos lawaai, het is alleen het meest extreem scherpe van het lawaai dat een vorm is van sadisme, het soort lawaai dus dat genoegen schept in het lawaai zijn.

beide zinnen staan na een vrij omstandige uitleg dat een schilder die experimenteert met zijn automatisme van de toeschouwer verwacht dat deze de omgekeerde weg zal afleggen om zo te lezen wat de schilder emotioneel heeft doorgemaakt (weerzin, enthousiasme, wantrouwen) door de confrontatie met die automatische expressie.

midden in die uitleg, lees daar ajb niet over in je post-corona haast, gaat het over het gebrek aan vertrouwen dat ook de extravert wel moet kennen (veronderstelt toch de introvert) in de ander, terwijl de introvert natuurlijk nooit verder komt dan twijfel aan zichzelf, omdat zulks tenslotte het enige is waar hij zekerheid over zou kunnen bereiken, maar zie je zelfs dat lukt mij niet, ik ben nou eenmaal introvert dus ik twijfel in de eerste plaats aan mijzelf…

maar kom, besluit hij dan (twee dagen later? een maand later? we weten het niet, geen enkele lezer van Réquichot heeft het zich afgevraagd blijkbaar, hoe kan je dit lezen en het je niet afvragen???)
kom, besluit hoedanook de auteur van deze als 1 doorlopend geheel gepresenteerde tekst, ik zal jullie deze twee zinnetjes prijsgeven, zodat deze geschriften werken zoals mijn schilderijen, zodat jullie als lezer de omgekeerde weg kunnen volgen en mijn gedachten kunnen lezen door ze bij jezelf te activeren, want als dat in schilderijen zo werkt is dat omdat ik geleerd heb dat het in geschriften ook zo werkt, dat weten jullie toch ook, die zo wanstaltig zeker lijken te zijn over jullie zelf, jullie duivel-loze ikjes in de sacrale stilte van jullie zwijgen?

wat Réquichot ons biedt in zijn geschriften is geen onthulling, geen revelatie, geen epifanie, maar wel de ervaring van een autonoom denken, een belevenis van het gebeuren van het denken zelf.

het is een experiment (zoals alles wat hij doet experiment is, onderzoek, Faustiaanse queeste naar het echte) dat niets minder doet dan pogen om momenten van verbinding tot stand te brengen over de dood heen, een dood die voor de voltrekker van de eigen ondergang, voor de duivelskunstenaar, de leerling-Faust Réquichot op elk moment in zijn leven en in zijn handelen aanwezig was. wat is schrijven anders dan een poging om iets achter te laten van je gedachten? wat is schrijven anders dan een passie die je beoefent alsof je leven ervan afhangt, want dat doet het ook echt op elk moment dat je schrijft.

“wanneer de experimentele emotie verrast, vervoert of stopt, dan komt dat wat verwacht werd aan en fixeert zich in een ogenblik. ”

welkom, jij hypocriete lezer, mijns gelijke, in het moment van Bernard Réquichot.

dagboek zonder dagen (12)

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

De aandacht trekken op de uitdrukking van de associaties van de vrije daden, zonder enige gewilde keuze of uitsluiting. Een onvrijwillige en onbewuste associatiemecaniek veroorzaakt de opeenvolging der daden, stuurt ze naar het einde van de grafische en geïmiteerde phrase wanneer de mecaniek haar maximale spanning bereikt.

Observaties van de daad: ik denk met mijn zenuwen, mijn tanden, mijn klauwen. Ik zou willen bijten vernielen, ik wind mij op. Spieren (zijn het wel spieren?) waarvan ik nog niet de plaats heb gedefinieerd spannen zich tot het genot en pijn wordt tegelijk.

De overdracht van een betekenis veronderstelt analoge sensaties ondanks verschillen in persoonlijkheid.

116

Kijken naar de voortgang van de mentale mechanismen in werking tijdens de actie.

