3 luiken


eltombe.jpg

I


het gemoed Gemoed
de zwaarste schotten kletteren
bij het plastic waarmede zij

een verbinteniskleed in gele folie

scheurt af bij de nietjes

het gemoed Gemoed harkt zich bij het gebladerte
in de woorden, het hapert,
het Gemoed hangt niet naar zang
het Gemoed ach het zakt en

het speelt linnen
het spelt & het
lispelt

ik

maar er is geen ik
het ik is kaduuk
het ik is in een knik van de tijd weggekropen
mettertijd en

de tijd zit in het verduurde grijs één per één
de seconden te grazen te nemen
de tijd haalt het wel

op het snikken van levensbetreurders eerst
en levensbeëindigers uiteindelijk. Tel de punten:

onmacht spant moeiteloos de vellen onmacht
rond de onmacht, ook die van het uitten want ziet:

de repen onmacht snoeren
de onmacht ook de onmachtige mond in
tot het blauwig wasemt rondom
het on in de
mond

A N T I P E R I S T A S I S*
want bij ‘thans’ dat is geweten schakelen zich gelijktijdig alle lichten in/uit

 

JJ

thans – kijk, theofiel –

lozen de nachten alle opgespaarde
wateropstapelingen:

menigeen als brandschermen
met de wereldverdeling opgezadeld, hun vellen
vertonende de verzakkingen van het kwaad

menigeen zich tongrukkend en oogbalspiesend
uit het nauw in het nauw drijvend, schoksnikkend

anderen koning, onthoofd
anderen nog slaaf, armomzwangeld

de schermen tellen de nachten
de vrouwen tellen de klederen
de barmannen tellen de sirenes
de beenderen tellen de beenderen

de vlammen vlammen op de oscillografen, tekenen
de vlammen op een fond van vlammenzee

en er is
wind in de wind,
wind in de tochtgaten

de rij bouwval bestaat overigens
uit bouwval notarishuis bouwval nachtwinkel
bouwval 10 verdiepen glas enzoverder tot vers-einde. Van ginds:
verscheidene onaards mooi in kleurglas geblazen schoonheden
met zilveromrande liefdesgloedglimlachafsluitertjes komen ons toegewaaid

zij zijn in diverse delen uitneembaar
zij zijn waarlijk oogverblindend
de blik kleeft hen aan als een waaiblad
op de brillenglazen
tot het paalklapt, stokzuigt.

zij vragen ons kijkend de zin uit de ogen
zij veruitwendigen ons de durende dermate durende
worstelingen met onze sprakeloze monden
van onze koortsig zoekende tongen

wij vomiteren rillende hoe zij ons te boven gingen:

O U V E R T U R E
maar de ogen baden uitdrukkingsloos in het vocht van de ogen

 

HHH

 

Op het einde Einde spreekt een verpleegster
de al te zeer vermoeide schuifregelaar
in troostende bewoordingen toe:

“er is een zondvloed telkens ook
van uitklapstoeltjes die in dat hoogst
eigenaardige klappen uitmondt

alsof het betrof
het voorstellingseinde, velours
doek, de hurkende gestalte breekbaar gebogen
over het aluminium kotsbekken
en donker gapende de dienstuitgang:

P E R V E R T U R E

maanlicht op de wagen valt & viel
de kiezel in, vervolgens, en
na het slaken, gruis”

)

(Vatten wij heden
weerom het opdelen aan
van het volledige gemoed Gemoed
in de gemoedscontainer
met de zwaarste schotten

I tot & met HHH:

vague.jpg

antiperistasis: term van de peripatetici: Antiperistasis est circumobsistentia contrarii delectioris a contrario fortiori circumdante et circumvallente: sive, quod in idem recidit, actio antiperistica est roboratio et intensio qualitatis contrariae imbecillioris a cotraria qualitate circumstante et oppugnante illam

perverture: eigen neologisme , de ‘vormende‘ antipode van de ouverture (geboorte)

cfr. 2 functions diving in a third (still rendering)

Advertenties