de verstomden


“O, der Wansinn der großen Stadt, da am Abend / An schwarzer Mauer verkrüppelte Bäume starren”
Georg Trakl – An die Verstumten

MLEFITV008

Grotesk doorschoten grauwe berg bederf,
In plas & blik vergeefs een spiegel zoekt
Zich het mismaakte, schuift van erf naar erf.
In lekke kelen Waanzin gorgelt, vloekt
Dat Zin alhier geheel is opgedoekt.
Hoeren dealers druipen door de straten,
’t Herenwijf heeft ons reeds lang verlaten:
Zijn dronken geraamte sjokt naar de put.
Er is geen ziel meer om nog te haten,
In gaten het Niets verhardt zonder nut.

DAPHNE (werktitel) is een reeks van 449 dizains, een hedendaagse herschikking van de Délie van Maurice Scève, een werk, verschenen in 1544, dat op haar beurt veelvuldig verwijst naar de 366 canzioniere (del vario stile) van Francesco Petrarca’s grote Liedboek. Een dizain, in de strikte vorm die Scève (en ook ik nu) hanteerde, bestaat uit tien verzen van tien lettergrepen in een vast rijmschema (ababbccdcd)

wonde


” Wenn es Abend wird,
Verläst dich leise ein blaues Antlitz.”
Trakl, Verklärung

collabcing_a

Blauw, violet met purperen vruchten
De avond vouwt zich langzaam de handen
& Vogelzang waart weids door de luchten.
Streng de nacht bekruipt de trage wanden
& Zon bloedt uit in wazige randen.
De peulen der graven barsten open
In het wit van de maan, lijken lopen
Doodsdronken het dorp uit, de velden in.
Etter komt de lijven uitgelopen:
Mijn wereld is wonde, wild is uw zin.

DAPHNE (werktitel) is een reeks van 449 dizains, een hedendaagse herschikking van de Délie van Maurice Scève, een werk, verschenen in 1544, dat op haar beurt veelvuldig verwijst naar de 366 canzioniere (del vario stile) van Francesco Petrarca’s grote Liedboek. Een dizain, in de strikte vorm die Scève (en ook ik nu) hanteerde, bestaat uit tien verzen van tien lettergrepen in een vast rijmschema (ababbccdcd)

Nachtlied


“Gewaltig ist das Schweigen im Stein”
Trakl, Nachtlied.

0

De zwaarte is het zwijgen van de steen
Hemelsblauw dat tot het zwarte verstart:
Onbewogen gaat alles van ons heen
De ruimte is de leegte in ons hart.
Het onverschil, het buiten maakt ons hard
& Vogels dragen maskers hedennacht.
Het donk’re water waar de maan in lacht
De bleke bodem lokt, haar licht is koud:
Het is van huiveringwekkende pracht.
De engel die ons roept, is vuil & oud.

DAPHNE (werktitel) is een reeks van 449 dizains, een hedendaagse herschikking van de Délie van Maurice Scève, een werk, verschenen in 1544, dat op haar beurt veelvuldig verwijst naar de 366 canzioniere (del vario stile) van Francesco Petrarca’s grote Liedboek. Een dizain, in de strikte vorm die Scève (en ook ik nu) hanteerde, bestaat uit tien verzen van tien lettergrepen in een vast rijmschema (ababbccdcd)

chicken sandwich (panem a pollo)


hihivoor N. L.

Niets wordt ooit nog beter, liefste, alles
Heeft ons nog niet in mij & jou herkend.
Er zijn nog gaten  in het niets van alles,
Het beste niets is enkel jou & mij bekend:
Die grote weg is ons slechts voorbestemd.
Terwijl ik jaag naar jou verander jij
In iets dat onbereikbaar is voor mij.
Het niets waar jij bestaat wordt dan laurier
& Ik loop daar vergeefs aan mij voorbij:
Een god die alles had, & niets is hier.

DIANA (voorheen Lylia) is een reeks van 449 dizains, een hedendaagse herschikking van de Délie van Maurice Scève, een werk, verschenen in 1544, dat op haar beurt veelvuldig verwijst naar de 366 canzioniere (del vario stile) van Francesco Petrarca’s grote Liedboek. Een dizain, in de strikte vorm die Scève (en ook ik nu) hanteerde, bestaat uit tien verzen van tien lettergrepen in een vast rijmschema (ababbccdcd).

voorbij


kleurherstelavvoor N. L.

Deze wereld is de onze niet, mijn lief,
Wij beven niet in vreze voor de nijd:
Wij hebben aan elkaar genoeg gerief
& In een kus is hier de eeuwigheid.
De Kathedraal bevrijdt ons van de tijd,
Ons zoeken dat nu vinden, bouwen is:
Licht doorkruist ons, dwars door duisternis,
Jouw klare zingen [vangt al aan in mij],
Een klank die boven mij verheven is,
Jouw zon in het rozet gaat mij voorbij.

DIANA (voorheen Lylia) is een reeks van 449 dizains, een hedendaagse herschikking van de Délie van Maurice Scève, een werk, verschenen in 1544, dat op haar beurt veelvuldig verwijst naar de 366 canzioniere (del vario stile) van Francesco Petrarca’s grote Liedboek. Een dizain, in de strikte vorm die Scève (en ook ik nu) hanteerde, bestaat uit tien verzen van tien lettergrepen in een vast rijmschema (ababbccdcd).