Het schilderoppervlak beschouwen als een gevoelige plaat voor de variaties van mentale spanningen, gevoelige plaat waar de spanningen zich vastleggen op het ogenblik van hun passage, die wanneer zij gevuld is een grafiek weergeven van de opeenvolging van psychische momenten.

Geconfronteerd let zijn eigen reactie zichtbaar gemaakt op het moment dat die zich voordoet wordt de auto-analyst overvallen met weerzin, met enthousiasme, met wantrouwen, dat wil zeggen hij reageert nog, deze nieuwe reactie noteert zich in het vervolg van de vorige reacties; aldus haken de acties in reactie op elkaar ineen.

Afbeeldingsresultaat voor Réquichot Ecrit divers

Réquichot – dagboek zonder dagen (10)

NKdeE 2020 – ‘The appearance mid-april of the boy Réquichot in the gestures of my thinking’ – pencil & wax crayons, A6

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

De onbewuste daad : dat wat er onbewust is in de daad.
Welke realiteit voelt er? Wat ondergaat die wanneer er een impressie naar boven komt? Wat wordt die wanneer de impressie voorbij is, de functie ervan opgeheven is? Die functie, welke impuls conditioneert die, onderhoud die of stopt die? Welk residu van zichzelf blijft er over door de herinnering?

Wat is dat, bewustzijn hebben? iets waarvan je alleen de controle hebt, een innerlijk fenomeen waar die controle deel van uitmaakt.

Eender welke gedachte wordt voor de diepzinnige geest een onuitputtelijke materie voor meditatie, alleen al omdat het een gedachte is. Er zijn geen hoge, lage, af te wijzen, te verkiezen gedachten meer, er is enkel dat middel tot reflexie dat meteen ook zijn eigen object is. De gedachten ontstaan allemaal op dezelfde manier. Ze hebben achter zich allemaal dezelfde onbekende die hen uit het donker trekt, dezelfde mengeling van wetten en toevalligheden die hen bindt, hetzelfde ogenblik dat hen tot bewust bezit maakt.

Wat bestaat er?

De dingen werden met mij geboren en ik werd elke dag geboren.

Zijn innerlijk bestaan gaat vooraf aan het denken.

p.115

Hoe kleiner het denken zich maakt, hoe meer de wil ervan afwijkt, het is daarom dat zijn macht zo min is in de schaduw ervan.

Op het moment sluit het weten het willen uit.

Onwillekeurig wil niet zeggen totale passiviteit, en evenmin vrijblijvende bewusteloosheid; er zijn actieve onbewuste materialen, ze hebben een neiging. De afwezigheid van de idee wil niet zeggen: afwezigheid van elk psychisch fenomeen.

De rol van het onwillekeurige is groot in de mate waarin de rol van het onbekende groot is.

Alle materialen worden sensueel.

Réquichot – dagboek zonder dagen (9)

//Réquichot Rotbak dag 47 – wanneer wordt een ramp een ramp, wanneer een gegeven?

Op zwarte achtergrond schilder ik zonder enig idee van wat ik ga doen, zo moeiteloos mogelijk, aandachtig, maar niet nerveus, voor mijn meest dierbare geneugten want het zijn zij die mij leiden. Andere geneugten zijn ook belangrijk, dat zijn de ontluikende geneugten, zij mengen zich met de oude[,] men vergeet dat ze jong zijn, en de stervende; men kiest er niet voor dat zij geboren worden of sterven, hen kiezen is hen willen, dat is hun natuurlijk verloop verstoren, hun instinctieve secretie, onbewust en intuïtief. Hoe nieuwer de geneugte is, hoe minder opzettelijk en bewust zij is, hoe meer ze zich ten volle manifesteert in een verre toekomst; de intuïtie heeft als rol om haar te herkennen of eerder te weerstaan.

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

Réquichot – dagboek zonder dagen (4)

//Réquichot Rotbak dag 38 – volstaat de angst der blootgestelde lichamen om ze op de planeet te kunnen repatriëren?

