onweer


Hoe helder kan gehurkt bij nacht nog
 de lichtknak in de loop geblazen worden ?
Hoe blauw nog bij het vervagende,
 de schaduw van een ver verschoten pijl ?

Wie spreekt nog dit graf uit
 en welk masker afdoende
voor het nakende geslechte ?

Soms, gruwend, 
 hul ik mij dieper 
in de plooien van haar kleed,
 mijd zelfs van lucht 
de verplaatsing,
heb slechts haar lijf lief 
in herinnering
 van lage, zwarte wolken.

 

 

 

uit ‘Spelen dat het Donker Wordt’ (1995-1999/ rev. 2018)

 

storm
dv 2018 – “Asemisch Embleem: Onweer” –  bister/crayon, A4 –  €30
Advertenties

gebed in de regen


opgetrokken zijn de staketsels van bedrog,
de geulen van de leugens met geveins gedicht,
de boodschappen breed en blij uitgeboterd,
de puisten kramp en nijd met rouge bedekt.

barst en breek en stop met kloppen, hart.
de wrede nacht vreet al mijn dagen op
en zie de wereld slaat mijn ziel verrot.

verlangen is een lus rond het verlangen;
de vogel schrikt eens hij daarin raakt verstrikt,
het lichte van de veren is dan plots een teer gebrek
en vliegen vluchten slechts van ’t vallen van de wet.

barst en breek en stop met denken, kop.
als een dekzeil valt de regen op het rot
en zie mijn vingers vliezen zijn op bot.

 

traitco
dv 2018 – “Tradition, the Individual Talent and Commerce” – bister & crayon on paper, A4 – €30

 

 

snel


jouw handen zal ik leren het beginsel van bewegen
jouw glimlach verheffen tot het snijden van staal
jouw gebeden genezen,  de gaten in jouw sokken
stoppen met vreugde en wellust en kleurige wol

jouw armen omarmen als waren het reikende lianen
die arm willen worden, al onze liefde schamper vergooien
zodat we de heimwee teder te drogen kunnen leggen. jij:
mijn woorden zijn weelde,  satijn voor het lijf van de ware

het kussen zal zuchten naar de geur van jouw haar en topjes
in het witte laken zich van louter herkenning rond jouw tepels
verkneukelen, jou openen zal het maanlicht als een open te wrijven

verlangen en netjes zal ik jouw ondergoed strijken en plooien.
maar liefje, je zou je nu  beter toch maar wat haasten want
het dichten gaat trager en de dood is groot en een dame.

 

home
dv 2018 – “clarification of ‘home’ in a post-human lexicon”  – bister, ball-point & crayon – A4 –  €20

uitvaart


het gehuil in mijn hoofd benadert het huilen van god
en het schrikt van zichzelf ik haal mijn handen af
van mijn vlees in mijn adem komt een zware stilstand
uw kop draait zich in mij om uw schouders wringen

zich door mijn anus het bloedt niet eens de vogels
vallen het einde valt uit het einde de menselijke
gestalte is een sleutel de benen verletteren de wind
komt en rukt jou de tong uit iedereen gaat zachtjes

liggen kermen een dokter roert in ons met een plastic
spatel en zegt dat het nu niet lang meer hoeft te duren
wij knikken begrijpend wij trekken de stoppen gelaten

uit onze borsten de insecten overspoelen de tafelen
de zwarte brij overleeft ons allicht een dag of twee nog
het krioelen is een aritmisch tikken als het over de randen

 

hellboy
dv 2018 – ‘death at 47’ – bister & crayon – 10×14,5 cm – €15

economische groei


klak plakt de lak op de kak maar de tijd als in kalk blust
het gelaat van de kinderwagen voortduwende vader
met een grimas van as en schel door de zangerige lach
van moeder kraakt de angst door laag na laag dat zij

naakt op het gladde beton van de parkingoprit
te rillen zou worden gelegd met het plukje baby
dat nog rest verschroeid naast haar en de man
die de wagen duwde niet langer de vader maar, –

en de Heer daalde neer in ons midden en Hij was
een splinterbom. de Mevrouw helaas is dood, jongen
wij leven in het tempo nu eenmaal van het dalen

en wij ademen de sterflucht van ‘is het al tijd?’
en wij geven buikvet op bij het huis-bereidde gif,
onze laatste vinding waartegen geen maagwand, –

 

dreamex
dv 2018 – “droomverklaring” – crayon & potlood op papier – 31,5x22cm – €30

 

 

het westerse wijzen


goudgeel lokt het haar heur langs de gave huid.  “appelwalm”
zo meukt groenig de dooie meuje in  d’r meuk en ”peer” zo
schurkt de myope de verf van de deurknop. “heb vertier”
tiert de plezierverordeningsmachine en het lachen vertist

in het sissen van de kritieke levensbeëindiger. ” ‘het zijn
zij en hen en ook die daar”, maar het is wel de pakslurf
van de inseminator die scheurvel achterlaat in de suiker
van onderbuiken.  het kindschreeuwtje pruilt in de pilgrote

camera, bolt de tergwangetjes, schampert de ‘a’ aan, morst
over de randen der inschikkelijke consonanten een ‘oe’ en wat
‘ie’. spoel door. kijk toch hoe schoon zij mondloos rotten kan

blauwe adertjes doorschieten het shampoovelletje, purper
de neustip verschrompelt, het zwart van de kassen kraakt
hard op de witte ruis van uw stilzwijgende approbatie. stuift.

 

asemic_diary005
dv 2018 – “words only cover the lack of silence” ink on paper  -A4- €25