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

Drie maanden geleden toen ik bij L.D. was kwam er een man binnen die door de gemeenschap der sterfelijken van de buurt beschouwd werd als een beetje gestoord. Hij deed Madame D. en mij een lang genoeg verhaal waaruit ik twee frasen weerhield: ” Ik dood niet om te stelen”, een associatie van ideeën niet ontdaan van enige logica, en “Ik heb twee hoofden zoals Napoleon”, een meer afwijkende bewering. Het gehele verhaal had betrekking op hemzelf en op zijn moeder. Hij leek in zijn ogen een zekere strekking in zijn vooropstellingen te hebben, van het soort waarvan ik veronderstelde dat hij ze begreep terwijl Madame D. en ik het niet begrepen. Net zoals de logische textuur van mijn droom mij absurd leek bij het ontwaken, dacht ik dat als ik maar in zijn plaats was, als ik even gestoord zou zijn als hij, dan zou de zin van zijn woorden mij wel verschenen zijn; en vandaar dat iets in hem zijn toehoorders, te lui of niet capabel om hem te volgen, ontging en dat men hem dan maar veelal bij de minus habens onderbracht. Hij leek een zekere richting in zijn gedachten te hebben; zijn ideeën gaven hem er andere aan, ze leken niet zonder reden elkaar op te volgen. Ik kwam er uiteindelijk toe om te denken dat elke waanzin niets anders was dan een logica die verschilde met de onze en dat er deze logica der gekken, hoe ontoegankelijk zij ook was, niets in de weg stond om gedachten af te scheiden die even gezond en even diepzinnig waren dan welke dan ook.

Zich bevrijden van de gewoonte, zich bevrijden van het denken, zich bevrijden van de wil, zich bevrijden zelfs van de hoop, dit alles terwijl men het verschil weet te herkennen tussen de ware en de valse vrijheid. Er is ook de ware en valse hardnekkigheid.

Schilderen niet om een oeuvre te maken, maar om te weten tot waar een

p.111

oeuvre, tot waar het denken en het voelen kunnen gaan , waartoe onze smaak voor bepaalde geneugten leidt.

Afbeeldingsresultaat voor Réquichot Ecrit divers

Réquichot – dagboek zonder dagen (3)

//Réquichot Rotbak dag 37 – als het nooit meer kan worden wat het was, mag het dan niet worden wat wij wouden dat het geweest was?

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

Men heeft gezegd: “De waarheid: dood van de kunst”. Wel de rede is in deze materie de zuster van de wil; vandaar dat men een zekere afstomping dient te cultiveren.

Wat jezelf betreft: hoe meer vereisten je hebt, hoe minder macht.

Kijken met nauwkeurigheid, aandachtig overzien.

De tijd speelt een rol in de idee. Men heeft gedacht dat die een kwestie van het ogenblik was, dat is niet helemaal exact. Er is enkel het ogenblik van zijn verschijning; zijn verschijning is zijn einde.
Het specifieke instinct van een geest zou zijn obsessie zijn, de basis van het verschil in persoonlijkheid: de oorzaak en het mechanisme van de idee te kennen….als men de oorzaak en het mechanisme van het persoonlijke basisbegrip zou kennen, zou men kunnen handelen in gevolge van de eigen persoonlijkheid.

Voor de dromer is de droom eerder een opeenvolging van feiten zijn dan een opeenvolging van ideeën, hoewel hij eens wakker het omgekeerde zal denken. Slapend ziet hij een noodzakelijkheid in de opeenvolgende feiten, wakker een absurditeit in die van de ideeën. Afgelopen nacht was ik als collegeleerling met mijn kleren aan in een zwembad gevallen en om te bekomen dat ik me kon omkleden moest ik bij de directeur van de instelling en daar kort bij hem in de woordenboeken een woord vinden dat met een F begon om tot een doel te komen dat mij was aangewezen, een doel dat er zonder twijfel in bestond om droge kleren aan te doen. de verplichting die er mij aan hield om dat woord te vinden was te urgent opdat eens gevonden er niets op zou volgen. Dat verloop van de feiten leek een zekere droomlogica te impliceren die men al slapende niet denkt in twijfel te moeten trekken. Misschien zijn die dromen absurd omdat ze gekend zijn in wakende staat, ’t is te zeggen in een psychologische staat die

p.110

verschilt van die die ze produceerde. De droom heeft een logica die de wakkere rede vergeten is.

Het gevoel is binnen jezelf zolang jij de enige bent die het bestaan ervan ervaart.

Vanwaar die zwijgende overeenkomst onder sommige geesten die ertoe geneigd is om aan de uiterlijke wereld een positieve kennis toe te schrijven en om de innerlijke wereld in het vage te laten? De metafysica een definitieve wending geven, niet om die te minimaliseren of te verheerlijken, maar om door haar of ondanks haar de definitieve waarde van alle waarden te situeren.

Toeval of voorbestemming zijn even grote bijgelovigheden.

Afbeeldingsresultaat voor Réquichot Ecrit divers

Réquichot – dagboek zonder dagen (1)

// vertaling van Bernard Réquichot’s “Journal sans dates” REQUICHOT 2002 p.107-149 – hopelijk elke dag een stukje – de paginanummers van de Franse tekst worden op een aparte regel rechts uitgelijnd in klein bold lettertype vermeld boven de betreffende pagina in deze vertaling

p.107

We geloven dat we voelen, dat we begrijpen, we geloven dat we iets zeggen als we zeggen “Ik denk”; maar wat is dat “ik” en wat is dat “denk”? Wat is het kennen, wat is het weten, wat het zijn en wat is het zien? Wat is het spreken en wat is het luisteren? Algehele instorting van de woordenschat.

Mocht ik weten wat dat wil zeggen “ik denk”, dan zouden alle domeinen van de kennis mij toegankelijk zijn, want geen van hen bestaat zonder dat het denken bestaat. Het is het zien dat maakt dat wat je ziet, bestaat. Het is het voelen dat maakt dat wat je voelt, bestaat. Zoals in de liefde maakt het voelen dat het ding bestaat.
Zeldzaam zijn zij die denken en zij die voelen, zeldzaam zijn zij voor wie de woorden niet reeds een zin hebben.
Wat is er moeilijker dan de aard van de sentimenten te definiëren? Om ze te veel te willen situeren klasseert men ze, men simplificeert ze, men dooft ze. Van belang is dat zij zijn; wat hun waarde of charme bepaalt is hoe zij verschillen; wat hun geheim is, is dat er geen naam is voor ieder van hen, wat maakt dat ze een middel tot verrijking kunnen zijn, want om ze te kennen moet men ze ondergaan en zo verandert men door hen.
Ze wekken de nieuwsgierigheid: met de verandering die zij ons aanreiken, roepen zij het verlangen op om de verandering bij anderen te kennen. Dus wanneer wij de verandering van de ander aanvoelen zeggen wij hen “Waar denk je aan als je voelt?” Is wat hij ziet overdraagbaar, of wat hij gelooft te denken of gelooft te voelen? Misschien antwoordt hij, misschien geloven we zelfs dat zijn antwoord waar is. Wat is de waarheid van het onzichtbare? Is dat niet dat ding dat maakt dat wij geloven begrepen te zijn? Dat wij geloven dat wij het begrijpen, dat wij begrepen hebben wat ‘ik denk’ wil zeggen? Het begrijpen wordt de uiteindelijk gemeenschappelijke plaats van het denken en van het voelen.

Hulde aan de lelijkheid, aan de horror van de hyperbrol, saërdante arnak-cochijnemesine, wanstaltig en vreselelijk grillig gehoornde troep of

p.108

afzichtelijke wanorde! Glorie voor de ziekelijk lanterfantende klierzooiige afweer die verHixHixt de vaatkluwenkladschilders ! Ho! gorgelaartje van Barabas, Baratsahal waardig, de bottenkwakzalvende, ho bisquekladderaar, bihamente makmish met suddermeumeu! die bij Retieke van de Sekketiekenstraat van bij de taramantieke Réschitoke woonde!

Afbeeldingsresultaat voor Réquichot Ecrit divers